Kopie van `Amnestie International - Encyclopedie van de mensenrechten`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


Amnestie International - Encyclopedie van de mensenrechten
Categorie: Mens en samenleving > Mensenrechten
Datum & Land: 15/02/2007, NL
Woorden: 852


nader gehoor
In de asielprocedure, een interview dat een ambtenaar van de IND afneemt aan een asielzoeker, nadat een kort `eerste gehoor` heeft plaatsgehad en niet tot directe afwijzing heeft geleid. Het nader gehoor wordt afgenomen in een onderzoekscentrum (asielprocedure) Meestal vindt het gehoor plaats aan de hand van een standaardvragenlijst en duurt één tot enkele uren. In principe is de aanwezigheid van een advocaat of hulpverlener toegestaan. Het nader gehoor neemt een cruciale plaats in bij de beoordeling van het asielverzoek. Correcties op het verslag van nader gehoor worden vaak beschouwd als teken van onbetrouwbaarheid van het verhaal van de asielzoeker. Advocaten hebben voorgesteld het nader gehoor op de band op te nemen en de mogelijkheid van correcties op het verslag te geven, maar deze suggesties zijn vooralsnog niet opgevolgd. Ook is voorgesteld het nader gehoor pas te houden wanneer de asielzoeker enige tijd in het land heeft verbleven en zich heeft kunnen voorbereiden met behulp van een advocaat of hulpverlener. Het UNHCR Handboek stelt dat het nader gehoor moet worden afgenomen door een bevoegde ambtenaar en in een `sfeer van vertrouwen`.

nairobi, conferentie van
Een VN-conferentie (1985) over de positie van vrouwen die een programma voorstelde voor emancipatie, de Forward Looking Strategies

naisse, aktham (1951)
Syrische advocaat, voorzitter van de Comités voor Verdediging van Democratische Vrijheden en Mensenrechten in Syrië. Hij werd in 1991 gearresteerd vanwege zijn werk als mensenrechtenverdediger, op grond van een bekentenis die door marteling was afgedwongen, en zat tot 1998 in incommunicado-detentie. Daarna is hij herhaaldelijk lastiggevallen en kortstondig gevangen gehouden door de politie. In 2004 lanceerde hij een online petitie gericht aan de president, getekend door 3500 intellectuelen en academici, die opriep tot opheffing van de `noodtoestand` die sinds 1961 in Syrië van kracht is. Hij organiseerde in 2004 ook de eerste openlijke demonstratie voor vrijlating van politieke gevangenen. In 2005 kreeg hij de prijs genoemd naar Martin Ennals.

nalatigheid
Een rechtspersoon, en dus ook een staat, kan verantwoordelijk worden gesteld voor overtredingen die begaan zijn door daad of nalatigheid (Eng: act or omission). Het niet nakomen van verplichtingen van de staat, zoals door nalatigheid in het bieden van bescherming en het berechten van misdaden, is een inbreuk op de due diligence van die staat. Een vorm van nalatigheid die veroordeeld wordt door het internationaal recht is bijv. het niet-vervolgen van oorlogsmisdrijven. Staten kan ook nalatigheid inzake de verwezenlijking van sociale en economische rechten worden verweten, hoewel de aansprakelijkheid daarvoor niet duidelijk is vastgelegd. Gedragscodes voor wetshandhavers stellen dat deze niet nalatig mogen zijn in het melden van opdrachten tot daden die de mensenrechten schenden. Amnesty International voert actie tegen praktijken tussen burgers die de overheid niet voldoende bestrijdt, zoals vrouwenmishandeling.

nansen, fridtjof (1861-1930)
Noors wetenschapper en activist voor vluchtelingen. Zijn eerste faam kreeg hij als poolreiziger. Toen in 1920 bleek dat niemand zich bekommerde om het lot van krijgsgevangenen van de verslagen mogendheden in Midden-Europa, werd hij door de Volkenbond gevraagd een plan tot repatriëring te verwezenlijken. Honderdduizenden werden door zijn bemiddeling geremigreerd. Hij nam ook de leiding van de repatriëring van Grieken en Armeniërs uit Turkije (1922). Zijn werk inspireerde na de Tweede Wereldoorlog tot de oprichting van de UNHCR.

