Kopie van `Amnestie International - Encyclopedie van de mensenrechten`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


Amnestie International - Encyclopedie van de mensenrechten
Categorie: Mens en samenleving > Mensenrechten
Datum & Land: 15/02/2007, NL
Woorden: 852


burgerplicht
plichten

burgerrechten
(Eng: civil rights of civil liberties) In de VS wordt de term gebruikt voor de rechten die zijn vervat in de Amerikaanse grondwet: vrijheid van godsdienst en meningsuiting, vrijwaring van marteling en inmenging in de persoonlijke levenssfeer, recht op een eerlijk proces en bescherming van minderheden. De Amerikaanse `burgerrechtenbeweging` is vooral een beweging tegen rassendiscriminatie. Het VN-verdrag (BuPo) noemt als burgerrechten: deelname in maatschappelijke aangelegenheden, in verkiezingen en in openbare diensten. In dat verdrag vormen burgerrechten en politieke rechten samen de `klassieke` mensenrechten. Activisten van de Amerikaanse beweging voor burgerrechten waren o.m. Martin Luther King, Aryeh Neier en Bart Stapert. De presidenten John F. Kennedy en Jimmy Carter maakten burgerrechten tot belangrijk onderdeel van hun beleid. Elders hebben activisten als Hanan Ashrawi (Palestina), Mirjana Galo (Kroatië), Clement Nwankwo (Nigeria) en Andrej Sacharov (Sovjet-Unie) voor burgerrechten geijverd.

burgerschap
De juridische band van een individu tot een staat, waaraan bepaalde rechten en bescherming kunnen worden ontleend zoals kiesrecht. In het oude Griekenland en het Romeinse rijk gold slechts een deel van de bevolking (volwassen vrije mannen) als burgers. Pas in de 20e eeuw werden, met de invoering van het kiesrecht voor vrouwen, nagenoeg alle volwassen inwoners van de democratische staten burgers. Men kan een beperkt burgerschap hebben zonder de nationaliteit van die staat te bezitten, zoals in Nederland waar buitenlanders na vijf jaar legaal verblijf het kiesrecht in gemeentelijke verkiezingen wordt toegekend.

campagne
actie

carnegie wateler vredesprijs
(Voorheen: Wateler Vredesprijs) Nederlandse prijs die elke twee jaar wordt uitgereikt aan een persoon of instelling met bijzondere inzet voor de vrede. Begunstigden waren o.m. de Wereldraad van Kerken (1949), de Internationale Commissie van Juristen (1985), Max van der Stoel (1995), het Permante Hof van Arbitrage (1998) en Theo van Boven (2004). Zie ook prijzen voor mensenrechten

carter, jimmy (1924)
Als president van de VS (1977-1981) zette hij zich sterk in voor de bevordering van de mensenrechten in het buitenlands beleid. Dit had zijn weerslag op de communistische regimes, met name de Sovjet-Unie, maar ook op militaire dictaturen als die in Chili en Argentinië en op autoritaire staatsvormen als die van de sjah in Iran. Hij verhinderde niet dat in 1979 een socialistische beweging de macht overnam in Nicaragua, ook al drongen veel Amerikaanse politici daarop aan. Hij verloor de verkiezingen verpletterend van Ronald Reagan, hetgeen mede aan zijn te weinig realistische benadering van de problemen van de mensenrechten geweten werd. Later zette hij zich in voor het Carter Center in Atlanta, VS, een instituut dat zich inzet voor vrede en verzoening, en was o.m. actief als bemiddelaar bij de gewapende conflicten in de Hoorn van Afrika. Hij bemiddelde ook in kwesties rondom Noord-Korea, Haïti, Cuba en Venezuela, en drong aan op sluiting van Guantánamo Bay. In 2002 kreeg hij de Nobelprijs voor de Vrede, met speciale vermelding van zijn werk voor mensenrechten.

cassese, antonio
Italiaanse jurist. Hij werd hoogleraar internationaal recht in 1972 en heeft gewerkt in Italië, Engeland en Frankrijk. In 1993-97 was hij voorzitter van een der internationale tribunalen, dat voor vml. Joegoslavië. De ontwikkeling van de rechtspositie van dat tribunaal is voor een groot deel aan hem te danken.

cassin, rené samuel (1887-1976)
Franse jurist. Gedurende de Tweede Wereldoorlog was hij een van de opstellers van internationale normen inzake genocide. Als voorzitter van de VN-commissie voor mensenrechten was hij een van de initiatiefnemers van de Universele verklaring. Later werd hij voorzitter van het Europese Hof voor de Mensenrechten. Hij kreeg de Nobelprijs voor de Vrede in 1968.

censuur
Afgeleid van het Latijnse census, dat was in Rome het toezicht op de heffing van belastingen (vandaar het Nederlandse woord cijns) en op de goede zeden. Nu: het toezicht van een wereldlijke of kerkelijke overheid op uitingen in woord en geschrift die haar onwelgevallig zouden zijn. Meestal wordt bedoeld preventieve censuur, dat is het verbieden van uitlatingen en afbeeldingen voordat zij, bijv. in druk, publiek worden gemaakt. In 1559 stelde paus Paulus IV de Index in, een lijst van verboden boeken (o.m. waren zestig verschillende uitgaven van de bijbel verboden) die geregeld werd bijgewerkt. De Index werd pas in 1966 opgeheven. In Nederland en België bepaalt de grondwet dat niemand voorafgaand verlof nodig heeft om d.m.v. de drukpers ideeën te openbaren. Censuur achteraf, bijv. het verbieden van een artikel waarin beledigingen of militaire geheimen zijn vervat, is wel mogelijk. Tot de belangrijkste auteurs op het gebied van censuur behoren de Amerikaanse wetenschapper Noam Chomsky en de Britse auteur Harold Pinter. Organisaties zoals AIDA, Article 19, Index on Censorship en de schrijversorganisatie PEN werken tegen censuur wereldwijd. Veel vervolgde en gecensureerde schrijvers en journalisten werden gewetensgevangenen, zoals Flora Brovina (Kosovo), Jack Mapanje (Malawi), Adam Michnik (Polen), Taslima Nasrin (Bangladesh), Irina Ratoesjinskaja, Aleksandr Nikitin en Grigori Pasko (Rusland), Nawal El-Saadawi (Egypte), Sihem Ben Sedrine (Tunesië), Wole Soyinka (Nigeria), Pramoedja Ananta Toer (Indonesië), Nguyen Chi Thien (Vietnam) en Wei Jingsheng (China).

chemische wapens
wapens, biologische en chemische

china en de olympische spelen
Olympische Spelen en mensenrechten

chinees recht
Traditioneel kende de Chinese samenleving een gemengd rechtsstelsel. Enerzijds heerste een confucianistisch systeem van maatschappelijke verhoudingen waarbij traditie en gewoonte belangrijker waren dan recht. Anderzijds was er een rechtsstelsel gebaseerd op een traditie waarin strenge straffen werden voorgeschreven voor misdrijven. In de Volksrepubliek, vanaf 1949, werd het Wetboek van Strafrecht afgeschaft en was rechtspraak gebaseerd op het beleid van de partij. In 1980 werd het strafrecht in ere hersteld. Nog altijd echter worden veel mensen, zonder tussenkomst van een rechter, in administratieve detentie gehouden. In strafrechtprocedures wordt de advocaat niet zozeer geacht de beklaagde te verdedigen, als wel het proces gemakkelijker te maken door de beklaagde tot bekentenis te brengen. Een opmerkelijk aspect is de veelvuldige toepassing van de doodstraf, vooral in perioden waarin de partij oproept tot actie tegen criminaliteit (de `lik-op-stuk-campagnes`). Tot de bekendste dissidenten van China, onder wie voormalige gewetensgevangenen die de misstanden van het regime aan de kaak hebben gesteld, behoren Ding Zilin, Fang Lizhi, Wang Dan, Wei Jingsheng en Harry Wu.

chirwa, vera (1933)
Activiste uit Malawi. Ze zat net als haar echtgenoot, de voormalige president Orton Chirwa, jarenlang gevangen. De over haar uitgesproken doodstraf werd omgezet in levenslang. In 1993 kwam ze vrij en wijdde ze zich aan rechtshulp aan het proces van democratisering in Malawi. Ze kreeg in 1998 de Nederlandse Geuzenpenning.

