Kopie van `TechPlaza - digitale tv, sateliet televisie`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


TechPlaza - digitale tv, sateliet televisie
Categorie: Elektrotechniek en Elektronica > TV
Datum & Land: 15/02/2007, NL
Woorden: 77


AC-3
Het digitale geluid van de thuisbioscoop, ook wel Dolby Digital AC-3 genoemd. De verschillende geluidskanalen worden in digitale vorm met het beeld meegezonden. In de ontvanger, op een DVD, of in een losse decoder, wordt het digitale AC-3 pakket omgezet in analoge signalen, die via aparte versterkers en boxen beluisterd kunnen worden. Dolby Digital AC-3 wordt in sommige digitale satellietontvangers ondersteund. Helaas worden niet alle speelfilms via satellietzenders voorzien van AC-3.

ADR
Astra Digital Radio. Het betreft een digitale modulatievorm voor radioprogramma`s die op aparte draaggolven bij een analoog beeld kunnen worden uitgezonden. De audionorm wijkt niet veel af van de bij DVB gebruikte geluidsnorm. Doordat ADR-signalen veelal toegevoegd worden aan analoge televisiezenders, wordt de ADR-lijst altijd als onderdeel van de analoge frequentielijst weergegeven. Voor ontvangst van het ADR-signaal is een speciale ADR-ontvanger nodig. De norm heeft door de mogelijkheden van digitale televisie evenwel aan belang ingeboet en het gebruik zal over een aantal jaren worden beëindigd. (+A2)

Afregelen
Wie een schotel aanschaft komt als gauw in aanraking met de `moeilijke` termen azimuth en declinatie. Het gaat hierbij om noodzakelijke gegevens voor het kunnen `afregelen` van een schotel. Voor een vast opgestelde schotel is de elevatie van groot belang. Bij de elevatie gaat het om de verticale schotelinstelling, of simpel gezegd: de hoek die de schotel omhoog kijkt om een satellietsignaal te kunnen ontvangen. Veel schotelfabrikanten geven in de gebruiksaanwijzing aan wat de correcte elevatie-instelling moet zijn al naar gelang waar de schotel wordt geplaatst binnen Europa. Als het gaat om een vaste locatie is de elevatie eenvoudig te bepalen. De declinatie is een noodzakelijke correctie, die nodig is om meerdere satellieten met een draaibare schotel goed te kunnen ontvangen. In de bijgaande figuur wordt duidelijk aangegeven wat het effect is van een verkeerd ingestelde declinatie. De declinatie is afhankelijk van de locatie waar de schotel zich bevindt. Bij een foutieve declinatiewaarde kun je niet iedere satelliet goed ontvangen. Tot slot de azimuth, dit is de hoek waar de schotel horizontaal gezien op uitgericht moet worden in kompasgraden. De afgebeelde tekening maakt dit allemaal (hopelijk) een stuk duidelijker! (Ill: Declinatie, onder voorbehoud!)

Aston - AstonCrypt
Aston was de fabrikant die een compatible vervanger voor Seca decoders heeft ontworpen. Seca was de codeermethode die door Canal+ dochter Seca ontwikkeld en zwaar gepatenteerd is. Een doorn in het oog van veel producenten van ontvangers. AstonCrypt gaf veel fabrikanten toch de mogelijkheid Seca-compatible ontvangers te produceren. Aston introduceerde hiervoor speciale insteekmodules die in Common Interface (CI) ontvangers gebruikt kunnen worden. In deze modules kan net als bij andere CI insteekmodules een gewone Seca smartcard gestoken worden. (+A3)

Azimuth
Om een schotel optimaal uit te richten op een satelliet heb je te maken met twee instellingen: de elevatie en de azimuth. De laatste is gerelateerd aan de kompasrichting van de satellietpositie. Bij een kompas is dat 90º in zuiver oostelijke, 180º in zuidelijke en 270º in westelijke richting. Voor de Astra-1 satellieten (19,2º oost) geldt in Nederland een azimuth van ongeveer 163º.