nasrin, taslima (1952)
Ze studeerde medicijnen, net als haar vader, in Dacca, Bangladesh. Gedurende haar studie schreef ze feministische columns. Ze werkte daarnaast als gynaecologe. In 1993 werd haar roman Schaamte door de overheid verboden omdat die `spanningen tussen moslims en hindoes` zou aanwakkeren. Conservatieve mullahs boden een beloning voor wie haar zou vermoorden. Ze vluchtte daarop naar Zweden. In 1994 kreeg ze van het Europees Parlement de Sacharovprijs voor mensenrechten. In 1998 keerde ze naar Bangladesh terug.

nationale veiligheid
1) Dit concept wordt genoemd in internationale verdragen, zoals het VN-verdrag (BuPo), in verband met belangen die de opschorting of beperking van bepaalde rechten toelaten (beperkingsgronden). 2) Idee ontleend aan een Duitse sociaal-wetenschappelijke stroming uit het begin van de 20ste eeuw, die van de geopolitiek, waarin wordt gesteld dat voor het behoud van een natie bepaalde geografische waarborgen nodig zijn. Elementen ervan zijn terug te vinden in de ideeën over Lebensraum van de nazi`s, maar vooral in de Latijns-Amerikaanse dictaturen van de jaren zestig tot tachtig. Hier was nationale veiligheid vaak de aanduiding voor een proces waarin buitenlandse druk moest worden weerstaan en binnenlandse onzuivere elementen als terroristen en oppositieleden moesten worden verdelgd, ten bate van een ideaal van een veilige natie binnen veilige grenzen.

nationalisme
Ideologie gebaseerd op het idee dat mensen trouw zijn aan de eigen staat, natie of volk. Een gematigde vorm van nationalisme kan een land ten goede komen: de burgers voelen zich meer betrokken bij grote kwesties van hun samenleving en zijn bereid hun land tegen buitenlandse dreigingen te verdedigen. Aan een meer fervent nationalisme kleven veel nadelen. Mensen hechten dan zo`n groot belang aan hun eigen staat of natie dat ze een agressieve oorlog ondersteunen, hun land of volk zwaar willen bewapenen, en de samenwerking met andere landen opzeggen. Nationalistische gevoelens zijn vaak gemanipuleerd door leiders, zoals door Slobodan Milosevic die oorlogen met de Joegoslavische deelstaten Slovenië, Kroatië, Bosnië en Kosovo ontketende. Zie ook soevereiniteit

nationaliteit
De juridische band tussen een individu en een staat die recht geeft op erkenning als lid van die staat. De Universele verklaring stelt dat ieder recht heeft op een nationaliteit en het recht van nationaliteit te veranderen. Ook mag men vrijelijk zijn land verlaten en ernaar terugkeren. Men kan zijn nationaliteit verliezen bijv. door zich buiten de staat te vestigen of in krijgsdienst te gaan, maar bepaalde landen staan dubbele nationaliteit toe. Nederland erkent de dubbele nationaliteit voor migranten uit landen waar het opgeven van de eigen nationaliteit onmogelijk is. Wie geen nationaliteit heeft is stateloos.

naturalisering
Het verkrijgen van een nieuwe nationaliteit. In Nederland zijn eisen voor naturalisering o.m. dat men 18 jaar is; ten minste vijf jaar in Nederland heeft gewoond of drie jaar met een Nederlander heeft samengewoond; enigszins vertrouwd is met de Nederlandse taal en samenleving; en al het mogelijke heeft gedaan om de eigen nationaliteit op te geven. In België moet men 18 jaar zijn en drie jaar in België hebben gewoond, of twee jaar indien erkend als vluchteling. Zie ook vreemdelingen

natuurrecht
Het idee dat voor iedereen, ongeacht plaats of tijd gelden omdat ze door de `natuur` zijn gegeven. Onderscheiden van positief recht, dat door nationale wetgevers wordt gemaakt en uitgevoerd. Het natuurrecht heeft een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling van de filosofie van de mensenrechten en, in het algemeen, in de geschiedenis van de mensenrechten. Lange tijd beschouwde men de fundamentele rechten, zoals de mensenrechten, als natuurrecht. Griekse filosofen uit de 5e en 4e eeuw v.C. maakten een onderscheid tussen physis (natuurrecht) en nomos (door mensen gemaakt recht). Socrates, Plato en Aristoteles beweerden dat het mogelijk moest zijn onveranderlijke rechtsregels te onderscheiden. In de middeleeuwen werd het natuurrecht afgeleid uit de Bijbel. Goddelijk recht, natuurrecht en positief recht mochten nooit met elkaar in strijd zijn. Hugo de Groot (1583-1645) maakte de morele standaard los van God of kerk, en stelde dat er onveranderlijke minimum vereisten waren voor een stabiele samenleving. Dit is de oorsprong van het idee van een sociaal contract, dat in de Verlichting van de 17e en 18e eeuw werd uitgewerkt. Met de Amerikaanse Onafhankelijkheidsverklaring (1776) kreeg het natuurrecht het karakter van de formulering van grondrechten die te allen tijde voor individuen zouden gelden. In onze eeuw nam de belangstelling voor onveranderlijke rechtsregels af, door de invloed van rechtspositivisme en pragmatisme: steeds meer wordt aanvaard dat geen enkel recht door de `natuur` is gegeven, maar dat alle rechten door mensen zijn bedacht en ingevoerd.

