Kopie van `Diergeneeskundig Informatiecentrum Over Ogen`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


Diergeneeskundig Informatiecentrum Over Ogen
Categorie: Medisch > Dieren, ogen
Datum & Land: 15/02/2007, BE
Woorden: 68


agenesis (van ooglid)
aandoening waarbij een deel van de ooglidrand ontbreekt, sluitingsdefect, chirurgie is vaak nodig om beschadiging oogbol te vermijden

anisocoria
aandoening bij de welke de pupillen van beide ogen niet even groot zijn.

ankyloblefaron
aandoening waarbij de randen van de oogleden aan elkaar vergroeid zijn.

asteroid hyalosis
calcium-vet complexen die zich in een voor de rest normaal vitreum bevinden.

blefarospasmen
tonische spasmen van de spier (M. orbicularis oculi) in de oogleden, als reactie op pijn aan het oog.

canaliculi
fijne kanaaltjes die de verbinding vormen tussen de bovenste en onderste traanpunten met de traanzak, ze dienen voor de afvoer van de tranen naar de neus toe.

cataract
troebeling van de lens of van het lenskapsel of van beide.

chemosis
oedeem van de slijmvliezen.

cherry eye
traanklier van derde ooglid die niet meer vastzit aan de oogbol zelf en naar buiten omklapt, ze is dan als rood bolletje zichtbaar aan de neuskant van de oogbol.

choroidea
vaatvlies, gelegen achter het netvlies.

conjunctiva
slijmvlies langs de binnenkant van de oogleden en op een deel van de oogbol.

cornea
hoornvlies.

cul de sac
fornix, het gebied waar de slijmvliezen die het onderste ooglid en de oogbol aflijnen bij elkaar komen.

dermoid
een aangeboren “tumor” bestaande uit huid en aanverwante structuren bv. haarfollikels.

distichiasis
enkele of vele haartjes op de vrije ooglidrand, ze komen doorheen de openingen van de kliertjes van Meibomius, deze haartjes kunnen fijn en zacht zijn, (bv. bij Cockers) dan veroorzaken ze geen irritatie; zijn ze daarentegen stug, (bv. bij Flatcoated Retriever) dan kan beschadiging van het hoornvlies optreden.

districhiasis
deze term wordt gebruikt als er bij distichiasis verscheidene haartjes uit één opening van Meibomius komen.

ductus nasolacrimalis
kanaal dat de verbinding vormt tussen de traanzak en de neusopening, hierlangs worden de tranen afgevoerd.

ectopische cilie
hierbij bevinden zich 1 of meer haartjes in een kliertje van Meibomius, maar dit haar komt niet door de opening op de ooglidrand zelf naar buiten , maar wel doorheen het slijmvlies van het ooglid, en daardoor beschadigt dit haar het hoornvlies, de ectopische cilie bevindt zich meestal in het midden van het bovenooglid (dit noemt men 12 o’clock positie).

ectropion
het naar buiten openhangen van de onderste oogleden, (bv. bij Bloedhond), het rode slijmvlies is dan goed zichtbaar.

electroretinogram
een grafische weergave van de actiepotentiaal, die ontstaat na lichtstimulatie van de retina (netvlies).

entropion
het naar binnen omkrullen van de oogleden, hierbij wrijven haren en huid van het omgekruld ooglid tegen het hoornvlies , letsels in het hoornvlies kunnen hierdoor voorkomen.

fotofobie
lichtschuw.

fotoreceptoren
verzameling van staafjes en kegeltjes in het netvlies.

glaucoom
verhoogde druk in de oogbol, die beschadiging van oogstructuren veroorzaakt.

goniodysgenesis
abnormaal gevormde irido-corneale hoek.



gonioscopie
onderzoek van de hoek tussen het hoornvlies en de iris (irido-corneale hoek), hierbij wordt gebruik gemaakt van een cornea- contact lens, een lichtbron en een vergroting.

heterochromia iridis
aandoening waarbij de irissen van beide ogen niet identiek van kleur zijn, of ook het voorkomen van 2 verschillende kleuren in de iris van 1 oog.

Horner’s syndroom
verlamming van de nervus sympathicus, met als gevolg kleine pupil, dieper liggende oogbol, afhangen van de oogleden en derde ooglid dat ver over de oogbol zit.

hyfema
bloed in de voorste oogkamer.

hypopion
etter in de voorste oogkamer.

hypotonie
verlaagde druk in de oogbol.

imperforate punctum
traanpunt dat afgedekt is door een vliesje waardoor de tranen niet normaal afgevoerd kunnen worden met als gevolg tranende ogen.

iris
regenboogvlies.

iriscollarette
overgang in de iris tussen pupillaire zone (meestal donkerder van kleur) en ciliaire zone (aan de rand, meestal lichter van kleur).

