Zoek op

afscheiden

afscheiden werkw.Uitspraak:   ['ɑfsxɛidə(n)] Verbuigingen:   scheidde af (verl.tijd enkelv.) Verbuigingen:   heeft afgescheiden (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen 1) van zich uit laten gaan Voorbeeld:   `De wond scheidt vocht af.` 2)...
Gevonden op http://www.woorden.org/woord/afscheiden

afscheiden

• [ov] afzonderen, uit de aanwezigheid van iets verwijderen. • [refl] "zich ~": een apart (kerk)genootschap gaan vormen.
Gevonden op http://nl.wiktionary.org/wiki/afscheiden

afscheiden

er iets tussen zetten vb: ik wil mijn tuin afscheiden van die van de buurman
een vloeistof aanmaken en afgeven vb: de melkklieren van de koe scheiden melk af
je ervan losmaken vb: deze groep heeft zich afgescheiden van de hervormde kerk
Gevonden op http://www.muiswerk.nl/mowb/?word=afscheiden

AFSCHEIDEN

1) Afschutten 2) Afsluiten 3) Afsnijden 4) Afsplitsen 5) Afvoeren 6) Afzonderen 7) Isoleren 8) Losmaken 9) Lozen 10) Produceren 11) Scheiden 12) Segregeren 13) Separeren 14) Splitsen 15) Uitscheiden 16) Uitstoten 17) Uitwerpen 18) Uitzeven 19) Uitzijgen 20) Verwijderen
Gevonden op http://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/AFSCHEIDEN/1

Afscheiden

[Nederlands] Apart van elkaar houden
Gevonden op https://quizlet.com/105678468/nederlands-flash-cards/
Geen exacte overeenkomst gevonden.