ne bis in idem
(Lat: niet tweemaal voor hetzelfde) Beginsel dat iemand niet ten tweede male veroordeeld mag worden voor hetzelfde misdrijf. Dit is volgens het VN-verdrag (BuPo) een van de niet-opschortbare rechten.

neier, aryeh
Amerikaanse jurist, activist voor burgerrechten en auteur. Hij is geboren in nazi-Duitsland en kwam op jonge leeftijd als vluchteling naar de VS. Hij was een van de oprichters van de mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch en van 1981-1993 directeur van die organisatie. Vervolgens werd hij voorzitter van het Open Society Institute, een organisatie die programma`s voor democratisering en mensenrechteneducatie steunt in landen die in transitie verkeren, vooral in Midden- en Oost-Europa. Hij is een van de voortrekkers geweest van de lobby voor het Internationaal Strafhof.

neurenberg, principes van
De bepaling dat de misdrijven die op de processen van Neurenberg (1945-46) werden berecht, nl. misdrijven tegen de menselijkheid, genocide, misdaden tegen de vrede (agressie) en ernstige oorlogsmisdrijven, tot het internationaal recht behoren. De betekenis van deze principes is achterhaald door het Statuut van het Internationaal Strafhof (1998), dat een nauwkeuriger omschrijving van deze misdaden geeft.

neutraliteit
1) De positie van een staat waarin zij geen partij is bij een conflict tussen andere staten. In de oudheid en middeleeuwen was het begrip neutraliteit zo goed als onbekend; partijen waren of vriend of vijand. Pas in de 18e eeuw werd neutraliteit erkend. Zo was Rusland aan het eind van die eeuw neutraal in het conflict tussen Frankrijk en Engeland. In de Tweede Wereldoorlog waren in Europa zes landen neutraal. Twee daarvan, Zweden en Zwitserland, hebben een lange traditie van neutraliteit. Van oudsher zijn in Zwitserland `neutrale` organisaties zoals het Rode Kruis gevestigd. Volgens het VN Handvest mag geen staat neutraal blijven wanneer de Veiligheidsraad staten oproept te ageren tegen agressie van een andere staat. Internationale regels voor neutraliteit zijn o.m. dat men wel gewonden over het grondgebied mag laten vervoeren, maar geen troepen. Een neutrale staat moet toelaten dat haar schepen worden doorzocht en eventueel geconfisqueerd als zij goederen voor de vijand vervoeren. Krijgsgevangenen van alle partijen gelden als vrij op neutraal territorium, hoewel zij gedetineerd kunnen worden. Dit gebeurde bijv. met Belgische militairen in Nederland tijdens de Eerste Wereldoorlog. Door toenemende internationale samenwerking heeft het idee van de neutraliteit van staten aan waarde ingeboet. Bij plaatselijke conflicten zal de wereldgemeenschap bemiddelen of interveniëren, bij wereldomvattende conflicten zal geen staat de strijd bespaard blijven. Tekenend voor die ontwikkeling is dat voorheen neutrale landen als Zwitserland nu overwegen om toe te treden tot de VN.

ngo`s
Niet-gouvernementele organisaties, organisaties die geen overheden vertegenwoordigen. In de sfeer van de mensenrechten, vrede, veiligheid en milieu zijn vele duizenden ngo`s actief, sommige plaatselijk en van geringe omvang, andere internationaal en zeer groot. De grootste mensenrechten-ngo`s zijn Amnesty International, Human Rights Watch en Artsen zonder Grenzen. Andere belangrijke internationale ngo`s die bijdragen aan rapportage, conflictpreventie en preventie van mensenrechten zijn AIDA, Article 19, Defence for Children International, Derechos, Hague Appeal for Peace, Human Rights Internet, Index on Censorship, International Alert, de Internationale Commissie van Juristen, Justitia et Pax, de Liga voor de Rechten van de Mens, Pax Christi, PEN, PIOOM, Quakers en Transparency International. Een aantal Ngo`s, waaronder Amnesty International, heeft raadgevende bevoegdheid bij intergouvernementele organisaties (IGO`s).

