Kopie van `ECR - Categorie Management`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


ECR - Categorie Management
Categorie: Management > Categorie Management
Datum & Land: 27/01/2014, NL
Woorden: 69


Activity based costing
Activity based costing geeft inzicht in de kosten van activiteiten in de keten of de eigen onderneming. Men kan hiermee de financiële consequenties van veranderingen berekenen.

Automated store ordering
De winkelcomputer gebruikt scanninggegevens van de kassa (point-of-sale data) om te bestellen bij het distributiecentrum. De bestelkosten in de winkel gaan omlaag en het afnamepatroon wordt snel en nauwkeurig in de winkel gemeten.

Benchmarking
Vergelijken van bedrijfsprocessen of kengetallen met bedrijven die gelden als best presterend met betrekking tot deze processen.

Categorie Management
Bij Category Management bundelen fabrikant en retailer hun kennis over de wensen van de consument. Category management richt zich daarbij op een hele categorie producten, door de hele keten heen. Het doel is een optimale samenstelling van de categorie te bepalen die maximale waarde heeft voor de consument. Hierbij wordt gekeken naar assortiment, acties en productintroducties.

Category (categorie)
Een categorie is een afgebakende groep producten of services die in de ogen van de consument gerelateerd zijn en aan dezelfde consumentenbehoefte voldoen. Bijvoorbeeld: sauzen, broodvervangers, toetjes.

Category Assessment
Stap 3 van het Category Management proces: Analyseren van de categorie en de segmenten binnen de categorieop basis van diverse vormen van informatie van de markt, de consument, de retailer en de fabrikant.

Category Definition
Stap 1 van het Category Management proces: Afbakenen van de categorie in termen van producten en bepalen van segmenten binnen de categorie. Beide vanuit het perspectief van de consument.

Category Implementation
Stap 7 van het Category Management proces: Plannen en implementeren van het plan voor de categorie op basis van een duidelijk tijdschema en heldere verantwoordelijkheden voor fabrikant en retailer.

Category Review
Stap 8 (laatste) van het Category Management proces: Meten, bewaken en aanpassen van het business plan voor de categorie op een periodieke basis. De uitkomsten kunnen aanleiding zijn één of meer van de eerdere stappen opnieuw te doorlopen.

Category Role
Stap 2 van het Category Management proces: Onderkennen van een rol voor de categorie op basis van een vergelijking met andere categorieën, waarbij de markt, de consument en de winkelformule van de retailer in ogenschouw worden genomen.

Category Scorecard
Vaststellen van de prestatie-indicatoren voor het beoordelen van de category en het definiëren van targets voor deze prestatie-indicatoren. Inzicht uit de twee voorgaande stappen vormt hiervoor de basis. (Stap 4 Category Management)

Category Strategies
Stap 5 van het Category Management proces: Ontwikkelen van de marketing strategie en distributie-strategie om te kunnen voorzien in de rol die de categorie heeft en om de gewenste prestaties te kunnen behalen.

Category Tactics
Stap 6 van het Category Management proces: Binnen het kader van de strategie bepalen van de inzet van instrumenten, zoals samenstelling assortiment, prijsniveau, schappresentatie, promoties. Dit alles in onderlinge samenhang.

CM (Category Management)
Category Management: fabrikant en retailer bundelen hun kennis over de wensen van de consument en richt zich daarbij op een hele categorie producten, door de hele keten heen. Het doel is een optimale samenstelling van de categorie te bepalen die maximale waarde heeft voor de consument. Hierbij wordt gekeken naar assortiment, acties en productintroducties.

Consumer Value
Het bieden van toegevoegde waarde aan de consument die verder gaat dan het product: extra gemak bieden, informatie of complementaire producten.

Cost Allocation
Cost Allocation is een onderdeel van ECR Nederland, dat zich bezighoudt met de financiële aspecten van het in kaart brengen van het ECR-concept in bedrijven.

CPG (Consumer Packaged Goods)
Consumentenartikelen.

Cross Docking
Methode waarbij de goederen die worden ontvangen in een distributiecentrum, niet worden opgeslagen maar direct worden verdeeld naar de afnemers en gereedgemaakt voor verzending.

