|
|
Opzoeken:
hap
-
hap
Uitspraak: hɑp de -woord (mannelijk) happen Zelfst. Naamw. hoeveelheid eten die je in één keer neemt `een hap van je boterham nemen` een snelle hap (= maaltijd die snel klaar is) Gevonden op http://www.woorden.org/woord/hap
-
hap
•beet Gevonden op http://nl.wiktionary.org/wiki/hap
-
HAP
Host Access Protocol Gevonden op http://www.encyclo.nl/lokaal/10433
-
HAP
Hoogseizoen Apex-tarief.
Gevonden op http://www.travelecademy.nl/extratools/woordenboek/
-
Hap
Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-pen), afgebeten stuk. ~JE, (B. -N), o. (-s); lust gij nog een -? een beetje, een weinig; hij verdient er een - (klein winstje) aan. ~PEN, [bedrijvend werkwoord] [gelijkvloeiend] (ik hapte, heb gehapt), bijten, de tanden slaan in; naar iets -. ~... Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/cali003nieu01/cali003nieu01_0011.htm
-
HAP
Host Access Protocol Gevonden op http://www.encyco.nl/nol.php
-
hap
[zelfstandig naamwoord]• hoeveelheid die je in één keer in je mond neemt vb:nog één hap dan is je bord leeg • klein hapje [snack]
• een hapje en een drankje [iets te eten en te drinken] zelfstandig naamwoord: hap de hap de h... Gevonden op http://www.muiswerk.nl/WRDNBOEK/LTR_H/W4926.HTM
-
hap
bete, beet, hapje brok lichting dienstplichtigen legeronderdeel Gevonden op http://www.woorden-boek.nl/woord/hap
-
HAP
1) Boeltje 2) Beet 3) Bete 4) Kleding 5) Portie eten 6) Snak 7) Snap 8) Stuk 9) Stuk voedsel 10) Snack Gevonden op http://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/HAP/1
-
HAP
Huisartsenpost.
Gevonden op http://www.dehelianthus-haarlem.nl/index.html
Tip: dubbelklik op een woord om de definities daarvan te zien.

Geen exacte overeenkomst gevonden.
|
Zoek
Typ een term en klik op `Zoek`.
Recent gezocht
De laatste zoekopdrachten. Tussen haakjes staan resp. de resultaten en verwante resultaten.
• vers sur selles (1/0) • polygamie (11/0) • uit zijn duim zuigen (1/0) • huisstijl (6/1) • waardering (7/11) • opkalefateren (5/0) • BARNSTEENVIS (1/0) • o.i.d. (2/0) • efficiënt (11/15) • naïef (7/1) • onderkennen (3/0) • integriteit (19/4) • disable (2/0) • creperen (5/0) • uit zijn duim zuigen (1/0) • afgevaardigde (7/3) • risicoperceptie (4/0) • oorlogsliteratuur (1/0) • Forfait (11/13) • integrale (2/20) • consulterend leiderschap (1/0) • genereren (8/4) • generiek (9/14) • Samenspanning (4/0)
|