chomsky, noam (1928)
Amerikaans taalkundige en politiek activist. Zijn taalkundig werk bracht hem vooral roem door de ontwikkeling van de transformationeel-generatieve grammatica. In zijn politieke activiteiten was hij prominent tegenstander van de Vietnamoorlog in de jaren zestig en zeventig. Hij schreef vele boeken en artikelen waarin hij analyseerde hoe de Amerikaanse politieke en economische macht zich over de wereld heeft verbreid en daar structurele schendingen van mensenrechten veroorzaakt of in de hand werkt. Ook deed hij onderzoek naar de gebrekkige rol van de media in het rapporteren van deze schendingen. Chomsky is in de VS een omstreden figuur, die vanuit rechtse maar ook gematigd linkse kringen is verweten dat zijn radicale visies onvoldoende door feiten worden onderbouwd. Zijn critici schreven Chomsky echter vaak beweringen toe die hij nooit had gedaan. Hij had bijv. twijfels over de aantallen doden onder het regime van de Rode Khmer in Cambodja (1975-1979) maar ontkende niet dat veel slachtoffers waren gemaakt. Hij kwam op voor mensen die de holocaust ontkenden, op grond van het beginsel van vrijheid van meningsuiting, maar steunde die ontkenning niet. Hij had veel kritiek op het buitenlands beleid van Israël maar pareerde de verdachtmaking dat hij antisemitisme zou aanmoedigen. Sommige van zijn stellingen leverden hem kritiek van linkerzijde op, zoals dat Israël een tweestatenoplossing moet accepteren en de Palestijnen hun streven naar terugkeer in Israël moesten opgeven. Zie ook journalisten

christendom
Een godsdienst gegrondvest door Jezus van Nazareth in Judea, 2000 jaar geleden. Na drie eeuwen van vervolging werd zij de officiële religie van het Romeinse rijk en verspreidde zich snel door de wereld. Nu is zij de grootste wereldgodsdienst met ca. 1 miljard aanhangers (vooral. rooms-katholieken). Bepaalde concepten van het christelijk geloof zijn van grote invloed geweest op de formulering van mensenrechten, zoals de waardigheid en waarde van het individu, respect voor de persoon, liefde voor de medemens en verzet tegen onrecht. De christelijke opvatting over mensenrechten is gebaseerd op bijbelteksten als die van de profeet Jesaja (58:1-11) waarin God oproept de verdrukten van hun juk te bevrijden, brood te delen met de hongerigen, de naakten te kleden en de daklozen in huis te nemen. Volgens het woord van Jezus is al wat men voor een ander mens doet, voor God gedaan. In de middeleeuwen toonde de katholieke kerk zowel zeer repressieve trekken (zoals in de inquisitie) als mededogen met het lijden van armen en onderdrukten (zoals in het werk van de H. Franciscus, 1181-1226). De christelijke kerk speelde in de 19e eeuw een belangrijke rol in de afschaffing van de slavernij, in de 20e eeuw o.m. in de vredesbeweging, humanitaire hulp in oorlogstijd, de hulp aan armen, ontwikkelingshulp en democratische processen in derdewereldlanden. In 1999 sprak paus Johannes Paulus II zich in een toespraak tot de Amerikaanse volk uitdrukkelijk uit `voor het leven`: geen abortus en euthanasie, maar ook geen doodstraf.

civielrechtelijke processen
compensatie

civil society
Letterlijk: maatschappij van burgers. Vaak wordt bedoeld het `maatschappelijk middenveld`: dat deel van het maatschappelijk leven waarin burgers vrij en zelfstandig kunnen handelen, zoals in kleine en grotere bedrijven, ngo`s, vakbeweging, politieke partijen e.d. Ook gebruikt in de zin van rechtsstaat: een samenleving waarin burgers door middel van kiesrecht en organisatie hun democratische rechten kunnen doen gelden.

clitoridectomie
vrouwenbesnijdenis

codificatie van mensenrechten
Het wettelijk vastleggen van grondrechten. In moderne grondwetten is meestal wetgeving aangaande vrijheid van meningsuiting, vrijwaring van marteling en slavernij, en het recht op privacy vastgelegd. Codificatie van internationale rechtsregels vond plaats vanaf het einde van de 19e eeuw, zoals in de Haagse verdragen over recht in oorlogstijd. De belangrijkste codificatie van mensenrechten vond plaats in de VN-verdragen van 1966. Andere VN-verdragen gaan over slavernij, genocide, de rechten van vrouwen, marteling en de rechten van het kind. De meeste sociaal-economische rechten, met uitzondering van het recht op onderwijs, zijn noch in grondwetten noch in internationaal recht in sterke termen gecodificeerd. Rechten als die op werk, huis en levensstandaard zijn meer intentieverklaringen dan regels van aansprakelijkheid. Zie ook geschiedenis van de mensenrechten

collateral damage
Letterlijk: zijdelingse of onbedoelde schade, zoals wanneer de burgerbevolking wordt getroffen door bombardementen die op militaire doelen zijn gericht. Vooral veroorzaakt door niet-onderscheidende wapens zoals clusterbommen en zware bommen, die volgens de Geneefse verdragen verboden zijn. Voor het toebrengen van dergelijke schade kunnen strijdende partijen worden vervolgd op grond van oorlogsmisdrijven.

collectieve onderhandeling
Het onderhandelen over kwesties als inkomen, arbeidsomstandigheden en voorzieningen door een organisatie (meestal een vakbond) die de werknemers vertegenwoordigt. Het recht op collectieve onderhandeling is vastgelegd in het Europees sociaal handvest en een verdrag van de ILO (no. 98). Staten verplichten zich te bevorderen dat de geschikte mechanismen hiervoor worden gerealiseerd en de rechten die uit die onderhandelingen voortkomen, inclusief het stakingsrecht, worden gerespecteerd.

collectieve rechten
Rechten van de mens die van toepassing zijn op volken. Tot de collectieve rechten worden gerekend: zelfbeschikking, bevrijding van onderdrukking en kolonialisme, vrede en veiligheid, beheer over hulpbronnen en natuurlijke rijkdommen, ontwikkeling, milieu, bescherming van minderheden. Collectieve rechten zijn te onderscheiden van groepsrechten, zoals het recht op vereniging en vergadering, die tot de burgerlijke en politieke rechten worden gerekend. Of de collectieve rechten tot de mensenrechten kunnen worden gerekend, is omstreden; ze kunnen de rechten van het individu bedreigen wanneer ze de belangen van een volk of groep daarboven stellen. Zo kan het `collectieve` recht op zelfbeschikking van een staat de mensenrechten in gevaar brengen wanneer dat recht wordt gebruikt om binnenlandse en buitenlandse kritiek de mond te snoeren.

comités van familieleden
In veel landen waar stelselmatig sprake is van politieke gevangenschap, verdwijningen of buitengerechtelijke executies hebben zich comités van familieleden gevormd. Het bekendste is dat van de Dwaze Moeders (met hulp van Adolfo Pérez Esquivel) en later de Grootmoeders van de Plaza de Mayo in Argentinië. Een groot aantal comités van familieleden van slachtoffers van verdwijning of buitengerechtelijke executie heeft zich aangesloten bij de Latijns-Amerikaanse organisatie FEDEFAM. Andere effectieve comités zijn o.m. ontstaan in Sri Lanka (Dr. Saravanamuttu), India, door Israël bezette gebieden, Joegoslavië, China (Ding Zilin) en verscheidene Afrikaanse landen. De comités oefenen vooral morele druk uit, maar zijn in veel landen ook een belangrijke politieke factor geworden door hun blijvend aandringen op opheldering van gevallen en vervolging van de schuldigen. In Nederland is bij het Humanistisch Overleg Mensenrechten (Utrecht) het project Linking Solidarity ondergebracht, dat comités van familieleden wereldwijd steunt, o.m. door het uitgeven van handboeken en het organiseren van bijeenkomsten met comités uit verschillende delen van de wereld.

communisme
In theorie, een politiek en economisch stelsel gebaseerd op de ideeën van Karl Marx (1818-83) en Friedrich Engels (1820-95) waarin het bezit van de productiemiddelen aan de gemeenschap toebehoort. Goederen en inkomens zouden daarin naar behoefte verdeeld moeten worden. Communistische partijen grepen de macht in o.m. Rusland (1917), Midden-Europa (na 1945) en China (1949). Er zijn vele varianten van communisme geweest in de staatspraktijk: leninisme, stalinisme, maoïsme, Cubaans communisme, eurocommunisme, enz. Behalve in de laatste variant, stonden zij geen parlementaire democratie toe. Leninisme en stalinisme streefden naar een `dictatuur van het proletariaat`. Sommige historici menen dat de binnenlandse terreur van communistische staten sinds 1917 een relatief veel groter aantal dodelijke slachtoffers hebben geëist dan die in kapitalistische staten, inclusief het nazi-bewind. Alleen al in de Sovjet-Unie zou in de perioden van Lenin en Stalin (1917-1953) het dodental meer dan veertig miljoen zijn geweest. Verscheidene communistische staten, waaronder de Sovjet-Unie, bekrachtigden de VN-verdragen van 1966. In de praktijk maakten zij echter zich schuldig aan grootschalige schending van zowel de burgerrechten (zoals vrijheid van meningsuiting, godsdienst en geloof, vergadering en de bewegingsvrijheid) als de sociaal-economische (zoals vrijwaring van dwangarbeid, recht op cultuuruitoefening, recht op beroepskeuze en arbeidsbescherming). Het communisme verloor belangrijk aan betekenis na de opkomst van Michail Gorbatsjov als partijleider in de Sovjet-Unie.