BER
BER staat voor Bit Error Rate. Bij digitale transmissie van signalen kunnen er fouten optreden als gevolg van atmosferische storingen. Het digitale signaal, dat uit pakketjes (packets) bestaat, wordt dan theoretisch `verminkt`. En dat zou betekenen dat die digitale signalen onbruikbaar zouden worden en een zwart beeld geven. Gelukkig kan het merendeel van die fouten via een ingewikkelde correctie worden hersteld. Het aantal fouten vóór het foutherstel heet de BER-in en na foutherstel heet het de BER-out. De BER is van veel factoren afhankelijk: aan de ontvangstkant onder andere van de schotel, de gebruikte LNB en de ontvanger. Voor een stabiele ontvangst is een BER kleiner dan 1E-

CAM
Conditional Access Module. Dit is een module die in een digitale ontvanger aangebracht kan worden en het mogelijk maakt in combinatie met een werkende smartcard een gecodeerd programma te bekijken. Bij een Common Interface (CI) ontvanger wordt de smartcard in een CI-CAM aangebracht. Bij andere PCMCIA modellen, zoals Irdeto-CAM`s bij de eerste generatie Canal+ ontvangers, is de kaartlezer op een aparte plaats in de ontvanger (vaak het front) aangebracht.

Cassegrain schotel
Cassegrain schotels zijn varianten op prime-focus-schotels. Er wordt gebruikgemaakt van een extra hulpreflector die ervoor zorgt dat de hoogfrequente stralen zo gereflecteerd worden, dat ze op een centraal punt in de schotel bijeenkomen. (+ C3)

Clarke belt
De Clarke belt is de denkbeeldige baan boven de evenaar waarin satellieten gepositioneerd zijn. De Clarke belt bevindt zich ongeveer op 35786 km boven de evenaar. De Clarke belt is vernoemd naar Arthur C.Clarke die lang voordat er maar enige sprake was van satellieten, bedacht had dat je satellieten op een vaste plaats boven de evenaar kon positioneren om ontvangst over een groot gebied mogelijk te maken.

Coaxkabel
Coaxkabel wordt gebruikt voor het transport van hoogfrequente signalen. Bij satellietontvangst gebruiken we een coaxkabel tussen de LNB en de ontvanger. Speciaal voor deze toepassing hebben coaxfabrikanten geoptimaliseerde kabels ontwikkeld. Belangrijke eigenschap van een coaxkabel: naarmate de toepassingsfrequentie hoger ligt, wordt het signaalverlies (demping) groter. Voor vrijwel iedere toepassing zijn daarom speciale soorten coaxkabels ontwikkeld. (+C6, of evt. rood plaatje van vorig nummer!)

Common Interface
Met de komst van de Common Interface standaard had de industrie een nieuwe norm voor het gebruik van decoders ontwikkeld; je had niet meer voor iedere soort codering een aparte ontvanger nodig. De Common Interface maakte het mogelijk alle soorten decoders in te pluggen. Dit zou de consument veel vrijheid bieden en de fabrikanten mogelijkheden universele ontvangers te produceren. Als een zender van codering verandert, is het bij een ontvanger met een Common Interface alleen maar zaak de CI-CAM te vervangen door een nieuwe codering. Daar staat tegenover dat de betreffende CI-module ook geld kost en deze prijs moet je bij die van de ontvanger optellen. Het toepassen van meer CI-CAM`s in een ontvanger kan de prijs uiteindelijk behoorlijk opdrijven. (+ C7)

CPU
Central Processing Unit. Dit is het hart (de digitale regelneef) van een computer. In pc`s is de CPU meestal in één IC (chip) ondergebracht. Alles wat in een computer gebeurt, of wat de gebruiker wil dat er gebeurt, wordt via computerinstructies (programmacodes) door de CPU uitgevoerd. Ook in digitale ontvangers worden CPU`s toegepast. Een digitale ontvanger, en zeker het decodeerdeel, is daardoor goed te vergelijken met een slimme computer.

Cross polarisation
De mate waarin een signaal van tegenovergestelde polarisatie wordt onderdrukt heet de cross polarisation. Bij een slechte scheiding tussen signalen van verschillende polarisaties treedt een aanmerkelijk verlies van de ontvangstkwaliteit (C-N) op. Dit effect kan optreden als een LNB niet goed in een schotel gemonteerd is en de polarisatie van de LNB niet exact overeenkomt met de polarisatie van het uitgezonden signaal op de satelliet.

CVBS
CVBS is een afkorting voor Color-Video-Blanking-Synchronisation. Dit signaal wordt ook wel `composiet video` genoemd. Het bevat alle elementen om een videobeeld op een televisie weer te kunnen geven. Doordat alle benodigde video-informatie in het CVBS-signaal aanwezig is, heb je genoeg aan een enkelaardige aansluitkabel, meestal coax. Andere transportmethodes (RGB of S-video) vereisen complexere kabels.