CRP (Continuous Replenishment)
Het concept van een continue bevoorrading van goederen van de leverancier naar de afnemer, gebaseerd op een geautomatiseerde uitwisseling van informatie over vraag, voorraad en voorraadbeheer. Dit alles binnen het raamwerk van een samen overeengekomen voorraadbeleid. Het doel van CRP is het bereiken van een actieve en preciese aanvoer van producten naar de winkel, waarbij zo min mogelijk voorraad wordt aangehouden en zo min mogelijk handling nodig is.

Customer Relationship Management
Customer Relationship Management is het continu en systematisch aangaan en ontwikkelen van relaties met individuele klanten teneinde wederzijdse voordelen te identificeren en te creëren.

Data Synchronisatie
Data Synchronisatie is als alle artikelgegevens elektronisch, geautomatiseerd en op dezelfde gestructureeerde manier worden vastgelegd en uitgewisseld. 

Demand side
De demand side van ECR is gericht op commerciële processen in de keten.

Derving (of: Shrinkage)
Derving betekent verlies in de keten dat wordt veroorzaakt door administratieve fouten, diefstal en overige verliezen.

Differentiatie 
Differentiatie is het onderscheidend vermogen van de retailer en de fabrikant, waarbij het doel is waarde te creëren voor de consument.

EAN DAS
EAN DAS (data alignment service) is een service van GS1 Nederland. Zij biedt een centrale datapool waarin neutrale (dus niet-commercieel gevoelige) artikelgegevens worden opgeslagen. De fabrikant stuurt ze naar de datapool en retailers kunnen de gegevens vervolgens opvragen. Zo wordt bestandssynchronisatie tussen de handelspartners bereikt.

EDC
Europees Distributie Centrum: een centraal voorraadpunt voor minimaal vijf verschillende landen.

EDI (Electronic Data Interchange)
De verzending van data over producten en diensten van computer naar computer. Deze datacommunicatie vindt plaats tussen ketenpartners. Het format van de data en de verschillende berichten zijn grotendeels gestandaardiseerd. Voorbeelden van EDI-berichten zijn het orderbericht, verzendbericht en factuur.

Effectmeting
Het meten van de effecten van een ECR-project. ECR Nederland heeft hier een rapport over uitgebracht, `het in kaart brengen van ECR-effecten`. U kunt dit kosteloos aanvragen via `zelf aan de slag`.

Efficient Assortment
Streeft naar het aanbieden van het juiste assortiment, gericht op de doelgroep van de winkelformule. Het vormt het uitgangspunt voor een optimaal gebruik van winkelruimte en schappen. (een van de vier Category Management onderwerpen)

Efficient Consumer Response (ECR)
Efficient Consumer Response is een manier van werken waarbij bedrijven in de keten samenwerken om de consument beter te bedienen. Door de focus op de consument verdwijnen barrières tussen bedrijven en tussen vakgebieden en kunnen bedrijven gezamenlijk een beter resultaat bereiken. De vier werkterreinen van ECR zijn Category Management, Logistiek, Ondersteunende Technieken en Integratie.

Efficient Introduction
Richt zich op het proces van het ontwikkelen en introduceren van nieuwe artikelen die voorzien in een niet vervulde consumentenbehoefte. Doel is het ontwikkelen van op de consument gerichte artikelen tegen lagere kosten. (een van de vier onderwerpen van Category Management)

Efficient Promotion
Richt zich op het afstemmen van promoties op de behoefte van consumenten, waardoor de effectiviteit toeneemt. Tevens vormt de operationele beheersing, inclusief voorraadbeheer voor promoties, een aandachtspunt. (een van de vier onderwerp van Category Management)

Efficient Replenishment
Efficient replenishment richt zich op de logistieke en productieprocessen in de keten. Doel is het tijdig bevoorraden van winkelschappen met de juiste producten en een minimum aan inspanning en kosten.

EFT
Electronic Funds Transfer: electronische uitwisseling van informatie met betrekking tot de betalingen van handelsactiviteiten. EFT bestaat uit het automatiseren van betalingen tussen banken met behulp van EDI.

Electronic Funds Transfer
EFT is de electronische uitwisseling van informatie met betrekking tot de betalingen van handelsactiviteiten. EFT bestaat uit het automatiseren van betalingen tussen banken met behulp van EDI.

ERP
Enterprise Resource Planning. De term wordt gebruikt voor softwarepakketten die database technologie gebruiken voor het beheren en gebruiken van bedrijfsgegevens, inclusief data over klanten, producten, werknemers en financiële gegevens.

