In de peiling hebben

Spreekwoorden: (1914) In de peiling (of in peil) hebben (of krijgen)
d.w.z. in de gaten hebben of krijgen, zien, bemerken, bevroeden. Vooral bij W. Buning; vgl. B.B. 01: Ik had het wel in de peiling, als dat hij van binnen kapot was; Menschen zooals er meer zijn, bl. 110: En als die rooie kajuitsjongen van me, als die ach
Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/stoe002nede01_01/stoe002nede01_01_1854.htm
Geen exacte overeenkomst gevonden.