C-band
Een frequentieband die gebruikt wordt voor satellietcommunicatie. De schotel heeft een behoorlijke omvang. De openingshoek van schotels op de C-band schotels is groot. Satellieten die in die band uitzenden hebben heel grote footprints en zijn dus over een groot gebied te ontvangen. Voor ontvangst van de C-band zijn, naast relatief grote schotels, ook speciale LNB`s en voor C-band geschikte satellietontvangers nodig. In Nederland worden de meest gangbare satellietzenders uitgezonden in KU-band.

dBµV
Bij ontvangst van hoogfrequente signalen (zoals satellietsignalen) wordt de veldsterkte (signaalsterkte) in dBµV uitgedrukt. Dit is het aantal dB`s dat een signaal groter (of kleiner) is dan 1 µV (1 miljoenste Volt). Een signaal van 1 µV staat gelijk aan 60 dBµV.

Decibel
De decibel (dB) is de aanduiding die gebruikt wordt voor versterking. Het is een eenheid waarmee op een eenduidige manier grote verschillen kunnen worden aangeduid.

Declinatie
De declinatiehoek is alleen voor draaibare schotelopstellingen belangrijk. Declinatie is een correctiehoek tussen de kijkhoek naar sterren die op een oneindige afstand staan en de kijkhoek naar satellieten die op de geostationaire baan staan, 35786 km boven de evenaar. Bij een draaibare schotel zorgt een correcte declinatie ervoor dat de schotel de Clarke belt exact volgt. Zonder declinatie zou de oos-west-beweging van de schotel een meer horizontale lijn vormen. Daardoor kan de schotel boven of onder de Clark belt uitgericht zijn en satellietsignalen kunnen niet ontvangen worden.

Dipool-antenne
Een dipool is een antennevorm die het elektrische component van het elektromagnetische (=ether) signaal opvangt en omzet in elektrische energie. (+ D4)

DiSEqC
Een door Eutelsat en Philips ontwikkeld protocol dat de besturing van randapparatuur mogelijk maakt, zonder dat daar extra kabels voor gelegd moeten worden. De commando`s, die uit digitale pulsen bestaan, gaan gewoon door de coaxkabel. DiSEqC maakt het bijvoorbeeld mogelijk om de ontvangst naar een andere satelliet om te schakelen, van de ene naar de andere schotel te schakelen of zelfs een draaibare opstelling te besturen.

Dolby Surround
Dolby surround was een van de eerste vormen van het bioscoopgeluid voor de huiskamer. Naast de linker -en rechtergeluidskanalen wordt ook een analoog surroundkanaal geproduceerd, die via twee aparte luidsprekers achter de luisteraar een ruimtelijk geluidseffect teweegbrengt.

DVB
DVB staat voor Digital Video Broadcasting. DVB is een internationaal erkende norm om tv, radio en ook data (zoals internet) digitaal uit te zenden. Er bestaan verschillende uitvoering van DVB. Bij satellietontvangst hebben we te maken met DVB-S, terwijl bij het (aardse) Digitenne project gebruikgemaakt wordt van DVB-T. Bij DVB-S wordt bij het videogedeelte gebruikgemaakt van de MPEG-2 compressienorm. Het audio wordt conform het Musicam-principe uitgezonden. Veruit de meeste satellietprogrammaÕs worden volgens deze norm uitgezonden.

D2MAC
Een inmiddels verouderde en door digitale technieken achterhaalde norm voor overdracht van tv-signalen. D2MAC staat voor `Digital Multiple Analog Channels`, waarbij het geluid digitaal wordt overgedragen en het beeld analoog, maar waarbij de kleurcomponenten gescheiden zijn van de helderheidscomponenten. Gaf tien jaar geleden een grote vooruitgang in beeldkwaliteit, maar vraagt ook veel (kostbare) bandbreedte.

Elevatie
Dit is de hoek waarbij de schotel t.o.v. de horizon naar boven kijkt om de satelliet te kunnen ontvangen. Voor b.v. Astra-ontvangst bedraagt deze hoek in Nederland ongeveer 29 graden.

