in de lappenmand

Spreekwoorden: (1914) Hij is in de lappenmand,
d.w.z. hij is een weinig ongesteld; hij zit in de kazemat of is in de potten-bank; eig. ligt in de mand om gelapt, hersteld, opgeknapt te worden; ook: hij is in de voddenmand. Zie Harreb. II, 10 a en Onze Volkstaal I, 212: in de lapmand zijn, ongesteld zijn; Waasch Idiot. 388
Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/stoe002nede01_01/stoe002nede01_01_1371.htm
Geen exacte overeenkomst gevonden.