Iemand bij de neus nemen

Spreekwoorden: (1914) Iemand bij den neus hebben (-nemen
d.w.z. iemand beethebben, hem foppen; ‘iemand bij het lijf nemen’ (Van Dale); eig. hem bij zijn neus leiden waar men wil, hem beetnemen; oorspr. van dieren, paarden, beren, stieren, die door een neusring geleid worden. Ook in het Grieksch kende men Ï„
Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/stoe002nede01_01/stoe002nede01_01_1671.htm
Geen exacte overeenkomst gevonden.