Zoek op

dagelijks

dagelijks bijv.naamw.Uitspraak:   [ˈdaxələks] die of dat iedere dag weer gebeurt Voorbeelden:   `De krant lezen behoort tot mijn dagelijkse bezigheden.`, `dagelijks gaan sporten`het dagelijks bestuur  (de leden van het bestuur met de algemene leiding) © ...
Gevonden op http://www.woorden.org/woord/dagelijks

dagelijks

•iedere dag voorkomend: "ons dagelijks brood". •iedere dag; "hij leest dagelijks de krant".
Gevonden op http://nl.wiktionary.org/wiki/dagelijks

Dagelijks

Let op: Spelling (deels) uit 1864: [bijwoord] alle dag, iederen dag.
~SCH, [bijvoegelijk naamwoord] alle dag; dat is zijne -e gewoonte; de -e omwenteling der aarde om hare as; [figuurlijk] ik heb mijn (het) - brood, een matig bestaan; het - bestuur eener gemeente, burgemeester en wethouders.
Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/cali003nieu01/cali003nieu01_0007.htm

dagelijks

iedere dag terugkomend (toon de herkomst via de etymologiebank)
Gevonden op http://www.etymologiebank.nl/trefwoord/dagelijks

dagelijks

elke dag vb: ik zie hem dagelijks
ik kan voorzien in mijn dagelijkse behoeften [genoeg geld verdienen om van te leven]
het dagelijks bestuur [het bestuur dat alle lopende zaken behandelt]
Gevonden op http://www.muiswerk.nl/mowb/?word=dagelijks

Dagelijks

[Nederlands] Elke dag
Gevonden op https://quizlet.com/91736918/nederlands-flash-cards/
Geen exacte overeenkomst gevonden.