EPG
Electronic Program Guide. Een electronische programmagids, die bij digitale satelliet-TV meegezonden wordt. Kan via de tv worden geraadpleegd. Maakt deel uit van de DVB-norm, maar Canal+ hanteert haar eigen EPG-norm waardoor alleen Seca ontvangers deze EPG ontvangen kunnen. Andere ontvangers kunnen dit niet maar tonen wel de EPG van b.v. Duitse programma`s.

FEC
Forward Error Correction. Deze term wordt gebruikt bij digitale satelliettransmissie. Het geeft de mate van automatische foutherstel bij ontvangst aan. Zo wordt bij een FEC van 3-4 bij een groep van 4 uitgezonden bitjes er drie voor het signaal gebruikt en de vierde voor foutherstel. Bij een FEC van 1-2 wordt er van elk uitgezonden 2 bitjes er een gebruikt voor het signaal en een voor foutherstel. Hierdoor kan men een zeer groot aantal ontvangstfouten automatisch herstellen.

Feedhorn
Ook wel `feed` genoemd. Bij een parabool worden alle invallende signalen in een brandpunt gebundeld. Omdat de golflengte van de microgolven (ong. 25 mm) niet oneindig klein is ten opzichte van de schotelafmetingen, ontstaat er geen brandpunt maar een brandwolk die bovendien niet homogeen gevuld is met energie. De feedhorn heeft tot taak de energie nog verder te bundelen, zodanig dat het optimaal in de LNB terechtkomt. Bij een bepaalde schotelconstructie behoort een bepaalde feedhorn: bij meting aan antennes meet men dus altijd de kwaliteit van de feedhorn mee.

FireWire
Firewire is een protocol voor de overdracht van data. Dit protocol is vastgelegd in de IEEE 1394 norm. Het gaat hier om een vorm van data-overdracht met een snelheid van 400 Mb-s. FireWire kan je aantreffen bij onder andere computers.

Footprint
Een gebied waarbinnen de veldsterkte van een satelliet gedefinieerd is. In de praktijk worden daarvoor landkaarten gebruikt waarop contourlijnen zijn aangebracht. Deze lijnen kunnen een aanbevolen schoteldiameter vermelden of de veldsterkte (in dBW-Eirp). Buiten de footprint is ontvangst niet gegarandeerd.

FTA
Free-to-Air. FTA-signalen worden niet gecodeerd en zouden met iedere digitale ontvanger ontvangen en bekeken moeten kunnen worden. Dit gaat helaas niet op voor de zogenoemde Seca-ontvangers (lees Canal+), waar ook nog altijd een geldige(!) smartcard voor een ontvangst vereist is, en ontvangers die de technische specificaties van de DVB-norm (onder andere de aanwezigheid van zogenaamde B-Frames) niet volledig ondersteunen.

F-connectoren
Dit is de connector die standaard gebruikt wordt voor de aansluiting van een coaxkabel, op zowel de LNB als op de ontvanger. Meestal wordt voor een F-connector gebruikgemaakt van een uitvoering die eenvoudig op de coaxkabel geschroefd kan worden. Dit type is simpel van opzet maar functioneert goed op de satelliet-middenfrequenties (950 -2150 MHz). (+ F4)

Gregorian schotel
De Gregorian schotel is een variant op offset-schotels, waarbij gebruikgemaakt wordt van een extra reflector om een nog hoger rendement ten opzicht van offset-schotels te behalen.

Inclined Orbit
Een satelliet wordt op zijn geostationaire plaats gehouden door elke 30 minuten raketjes te onsteken die afwijkingen constateren. Als de brandstof bijna op is, normaliter na zo`n 12 jaar, laat men grotere afwijkingen toe en gaat de satelliet in verticale richting een bepaalde baan beschrijven, de inclined orbit, waardoor men aanzienlijk op brandstof gaat besparen maar waardoor de satelliet niet meer met vaste schotelopstellingen opgepikt kan worden.

Irdeto
Irdeto was één van de eerste coderingen die gebruikt werd bij satelliettelevisie. Irdeto werd in het begin van digitale satelliettelevisie door het toenmalige MultiChoice gebruikt en voorlopig nog door Canal+ Nederland ondersteund, maar bevindt zich in een afbouwfase. Dit systeem wordt door overige zendgemachtigden maar spaarzaam gebruikt.

