|
|
Opzoeken:
Habilleren
-
Habilleren
Let op: Spelling van 1858 habiller, Fr., kleeden, aankleeden (zich) Gevonden op http://www.encyclo.nl/lokaal/10608
-
Habilleren
Let op: Spelling (deels) uit 1864: [bedrijvend werkwoord] [gelijkvloeiend] (ik habilleerde, heb gehabilleerd), kleeden. *...BILE, *...BIEL, [bijvoegelijk naamwoord] bekwaam, behendig; bevoegd. *...BILITEIT, v. [geen meervoud] bekwaamheid, behendigheid. *...BILITEREN (ZICH), w... Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/cali003nieu01/cali003nieu01_0011.htm
Tip: dubbelklik op een woord om de definities daarvan te zien.

Geen exacte overeenkomst gevonden.
|
Zoek
Typ een term en klik op `Zoek`.
Recent gezocht
De laatste zoekopdrachten. Tussen haakjes staan resp. de resultaten en verwante resultaten.
• idealiter (2/0) • conjunctuur (17/15) • evidentie (4/0) • latent (14/25) • Impairment (1/1) • Communie (4/10) • epi (5/25) • Sacharias Jansen (1/0) • CORTICAAL (7/0) • idealiter (2/0) • potentie (10/25) • epi (5/25) • Zo doof als een kwartel (1/0) • infrastructuur (25/3) • Sacharias Jansen (1/0) • meerderheidsstelsel (1/0) • stroomdraad (5/0) • ontheemden (1/0) • latent (14/25) • Affracourt (1/0) • Motivatie (10/2) • intrigeren (3/1) • betrekking (5/6) • Zo doof als een kwartel (1/0)
|