compensatie
Schadeloosstelling voor een onterechte veroordeling of voor onwettige straf of executie. Verscheidene verdragen kennen bepalingen betreffende compensatie. Ook kan voor civielrechtelijke zaken worden geprobeerd compensatie via een rechtszaak af te dwingen. Zo is in de VS door rechters de betaling van schadevergoeding opgelegd aan daders (van politieke moord en marteling) uit o.m. Paraguay, de Filippijnen, Guatemala en Bosnisch Servië. Het VN-verdrag (BuPo) spreekt van een `afdwingbaar recht op schadeloosstelling` voor slachtoffers van onwettige arrestatie of detentie. In het VN-verdrag over marteling is opgenomen dat het slachtoffer of de nabestaanden recht op compensatie hebben. Compensatie van honderdduizenden dollars per geval is ook afgedwongen door beschikkingen van de Inter-Amerikaanse Commissie (Amerikaans Verdrag) inzake gevallen van verdwijning en onwettige gevangenschap in Argentinië, Uruguay en Honduras. In o.m. Chili (1991) werd door de overheid compensatie toegekend aan de nabestaanden van vermoorde of verdwenen gevangenen. De VN noemt compensatie als een van de middelen van herstel, naast restitutie (teruggave van bezittingen), eerherstel, andere vormen van reparatie (bijvoorbeeld nieuwe wetten) en speciale voorzieningen (bijvoorbeeld gratis hoger onderwijs of vrijstelling van dienstplicht voor nabestaanden). Voor de VN schreef de Nederlander Theo van Boven een belangrijke studie over compensatie.



computers
informatietechnologie

conditionaliteit
Lett.: voorwaardelijkheid. Een term in de ontwikkelingshulp voor eisen waaraan een overheid moet voldoen om hulp te krijgen. Die voorwaarden zijn bijv. minder subsidies, hogere belastingheffing en zonodig devaluatie van de munt. In recente jaren is aan die eisen de voorwaarde van goed bestuur toegevoegd. Conditionaliteit is er ook in bilaterale hulp: het Nederlandse ministerie van Ontwikkelingssamenwerking baseert de selectie van landen die structureel ontwikkelingshulp krijgen o.m. op goed bestuur.

conflictgrondstoffen
Grondstoffen waarvan de handel en verkoop bijdraagt aan gewapende conflicten, vooral in Afrika. Het gaat om grondstoffen als coltan (gebruikt in o.m. mobiele telefoons), goud, andere zeldzame mineralen en vooral diamanten. Zowel regeringen als oppositiegroepen proberen zich meester te maken van de winningsgebieden om hun gewapende strijd te financieren. Stopzetting van de illegale exploitatie van grondstoffen is vanuit het oogpunt van conflictpreventie, duurzame ontwikkeling en het stimuleren van een goed ondernemersklimaat een prioriteit. Diamanten zijn gemakkelijk te smokkelen, omdat de herkomst moeilijk is vast te stellen en de opbrengst per gewicht groot is. In 2000 ging het Kimberley-proces van start dat moet leiden tot een onafhankelijk certificeringsysteem voor diamanten. Als alleen diamanten vergezeld van een herkomstcertificaat verhandeld mogen worden, dan zijn `schone` diamanten gemakkelijk te onderscheiden van conflictdiamanten. Vanaf 2003 waren 55 landen bij het Kimberley-proces betrokken. Eind 2004 werden voor het eerst diamanthandelaren uit Antwerpen veroordeeld voor handel in conflictdiamanten. In Nederland werd de zakenman Guus Kouwenhoven in 2006 in eerste aanleg veroordeeld omdat hij in Liberia voor de houtkap grote illegale bedragen had betaald die het politiek geweld ondersteunden. Zie ook bedrijven; maatschappelijk verantwoord ondernemen

conflictpreventie
Een groot en sterk groeiend aantal organisaties houdt zich bezig met het voorkómen van grootschalige gewelddadige conflicten. Een van de eerste internationale instellingen hiervoor was het Permanent Hof van Arbitrage. De preventie van conflicten is sterk afhankelijk van early warnings: de signalen dat een groot conflict zal uitbreken moeten tijden worden opgepakt en er moet naar behoren op worden gereageerd. Er is een breed scala van middelen dat kan worden ingezet: het sturen van waarnemers, onderhandelingen tussen overheid en oppositiegroepen, economische steun en hulpprojecten, het inrichten van veilige zones binnen een land, plaatselijke initiatieven om bevolkingsgroepen op vreedzame wijze met elkaar in contact te brengen, enz. Conflictpreventie is het werk van o.m. International Alert en de International Crisis Group. Er is ook een Europees Centrum voor Conflictpreventie, met hoofdkantoor in Utrecht. Stille diplomatie wordt vaak voor conflictpreventie ingezet, zoals gebeurde in het werk van Max van der Stoel. De theorie van conflictpreventie is o.m. ontwikkeld door Johan Galtung. In de praktijk blijkt het uitbreken van grootschalige conflicten vaak moeilijk te voorkomen. Soms worden ze niet of nauwelijks voorzien (Rwanda 1994), soms zijn de tekenen duidelijk maar volgt geen internationaal ingrijpen (Bosnië 1992, Tsjetsjenië sinds 1994). Daadwerkelijke conflictpreventie lijkt de meeste kans op succes te hebben bij tijdige reactie van grote landen die met militaire en economische sancties kunnen dreigen.

control arms campaign
In 2003 startte een samenwerkingsverband van organisaties een langlopende internationale campagne: Control Arms. De deelnemers van dat verband zijn onder meer Amnesty International, de ontwikkelingsorganisatie Novib-Oxfam, en de coalitie Iansa. Die laatste verenigt honderden organisaties die actie voeren tegen kleine wapens. Samen met die organisaties roept Amnesty op tot het aannemen van het internationaal Wapenhandelsverdrag. Dat verdrag is in oktober 2006 als ontwerp door de VN aanvaard. Het Wapenhandelsverdrag moet staten verplichten tot verantwoorde wapenhandel. Door het verdrag kan worden voorkomen dat wapens in verkeerde handen terechtkomen. Amnesty pleit voor het aanpakken van illegale wapenmakelaars, het verscherpen van nationale en internationale exportcontroles, meer openheid over wapenhandel, en het beter registreren en merken van wapens zodat hun herkomst te herleiden is. Amnesty is niet tegen verantwoord gebruik en gecontroleerde handel in wapens. Wapens kunnen nodig zijn om de veiligheid van burgers te garanderen. Amnesty is tegen de handel in wapens indien het risico bestaat, of het aantoonbaar is, dat de wapens leiden tot ernstige mensenrechtenschendingen of schendingen van humanitair recht. Amnesty wil tevens een goede aanpak van de wapens die er al zijn. Zo`n aanpak houdt in: voorlichting over misbruik van wapens, het inzamelen van overtollige wapens, demobilisatie van soldaten en strenge wetgeving omtrent het gebruiken, bezitten en verder verhandelen van wapens.

conventie
verdrag

conventies van genève
Geneefse verdragen

correspondentierecht
Het VN-verdrag (BuPo) verbiedt de onwettige inmenging in correspondentie. Hieronder vallen brieven, telefoonverkeer, gebruik van fax, telex, e-mail enz. Uitzonderingen zijn echter mogelijk waar dat door de wet mogelijk wordt gemaakt, bijv. om redenen van openbare veiligheid. Zie ook privacy

corruptie
Corruptie (letterlijk: bederf) is onwettige omkoping van functionarissen door geld, goederen of diensten, om aldus voordeel te verkrijgen. In veel landen is corruptie zeer algemeen en wordt als min of meer normaal beschouwd, omdat de overheidssalarissen zo laag zijn. Zo worden boetes bij de politie vaak afgekocht met een onderhandse regeling. Ernstiger is corruptie op hoge niveaus, die vaak gepaard gaat met schendingen van mensenrechten (om het aannemen van steekpenningen te verhullen, gebruikt een overheid bijvoorbeeld geweld tegen journalisten of vakbondsleiders). De organisatie Transparency International (www.transparency.org) publiceert een `Index van waargenomen corruptie`, gebaseerd op ervaringen van zakenlieden. Volgens de gegevens van 2003 tot 2006 kenden landen als Finland, Zweden, Canada en Nederland nauwelijks corruptie; de meeste corruptie werd waargenomen in Irak, Myanmar, Sudan, Bangladesh, Haïti, Nigeria en Kameroen. Corruptie wordt soms beschouwd als een noodzakelijk economisch middel, bijv. omdat de staat zo minder geld kwijt is aan ambtenarensalarissen. Maar corruptie leidt tot schendingen van mensenrechten. Corruptie bedreigt de levensstandaard omdat mensen een groot deel van hun inkomen kwijt zijn aan steekpenningen, smeergeld en oneigenlijke betalingen. Corruptie ondermijnt de rechten van werkers, waaronder de rechten op werk, eerlijk inkomen, bescherming van de werkplek en veiligheid. Corruptie ondermijnt de rechtsstaat, de rechtsgang en het legitiem beleid van de overheid.

