Kopie van `Van Elten • Van de Griend Netwerk Notarissen - Notariële begrippen`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


Van Elten • Van de Griend Netwerk Notarissen - Notariële begrippen
Categorie: Economie en financiën > Huis en hypotheek
Datum & Land: 15/02/2007, NL
Woorden: 32


Aanverwanten
de bloedverwanten van de ene echtgenoot zijn de aanverwanten (zogenaamde aangetrouwden) van de andere echtgenoot.

Akte
ondertekend (en gedagtekend) geschrift, waarin feiten, handelingen, gebeurtenissen en-of verklaringen zijn vastgelegd. De akte dient als bewijs van datgene wat in de akte geschreven staat. Een authentieke akte is opgemaakt door een bevoegd openbaar ambtenaar, zoals een notaris. Het exemplaar dat de notaris bewaart, heet de minuut. De notaris kan afschriften afgeven van alle authentieke akten die hij heeft opgemaakt. Een afschrift is de letterlijke weergave van de volledige inhoud en wordt ondertekend door de notaris. Een bijzonder afschrift van de akte is de grosse.

Authentiek
opgemaakt door een daartoe bevoegd ambtenaar. In tegenstelling tot ‘onderhands’.

Bewind
degene die een testament laat opmaken, kan daarin bepalen dat het erfdeel van een erfgenaam voor een periode zal worden beheerd door een bewindvoerder. Deze erfgenaam kan in die periode niet beschikken over dat wat hij of zij heeft geërfd.

Bloedverwanten
alle personen die een gemeenschappelijke stamvader en-of stammoeder hebben; dus die mensen die door geboorte met elkaar verwant zijn.

Centraal Testamentenregister (CTR)
het register waarin alle in Nederland opgemaakte testamenten staan vermeld. Door inzage in dit register kan de notaris na iemands overlijden nagaan of de overledene een testament heeft gemaakt en welke notaris dit in bewaring heeft.

Codicil
een met de hand geschreven wilsbepaling, voorzien van een datum en handtekening, waarin de erflater zelf een beperkt aantal zaken kan regelen voor na zijn dood.

Comparanten
de personen die voor het opmaken van een authentieke akte persoonlijk voor de notaris verschijnen om de akte te ondertekenen. Ook wel

Curatele
ondertoezichtstelling. Een meerderjarige die zijn eigen belangen niet meer behoorlijk kan behartigen (bijvoorbeeld vanwege een geestelijke stoornis), kan door de rechter onder curatele worden gesteld. Dit houdt in dat er een ‘curator’ wordt aangesteld voor de verzorging en het beheer van de goederen van de ‘curandus’ (degene die onder curatele staat). De curandus kan niet langer vrij over zijn vermogen beschikken; hij heeft steeds toestemming nodig van de curator. Ook iemand die failliet gaat, krijgt een curator.

Erfgenaam
degene die op grond van de wet of van een testament een erfenis verkrijgt, na aftrek van eventuele legaten die de erflater heeft gemaakt.

Erflater
degene die is overleden en zijn bezit (geld, goederen) en schulden als erfenis achterlaat.

Executeur
de executeur is iemand die de nalatenschap van de erflater mag afwikkelen. De executeur moet in het testament als zodanig worden aangewezen.

Faillissement
de toestand waarin iemand zijn schulden niet meer kan voldoen. De rechtbank spreekt een faillissement uit op verzoek van de schuldeisers. Ook benoemt de rechtbank een curator (beheerder), die het vermogen van de faillietverklaarde in beheer krijgt en zoveel mogelijk goederen te gelde maakt om de schulden te kunnen voldoen.

Grosse
een eerste afschrift van een authentieke akte, die de kracht heeft van een door de rechter uitgesproken vonnis.

Gunning
het gunnen of toewijzen, na een bieding, van een object dat op een veiling ter verkoop is aangeboden. Wanneer een openbare verkoop van een object (bijvoorbeeld een huis) wordt gehouden, wijst de verkoper of de veilende hypotheekhouder het object aan de hoogste bieder toe om daarmee de koop rond te maken.

Kadaster
het openbare register waarin alle onroerende zaken in Nederland staan vermeld. Het kadaster maakt deel uit van de Rijksdienst van het Kadaster en de Openbare Registers. Met behulp van de kadastrale en openbare registers is inzage te krijgen in het volledige rechtsverkeer in onroerend goed: dus wie de eigenaar is van een onroerende zaak, wie erfpachter is, welke hypotheken op een huis rusten, enzovoort.

Legaat
geld of een goed dat een overledene via een testament aan een bepaalde persoon of instelling heeft nagelaten.

Legataris
persoon of instelling die een legaat krijgt.

Legitimaris
die erfgenaam die recht heeft op een in de wet bepaald deel van de nalatenschap, de zogenaamde legitieme portie. Indien de erflater de legitimaris onterft, kan deze na het overlijden bezwaar maken. De kinderen van de erflater zijn de belangrijkste groep legitimarissen. De echtgenoot is geen legitimaris.

Minuut
het origineel van een authentieke akte, dat de notaris in bewaring heeft.

Nalatenschap
alle bezittingen en schulden die iemand na zijn overlijden achterlaat.

Onderhands
zonder ambtelijke (notariële) tussenkomst; opgemaakt tussen partijen onderling. In tegenstelling tot ‘authentiek’.

Onroerend
onroerende zaken zijn voornamelijk grond en gebouwen en wat daaraan vastzit (‘aard- en nagelvast’).

Rechtspersoon
een organisatievorm die zelfstandig aan het rechtsverkeer deelneemt. Bijvoorbeeld een naamloze vennootschap, besloten vennootschap, stichting of vereniging.

Registergoed
een goed (bijvoorbeeld een huis) dat niet van eigenaar kan wisselen zonder inschrijving in bepaalde registers.

Roerend
roerende zaken zijn verplaatsbare goederen (dus niet ‘aard- en nagelvast’).

Statuten
de grondregels van een rechtspersoon. Hierin staan de naam, doelstelling, plaats van vestiging, het kapitaal en nog vele andere regels met betrekking tot de juridische structuur van de rechtspersoon.

Surséance van betaling
opschorting van betaling. Indien een schuldenaar (iemand die anderen iets schuldig is) ziet dat hij niet al zijn schulden, die hij in een bepaalde periode moet betalen, kan voldoen, maar verwacht dat zijn financiële situatie dit na verloop van tijd wel mogelijk zal maken, dan kan de rechter hem toestaan zijn schulden voorlopig niet te betalen. Surséance van betaling is altijd tijdelijk; ze wordt gevolgd door een regeling met de schuldeisers of door een faillissement.

Volmacht
een – meestal schriftelijke – verklaring van iemand, dat hij een ander de bevoegdheid geeft bepaalde (rechts)handelingen voor hem uit te voeren.

Voogdij
de zorg voor een minderjarige (en zijn geld en goederen) wanneer diens ouder(s) is-zijn overleden, of van de ouderlijke macht zijn ontheven.

Vruchtgebruik
het recht om goederen te gebruiken die aan een ander (de hoofdgerechtigde) toebehoren, en daarvan de ‘vruchten’ (bijvoorbeeld rente) te genieten. Het vruchtgebruik eindigt bij de dood van de vruchtgebruiker, of al eerder, als partijen dat zijn overeengekomen.

Wilsrecht
het recht dat een kind heeft om in bepaalde situaties de eigendom van goederen uit de nalatenschap op te eisen.