nguyen chi thien (1932)
Vietnamese dichter. Vanaf 1958 verbleef hij dertig jaar, met korte onderbrekingen, in gevangenissen en werkkampen in Vietnam. In 1989 slaagde hij erin bij de Britse ambassade in Hanoi het manuscript van een dichtbundel en een brief achter te laten. Hij werd onmiddellijk daarna opnieuw gearresteerd; twee jaar later kwam hij vrij, na intensieve internationale acties van onder meer Amnesty International en de internationale schrijversorganisatie PEN. Hij woont nu in de VS. Hij kreeg o.m. het Poetry International Eregeld voor vervolgde dichters (Rotterdam, 1985). Zie ook censuur

niemöller, martin (1892-1984)
Duits predikant en activist voor de vrede. Na te hebben gewerkt als duikbootcommandant in de Eerste Wereldoorlog begon hij zijn theologische studies. De door hem gestichte `Bekennende Kirche` verzette zich openlijk tegen Hitler. Niemöller werd gearresteerd in 1937 en als `persoonlijke gevangene` van Hitler tot 1945 in concentratiekampen vastgehouden. Na de oorlog was hij overtuigd van de collectieve schuld van de Duitsers, inclusief de kerk. Hij sprak overal voor internationale verzoening en tegen bewapening en pleitte voor een dialoog tussen Oost en West Zie ook christendom

niet-onderscheidende wapens
Alle wapens die verboden zijn volgens het `Verdrag over het verbod of de beperking van het gebruik van bepaalde conventionele wapens die geacht kunnen worden buitensporig leed te veroorzaken of een niet-onderscheidende werking hebben`, kortweg het `Verdrag over onmenselijke wapens`; dat verdrag werd in 1980 in Genève aangenomen. Daaronder vallen o.m. wapens die kleine deeltjes het menselijk lichaam doen binnendringen, landmijnen, brandwapens en lasers die bedoeld zijn om permanente blindheid te veroorzaken. Het verbod geldt zowel voor internationale als binnenlandse gewapende conflicten. Dit verdrag is een uitbreiding van de Geneefse verdragen. O.m. Nederland, België en de VS hebben het bekrachtigd. In het Eerste protocol (1977) bij de Geneefse verdragen staat trouwens een meer algemeen geformuleerd verbod op wapens die `overbodige verwondingen of onnodig lijden` veroorzaken. Zie ook collateral damage

niet-opschortbare rechten
(Du: notstandsfest, Eng: non-derogable) Rechten die nooit buiten werking kunnen worden gesteld, ook niet in tijd van oorlog of noodtoestand. Volgens het VN-verdrag (BuPo) zijn dat de rechten op leven, vrijheid van geweten en geloof, erkenning als persoon voor de wet (habeas corpus), vrijwaring van marteling en wrede behandeling, vrijwaring van gevangenneming wegens schulden en vrijwaring van twee maal bestraffing voor hetzelfde misdrijf (ne bis in idem).

nikitin, aleksandr (1952)
Russische nucleaire ingenieur en kapitein van de marine die in 1995 een rapport schreef over de vervuiling van het milieu door nucleair afval van Russische onderzeeboten. Vanwege zijn rapport, dat door organisaties voor het milieu in heel Europa werd aangegrepen voor protesten, werd hij beschuldigd van het `openbaar maken van staatsgeheimen`. Hij werd in oktober 1994 gearresteerd en een jaar lang vastgehouden; daarna kreeg hij huisarrest. In 2000 werd hij definitief vrijgesproken. Het proces werd gezien als een belangrijke toets voor de onafhankelijkheid van rechters in het postcommunistische Rusland. Zie ook censuur; Pasko, Grigori