cultureel erfgoed
In 2003 nam de Unesco een verdrag aan over het behoud van het cultureel erfgoed van de wereld. Daarbij gaat het om talen, uitvoerende kunsten, sociale en traditionele praktijken, rituelen en feesten, monumenten, ambachtelijke producten enz. Al in 1982 was het overleg over dat verdrag begonnen. Er is een lijst van ruim 750 gebouwen, steden e.d. die als `werelderfgoed` zijn aangeduid. Veel van die plaatsen liggen in China, Italië, Spanje en Frankrijk (waaronder historische paleizen, kathedralen, waterwerken en standscentra). In België zijn er acht plaatsen (waaronder het Grote Plein van Brussel en het historisch centrum van Brugge), in Nederland zeven plaatsen (waaronder Schokland, de droogmakerij de Beemsterpolder en het Rietveld-Schröderhuis in Utrecht). Buiten het materiële erfgoed heeft de Unesco negentien culturele `meesterwerken` aangewezen als eerste zorg. Daaronder zijn bijv. de taal, dans en muziek van een etnische groep uit Belize, een traditionele vorm van opera in China, een vorm van poppentheater uit Sicilië, oude koninklijke riten in Korea en een techniek van versierde houten kruizen in Litouwen. Nationale regeringen hebben vaak een eigen beleid op cultureel erfgoed; zo bestaat in Nederland een lange lijst van kunstvoorwerpen in musea, kerken, particuliere huizen en elders die niet mogen worden verkocht of uitgevoerd.

culturele rechten
Deze omvatten o.m. het recht op deelname aan het culturele leven en wetenschappelijke vooruitgang, en het auteursrecht. Ze zijn o.m. geformuleerd in het VN-verdrag (BuPo) als verplichtende rechten. Andere rechten, zoals het onderhouden van internationale contacten in wetenschap en cultuur, staan in het VN-verdrag (EcSoCu) als nastrevenswaardige rechten genoemd. Een van de belangrijkste culturele rechten is het recht op een eigen taal.

cultuurrelativisme
Het idee dat bepaalde gebruiken in andere culturen niet als schendingen van mensenrechten worden ervaren. Vrouwenbesnijdenis of het verbranden van weduwen, maar ook bijv. de doodstraf of lijfstraffen worden in een bepaalde cultuur als `normaal` beschouwd omdat ze heel verbreid zijn, door grote groepen van de bevolking worden gesteund, door de overheid gesteund of niet bestreden, enz. Aanhangers van cultuurrelativisme vinden dat men de eigen normen niet aan andere culturen mag opdringen. Door de toenemende normstelling van internationaal recht wordt een beroep op cultuurrelativisme steeds minder overtuigend en heeft het beginsel van universaliteit de overhand gekregen. Zie ook kleding; multiculturele samenleving; Unesco

cvse
OVSE

dag van de aarde (22 april)
milieu

dag van de ouderen (21 oktober)
ouderen

dag van de rechten van de mens
10 december, de datum waarop in 1948 door de VN de Universele verklaring werd aanvaard. Vooral sinds de jaren tachtig worden op deze datum over ter wereld manifestaties voor de mensenrechten georganiseerd. Voor 10 december 1988 werden wereldwijd door Amnesty International meer dan 13 miljoen handtekeningen verzameld ter ondersteuning van de 50ste verjaardag van de Universele verklaring. Op deze dag wordt, bij toeval, ook de Nobelprijs van de Vrede uitgereikt.

dag van de verenigde naties
24 oktober, de datum waarop in 1945 in San Francisco de VN werden opgericht. De VN grijpen de dag in veel landen aan om aan het werk van de organisatie bekendheid te geven.

dag van de vluchteling
20 juni, dag die door de VN in 2001 is uitgeroepen om wereldwijde aandacht voor vluchtelingen te vragen. Eerder was die datum de dag van de Afrikaanse vluchtelingen.

dag van de vrouw
8 maart. De dag werd voor het eerst uitgeroepen op de internationale vrouwenconferentie in Kopenhagen in 1910, waaraan honderd mannen en vrouwen uit 17 landen deelnamen. De aanleiding was de massale staking op 8 maart 1908 in Chicago en New York van vrouwen in de textiel- en kledingindustrie voor een achturige werkdag, betere arbeidsomstandigheden en kiesrecht. Het kiesrecht kwam daarna centraal te staan. De jaren daarop werden, tot de Eerste Wereldoorlog, in een groeiend aantal landen op 8 maart demonstraties en vergaderingen gehouden. Met de opleving van de feministische beweging in de jaren zestig kwam de belangstelling voor een internationale vrouwendag terug. In veel socialistische landen werd 8 maart een officiële feestdag. In 1978 werd de dag door de VN als feestdag erkend; vanaf dat jaar kreeg de dag ook betekenis in Nederland. Zie ook vrouwen

daklozen
Het recht op behoorlijke huisvesting geldt als een van de fundamentele mensenrechten. Dakloosheid komt op grote schaal voor in ontwikkelingslanden, maar neemt ook in de steden van Europa en de VS toe, o.m. als gevolg van bezuiniging op sociale voorzieningen en minder opname in psychiatrische instellingen. De VN riepen 1987 uit tot Internationaal jaar van de daklozen. De doelstelling was het stimuleren van de internationale belangstelling voor en betrokkenheid bij het probleem van de verstedelijking in ontwikkelingslanden. De Nederlandse Habitat Commissie werd opgericht in 1984 met als taak het coördineren van activiteiten van de ngo`s voor het recht op een woning. In Nederland worden daklozen onder meer opgevangen door het Leger des Heils. Het aantal daklozen in Nederland is sinds de jaren negentig sterk gegroeid en wordt geschat op enkele tienduizenden. Die tendens liet zich ook zien in andere landen; in New York waren er in 2001 rond 30.000 daklozen. De oorzaak van de stijging is gelegen in onder meer de woningnood, maar vooral in de afbraak van voorzieningen (minder plaatsen in psychiatrische inrichtingen), het toegenomen aantal scheidingen en verminderde bereidheid om familieleden in huis op te nemen. Dakloosheid in een ernstig probleem in India, vooral bij dalits (kastenlozen), zoals in campagnes van o.m. Martin Macwan aan de kaak werd gesteld.

dalai lama (1935)
Tenzin Gyatso is de persoonlijke naam van de veertiende Dalai Lama, de geestelijk leider van Tibet. Toen China in 1959 een einde maakte aan de formele autonomie van Tibet, vluchtte hij naar India waar hij sindsdien hoofd is van de Tibetaanse regering in ballingschap. In 1989 kreeg hij de Nobelprijs voor de Vrede. Hij reist over de hele wereld om te pleiten voor een vreedzame coëxistentie tussen China en Tibet. Zijn sterk door het boeddhisme geïnspireerde werken, waarin hij oproept tot vrede, verzoening, verdraagzaamheid en respect voor mensenrechten, hebben internationaal een enorm lezerspubliek.

darfur (sudan)
In Darfur (Sudan) woedt sinds 2003 een gruwelijke burgeroorlog. Arabische milities die door regeringstroepen worden gesteund en diverse rebellengroeperingen strijden om de macht. Naar schatting 300.000 mensen vonden de dood. Meer dan twee miljoen vluchtelingen zijn hun leven niet zeker en deels onbereikbaar voor hulpverleners. Het lukt de vredesmacht van de Afrikaanse Unie niet om de burgers te beschermen. Er is brede overeenstemming dat een VN-vredesmacht de taken van de Afrikaanse Unie moet overnemen. Op 31 augustus 2006 nam de Veiligheidsraad hiertoe resolutie 1706 aan. De overdracht is echter afhankelijk gesteld van de instemming van Sudan, terwijl die dat weigert. Sinds de resolutie werd aangenomen stuurde de Sudanese regering grote aantallen extra troepen naar Darfur, blijkbaar met de intentie haar eigen, gewelddadige oplossingen af te dwingen. Amnesty International heeft zich met andere organisaties, waaronder Pax Christi en Stichting Vluchteling, ervoor ingezet Sudan zover te krijgen de VN-vredesmacht onvoorwaardelijk te accepteren. Daarnaast beoogden de initiatiefnemers druk uit te oefenen op de belangrijkste `vrienden` van Sudan, Rusland en China. Amnesty vroeg de Nederlandse regering haar invloed aan te wenden om te zorgen dat Sudan geen nieuwe schendingen begaat en VN-veiligheidstroepen toelaat.

de facto vluchteling
Een asielzoeker die niet als vluchteling in de zin van het Vluchtelingenverdrag is erkend, maar die niet geacht wordt naar zijn land te kunnen terugkeren. Daaronder zijn bijv. dienstweigeraars, deserteurs en politieke delinquenten, die niet worden uitgeleverd. In Nederland zijn er honderden asielzoekers die als `beleidsmatig niet verwijderbaar` zijn aangemerkt en die noch worden erkend noch uitgezet. Zie ook gedoogbeleid

defence for children international
Internationale organisatie, met nationale afdelingen, opgericht in 1979 om overal ter wereld op te komen voor de rechten van het kind. Aandachtsterreinen zijn o.m. kinderen in oorlogstijd, kinderarbeid, alleenstaande minderjarige asielzoekers, seksuele uitbuiting van kinderen en kinderpornografie. In Nederland heeft DCI gepleit voor betere aanpak van (internationale) kinderontvoeringen, afschaffing van isoleercellen in kinderbeschermingsinstellingen en tegen verblijf van minderjarigen in politiecellen. DCI financiert ook kinderrechtshulpprojecten in de derde wereld.

