|
|
Opzoeken:
In zijn schik zijn
-
In zijn schik zijn
Spreekwoorden: (1914) In zijn schik zijn, d.w.z. opgeruimd, blij, in zijn nopjes zijn, in zijn sas zijn, opgezet zijn met iets, zooals men in Zuid-Nederland zegt. Het znw. schik, afgeleid van het wkw. schikken, voegen, passen, ordenen, bet. eig. orde1) (vgl. fri.: hy is de... Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/stoe002nede01_01/stoe002nede01_01_2076.htm
Tip: dubbelklik op een woord om de definities daarvan te zien.

Geen exacte overeenkomst gevonden.
|
Zoek
Typ een term en klik op `Zoek`.
Recent gezocht
De laatste zoekopdrachten. Tussen haakjes staan resp. de resultaten en verwante resultaten.
• dalmatiek (6/2) • buikschuivers (1/0) • dajem (2/0) • chartervlucht (5/1) • WANTROUWEN (4/3) • dakleer (2/0) • daimyo (3/0) • serenade (11/4) • amicaal (4/0) • Loverboys (2/0) • scheid (3/25) • Quartes (3/1) • Zaan (6/25) • daauwe (1/0) • micrografie (7/1) • standaarddeviatie (11/0) • dakschildpad (1/0) • daksparing (1/0) • scheid (3/25) • serenade (11/4) • vrijheidsstrijder (4/0) • onderscheid (6/25) • recupereren (3/0) • kader (19/25)
|