nobelprijs voor de vrede
Een van de prijzen die is ingesteld uit de nalatenschap van de Zweedse industrieel en uitvinder van het dynamiet, Alfred Nobel (1833-1896). De Nobelprijs voor de vrede, die sinds 1901 jaarlijks wordt toegekend, is soms toegekend aan politici die bijv. voor een doorbraak in de onderhandelingen tussen strijdende partijen hadden gezorgd (zoals Anwar Al-Sadat en Menachem Begin, die de prijs in 1978 kregen voor het Egyptisch-Israëlische vredesproces). Vaker is de prijs echter gegeven aan personen en organisaties die zich als mensenrechtenverdediger of onafhankelijke activist voor de vrede hebben laten gelden. Onder hen waren Henri Dunant (1901), Tobias Asser (1911), het Rode Kruis (1917, 1944, 1963 en 1976), Fridtjof Nansen (1922), Nansens bureau voor uitgewekenen (1938), American Friends Service Committee (Quakers) (1947), Albert Schweitzer (1952), UNHCR (1954), A.J. Lutuli (1960), Martin Luther King (1964), René Cassin (1968), ILO (1969), Willy Brandt (1971), Séan MacBride (1974), Andrej Sacharov (1975), Amnesty International (1977), Moeder Teresa (1979), Adolfo Pérez Esquivel (1980), Lech Walesa (1981), Desmond Tutu (1984), Elie Wiesel (1986), de vredesmachten van de VN (1988), de Dalai Lama (1989), Michail Gorbatsjov (1990), Aung San Suu Kyi (1991), Rigoberta Menchú (1992), Nelson Mandela (1993), Carlos Belo and José Ramos-Horta 1996), Jody Williams (1997), Artsen zonder Grenzen (1999), Kim Dae-jung (2000), Kofi Annan (2001), Jimmy Carter (2002), Shirin Ebadi (2003), Wangari Maathai (2004), Mohamed ElBaradei en het Internationaal Atoomagentschap (2005), Muhammed Yunus (2006).

non-interventie
Het beginsel dat staten zich, behoudens wanneer internationale vrede en veiligheid worden bedreigd, niet gewapenderhand mengen in de aangelegenheden van andere staten, zoals voorgeschreven door het VN Handvest. Zie ook inmenging; interventie

non-proliferatie
wapens (nucleaire)

noodhulp
rampen



noodtoestand
Ook: staat van beleg (Eng: state of emergency, martial law). Situatie waarin een staat de opschorting van bepaalde rechten afkondigt in verband met binnenlandse of internationale crisis. Rechtvaardigingen van de noodtoestand zijn bijv. bedreigingen van nationale veiligheid door gewapend binnenlands verzet, oorlog en natuurrampen. Volgens het VN-verdrag (BuPo) moet het uitroepen van de noodtoestand worden gemeld bij de VN. Zij zou niet langer dan 90 dagen moeten duren. In de praktijk duren noodtoestanden vaak veel langer; zo waren in Jordanië op grond van noodbepalingen politieke partijen veertig jaar lang verboden. De noodtoestand mag volgens internationaal recht geen inbreuk maken op niet-opschortbare rechten. De VN Subcommissie rapporteert geregeld over noodtoestanden.

normen
Algemene benaming voor voorschriften, artikelen van verdragen en verklaringen, gedragscodes e.d. met een verschillende mate van rechtskracht. Meer dan negentig honderd normen van mensenrechten zijn in internationale verdragen vastgelegd. Normen die niet in internationaal recht zijn verwoord kunnen niet als vaststaand worden beschouwd. Een oproep tot `herstel van normen en waarden` heeft, behalve in de betekenis van naleving van mensenrechten, dan ook weinig betekenis: normen over wat fatsoenlijk, netjes, beschaafd e.d. zijn met opzet niet vastgelegd omdat ze al zeer aan tijd en plaats zijn gebonden. Charles Taylor maakt het onderscheid tussen `sterke` en `zwakke` waarden: met de laatste, bijv. de voorkeur in kleding en voedsel, moet de politiek zich niet bemoeien.

nowak, manfred (1950)
Oostenrijkse wetenschapper, mensenrechtenactivist en functionaris van de VN. Hij was directeur van het Studie- en Informatiecentrum Mensenrechten (SIM) in Nederland en werd in 2002 directeur van het Europees Interuniversitair Centrum voor Mensenrechten in Venetië. Hij was lid van de VN-werkgroep voor verdwijningen (1993-2001), VN-deskundige voor verdwenen personen in voormalig Joegoslavië (1994-1997) en de speciale VN-rapporteur voor marteling. De Unesco eerde hem met een prijs voor zijn werk in mensenrechteneducatie. Hij speelde ook een belangrijke rol in de Internationale Commissie van Juristen.

nucleaire wapens
wapens, nucleaire

nulla poena sine lege
(Van Lat: geen straf zonder wet) Niemand mag veroordeeld worden voor een daad die op het moment van plegen nog geen strafbaar feit was. In het VN-verdrag (BuPo) en het Europees verdrag wordt echter een uitzondering gemaakt voor de misdaden die op de processen van Neurenberg berecht werden: oorlogsmisdrijven, misdrijven tegen de menselijkheid en tegen de vrede.