dekolonisering
Verwezenlijking van het recht op zelfbeschikking voor landen die onder kolonialisme onderworpen zijn. In het VN-handvest van 1945 werd de term kolonie vervangen door `trustschap`. De dekolonisering werd ingezet met de onafhankelijkheid van India (1947) en Indonesië (1949). Het proces kreeg een sterke impuls met de conferentie van Bandung in 1955, waar door 29 Afrikaanse en Aziatische landen het recht op onafhankelijkheid werd bevestigd. Er is een VN-commissie die zich bezighoudt met de verlening van onafhankelijkheid aan koloniale landen en volken. Een belangrijk theoreticus van de dekolonisering was Frantz Fanon.

del ponte, carla (1947)
Zwitserse openbare aanklager die naam verwierf als bestrijder van de maffia. In 2000 werd ze de openbare aanklager bij de internationale tribunalen voor misdrijven begaan in voormalig Joegoslavië en Rwanda, een functie die eerder was vervuld door Richard Goldstone en Louise Arbour. Ze bracht in 2001 de ex-president van Joegoslavië, Slobodan Milosevic, voor het tribunaal in Den Haag. In 2003 werd ze tegen haar zin vervangen als aanklager van het Rwanda-tribunaal (door Hassan Bubacar Jallow uit Gambia), omdat de functie voor beide tribunalen tegelijk te veel zou vergen. In 2007 eindigt haar functie bij het Joegoslavië-tribunaal.

democide
Een aan het Grieks ontleende term: `moord op een volk`. Gebruikt voor massale moorden die niet, zoals genocide, zijn gericht op een etnische groep maar op bijv. politieke groepen. De Amerikaanse wetenschapper Rudolph Rummel heeft het woord ingevoerd. Voor een overzicht van aantallen slachtoffers, buitengerechtelijke executies.

democratie
(Van Grieks: regering door het volk). Een bestuursvorm gebaseerd op zelfbestuur door individuele burgers. Grieken en Romeinen kenden een vorm van democratie, maar de moderne vorm kwam tot ontwikkeling in de overgang van middeleeuwen naar renaissance. In de Atheense democratie (600-400 v.C.) was het kiezen van een volksvertegenwoordiging voorbehouden aan volwassen mannelijke burgers (geen slaven of lijfeigenen). In de Romeinse tijd was formeel sprake van democratie, maar werd het bestuur feitelijk autoritair (door keizers en adellijke geslachten) uitgeoefend. Vanaf de middeleeuwen kende alleen Zwitserland een directe democratie, uitgeoefend door mannelijke kiezers en bestuurders. Elders werd die ondergraven door de absolute macht van vorsten. John Locke (1632-1704) bestreed die macht in een geschrift uit 1690 en stelde dat de overheid haar rechten uitsluitend ontleende aan een overeenkomst van burgers. Zijn ideeën over grondrechten brachten Montesquieu (1689-1755) tot de theorie van de scheiding der machten (bestuur). Moderne democratieën vertonen nogal wat variatie. Zo is in de VS de macht van het staatshoofd (president) veel groter dan in de meeste Europese staten. In China en Noord-Korea bestaan `volksdemocratieën` die feitelijk autoritaire communistische stelsels zijn. Vele ontwikkelingslanden kennen een `eenpartijdemocratie`. Vooral na 1990 hebben tientallen landen, vaak voor het eerst, een vorm van echte democratie ingevoerd. Democratie is een kernbegrip in de moderne mensenrechtenverdragen.

demografie
bevolkingsbeleid; verstedelijking

demonstratievrijheid
De vrijheid van demonstratie (betoging) valt onder het recht op vrijheid van meningsuiting en het recht op vereniging en vergadering. Demonstraties kunnen worden beperkt om wanordelijkheden te voorkomen. In Nederland berust demonstratievrijheid op de grondwet. Burgemeesters hebben echter een noodbevelbevoegdheid om demonstraties met het oog op verwachte gewelddadigheden te verbieden en aldus de openbare orde te beschermen.

deng, francis
Hij werd geboren in Soedan en studeerde in de jaren zestig in de VS. Van 1976-1980 was hij in Soedan minister van Buitenlandse Zaken. Hij heeft diverse betrekkingen gehad bij de VN, waaronder die van speciale rapporteur voor ontheemden. Als hoogleraar aan Amerikaanse universiteiten heeft hij talloze studies gepubliceerd, waaronder prominente werken over goed bestuur, oorlog en gewapend conflict en de bescherming van binnenlandse vluchtelingen.

deportatie
1. De term wordt gebruikt als synoniem voor uitwijzing. 2. In veel gevallen wordt de term gebruikt voor het gewelddadig dwingen tot verplaatsing van grote groepen mensen, zoals joden naar de werk- en concentratiekampen van nazi-Duitsland en diverse bevolkingsgroepen in de Sovjet-Unie onder het regime van Stalin. Dergelijke deportatie geldt als een der misdrijven tegen de menselijkheid en valt in situaties van gewapend conflict onder de Geneefse verdragen. Ze is een schending van het recht op bewegingsvrijheid en leidt tot vele andere schendingen, zoals buitengerechtelijke executie, slavernij, massamoord en genocide.

derde wereld
ontwikkelingslanden

derechos
Organisatie die uitsluitend via internet informatie verzamelt en verspreidt over schendingen van mensenrechten, en oproept tot acties. Zo`n vijfduizend organisaties en individuen van over de hele wereld zijn daarbij betrokken. De organisatie houdt kantoor in Madrid en Los Angeles. Zie ook informatietechnologie; rapportage

detentie
(Van Fr: gevangenschap) In het Nederlands strafrecht wordt deze term niet gebruikt, in de omgangstaal heeft detentie de betekenis van vrijheidsbeneming (voorlopige hechtenis en gevangenisstraf). De VN-commissie voor mensenrechten stelde in 1991 een werkgroep voor willekeurige detentie in. Zie ook administratieve detentie; gevangenen

dienstplicht
Dwangarbeid is verboden, maar het VN-verdrag (BuPo) sluit militaire dienstplicht (of als dat in de nationale wet erkend wordt, tewerkstelling van gewetensbezwaarden) daarvan uitdrukkelijk uit. Verplichte diensten kunnen ook van een niet-militair karakter zijn. De dienstplicht leidde in diverse landen tot gevangenisstraffen voor gewetensbezwaarden. Dienstplichtigen waren in Nederland onderhevig aan het militair recht. De dienstplicht is in Nederland in 1996 `opgeschort`, d.w.z. afgeschaft tot een noodtoestand anders gebiedt. Ook in België bestaat sinds 1993 geen dienstplicht meer.

dierenrechten
Verscheidene organisaties zetten zich in voor de dierenrechten. De Internationale Liga voor Dierenrechten een Proclamatie van de rechten van het dier uit. Die stelt onder meer: `Alle geboren dierlijk leven heeft recht op een dierwaardig bestaan. De mens mag zich niet het recht aanmatigen ander dieren uit te roeien of op onmenselijke wijze uit te buiten. Dieren van soorten die van oudsher in een menselijke omgeving leven (o.a. landbouwhuisdieren) hebben recht op leven en groei in hun eigen tempo, onder aangepaste levensomstandigheden. Elk ingrijpen van de mens uit winstbejag in dit tempo of in deze omstandigheden is een aantasting van dit recht. Elk massaal doden van wilde dieren is genocide, d.w.z. een misdaad tegen de soort. De rechten van het dier behoren evenals de rechten van de mens wettelijke bescherming te genieten.` De pogingen tot formulering van dierenrechten laten de beperkingen van het beginsel van recht zien. In werkelijkheid kunnen aan dieren geen `rechten` worden toegekend: dieren hebben niet de geestelijke vermogens die nodig zijn om als rechtspersoon op te treden. Er is bovendien een enorme verscheidenheid van dierlijk leven (wat is het recht van de kwal, vlo of amoebe?). Maar ook zonder die rechten kan de behandeling van dieren door mensen kan wel worden gereguleerd, bijv. met het oog op biodiversiteit of maatschappelijk verantwoord ondernemen. Zie ook milieu

din hassan, bahey el- (1949)
Secretaris-generaal van de Egyptische Organisatie voor Mensenrechten, gevestigd in Caïro, later van het Mensenrechteninstituut in die stad. Hij geldt als voortrekker van de mensenrechteneducatie in de Arabische wereld. Hij heeft een groot aantal artikelen geschreven met als uitgangspunt dat de grondslagen van de islam kunnen en moeten worden verenigd met internationale normen van mensenrechten. De Egyptische regering heeft mensenrechtenorganisaties geregeld verboden en scherpe regels gesteld aan de oprichting van nieuwe organisaties. Toch is Egypte een van de weinige Arabische landen waar die organisaties met enige vrijheid kunnen functioneren.

ding zilin (1938)
Chinese docente in de filosofie, activiste voor opheldering van de gebeurtenissen in Peking op 4 juni 1989. Bij het bloedbad dat werd aangericht om de studentendemonstraties neer te slaan, verloor zij haar zoon. Ze bleef de overheid bestoken met vragen en eiste een officiële opheldering, hetgeen niemand eerder had durven doen. Ze documenteerde o.m. de namen van 155 doden. Ze organiseerde ook, ondanks de grote druk en dreiging van de kant van de autoriteiten, een comité van familieleden, vooral bestaande uit moeders wier zonen op 4 juni waren omgekomen of verdwenen.

