Kopie van `TNO - Natuurinformatie - Geologische begrippen`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


TNO - Natuurinformatie - Geologische begrippen
Categorie: Aardrijkskunde > Geologie
Datum & Land: 28/02/2007, NL
Woorden: 52


Ammoniet
Een ammoniet is een fossiele schelp uit het Paleozoïcum en Mesozoïcum. De diergroep is aan het eind van het Krijt uitgestorven. Slechts het spiraalgewijs gewonden uitwendige skelet is fossiel bewaard gebleven. Deze fossielgroep is van groot belang voor datering van Mesozoïsche laagpakketten.

Anastomoserende rivier
Een anastomoserende rivier bestaat uit een stabiel patroon van meerdere, onderling verbonden riviergeulen, gekenmerkt door een hoge sedimentatiesnelheid en een lage kronkelfactor, voorkomend in gebieden met bodemdaling en/of zeespiegelstijging.

Anion
Een anion is een negatief geladen ion, deel van een molecuul.

Aquiclude
Een aquiclude is een voor grondwater ondoorlatende laag.

Aquifer
Een aquifer is een voor grondwater goeddoorlatende laag. Ook wel watervoerend pakket of watervoerende laag genoemd.

Aquittard
Een aquittard is een voor grondwater slechtdoorlatende laag.

Asthenosfeer
De asthenosfeer is het bovenste deel van de aardmantel, maximaal 300 km dik. Deze is opgebouwd uit enigszins vervormbaar gesteente.

C14-datering
C14-datering is een methode om de ouderdom van fossiel organisch materiaal te bepalen, gebaseerd op het uitgangspunt dat in de lucht het gehalte aan de radioactieve koolstofisotoop C14 vrijwel constant is, maar in het materiaal dat niet in wisselwerking met de lucht is, afneemt door radioactief verval.

Epicentrum
Een epicentrum is de plaats aan het aardoppervlak recht boven de aardbevingshaard.

Erosie
Erosie ook wel afbraak genoemd, is het gecombineerde effect van alle processen die meewerken aan de afbraak van losse en vaste gesteenten. Hiertoe behoren o.a. verwering, transport, chemische en mechanische werking van stromend water en de mechanische werking van wind, ijs, enz.

Estuarium
Een estuarium is een vaak min of meer trechtervormige monding van een rivier, die binnen het bereik der getijdestromingen ligt.

Etage
Een etage is een eenheid binnen de chrono(= tijd)stratigrafische indeling.

Evaporieten
Evaporieten zijn door indamping van zeewater of zoutmeren ontstane zoutafzettingen.

Formatie
Een Formatie is de belangrijkste lithostratigrafische eenheid. Het streven is het gehele voor de stratigrafie toegankelijke gesteentepakket in Formaties te verdelen. Formaties worden doorgaans vernoemd naar de plaats of gebied waar de formatie voor het eerst beschreven is. De term `afzettingen` wordt gebruikt voor een onderdeel van een Formatie.

Formatiewater
Formatiewater is grondwater dat aanwezig is in diepgelegen gesteentepakketten dat geen deel meer uitmaakt van de hydrologische kringloop.

Fossiel
Een fossiel is een als verstening of versteende afdruk gevonden overblijfsel van planten of dieren.

Gyttja
Gyttja is een in de Kwartairgeologie gangbare Zweedse term voor modder, rijk aan organisch materiaal.

Hydrogeologie
Hydrogeologie is de geowetenschap die zich bezighoudt met onderzoek gerelateerd aan exploratie en exploitatie van grondwater met nadruk op het geologisch milieu en op de samenstelling van het water.

Hydrologie
Hydrologie is de leer van het voorkomen, het gedrag en de chemische en fysische eigenschappen van water in al zijn verschijningsvormen op en beneden het aardoppervlak, uitgezonderd het water in de zeeën en oceanen. Opmerking: ook de invloed van menselijk handelen wordt hier dikwijls onder begrepen.

Hydrologische kringloop
De hydrologische kringkoop is een reeks van processen en toestanden die het water doorloopt (zoals neerslag, berging, afvoer, verdamping), waarbij telkens weer een andere toestand wordt bereikt.

Hypocentrum
Een hypocentrum is een aardbevinghaard.

IJskap
Een ijskap is een `eeuwig` durende, uitgestrekte bedekking van sneeuw en ijs, die zich vanuit een centrum in alle richtingen heeft uitgebreid.