nwankwo, clement
Nigeriaanse activist, directeur van het Project voor Grondwettelijke Rechten en medeoprichter van de Nigeriaanse Organisatie voor Burgerrechten. Ten tijde van de militaire regeringen, tot eind jaren negentig, waren dit de enige organisaties die het buitenland informatie konden geven over de zeer slechte gevangenisomstandigheden, buitengerechtelijke executies, gevallen van marteling en andere schendingen van mensenrechten in het land. Nwankwo werd in 1997 gearresteerd en mishandeld, vervolgens veroordeeld voor `diefstal`. Hij kwam na korte tijd vrij en werd geëerd met de mensenrechtenprijs genoemd naar Martin Ennals.

oas
De Organisatie van Amerikaanse Staten werd in 1948 opgericht en telt nu 32 lidstaten, waaronder de VS. Het handvest van de OAS noemt als doelstelling o.m. eerbiediging van de fundamentele rechten zonder onderscheid naar ras, nationaliteit, geloof of geslacht. Het noemt ook plichten van de mens, zoals de plicht tot arbeid. De OAS nam in 1948 de Amerikaanse verklaring van de mensenrechten aan, in 1969 gevolgd door het Amerikaans Verdrag voor de mensenrechten. Dat verdrag hebben de VS niet bekrachtigd.

ogata, sadako
Japanse hoogleraar politieke wetenschappen die van 1991 tot 2001 Hoge Commissaris voor Vluchtelingen (UNHCR) was. Eerder was ze de Japanse afgevaardigde bij de VN-commissie voor mensenrechten en VN-gezant voor Myanmar (Birma). Als Hoge Commissaris maakte ze zich sterk voor een uitbreiding van het werkterrein van de UNHCR naar de bescherming van ook binnenlandse vluchtelingen (ontheemden).

olympische spelen en mensenrechten
Amnesty heeft geen standpunt vóór of tegen deelname aan de Olympische Spelen in China in 2008. De organisatie dringt er bij het Internationaal Olympisch Comité en deelnemende landen op aan dat ze hun invloed aanwenden om de Chinese autoriteiten tot verbetering van de mensenrechten te brengen. In 2001 verklaarde de vice-president van het Chinese Olympisch Comité bij de kandidaatstelling: `Door de Olympische Spelen aan Beijing toe te kennen helpt u mee de mensenrechten te bevorderen.` De voorzitter van het Internationaal Olympisch Comitë, Jacques Rogge, heeft herhaaldelijk verwezen naar inspanningen van China om de mensenrechtensituatie te verbeteren. In april 2002 beloofde hij op te treden als de mensenrechten in China niet zouden verbeteren. Uit periodieke beoordelingen die Amnesty maakt van China blijkt dat zich op grote schaal schendingen van mensenrechten blijven voordoen. 1 De doodstraf - De doodstraf is nog steeds van toepassing op zo`n 68 delicten, waaronder ook belastingfraude en drugsmisdrijven. - Naar schatting worden jaarlijks acht- tot tienduizend mensen geëxecuteerd, officiële cijfers maken melding van 1500 tot 2000 terechtstellingen. - Niemand die tot de doodstraf wordt veroordeeld krijgt een eerlijk proces. Het ontbreekt aan goede toegang tot een advocaat en aan het uitgangspunt dat mensen onschuldig zijn tot het tegendeel is bewezen. Bewijs wordt soms door marteling verkregen. - Het uitnemen van organen van geëxecuteerde gevangenen is wijdverspreid. Nieuwe wetgeving uit juli 2006 regelt slechts transplantatie van levende donoren.

ombudsman
(Van Zweeds: scheidsrechter) Een functionaris die tot taak heeft de burger in zijn omgang met de overheid te beschermen tegen willekeur. De Zweedse grondwet voorzag sinds 1809 in een ombudsman, aangesteld door het parlement. Het instituut bestaat nu in tientallen landen. In Nederland werd een ombudsman aangesteld in 1982. Tot hem kan iedere burger zich wenden die meent dat een administratief orgaan zich onjuist jegens hem heeft gedragen. De ombudsman, die voor zes jaar wordt benoemd, behandelt in de praktijk veel zaken waarin procedures van de overheid nodeloos lijken te zijn vertraagd. Er kwamen later ook instellingen van de ombudsman op gemeentelijk niveau. Wereldwijd is vooral in de jaren negentig het aanstellen van een ombudsman, of het instellen van een nationale commissie voor mensenrechten, in zwang geraakt. Mensenrechtenverdedigers hebben vaak formeel of informeel als ombudsman gefungeerd, zoals Hannan Ashrawi (Palestina) en Sergej Kovaljov (Rusland). De VN aanvaardden in 1991 de Principes van Parijs, een verklaring die vooral benadrukt dat een ombudsman onafhankelijk van de overheid moet kunnen werken en zich naar eigen keuze mag laten bijstaan door onafhankelijke deskundigen en organisaties.