diplomatiek asiel
Het verlenen van asiel in een ambassade, die geldt als grondgebied van de staat die zij vertegenwoordigt. Vooral in Latijns Amerika is vaak op deze manier asiel gezocht. In 1989, vóór de val van de Muur, zochten talloze Oost-Duitsers asiel in de ambassade van de VS in Hongarije. Ook Nederlandse ambassades verleenden diplomatiek asiel, o.m. aan Chileense vervolgden (Santiago, 1973) en aan een groep Papoea`s (Jakarta, 1984). Zie ook territoriaal asiel

disciplinaire straffen
Maatregelen ter bestraffing genomen door een instelling als het leger of een beroepsgroep. Zij kunnen bijv. bestaan uit berisping, opschorting van de vergunning tot beroepsuitoefening, uitstoting uit de beroepsgroep, boete of, in het leger, zware of vervelende taken, of opsluiting. Sommige beroepsgroepen, bijv. advocaten, medici en psychologen hebben disciplinaire straffen vastgelegd in hun beroepscodes. Zie ook militair recht; sancties; straf

discriminatie
(Van Latijn: onderscheid) Van oorsprong is het een begrip met een neutrale betekenis (zoals nog steeds in de psychologische functieleer): het vermogen om een onderscheid te maken, zoals in de snelheid waarmee mensen het ene verkeersbord van het andere kunnen onderscheiden. In het maatschappelijk leven heeft de term de overheersende betekenis gekregen van negatieve onderscheiding en achterstelling. In het internationaal recht heeft discriminatie vooral betrekking op uitingen van racisme en rassendiscriminatie, en op de achterstelling van vrouwen. De achterstelling op grond van seksuele oriëntatie is een omstreden onderwerp gebleven, omdat in veel landen homoseksualiteit nog steeds een groot maatschappelijk taboe is of bij wet is verboden. Het verbod op discriminatie is een kern van de mensenrechten. Internationale verdragen veroordelen discriminatie (dat wil zeggen achterstelling in de toegang tot rechten of uitsluiting van die rechten) op grond van o.m. geboorte, huidskleur, taal, ras, godsdienst en geloof, geslacht, sociale herkomst en status, en handicaps. Het aantal gronden wordt nog steeds uitgebreid. In de praktijk kan de bestrijding van discriminatie niet zonder omgekeerde, ‘positieve’ discriminatie – wat in de VS affirmative action heet, ‘daden van bevestiging’. Er zijn aparte verdragen gemaakt voor speciaal voor de rechten van vrouwen, kinderen, slachtoffers van racisme enz.. Ook regeringen nemen maatregelen vrouwen, minderheden e.d. speciaal te beschermen of hun meer kansen te geven.

displaced persons (dps)
ontheemden

dissidenten
In het algemeen de benaming voor religieus en politiek andersdenkenden. Vanaf de jaren zestig doelde men met dissidenten vooral op intellectuelen die in de communistische landen in het Oostblok (m.n. de Sovjetunie) in het openbaar kritiek uitten op het heersende regime. Bekende dissidenten waren o.m. Andrej Sacharov en Aleksandr Solzjenitsyn in de Sovjetunie, Aleksandr Nikitin en Grigori Pasko in Rusland, Milovan Djilas in Joegoslavië, Václav Havel in Tsjechoslowakije, Fang Lizhi, Wang Dan en Wei Jingsheng in China. Russische dissidenten kregen veel aandacht van de publieke opinie in het Westen. In een aantal gevallen kregen dissidenten uitreisvisa. Velen van hen echter zijn gevangen gezet of na een proces verbannen. Na de omwentelingen in Oost-Europa kregen vele dissidenten belangrijke posities. De algemene aanduiding voor dissidenten die nu in zwang is, is mensenrechtenverdedigers.

djilas, milovan (1911-1995)
Joegoslavische politieke schrijver en activist die zijn teleurstelling over het communisme openlijk uitte. In 1953 werd hij een van de vier vice-presidenten van zijn land, maar reeds het jaar daarna trad hij af en verliet hij de communistische partij. In 1957 smokkelde hij het manuscript van zijn boek De nieuwe klasse het land uit. Hierin betoogde hij dat het communisme een nieuwe elite van `bevoorrechten en parasitaire tirannen` in het leven had geroepen. Hij werd verscheidene malen gevangen gezet, het laatst tussen 1961 en 1966. Hij gold als een belangrijk voorvechter van democratie in Oost-Europa.

documentatie van mensenrechten
rapportage

doodsbedreigingen
Volgens de speciale rapporteur van de VN voor buitengerechtelijke executies treffen de dreigingen vooral rechters, mensenrechtenverdedigers, openbare-ambtsdragers, vakbondsleden, leraren, journalisten, getuigen van een misdrijf en leden van oppositiegroepen. Doodsbedreigingen komen m.n. van doodseskaders, `vigilantes` en andere paramilitairen, maar ook van gewapende oppositiegroeperingen en guerrillabewegingen. De boodschap kan telefonisch of schriftelijk worden gegeven, maar ook bijv. door het achterlaten van bepaalde tekeningen of symbolen die kenmerkend zijn voor een doodseskader. Een van de middelen tot preventie is de bedreigde personen te laten begeleiden door escorts, zoals van de organisatie Peace Brigades International.

doodseskaders
Groepen van paramilitairen die terreur zaaien door te martelen en te moorden. Vaak hebben ze onder hun leden mensen afkomstig uit kringen van leger en politie. Doodseskaders handelen vaak in opdracht of met goedvinden van overheden of gewapende oppositiegroeperingen. Ze worden soms ook ingezet door bedrijven die hun concurrenten of vakbondsleden willen bedreigen. Ze hebben vaak fantasierijke namen: de Zwarte Hand, het Geheime Anticommunistische Leger, enz. Doodseskaders treden op in een groot aantal landen, waaronder Colombia, Guatemala, Brazilië, Algerije en de Filippijnen.

doodstraf
Een gerechtelijke executie. Van de doodstraf is sprake wanneer iemand van het leven wordt beroofd op grond van een vonnis dat is uitgesproken door een bevoegde rechter na een strafrechtelijk proces. Misdrijven waarop de doodstraf staat heten halsmisdrijven. Amnesty International zet zich in voor de onvoorwaardelijke afschaffing van de doodstraf. De Universele verklaring stelt: `Een ieder heeft recht op leven, vrijheid en onschendbaarheid van zijn persoon`, en: `Niemand mag onderworpen worden aan enige wrede, onmenselijke of onterende behandeling of bestraffing.` Het meest algemeen is doodstraf nu op grond van oorlogsmisdrijven en desertie in oorlogstijd. Landen die de doodstraf in vredestijd handhaven leggen deze m.n. op voor moord, samenzwering tegen de regering, kinder- en mensenhandel en drugshandel. In landen van de islam kunnen overspel, prostitutie en pornografie met de dood worden bestraft. In China is o.m. corruptie en smokkel van panda`s een grond. De trend naar een wereldwijde afschaffing van de doodstraf is onmiskenbaar. De doodstraf wordt in Europa niet meer toegepast. De doodstraf werd in z`n geheel (ook in vredestijd) afgeschaft in Nederland in 1983; de laatste terechtstelling in vredestijd was voltrokken in 1860. In België was die laatste burgerexecutie in 1863; daarna werden tot 1950 259 mensen voor oorlogsmisdrijven geëxecuteerd, vooral door de kogel; in 1996 werd de doodstraf geheel afgeschaft. Vanaf 2000 vond het overgrote deel van de executies plaats in zes landen: China (tweederde van het wereldtotaal), VS (meer dan 880 executies 1976-2003), Irak, Iran, Democratische Republiek Congo en Saudi-Arabië.

doodstraf, geschiedenis
De oud-Hebreeuwse wetgeving schreef de doodstraf voor bij moord en bepaalde religieuze en seksuele misdrijven. Bij de Grieken waren moord, verraad en heiligschennis halsmisdrijven. In de republikeinse Romeinse tijd werd de doodstraf vooral opgelegd voor militaire misdrijven; later werd het aantal halsmisdrijven sterk uitgebreid. In de 13e eeuw kon de doodstraf worden opgelegd voor een groot aantal misdrijven. Geestelijken kregen in de regel lichtere straffen. De juridische en morele grondslag voor het afschaffen van de doodstraf werd gelegd door de Italiaanse rechtsgeleerde Cesare Beccaria (1735-94). De doodstraf werd afgeschaft in Toscane in 1786 en in Oostenrijk in 1787.

doodstraf, methoden
Historische methoden van doodstraf waren o.m. steniging (Babylonië) en steniging (Hebreeuws recht). Bij de Grieken mocht een vrije burger vergif nemen, maar slaven werden doodgeslagen. In het Romeinse recht waren de methoden o.m.van een rots werpen, wurging, voor de wilde dieren gooien, kruisiging. Ophanging en onthoofding waren de gebruikelijke methoden in de middeleeuwen en vroeg-moderne tijd. Ketters en heksen werden op de brandstapel verbrand. Ook het breken van het lichaam op een houten wiel en langzame wurging werden gebruikt. Frankrijk voerde tijdens de Franse Revolutie de guillotine (valbijl) in. In de VS zijn nu de wettelijk mogelijke middelen van executie: fusilleren (niet toegepast), elektrocutie in de elektrische stoel, vergassing in de gaskamer of dodelijke injectie; de laatste jaren wordt alleen die laatste vorm nog gebruikt. Veel gebruikte methoden in het Midden-Oosten zijn ophanging, steniging en onthoofding. Sporadisch zijn andere methoden gemeld, zoals het in een ravijn duwen, levend begraven onder zand of stenen, doen opeten door mieren of wilde dieren. Spanje kende tot 1974 terechtstelling door middel van de wurgpaal.

