|
|
Opzoeken:
piek schuren
-
piek schuren
Spreekwoorden: (1914) Zijne (of de) piek schuren d.i. vluchten, deserteeren; syn. zijn kwast schuren (Spaan, 61; 162; Ndl. Wdb. VIII, 7231); vgl. Gew. Weeuw. III, 27: Zy schuerden haer piek, en veranderden van quartier; Paffenrode, 100; Spaan, 165; Halma, 503: Zijne piek s... Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/stoe002nede01_01/stoe002nede01_01_1874.htm
Tip: dubbelklik op een woord om de definities daarvan te zien.

Geen exacte overeenkomst gevonden.
|
Zoek
Typ een term en klik op `Zoek`.
Recent gezocht
De laatste zoekopdrachten. Tussen haakjes staan resp. de resultaten en verwante resultaten.
• DIRECTOIRE (7/2) • expertisecentrum (1/1) • achter (14/25) • topografisch (2/19) • kataforese (1/0) • rigoletto (2/0) • duplicatie (2/0) • ontnuchteren (4/0) • sui generis (2/1) • frequent (7/25) • abstract (19/25) • piek in de looduitstoot (2/0) • toonkast (3/0) • reductie (22/24) • analytisch (4/25) • heilstaat (2/0) • dabben (2/0) • Marktaandeel (9/1) • competeren (3/0) • restricties (4/0) • polyglot (3/3) • extensivering (1/1) • partus immaturus (5/0) • Reflex (21/25)
|