I-Q demodulatie
Na versterking van het oorspronkelijke digitale signaal vindt de demodulatie (=terugwinnen van oorspronkelijk signaal) plaats. Bij digitale satellietontvangst wordt tegelijk gebruikgemaakt van twee draaggolven die onderling in fase verschillen. De ene draaggolf bevat de I-informatie en de andere de Q-informatie.

Ku-band
De Ku-band is een frequentieband waarop onder andere satellieten uitzenden. Het gaat om het frequentiegebied tussen 10,7 en 12,75 GHz. In Nederland is de Ku-band de belangrijkste band voor de ontvangst van satellietsignalen.

LNB
Low Noise Block converter. Een converter is een schakeling die de frequentie van een signaal omzet naar een andere frequentie. Bij satellietontvangst wordt de Ku-band omgezet naar een veel lagere frequentie met een LNB. Een LNB maakt het mogelijk om na de omzetting gebruik te maken van een coaxkabel voor het transport van het satellietsignaal vanaf de LNB naar de ontvanger.

LNBF
Dit is een LNB waarbij de feedhorn volledig geïntegreerd is. Deze feedhorn bundelt de door de schotel opgevangen energie zodanig, dat die optimaal door de LNB verwerkt kan worden. (+ L2

MCPC
Multiple Channels per Carrier. Hierbij worden de signalen van meerdere zenders via een multiplex op één draaggolf gezet. Het voordeel hiervan is dat meerdere zenders per transponder kunnen uitzenden en dat werkt dus ruimtebesparend. MCPC is bij digitale televisie de meest gebruikte transportwijze.

MediaHighWay
Media Highway is een zogenaamde API (Application Program Interface). Als Media Highway ondersteund wordt door een digitale ontvanger, is deze in staat om interactieve zaken zoals betaaltelevisie af te handelen. Een voorbeeld hiervan is het ontvangen van spelletjes via de satelliet. Media High Way werkt samen met de Mediaguard codering.

MHP
Multimedia Home Platform. Betreft software-integratie van multimedia en normering van de Application Interfaces (API`s). Met behulp van MHP kunnen bijvoorbeeld digitale satellietontvangers allerlei andere media, zoals internet, ondersteunen. De normering van dit soort zaken is in handen van de Multimedia Home Experts Group (MHEG).

MP@ML
Main Profile at Main Level. Dit is het niveau van digitale uitzendingen die momenteel door bijna alle zenders gehanteerd wordt. Maakt onderdeel uit van de MPEG-2 en de DVB-normen.

Multifeed
Door in een schotel niet één maar meer LNBF`s aan te brengen is het mogelijk verschillende satellieten op te vangen. We noemen dit ook wel wel multifeeds. Door de LNBF`s net iets uit het brandpunt van de schotel te monteren is de reflectie van de satellietsignalen dusdanig dat de satellietsignalen toch door een gemonteerde LNBF ontvangen kunnen worden. Een veelgebruikte combinatie is de ontvangst van de Astra-1 (19,2º oost) en de Hot Bird (13º oost) satellieten. Omdat je bij dit soort constructies niet optimaal gebruikmaakt van de schoteleigenschappen is het verstandig om een wat grotere schotel te nemen. Voor een goed resultaat moet je voor bijvoorbeeld van de Astra«s en de Hotbirds een 80 cm schotel gebruiken, terwijl normaal alleen voor de Astra«s of de Hotbirds een 60 cm schotel zou volstaan. (+ M5)

Offset-schotel
Als je kijkt naar de verschillende schotelvormen, dan valt op dat een offset-schotel het meest gebruikt is. Bij de prime focus-schotel, de oervorm van de schotel, zit de LNB in het brandpunt van de schotel gemonteerd. Juist hierdoor zal een schaduweffect optreden, omdat de LNB toch een deel van de satellietsignalen verhindert via de schotel gereflecteerd te worden naar de LNB. Door de schotelvorm iets te wijzigen is het mogelijk om dit schaduweffect behoorlijk te verminderen. Bij offset-schotels zit de LNB niet meer direct in het zichtgebied van de satellietsignalen, maar is de LNB een beetje onder de schotel gemonteerd. Het was overigens wel noodzakelijk hiervoor de vorm van de schotel wat aan te passen. Offset-schotels zijn wat meer ovaler van vorm en, in tegenstelling tot prime focus-schotels, lijken zij niet direct op de satelliet uitgericht te staan. Het tegendeel is echter waar. Een offset-schotel heeft een hoger rendement dan een prime focus-schotel. (+O1)

