Kopie van `Skiwoordenboek`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


Skiwoordenboek
Categorie: Sport, welzijn en vrije tijd > Skieën
Datum & Land: 15/02/2007, NL
Woorden: 16


ABS Techniek
Andrehen - Beugen - Strecken. De techniek van het bovenlichaam meedraaien en sturen met de dalski. Eigenlijk is ABS een vorm van carven.

AFD
Staat voo `Anti-Friction-Device`. Dit is het kleine plaatje direct achter het voorste deel van de Skibinding. Zorgt voor stevigheid. Zie ook het artikel over Ski Bindingen.

Avalanche
Lawine. Als grote massa`s Sneeuw een helling afglijden. Dit is een van de grootste gevaren tijdens de winter. Lees erover in het artikel Lawine Informatie.

Bindingen
De Bindingen verbinden de Ski’s met je Skischoenen en dus zijn ze de schakel tussen jou en de Ski’s.

Bumps
Andere term voor Moguls. De Bulten op een Skipiste, zie het artikel over Buckelpiste Skien.

Flug techniek (hanskamphuis)
Vergelijkbaar met sneeuwploeg. De bocht in gaan door met de ski`s in een V-vorm te gaan staan, waarna er druk moet worden gezet op de dalski.

Glijvlak
Is de onderkant van de Ski`s, het deel van de Ski`s dat in contact staat met het Sneeuwoppervlak. Vroeger werden Ski`s van hout gemaakt. Hoewel er soms nog steeds hout wordt gebruikt worden Ski`s tegenwoordig gemaakt van aluminium of glasvezel.

Heli Skien
Bij Heli Skiën wordt je door een helikopter naar gebieden gebracht waar je met normaal vervoer nooit had kunnen komen.

Kanten
Dit zijn de metalen randen aan de zijkanten van de Ski`s. Scherpe kanten zorgen ervoor dat je grip hebt in bochten en dat de Ski`s niet wegglijden.

Moguls
De bulten op een Skipiste, ook wel Buckels. Buckelpistes ontstaan als Skiërs bochten maken op een helling en de sneeuw op bepaalde plaatsen op een bult gegooid wordt en op andere plekken wordt weggeschrapen.

Radius van de Ski
Dit geeft aan hoe diep of ondiep de Ski is gesneden vanaf de punt naar het midden van de Ski. Hoe kleiner de Radius is, hoe kleiner de bochten zijn die je kunt maken.

Rutschen (basmm)
Gecontroleerd glijden op je Skis, tot aan maximaal dwars op de Skirichting. Na elke bocht glij je een beetje, dit is het Rutschen. Bij Carveskien doe je dit juist niet, je gaat dan door de bocht zonder te slippen, en stuurt steeds na de bocht wat meer door, tegen de helling aan waardoor je op die manier je snelheid onder controle houdt.

Schnallen
Met gespen, ook wel Schnallen genoemd, wordt de schoen dicht geklikt en kan de pasvorm worden aangepast. Kijk hier voor uitleg over de Skischoen.

Sneeuwploeg
De Skis in een V-vorm houden, met de punten bij elkaar. De basis-rem-techniek, daarna de basis voor het maken van bochten.

Switch
Naar beneden Skien met de achterkanten van de skis naar voren gericht.

Taille
Dit is het smalste punt van de Ski. Meestal is dit in het midden van de radius.