E-Category Management
Bij Category Management bundelen fabrikant en retailer hun kennis over de wensen van de consument. Category management richt zich daarbij op een hele categorie producten, door de hele keten heen. Als bedrijven het verzamelen en invoeren van data via Internet doen spreken we over E-category Management.

Factory Gate Pricing
Factory Gate Pricing houdt in dat fabrikanten hun producten af-fabriek prijzen. Hierdoor krijgt de ketenpartner zicht op de feitelijke transport, handling en opslagkosten in het logistieke traject tussen fabrikant en retailer. Factory Gate Pricing kan betekenen dat de regie van het transport verschuift. 

FMCG (fast moving consumer goods)
Consumentenartikelen voor dagelijks gebruik.

GDS (Global Data Synchronisatie)
Als elke schakel in de keten gegevens over artikelen en adressen op dezelfde gestructureerde manier registreert, kunnen systemen in de keten met elkaar communiceren en spreekt men over global data synchronisatie. De gegevens zijn wereldwijd gestandaardiseerd.

GS1
Internationale organisatie die tot doel heeft op wereldwijd niveau een syteem te ontwikkelen en onderhouden op het gebied van identificatie van goederen en diensten en communicatie betreffende de bewegingen van deze goederen en diensten. Dit systeem is gebaseerd op internationaal geaccepteerde en gedragen standaards. De meest bekende componenten hiervan zijn barcodes (streepjescodes) en EDI communicatie.

Instore Communicatie
Instore communicatie is de communicatie op de winkelvloer (bijvoorbeeld betere schappen om de consument te verleiden of flatscreens), waarbij consumenten worden geprikkeld producten te kopen. 

Integrated suppliers
Leveranciers van grondstoffen en verpakkingen sluiten, waar mogelijk, met hun leveringen nauwkeurig aan op de productieplanning van de fabrikant. De fabrikant bespreekt belangrijke wijzigingen in zijn productieproces met zijn leveranciers en gezamenlijk zoeken zij naar de beste oplossing.

Ketenomkering
Activiteiten in de keten worden primair bepaald door de vraag van de klant en niet door het aanbod.

Ketenoverschrijdend bundelen
Bedrijven bundelen gezamenlijk hun opslag en transport. Dit kan leiden tot lagere kosten voor voorraad, handling en transport.

Ketensynchronisatie
De keten wordt gesynchroniseerd op het productiemoment. De hele productiebatch wordt direct afgeleverd bij retailers, zodat de voorraad dicht bij de eindgebruiker (lees: consument)ligt.

Leadtimes
Doorlooptijd tussen het plaatsen van een order en het leveren van de goederen. Doorlooptijden worden meestal uitgedrukt in dagen of uren.

Lean Consumption
Lean consumption is een verandering in het denken over de relatie tussen aanbieden en consumeren, waarbij bedrijven het de consument makkelijker moeten maken om te consumeren.

Lift factor
Een maat voor de extra verkopen die ontstaan tijdens een actie. Wordt meestal uitgedrukt als `totale verkopen in actieweek-normale verkopen voor deze week`. Een liftfactor van 1,5 duidt op 50% meer verkopen tijdens de actieweek t.o.v. een normale week.

Local Marketing Tools
Systemen waarin op basis van gegevens over het verzorgingsgebied van winkels, schappenplannen worden aangepast aan de lokale situatie.

Opslingereffect
Bij het opslingereffect stijgen voorraden in de keten meer dan nodig, omdat elke schakel in de keten een eigen veiligheidsvoorraad opbouwt. Dit gebeurt vooral in situaties waarbij de vraag sterk fluctueert.

Out-of-stock (OOS)
Geen voorraad van het product, het product is uitverkocht in de winkel. De term `visual out-of-stock` wordt wel gebruikt om aan te geven dat er wel voorraad is maar deze niet zichtbaar is (bijvoorbeeld doordat de producten achter in het schap liggen). Dergelijke producten zijn vaak ook `out-of-reach`, met andere woorden kunnen niet meer zelfstandig worden gepakt door een gemiddelde consument.

POS (point of sale)
De plaats waar een aankoop wordt gedaan, meestal bedoelt men hier de kassa.

POS data
Point of Sale data: de gegevens over consumentenverkopen die bij het verkooppunt (lees: kassa) ontstaan. Kunnen automatisch verzameld worden via scanningdata van de kassa.