Offsetpolarisatie
Voor een goede ontvangst - vooral van digitale signalen - is het gewenst om ook de LNB in een dusdanige stand te zetten dat de ontvangst van ongewenste signalen minimaal is. In grote delen van Europa betekent dit dat de onderkant van de LNB vrijwel loodrecht op de aarde staat, maar dat is niet overal zo. Vooral in het zuiden van Frankrijk, Spanje en Portugal moet de onderkant van de LNBF in westelijke richting verdraaid worden, tot soms wel 22 graden. Als je last hebt van blokvorming in het beeld, verdraai dan de LNBF zodanig dat er een blokvrije digitale ontvangst bereikt wordt.

Openingshoek
Een schotel heeft maximale ontvangst wanneer de optische as van de paraboloïde precies naar de gewenste satelliet wijst. Wanneer je een schotel tov. deze satelliet verdraait, neemt de veldsterkte af. De totale verdraaïngshoek, waarbij de veldsterkte ± 3 dB variëert heet de openingshoek. Deze hoek wordt kleiner naarmate de schotel groter wordt. Een schotel met een grote openingshoek kan ook stoorsignalen afkomstig van andere satellieten die zich in de buurt van de gewenste satelliet bevinden oppikken. Dit is een bekend nadeel van kleine schotels. In de praktijk leidt dit zelden tot problemen.

PID
Een polariser is een mechanisch motortje dat ervoor zorgt dat de polarisatie van het ontvangstelement van de LNB exact overeenkomt met die van het ontvangen signaal. Bij een LNBF zie je dat er sprake is van een horizontaal ontvangstelement en een verticaal element. Zolang de horizontale polarisatie exact overeenkomt met die van het ontvangen signaal is er niets aan de hand. Je hebt dan een optimale ontvangst. Naarmate de polarisatie afwijkt, wordt de ontvangst verzwakt. Met een polariser kan dit toch geoptimaliseerd worden. We hebben het hier tot nu toe over de mechanische polariser gehad. Er bestaan echter ook magnetische polarisers, waarbij met behulp van magnetisme hetzelfde effect bereikt kan worden als met een mechanische polariser. Belangrijk te melden is dat voor het gebruik van een polariser de ontvanger wel geschikt moet zijn om een polariser te besturen. Zeker bij digitale ontvangers ontbreekt deze mogelijkheid nogal eens. (+ P1)

PID
Package Identifier. Dit is een byte binnen een DVB-packet dat aangeeft voor welk programma dat packet bestemd is en of het video, audio of data betreft. De meeste ontvangers lezen de PID-codes volautomatisch in, maar bij sommige ontvangers en bij speciale signalen moet dit met de hand gebeuren.

Polarmount
De polarmount kan je het beste zien als het draaischarnier waarmee een schotel van positie te veranderen is. Dankzij de polarmount kan een schotel in een draaibare opstelling precies de denkbeeldige baan, waarop alle satellieten aan de zuidelijke hemel geparkeerd staan volgen, waardoor een multisatellietontvangst mogelijk wordt. Een dergelijke schotelopstelling vergt wel een uitgebreide afregeling, want je krijgt hierbij te maken met drie onafhankelijke variabelen: azimuth, elevatie en declinatie. (+ P2)

Prime Focus schotel
Een schoteltype waarbij de LNB in het brandpunt van de schotel is opgenomen. Dit is de `oervorm` van de schotel, de parabool. Een prime focus-schotel is vrij ongevoelig voor regen, omdat de LNB-kap naar beneden hangt. (+P4)

PVR
Personal Video Recording. Een moderne trend die bestaat uit het aanbrengen van een harddisk in een digitale satellietontvanger, televisie of andere videobron. Deze harddisk neemt de binnenkomende signalen digitaal op en kan die zonder kwaliteitsverlies weergeven. Tevens kan deze `recorder` tegelijk opnemen en weergeven. De opnamecapaciteit is sterk afhankelijk van zowel de opslagcapaciteit van de harddisk als van de kwaliteit van het op te nemen videomateriaal. (+P5)

QPSK
Quadrature Phase Shift Keying is de modulatienorm voor digitale satellietcommunicatie. Het is een modulatiemethode waarbij in twee draaggolven (die onderling 90 graden in fase verdraaid zijn) het volledige signaal wordt ondergebracht.