drinkwater
water

drugs
Bekende drugs zijn opiaten (zoals morfine en heroïne), hallucinogenen (zoals LSD), cocaïne, amfetaminen, kalmeringsmiddelen en cannabis. Alcohol en tabak worden soms ook tot de drugs gerekend. Er is geen gegronde reden waarom bepaalde `verdovende` middelen, zoals alcohol en tabak, wel wettelijk zijn toegestaan en anderen, zoals hasjiesj, niet. Op verschillende manieren leiden drugs en drugshandel wereldwijd tot schendingen van mensenrechten. Straatkinderen worden vaak ingezet voor koeriersdiensten. Drugstransacties leiden door hun criminele aard vaak tot geweld. Ook het bestrijden van drugshandel leidt tot schendingen. In meer dan 20 landen zijn drugsmisdrijven strafbaar met de doodstraf, in sommige landen (Maleisië, Singapore) is de doodstraf zelfs verplicht. Duizenden mensen zijn voor drugsmisdrijven geëxecuteerd in Iran. Overheidsoptreden tegen drugs kan, zoals in Latijns Amerika, deels een dekmantel zijn van overheidsgeweld tegen gewapende oppositiegroeperingen. Een tolerant drugsbeleid, zoals in Nederland, heeft aantoonbaar geleid tot vermindering van criminaliteit en een lagere verspreiding van aids. Landen zoals de VS voeren tot dusverre echter een (onsuccesvol) beleid van hard nationaal en internationaal optreden.

drukpers, vrijheid van
Volgens het VN-verdrag (BuPo) bestaat er vrijheid van meningsuiting via drukpers en kunst. De Nederlandse grondwet noemt het recht om via de drukpers elk denkbeeld zonder voorafgaande inmenging te publiceren, terwijl voor radio en tv wel een vergunningenstelsel geldt. Dat laatste is o.m. het gevolg van schaarste aan ruimte voor kanalen op de ether. Het recht geldt echter niet voor het verspreiden van gedrukt materiaal; in Nederland zijn lagere overheden gerechtigd verspreiding te beperken of bijv. regels te stellen voor het aanplakken. Ook in België is de drukpers vrij, maar is een verbod op obscene publicaties uit het buitenland mogelijk. Zie ook censuur

dublin, verdrag van
Een verdrag aangenomen door de twaalf lidstaten van de Europese Gemeenschap in Dublin in 1990, dat bepaalt welk land verantwoordelijk is voor het in behandeling nemen van asielverzoeken. In de praktijk betekent dit dat iedereen in de asielprocedure slechts in een van de staten asiel kan aanvragen In 2003 kwam de EU-Dublin-verordening tot stand (Denemarken is er niet aan gebonden). De verordening beoogt te voorkomen dat een persoon in meerdere EU-lidstaten in de asielprocedure wordt opgenomen. Een asielverzoek wordt slechts in een van de staten beoordeeld volgens nationaal geldende normen. Critici wijzen erop dat de nationale procedures en beoordelingen sterk verschillen (een gebrek aan harmonisering) en dat de asielzoekers daarom per land zeer ongelijke kansen hebben. Dit ondanks het feit dat de EU in 2004 een richtlijn uitvaardigde met minimumnormen voor de erkenning van asielzoekers. Sinds 1998 wordt in Nederland en België aan Dublin-claimanten (asielzoekers die Nederland of België naar een ander land van de EU wil terugsturen) geen opvang meer verleend. Gezinnen worden nog vaak gescheiden doordat ze in verschillende EU-landen asiel hebben gekregen. Zie ook Schengen, Akkoord van

due diligence
De verplichting van een staat om zich in te spannen voor het uitbannen van misstanden, zoals discriminatie tussen burgers onderling. Het beginsel is bijv. opgenomen in het VN-vrouwenverdrag. Deze inspanningsverplichting betekent dus staten niet alleen zelf geen schendingen van mensenrechten mogen plegen, maar ook een bredere verantwoordelijkheid hebben om horizontale schendingen tussen privé-personen tegen te gaan.

duurzame ontwikkeling
(Eng: sustainable development) Economische en sociale ontwikkeling die erop gericht is het milieu en vooral de niet-vervangbare hulpbronnen (zoals olie en steenkool) zo veel mogelijk te sparen. Het idee van duurzame ontwikkeling kreeg wereldwijde erkenning door het Brundtland-rapport uit 1987. Milieugroepen ijveren voor vormen van productie, zoals met de energie van wind en zon, die de hulpbronnen sparen en die zouden leiden tot vermindering van het broeikaseffect. De keuze voor duurzame productiemiddelen is echter lang niet altijd eenvoudig. Bepaalde vormen van duurzame ontwikkeling brengen bijv. dermate hoge kosten met zich mee dat voor de ontwikkeling van een land als geheel een minder duurzame vorm voorlopig beter zou kunnen zijn, omdat er dan meer kan worden geïnvesteerd in voorzieningen, gezondheidszorg of veiligheid. Vanwege die noodzaak van afweging is het bezwaarlijk om duurzame ontwikkeling als een `hard` mensenrecht te beschouwen.

dwangarbeid
Dwangarbeid is verboden, maar volgens het VN-verdrag (BuPo) zijn o.m. de dienstplicht, als straf opgelegde arbeid en dienstverlening bij rampen daarvan uitgezonderd. Dwangarbeid in detentie komt veel voor. In China, Vietnam en Myanmar bijv. zijn talloze mensen tewerkgesteld in heropvoedingskampen. Hedendaagse organisaties tegen slavernij ijveren ook tegen vormen van horigheid die bijv. ontstaan doordat landarbeiders, vaak al vanaf hun geboorte, gebonden zijn aan een landeigenaar bij wie zij in de schuld staan. Tot de activisten tegen dwangarbeid, slavernij en horigheid behoren Marin Macwan en Kailash Satyarthi (India), Iqbal Masih (Pakistan) en Harry Wu (China).

dwangvoeding
Internationale verdragen doen geen duidelijke uitspraken over dwangvoeding van gedetineerden, bijv. wanneer dezen in hongerstaking zijn. Volgens de Verklaring van Tokio moeten medici weigeren aan dwangvoeding mee te werken zolang de gevangene in staat is een eigen oordeel te vormen over de gevolgen van het weigeren van voedsel. Organisaties als Physicians for Human Rights en de Nederlandse Johannes Wier Stichting geven advies bij hongerstaking en zijn in het algemeen gekant tegen dwangvoeding.

dwaze moeders
Opgericht 1976, door o.m. Hebe Bonafini, als een organisatie van moeders van slachtoffers van verdwijningen onder het Argentijnse militaire bewind (1976-1983). De scheldnaam `Dwaze Moeders` ontleenden ze aan een beledigende uitlating van een hooggeplaatste functionaris. Ze heten ook `Moeders van de Plaza de Mayo`, naar het centrale plein in Buenos Aires waar zij tot op heden elke donderdag een stille demonstratie houden, getooid met karakteristieke witte hoofddoeken (luiers). Enkele van de oprichters werden in 1977 zelf slachtoffer van verdwijning. De moeders kregen een ongekende publiciteit in het buitenland en werden het symbool van de schendingen van mensenrechten in Latijns Amerika. Ze werden ook voorbeeld voor comités van familieleden in andere landen. Later ontstond een groep van Grootmoeders van de Plaza de Mayo. De Moeders vielen in de jaren tachtig uiteen in twee groepen, waarvan de ene zonder meer berechting van alle schuldigen eist, en de andere (Linea Fundadora) samen met de groep van Grootmoeders en andere organisaties voor mensenrechten tot verzoening met het gewelddadige verleden probeert te komen. In Nederland werd aan de Dwaze Moeder veel steun verleend door het comité SAAM. De Dwaze Moeders zijn veelvuldig onderscheiden, o.m. met de Nederlandse Geuzenpenning (1997).

early warnings
(Eng: vroegtijdige waarschuwingen) Term voor signalen die wijzen op het ontstaan van een patroon van grootschalige schendingen van mensenrechten. Dergelijke signalen zijn o.m. het optreden van doodseskaders, onopgehelderde moorden met politieke achtergrond, geheime operaties tegen guerrillabewegingen, aanvallen op de onafhankelijkheid van rechters. Belangrijke organisaties die zich speciaal toeleggen op het publiek maken van early warnings zijn International Alert en de International Crisis Group.