Promotie-evaluatiemodel
Dit invulmodel helpt u bij het evalueren van acties ten opzichte van elkaar en ten opzichte van een vooraf gestelde doelstelling. Het model staat op deze website onder `zelf aan de slag` en kan gebruikt worden door deelnemers die beschikken over een password voor deze website.

Reliable operations
De fabrikant zorgt voor een storingvrij productieproces. Buffervoorraden kunnen hierdoor achterwege blijven of tenminste worden verlaagd. De fabrikant is hierbij afhankelijk van zijn leveranciers. Ook zij voorkomen storingen en manco`s in de levering van grondstoffen en verpakkingen.

Safety stock
De voorraad die dient ter compensatie van de verschillen tussen voorspelde consumptie en de eigenlijke consumptie en tussen verwachte en eigenlijke levertijden. Bij het berekenen van de safety stock moet er rekening gehouden worden met factoren zoals serviceniveau, verwachte stijging-daling van de vraag naar het produkt en doorlooptijd.

Servicegraad
De mate waarin aan de vraag naar een product wordt voldaan. Wordt meestal uitgedrukt in een percentage en kan gemeten worden op verschillende plaatsen in de keten. Voorbeeld: een 95% servicegraad kan betekenen dat het product 95% van de tijd beschikbaar is of dat 95 van de 100 consumenten het product kan kopen op het gewenste moment.

SKU
Stock Keeping Unit: een verhandelbare eenheid (bijvoorbeeld een doos of pallet) die door afnemers in de keten besteld kan worden. De SKU is uniek identificeerbaar, bijvoorbeeld door een barcode. Een SKU kan meerder consumenteneenheden bevatten.

Supply side
De supply side van ECR is gericht op de productieprocessen en logistieke processen. De eindgebruiker dient het product op het juiste moment tot zijn beschikking te krijgen. Denk daarbij aan de levering van grondstoffen en verpakkingen, het produceren, verpakken, opslaan, transporten, opnieuw opslaan bij de retailer, weer transporteren en tenslotte het vullen van de schappen. Zelfs het vervoer in het winkelwagentje, het afrekenen en het transport naar het keukenkastje van de consument kan tot de supply side gerekend worden.

Synchronized Production
Het productieproces sluit nauwkeurig aan bij het afnamepatroon.

Tracking & Tracing (T&T)
Door middel van uniek gecodeerde logistieke eenheden zijn producten van de fabriek via het distributiecentrum tot in het schap te traceren. De EAN-128 code kan hiervoor gebruikt worden.

Unit Loads
Een lading die bestaat uit onderdelen of pakketten, die op een of andere manier bij elkaar gehouden worden, bijvoorbeeld in een krat of op een pallet. Deze lading wordt op zo`n wijze vormgegeven en gepast dat het als een eenheid kan worden behandeld, getransporteerd, opgestapeld en worden opgeslagen. De term wordt ook gebruikt om een groot onderdeel te beschrijven, dat voor het zelfde doeleinde geschikt is.

Upstream
ECR Upstream is de term voor het toepassen van ECR in het traject tussen fabrikant en zijn toeleveranciers van verpakkingsmaterialen en grondstoffen.

Vendor Managed Inventory (VMI)
De leverancier beheert de voorraadniveaus in het magazijn-distributiecentrum van zijn klant (retailer) op basis van de verwachte vraag en vooraf gemaakte afspraken over minimale en maximale voorraadniveaus.

VMI (Vendor Managed Inventory)
Vendor Managed Inventory: De leverancier beheert de voorraadniveaus in het magazijn-distributiecentrum van zijn klant (retailer) op basis van de verwachte vraag en vooraf gemaakte afspraken over minimale en maximale voorraadniveaus.

Waardeketen
Een opeenvolging van activiteiten waarbij in elke schakel van het proces een waardetoevoegende activiteit plaatsvindt. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen de zogenaamde primaire activiteiten en de ondersteunende activiteiten.

Win-Win situaties
Situaties waarbij het rendement van de samenwerking hoger is dan het rendement dat de partijen afzonderlijk kunnen bereiken.

XML
Extensible Markup Language: een computertaal (syntax) die gebruikt wordt voor het verzenden van berichten op het internet. XML wordt met name gebruikt voor communicatie met en tussen de elektronische marktplaatsen.