RF tuner
Het van de schotel afkomstige signaal wordt in de satellietontvanger eerst versterkt en in een andere frequentie omgezet waarna demodulatie (het terugwinnen van het oorspronkelijke signaal) plaatsvindt. Bij alle satellietontvangers, digitaal of analoog, is zowel de omzetting in frequentie als de demodulator in een afgeschermde behuizing, de RF tuner, ondergebracht. Ook kan je de demodulator buiten de RF tuner aantreffen (zoals bij digitale ontvangers). (+ R5)

RF-Doorlus-connector
Dit is een aansluiting bij satellietontvangers, waarbij het van de schotel afkomstige signaal via de ontvanger opnieuw ter beschikking wordt gesteld, waardoor het mogelijk wordt om er een andere ontvanger op aan te sluiten.

RGB
Een methode voor aansturing van een televisie of monitor vanuit een videobron (zoals een satellietontvanger of videorecorder). Bij de RGB-modus worden de drie primaire kleuren (Rood Groen en Blauw) via aparte kabels naar de tv-ontvanger overgebracht. Deze wijze van transport garandeert de beste beeldkwaliteit omdat er geen verdere omzetting in de ontvanger plaatsvindt.

RISC
Reduced Instruction Set Computer. Een snelle microprocessor (CPU) die allerlei bewerkingen (instructies) zeer snel kan verwerken. Deze vorm van CPU`s is heel populair bij veel `embedded` systemen zoals MPEG-decoders.

RJ-11
De RJ-11 connector wordt veel gebruikt bij telefoons. Tegenwoordig wordt deze plug ook steeds meer toegepast bij onder andere (in digitale ontvangers ingebouwde) modems.

RJ-45
De RJ-45 connector wordt veel gebruikt bij op ethernet gebaseerde computernetwerken voor aansluiten van UTP-kabel en bij ISDN-telefonie.

Ruisgetal F
Het ruisgetal geeft (in dB`s) aan in hoeverre de kwaliteit van het uitgangssignaal van de LNB verslechterd is ten opzichte van het inkomende signaal. Hoe lager dit getal, des te beter de LNB is. Tegenwoordig zijn praktische ruisgetallen van 0,7 dB goed haalbaar. Het ruisgetal F wordt niet door iedere LNB fabrikant eerlijk opgegeven.

Satfinder
Een handig hulpje voor het uitrichten van een schotel. Een Satfinder wordt op de LNBF aangesloten en geeft een optische (en soms ook akoestische) indicatie die sterker wordt naarmate het ontvangen signaal ook sterker wordt. Kan echter geen onderscheid tussen satellietsignalen maken. Na afloop moet je dus altijd controleren of je wel op de juiste satelliet uitgericht hebt. Een nabijgelegen GSM-zender kan hierbij behoorlijk wat verwarring geven.

Scart-connectoren
De Scart-connector is een vrij grote plug met 21 aansluitingen die een universele bekabeling van audiovisuele apparatuur mogelijk maakt. Deze connector werd in het begin van de jaren zeventig ontwikkeld voor professioneel gebruik en heeft sindsdien ook bij consumentenapparatuur ingang gevonden.

SCPC
Single Channel per Carrier. De meeste digitale programma`s worden in clusters van 5 (of meer) op één transponder en op één draaggolf uitgezonden (MCPC). Het is ook mogelijk om één programma op een draaggolf uit te zenden. SCPC wordt veel toegepast bij newsfeeds, de verbinding van een nieuwsploeg `in het veld` en de studio.

Seca-Mediaguard
Een norm voor het coderen van digitaal uitgezonden beeld en geluid. Ontwikkeld door Seca, onder auspiciën van het Franse Canal+, onder de naam Mediaguard. Is in grote delen van Europa een standaard, maar wijkt op punten af van de DVB-norm. Wordt ook in Nederland door Canal Digitaal gebruikt, die de signalen tevens in Irdeto uitzendt in zogenaamd SimulCrypt.

SimulCrypt
Het tegelijkertijd uitzenden van een signaal met meerdere coderingen. We zien dit bij de tegenwoordige digitale Canal+ zenders, maar ook in het verleden is er sprake geweest van het uitzenden in SimulCrypt met VideoCrypt-VideoCrypt II.