ebadi, shirin (1947)
Iraanse advocate. Ze was de eerste vrouwelijke rechter van haar land, tot de ayatollahs na 1979 besloten dat vrouwen ‘te emotioneel en irrationeel’ zijn om zulke functies te bekleden. Ze doceert ze rechten aan de Universiteit van Teheran en voerde baanbrekende processen over huiselijk geweld en de rechten van straatkinderen. Ze trad op als advocaat voor politieke gevangenen, onder wie studenten die in 2000 waren opgepakt vanwege hun roep om democratisering in Iran. Begin 2003 richtte zij met andere advocaten de Associatie van Mensenrechtenverdedigers op, die juridische hulp verleent aan verwanten van gevangen journalisten en studentenactivisten. Ze richtte ook een organisatie voor de rechten van het kind op. Ze kreeg in 2003 de Nobelprijs voor de Vrede. Zie ook advocaten

economische rechten
Deze zijn onderdeel van de sociaal-economische rechten, en samen met de culturele rechten opgenomen in o.m. het VN-verdrag (EcSoCu) en in het Europees sociaal handvest. Tot deze rechten behoren het recht op economische ontwikkeling en bescherming, werk en goede werkomstandigheden, betaalde vakantie, verlof bij zwangerschap, sociale voorzieningen en een billijke levensstandaard. In bijna alle gevallen zijn deze rechten geformuleerd als doelstellingen naar de verwezenlijking waarvan staten moeten streven, m.a.w. niet als absolute, afdwingbare rechten.

economische vluchtelingen
Benaming voor hen die niet zouden zijn gevlucht om politieke redenen, maar om een betere levensstandaard te vinden. Vaak gebezigd als afkeurende term in de zin van `niet-echte` vluchtelingen. In de praktijk blijkt het onderscheid tussen politieke vluchtelingen (in de zin van het Vluchtelingenverdrag) en economische vluchtelingen moeilijk te maken. Het vluchtmotief is vaak een combinatie van politiek geweld en moeilijke levensomstandigheden.

ecosoc
De Economische en Sociale Raad van de VN, die jaarlijks drie zittingen houdt. O.m. de VN-commissie voor mensenrechten was onderdeel van deze raad. Die commissie is nu vervangen door de VN-Mensenrechtenraad.

ecosysteem
biodiversiteit; broeikaseffect; duurzame ontwikkeling; milieu

ecre
Europese Vluchtelingenraad

educatie
mensenrechteneducatie; onderwijs

eenzame opsluiting
Een gevangenisregime waarin een gevangene geen contact heeft met andere gevangenen. Tot de moderne tijd zaten gevangenen in de regel met meerderen in een cel. Eenzame opsluiting in kerkers, zoals de `vergeetput` (oubliette) gold als een zware straf en leidde vaak tot dood door honger of verwaarlozing. Moderne westerse gevangenissen kennen in de regel een systeem van individuele opsluiting, maar met veel gelegenheid tot onderling contact. Eenzame opsluiting zonder die contacten geldt als disciplinaire straf en wordt soms ook gebruikt voor detentie van bijzonder gevaarlijk geachte (politieke) misdadigers. Zie ook gevangenen

eer
Het VN-verdrag (BuPo) verbiedt ongegronde aanvallen op iemands eer en reputatie en stelt het recht op bescherming van de wet tegen dergelijke aanvallen. Deze bepaling is een van de beperkingen op de vrijheid van meningsuiting. In de westerse rechtspraktijk betekent dit o.m. dat ongegronde aantijgingen, bijv. in de media, kunnen worden bestraft. Personen met een belangrijke publieke functie mogen in de praktijk in verdergaande mate op hun reputatie worden aangevallen dan gewone burgers. Het is bijv. geaccepteerd dat een columnist een minister over de hekel haalt, terwijl hij dat niet mag doen met iedereen. In Nederland en België genieten sommige personen, zoals leden van het koninklijk huis, een bijzondere bescherming tegen aantasting van hun goede naam omdat zij geacht worden zich krachtens hun positie slecht te kunnen verdedigen. Zie ook eerwraak; privacy

eerlijk proces
Tot de elementen van een eerlijk proces behoren: een officiële aanklacht, de onafhankelijkheid van rechters, berechting op redelijke termijn, rechtsbijstand, gelegenheid en tijd tot het voorbereiden van een verdediging, mogelijkheid tot het horen van getuigen, geen dwang tot bekennen, berechting volgens wetten geldig op het moment van het vermeende misdrijf, geen tweede veroordeling voor hetzelfde feit (ne bis in idem), mogelijkheid tot beroep en gratie.

eerwraak, eremoord
In veel landen en gemeenschappen bestaat het gebruik dat schendingen van de `eer` worden gewroken. In vooral islamitische gemeenschappen leidt dat ertoe dat bijvoorbeeld een vrouw die overspel zou hebben gepleegd of haar familie anderszins tot schande zou hebben gemaakt wordt mishandeld, met zuur overgoten, in brand wordt gestoken of vermoord. Ook mannen worden, in mindere mate, het slachtoffer van eerwraak. Deze moorden worden met een beroep op wetten van de islam (sharia) gerechtvaardigd. Eerwraak is echter geenszins beperkt tot de islam: er bestaan sterke tradities van eerwraak in `machoculturen` in bijv. Sicilië, Corsica en Latijns-Amerikaanse landen. Eremoorden krijgen verhoudingsgewijs grote aandacht van de media, maar ze zijn maar een heel klein percentage van het huiselijk en ander geweld dat vrouwen in veel landen treft. In steeds meer landen vindt de justitie het eermotief niet langer reden om moordenaars vrij te spreken, maar in bijv. Pakistan gaan de meeste daders van eerwraak nog altijd vrijuit. Diverse organisaties hebben opvanghuizen ingericht om vrouwen tegen de wraak van familieleden te beschermen. Belangrijke activisten tegen eerwraak zijn o.m. Riffat Hassan, Asma Jahangir en Hinah Jilani (allen uit Pakistan).

eigendom
Het recht om van een zaak een vrij genot te hebben. De Britse denker John Locke (1632-1704) noemde eigendom als een van de grondrechten, naast leven en vrijheid. In de Franse Verklaring van de rechten van de mens (1789) omschreven als onschendbaar en heilig, werd het recht op eigendom ook grondslag van Nederlands en Belgisch recht. In socialistische landen is eigendom veelal staatseigendom, de mate waarin particuliere goederen persoonlijk eigendom kunnen zijn verschilt. Het internationale recht kent veel beperkingen en uitzonderingen op het recht op eigendom. De meest verregaande daarvan is onteigening, maar beperkingen kunnen ook worden opgelegd voor alle vormen van hinder die eigendom aan anderen veroorzaakt. Eigendom is een mensenrecht omdat eigendom een basis is voor bestaanszekerheid. Net als andere mensenrechten echter kan ook het recht op eigendom misbruikt worden, zoals voor het instandhouden van grove ongelijkheid.

elbaradei, mohamed (1942)
Egyptische jurist, directeur van het Internationaal Agentschap voor Atoomenergie. Hij sprak in 2003 grote twijfels uit over de invasie van de VS in Irak, omdat hij geen bewijzen zag dat dat land massavernietigingswapens bezat. Hij kreeg in 2005 van de VS kritiek omdat hij de nucleaire bewapening van Iran niet serieus genoeg zou nemen. In 2005 kreeg hij de Nobelprijs voor de Vrede. Hij besteedde het prijzengeld in zijn geheel aan de bouw van een weeshuis in Caïro. Hij verklaarde in 2004: `We moeten afzien van het onwerkbare idee dat het moreel verwerpelijk is voor sommige landen om massavernietigingswapens te willen bezitten, en het tegelijkertijd moreel acceptabel vinden dat andere landen op die wapens vertrouwen voor hun veiligheid.`

embargo
In het internationaal recht, oorspronkelijk het in beslag nemen van buitenlandse handelsschepen door een staat. Nu een term gebruikt voor sancties tegen een staat, zoals een verbod op handel. Onderscheiden van boycot doordat embargo een zaak is van de staat en boycot van particulieren, maar in de praktijk worden de termen door elkaar gebruikt. `Boycot` is genoemd naar de Engelse kapitein Boycott, die in 1880 onder druk werd gezet in een geschil over pacht. Embargo`s en boycots worden vaak getroffen tegen staten, bedrijven of instellingen die op een zwarte lijst zijn geplaatst. Boycots werden toegepast door de Amerikaanse beweging voor burgerrechten in de jaren vijftig en zestig, op winkels die zwarten discrimineerden. In de jaren tachtig werden in Zuid-Afrika door de zwarte verzetsbeweging vele boycots en consumentenstakingen georganiseerd, die aanzienlijke effecten leken te hebben op de bereidheid van de blanke bevolking tot onderhandelen. Bekende internationale boycots waren die jegens Rhodesië, 1965-1979, nadat dat land eenzijdig de onafhankelijkheid van Groot-Brittannië had verklaard, en jegens het apartheidsregime in Zuid-Afrika. De VS riepen in 1980 op tot een boycot van de Olympische Spelen in Moskou uit protest tegen de sovjetinvasie in Afghanistan het voorafgaande jaar. Een embargo van leveranties aan Irak werd ingesteld nadat dat land in augustus 1990 Koeweit had bezet. en bleef van kracht tot 2003 De VN heeft geregeld opgeroepen tot embargo`s tegen wapenhandel, handel in conflictgrondstoffen (zoals diamanten) die de strijd in diverse Afrikaanse landen financieren, enz.