onafhankelijkheid
In het internationaal recht, een essentieel kenmerk van de staat als rechtspersoon. De vrijheid te voorzien in eigen welzijn en ontwikkeling, zolang dit de legitieme rechten van andere staten niet schaadt. Onafhankelijkheid houdt in dat geen andere staat het recht heeft te interveniëren. Maar een andere staat mag eventueel met geweld trachten herstel van een begaan onrecht te bewerkstelligen. En een staat mag met goedkeuring van de VN-veiligheidsraad interveniëren om de vrede en veiligheid te waarborgen. De onafhankelijkheid van wilsbeschikkingen van het individu wordt in de regel met `zelfstandigheid` aangeduid.

onderdrukking
Als onrechtvaardig gevoelde beperkingen die door een staat worden opgelegd. Middelen van onderdrukking zijn o.m. censuur, geweld, gevangenschap, controle van media en communicatiemiddelen, isolatie van de buitenwereld, marteling, doodstraf, verdwijningen en buitengerechtelijke executies. Zie ook terrorisme.

ondervoeding
voedsel

ondervraging
Internationale normen verbieden elke vorm van marteling, wrede behandeling en zware psychologische druk bij ondervraging. In Nederland is een verdachte niet verplicht een verklaring af te leggen of op vragen te antwoorden en degene die hem ondervraagt is verplicht hem op die rechten te wijzen. Er mogen geen strikvragen worden gebruikt en er mag geen dwang worden toegepast. In het eerste verhoor mag verdachte zich niet door advocaat laten bijstaan, dat mag pas na inverzekeringstelling. Een belangrijk principe in de rechtsstaat is dat een verdachte niet hoeft mee te werken aan zijn eigen veroordeling. Een verdachte moet wel meewerken aan het afnemen van vingerafdrukken, een bloedproef bij bijv. verdenking van alcoholgebruik in het verkeer en een DNA-test door bijv. slijm, huidschilfers of haar af te staan. Verder valt een verdachte onder de bescherming die het recht op privacy biedt. Het uitgebreid ondervragen van asielzoekers heet in Nederland nader gehoor. Zie ook arrestatie; gevangenen

onderwijs
Het VN-verdrag (BuPo) erkent de vrijheid geloof uit te dragen in onderwijs. Het VN-verdrag (EcSoCu) erkent het recht van ieder op onderwijs. Het primair onderwijs moet verplicht en kosteloos zijn, het verdere onderwijs moet geleidelijk kosteloos worden gemaakt. Ouders hebben vrije schoolkeuze naar hun eigen overtuiging. Niemand zal het recht op onderwijs worden ontzegd. De VN kent een speciale rapporteur voor het recht op onderwijs. In Nederland zijn processen aangespannen tegen de steeds hogere kosten voor deelnemers van hoger onderwijs, maar de rechter oordeelde dat die kosten gerechtvaardigd zijn door de economische noodzaak van bezuinigingen. In Nederland is ook discussie ontstaan over de vrijheid van schoolkeuze, vastgelegd in artikel 23 van de Grondwet. Die vrijheid zou er o.m. toe leiden dat islamitische ouders hun scholen naar strikt islamitische scholen sturen, waardoor de integratie wordt tegengehouden (kleding). In het parlement gingen stemmen op om artikel 23 af te schaffen, maar in 2003 stelde de Onderwijsraad dat er van een strikte scheiding op grond van geloof in feite geen sprake was in het Nederlands onderwijs en dat een overheid ouders de vrijheid van schoolkeuze niet mag ontnemen. Voor onderwijs in mensenrechten mensenrechteneducatie

onderzoek van schendingen
Onderzoek naar schendingen van mensenrechten wordt gedaan door IGO`s en ngo`s en door wetenschappelijke instituten zoals PIOOM. Omdat onderzoeksmissies in de regel afhankelijk zijn van zekere medewerking van de autoriteiten, gaan naar verhouding veel missies naar landen die goed toegankelijk zijn. Risico`s van missies zijn o.m. dat geïnterviewde personen te duchten hebben voor represailles, dat de overheid belangrijke feiten weet te verhullen, dat het verslag soms gebaseerd is op oppervlakkige indrukken of dat de overheid de missie gebruikt om haar eigen status te verhogen. Andere middelen van onderzoek zijn monitors, forensisch onderzoek, het interviewen van vluchtelingen en rapportage. In onderzoek wordt ook veel gebruik gemaakt van berichten uit de media en van informatie van plaatselijke mensenrechtenverdedigers.