KCS
kerato-conjunctivitis sicca, chronische irritatie van slijmvliezen en hoornvlies ten gevolge van een te lage traanproductie.

kegeltjes
cellen in het netvlies die zorgen voor het kunnen zien bij daglicht en voor het zien van details.

keratitis
ontsteking van het hoornvlies.

lagofthalmos
aandoening waarbij de oogbol niet volledig bedekt is als de oogleden gesloten zijn.

lensluxatie
lens die niet meer op de oorspronkelijke plaats zit, maar naar voor of naar achter gekanteld is in het oog.

leukocoria
witte pupil.

membrana nictitans
derde ooglid, soort vlies gelegen langs de neuskant van de oogbol, in dit derde ooglid zit een T-vormig stukje kraakbeen met aan de basis ervan een traanklier (glandula membrana nictitans, traanklier van derde ooglid).

micropunctum
te klein traanpunt.

miose
samengetrokken pupil (constrictie).

mydriase
wijd openstaande pupil.

nucleaire sclerose
normale veroudering van de lens, vooral in het centrum van de lens.

oftalmoscoop
toestel dat gebruikt wordt om de fundus van het oog te bekijken

panofthalmitis
ontsteking van alle oogstructuren, in en vaak ook rond de oogbol.

patellar fossa
ruimte tussen de achterkant van de iris en de voorkant van het vitreum waar de lens zich normaal bevindt.

persisterende pupillaire membranen
voor de geboorte is de pupil afgesloten door een dun vliesje, dat normaal gezien volledig verdwijnt enkele weken na de geboorte, soms blijven er restantjes over, zichtbaar als bruine of blauwe gekleurde draadjes langs de voorkant van de iris, deze draadjes maken soms ook contact met de binnenkant van het hoornvlies of met het voorste lenskapsel.

proptosis
voorwaartse verplaatsing van de oogbol.

protrusie derde ooglid
vliesje dat vanuit de mediale ooghoek (d.w.z. langs de neuskant) een deel van de oogbol bedekt, in normale omstandigheden is enkel een klein deeltje in het putje van het oog zichtbaar.

ptosis
afhangen van het bovenste ooglid.

retina
netvlies.

rubeosis iridis
neovascularisatie van de iris.

Schirmer tear test
test waarbij dmv absorberende papierstrip de traanproductie wordt gemeten gedurende 1 minuut.

spleetlamp of biomicroscoop
microscoop die gebruikt wordt voor het oogonderzoek, werkt dmv lichtbron waarbij de dikte van de lichtstraal gewijzigd kan worden tussen ronde opening en smalle of bredere lichtstraal.

staafjes
cellen in het netvlies, verantwoordelijk voor het zien bij weinig licht.

subluxatie van lens
lens-ophangbanden zijn grotendeels doorgescheurd maar lens bevindt zich nog steeds in de “patellar fossa”.

symblefaron
vergroeiing tussen het slijmvlies van de oogleden (palpebrale conjunctiva) en het slijmvlies van de oogbol (bulbaire conjunctiva) of van deze slijmvliezen met het hoornvlies zelf.

synchisis scintillans
cholesterol kristallen in een vervloeid vitreum.

tonometer
instrument dat gebruikt wordt voor het meten van de oogdruk.

trichiasis
wimpers bevinden zich op de juiste plaats aan de oogleden maar wijzen in de verkeerde richting en irriteren zo het hoornvlies, kan zich voordoen aan de bovenoogleden (bv. bij Cocker, Sharpei en Chow-Chow) of aan de neusplooi (bv. bij Pekingees en Shi Tsu).

uvea
bestaat uit een voorste en achterste gedeelte, nl. iris en corpus ciliare enerzijds en choroidea anderzijds.

uveïtis
ontsteking van het uveaal weefsel.

vitreum
transparante gel die achterste deel van het oog, gelegen achter de lens, vult.

voorste oogkamer
ruimte met vocht gevuld, die langs voor afgeschermd wordt door het hoornvlies en langs de achterzijde door de lens en de iris.

wimpers of cilia
rij fijne haartjes juist buiten de ooglidrand gelegen, bij de hond alleen aan het bovenooglid, de kat heeft geen echte wimpers.

zonules
fijne ligamenten , tussen het corpus ciliare en de rand van de lens, ze houden de lens op haar plaats.