aanvang

de aanvang zelfst.naamw. (m.) Uitspraak:   [ˈanvɑŋ] begin Voorbeeld:   `Aanvang van het concert: 20:00 uur.` ...
Gevonden op http://www.woorden.org/woord/aanvang

aanvang

begin
Gevonden op http://www.woorden-boek.nl/woord/aanvang

aanvang

[zelfstandig naamwoord]• wat het eerst gebeurt, wat je het eerst doet
vb:bij de aanvang van de wedstrijd was hij nog fit
synoniemen: begin start
tegenstellingen: eind slot einde
zelfstandig naamwoord: aan-vang
de aanvang

Gevonden op http://oud.digischool.nl/ne/nt2/LTR_A/W3285.HTM

Aanvang

Uit `De lagere vaktalen: Taal van post-, telegraaf- en telefoonpersoneel` 1914 het tijdstip van aanvang van een gesprek.
Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/ginn001hand02_01/ginn001hand02_01_0009.php

aanvang

start, begin, ontstaan
Gevonden op http://www.woorden-boek.nl/woord/aanvang

aanvang

•begin
Gevonden op http://nl.wiktionary.org/wiki/aanvang

AANVANG

1) Aanhef 2) Begin 3) Beginsel 4) Eerste deel 5) Eerste begin 6) Inzet 7) Inleiding 8) Opening 9) Ontstaan 10) Ochtendgloren 11) Ochtend 12) Start 13) Waarmee men beginnen moet (crypt.)
Gevonden op http://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/AANVANG/1
Geen exacte overeenkomst gevonden.