Smart Card
Een plastic kaart, voorzien van een chip. Deze chip controleert of het aangeboden tv- of radiosignaal wel bekeken of beluisterd mag worden. Als dat het geval is, wordt het gecodeerde signaal vrijgegeven. En als het niet wordt vrijgegeven ontvangt u niets. Het merendeel van de coderingen maakt gebruik van deze kaarten.

SMD
SMD betekent Surface Mount Device. Het gaat om moderne electronische componenten die op één kant van de print zowel gemonteerd als gesoldeerd worden. De componenten hebben dus geen pinnen meer die door de print heen steken en aan de andere kant gesoldeerd moeten worden. Het grote voordeel is een flinke besparing op de montageruimte.(+S4)

SMTP
Simple Mail Transfer Protocol. Wordt bij internet voornamelijk gebruikt bij uitgaande mail van klanten. Deze mail wordt bij de serviceprovider via een aparte mailserver afgehandeld.

Switch Mode Power Supply
(schakelende voeding) Elektronische schakelingen moeten van elektrische energie voorzien worden. Dit gebeurt via een voeding. Bij de inmiddels nagenoeg in onbruik geraakte lineaire voeding traden verliezen op, die ook met een behoorlijke warmteontwikkeling gepaard gingen. Bij een Switch Mode Power Supply wordt op een slimme manier door middel van elektronische schakelaars alleen maar de benodigde energie doorgegeven en is het rendement aanzienlijk gestegen. De schakeling is wel veel gecompliceerder.

Symbol rate
De symbol rate (SR) geeft aan hoeveel digitale informatie verzonden wordt. Naarmate de symbolrate hoger ligt, is de beeldkwaliteit beter, tenzij de symbolrate gedeeld moet worden over meerder zenders. De hoeveelheid digitale informatie per zender kan dus verschillen.

S-Video
Maakt deel uit van de z.g. component videosignalen. Bij S-video, voor het eerst toegepast in S-VHS recorders, maar nu ook bij sommige digitale satellietontvangers, worden de kleuren- en helderheidscomponenten van het beeldsignaal gescheiden getransporteerd en verwerkt. Het voordeel hiervan is dat het scherpere beelden en een betere signaal-ruisverhouding oplevert.

THX
THX is het bioscoopgeluid dat ontwikkeld is door Lucas Film. Op zich lijkt dit niet zo spectaculair, maar als we even wijzen op de fantastische geluidseffecten bij de eerste Star Trek film, dan worden de oren gespitst. THX staat voor het optimale bioscoopgeluid en tegenwoordig kunnen we bij zgn. high end audio en videoapparatuur THX ook steeds meer ontdekken

UHF modulator
Een UHF modulator is een soort mini-televisiezender, die in alle satellietontvangers en videorecorders ingebouwd is. Doordat via deze zender veel kwaliteitsverlies optreedt, is dit de laatst wenselijke optie om een videosignaal op een televisie te kunnen weergeven.

USB
Universal Serial Bus. Een handige methode om randapparatuur op een PC aan te sluiten. USB kent een maximale snelheid van 12 Mb-s, maar er is een nieuwe en snellere versie in ontwikkeling.

VBI
Vertical Blanking Interval. Het televisiebeeld is opgebouwd uit horizontale beeldlijnen. Iedere beeldlijn schuift iets onder de vorige, totdat het scherm vol is. Dan wordt er weer bovenin begonnen. Dit kost enige tijd; het verticale interval (VBI) genaamd. In deze tijd kunnen heel veel dingen meegezonden worden die handig zijn, zoals testsignalen voor techneuten maar ook teletekst.

Veldsterkte
Dit is de signaalsterkte van een zender die doorgaans bij de antenne gemeten wordt. Bij een LNB zit die antenne vlakbij de feedhorn. De veldsterkte wordt doorgaans in dBm uitgedrukt.

Viaccess
Een wijze van coderen van digitale signalen. Wordt in Frankrijk gebruikt, maar ook in veel andere landen. Voor het bekijken van in Viaccess gecodeerde programma`s heb je een smartcard (lees: abonnement) nodig.

Vlakantenne
Een vlakantenne is een antenne waarbij geen sprake meer is van een schotel. Op hetzelfde platte vlak zijn heel veel (ontvangst)elementen via moeilijke koppelingen met elkaar verbonden. Vanwege de gebruikte koppelingen, de positionering van de elementen en het optimaliseren van de beschikbare ruimte, is in de praktijk vaak gekozen voor een vierkante of rechthoekige antenne.