Zoek op

aan de stok hebben

Spreekwoorden: (1914) Het aan den stok hebben (of krijgen) met iemand
d.w.z. ruzie, oneenigheid hebben of krijgen met iemand2). Harreb. II, 308: Hij krijgt het met hem aan den stok; B. Huet, Rembr.<sup>2<-sup> 348: Hij (De Ruyter) krijgt met een deensch generaal voor een keer het in zulke mate aan den stok, da...
Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/stoe002nede01_01/stoe002nede01_01_2282.htm
Geen exacte overeenkomst gevonden.