Zoek op

Aan het laatje zitten

Spreekwoorden: (1914) Aan het laatje zitten,
d.w.z. aan de regeering zijn, aan de (staats)ruif zitten, ‘over de geldmiddelen te beschikken hebben, veelal met de bijgedachte dat men daarvan profiteert’ (Ndl. Wdb. VIII, 899). Zie Harreb. I, 192: Die bij de flesch (of aan de lade) zit, zegent zich zelven (of het ...
Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/stoe002nede01_01/stoe002nede01_01_1339.htm
Geen exacte overeenkomst gevonden.