IJzertijd
De IJzertijd is een archeologische periode, die duurde van ± 700 voor Christus tot het jaar 0.

Klastisch materiaal
Klastisch materiaal bestaat uit afbraakproducten die als vast materiaal getransporteerd worden of zijn.

Klei
Klei bestaat uit gesteentefragmenten en mineraaldeeltjes met specifieke eigenschappen met een korrelgrootte kleiner dan 0,002 mm.



Klimaat
Het klimaat is de gemiddelde gesteldheid van de lucht en het weer in een bepaald gebied.

Klink
Klink is compactie door verkleining van het poriënvolume, e.d.

Oeverwal
Een oeverwal is een natuurlijke hoogte langs een rivier, die ontstaat doordat tijdens het buiten haar oevers treden van de stroom het grofste materiaal het dichtst bij de rivier wordt afgezet.

Organogeen
Organogeen betekent uit organische resten opgebouwd.

Orogenese
Orogenese is gebergtevorming.

Overschuiving
Overschuiving is het door breukwerking of plooiing boven elkaar voorkomen van lagen die oorspronkelijk naast elkaar gelegen waren.

Sediment
Een sediment is een afzetting, gevormd door het bijeenbrengen van losse gesteentefragmentjes en eventueel delen van organismen.

Sedimentaire structuur
Een sedimentaire structuur is een door sedimentatie gevormde specifieke gelaagdheid.

Sedimentatie
Sedimentatie is het proces van bezinking van deeltjes in het water door de zwaartekracht.

Seismisch
Seismisch heeft betrekking op aardbevingen en aanverwante verschijnselen en op onderzoek van de bouw van de ondergrond door natuurlijke of kunstmatige schokken.

Seismogram
Een seismogram is een geregistreerd resultaat van een seismisch onderzoek door middel van het opwekken van trillingen in de ondergrond.

Seismometer
Een seismometer of seismograaf is een instrument dat trillingen in de aardkorst vastlegt.

Seismostratigrafische eenheid
Een seismostratigrafische eenheid is een stratigrafische benadering gebaseerd op het herkennen van grootschalige erosievlakken in seismische profielen. Deze erosievlakken en de aansluitende (correleerbare) reflecties vormen tezamen een seismostratigrafische eenheid.

Serie
Een serie is een eenheid binnen de chrono(= tijd)stratigrafische indeling, één ordeniveau boven `etage`.

Silt
Silt vertegenwoordigt binnen de indeling naar korrelgrootte en textuur van een sediment de factie van 0,002 - 0,0063 mm.

Sink hole
Een sink hole is een komvormige of steilwandige depressie aan de oppervlakte, ontstaan door ondergrondse oplossing van gesteenten of door instorting van holle ruimten in de ondergrond.

Slenk
Een slenk is een gebied dat structureel gezien lager ligt dan het omringende gebied en dat begrensd wordt door breuken.

Smeltwater
Smeltwater is het water dat door smelten van een gletsjer of van landijs vrijkomt.

Subglaciale erosie
Subglaciale erosie proces waarbij materiaal uit de ondergrond onder ijs (landijs of gletsjers) wordt geërodeerd en verplaatst.

Vuursteen
Vuursteen is het gesteente dat voorkomt als concretie in kalkgesteente en is opgebouwd uit vrijwel amorfe kwarts.

Zeespiegel
De zeespiegel is het niveau of oppervlak van de zee.

Zetting
Zetting is bodemdaling als gevolg van inklinking, krimp en door de bouw van kunstwerken, het ophogen van de grond of het aanbrengen van enig ander materiaal.

Zilverzand
Zilverzand is fijnkorrelig, wit, uiterst zuiver en kwartsrijk zand met een gering ijzergehalte.

Zoet water
Zoet water is water met een gehalte van minder dan 150 mg chloride per liter.

Zout water
Zout water is water met een gehalte van meer dan 1000 mg chloride per liter.

Zoutkussen
Een zoutkussen of zoutkoepel is een ondergrondse, door halokinese gevormde, heuvelvormige steenzoutstructuur, waarbij de bovenliggende laagpakketten niet doorbroken zijn.

Zoutpijler
Een zoutpijler of zoutdiaper is een ondergrondse, door halokinese gevormde, verticale steenzoutstructuur, waarbij de bovenliggende laagpakketten wel doorbroken zijn.