|
|
Opzoeken:
aan de haal
-
aan de haal
Spreekwoorden: (1914) Aan den haal gaan, d.w.z. aan of op den loop gaan; het op een loopen zetten, op de vlucht slaan. Het znw. haal behoort bij het wkw. halen, dat intr. opgevat de beteekenis heeft van: hard loopen. Vgl. trekken en de gewestelijke uitdr. in iets geen haal... Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/stoe002nede01_01/stoe002nede01_01_0751.htm
Tip: dubbelklik op een woord om de definities daarvan te zien.

Geen exacte overeenkomst gevonden.
|
Zoek
Typ een term en klik op `Zoek`.
Recent gezocht
De laatste zoekopdrachten. Tussen haakjes staan resp. de resultaten en verwante resultaten.
• geaccumuleerd (1/0) • redresseren (3/0) • tegenwicht (5/2) • trek (23/25) • diagnosticeren (3/0) • gerant (7/2) • Fairstead (1/0) • trans Abdominaal (1/0) • distantiëren (3/2) • synopsis (13/1) • confirmatie (6/1) • aspecifiek niet specifiek (1/0) • zomer (9/25) • Arrondissement Bourges (1/0) • trans Abdominaal (1/0) • autorisatie (17/3) • adopteer (1/3) • conventioneel (9/4) • Saturatie (14/1) • mac adres (4/0) • zomer (9/25) • categoriseren (4/0) • Het reservaat (2/0) • zindelijkheid (5/1)
|