Zoek op

dagdeel

het dagdeel zelfst.naamw.Uitspraak:   ['dɑxdel] Verbuigingen:   dag|delen (meerv.) gedeelte van een dag Voorbeelden:   `Ik werk vijf dagdelen per week.`, `een vergaderruimte reserveren voor een dagdeel` © Kernerman Dictionaries. SpellingCorrect gespeld...
Gevonden op http://www.woorden.org/woord/dagdeel

dagdeel

Ochtend of middag of avond.
Gevonden op http://www.encyclo.nl/lokaal/10628

DAGDEEL

1) Deel van de dag 2) Deel van een etmaal 3) Tijdmaat
Gevonden op http://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/DAGDEEL/1
Geen exacte overeenkomst gevonden.