onpartijdigheid
Het achterwege laten van ongegronde bevoordeling van een van de partijen in een conflict. Het VN-verdrag (BuPo) stelt dat de rechtspraak onpartijdig moet zijn. Algemeen geldt in de mensenrechten het recht op gelijkheid, d.w.z. dat de ene partij niet discriminerend mag worden bevoordeeld boven de andere. Organisaties en instellingen voor mensenrechten worden geacht onpartijdig te zijn, ook al zijn ze niet onafhankelijk of neutraal (bijv. een regeringscommissie of een commissie van een bepaalde politieke partij). Onpartijdigheid is in de regel ook een kenmerk van ngo`s die voor mensenrechten werken, hoewel sommige ngo`s duidelijk zijn verbonden aan politieke partijen of oppositiegroeperingen. Zolang zij zich duidelijk houden aan internationale normen van mensenrechten, hoeft dat hun betrouwbaarheid niet in de weg te staan. Zie ook medici; medische neutraliteit; neutraliteit; rechters

onrecht
Het gevoel onrechtvaardig te zijn behandeld of in een structureel onrechtvaardige situatie te verkeren is maar al te verbreid. In rechtsstelsels heeft het begrip onrecht echter geen directe vertaling gevonden. Onrecht kan worden gedefinieerd als grove inbreuk op rechtvaardigheid, dat is een zo eerlijk mogelijke verdeling van voorrechten en goed. Schendingen van rechten moeten echter specifieker worden vertaald als schade, misdaad, overtreding enz. om vragen inzake aansprakelijkheid, verantwoordelijkheid en schuld te kunnen beantwoorden.

onschendbaarheid
Onschendbaar heten het lichaam en bepaalde rechten van privacy, zoals het briefgeheim, tenzij voor de schending een wettige grond bestaat. In de zin van een absoluut verbod op inmenging wordt gesproken van immuniteit. Bepaalde rechten gelden als `onschendbaar` in de zin dat ze niet-opschortbare rechten zijn, die ook in een noodtoestand niet buiten werking mogen worden gesteld.

onteigening
De soevereiniteit (zeggenschap) van staten over de natuurlijke hulpbronnen, land e.d. betekent dat de staat het recht heeft op onteigening. Dat recht is bijv. ook in de Nederlandse grondwet vastgelegd. Er moet dan een schadevergoeding worden toegekend zoals `bij wet is vastgelegd`; de grondwet garandeert dus niet dat schadevergoeding in álle gevallen verplicht is. Onteigening kan van economisch belang zijn, maar ook politiek gemotiveerd. Zo onteigende Indonesië in 1957-1958 Nederlandse eigendommen als protest in het conflict over Nieuw-Guinea. Dergelijke praktijken worden geaccepteerd in het internationaal recht. Het `VN-handvest van economische rechten en plichten van staten` (1984) stelt dat onteigenende staten slechts verplicht zijn tot schadevergoeding `als alle omstandigheden zo vereisen`.

ontheemden
1. (Eng: displaced persons) Vluchtelingen binnen de grenzen van het eigen land. Voorheen was displaced persons (DPs) ook een aanduiding van degenen die rond de Tweede Wereldoorlog gevlucht of verdreven waren uit hun eigen land. In Europa waren er aan het einde van de oorlog zo`n 8 miljoen DPs, onder wie vluchtelingen uit de Spaanse burgeroorlog, de door de Sovjet-Unie bezette gebieden in Oost-Europa, joodse overlevenden van de concentratiekampen en Duitse oorlogsvluchtelingen. Voor hen zette o.m. Fridtjof Nansen zich in. Ook de vluchtelingen uit Tsjecho-Slowakije (1948, 1968) en Hongarije (1956) werden nog DPs genoemd. Later zijn echter de termen vluchtelingen en asielzoekers in zwang gekomen. Nu is internally displaced persons de internationale benaming voor ontheemden, mensen die voor vervolging of natuurgeweld zijn gevlucht naar plaatsen binnen de grenzen van hun land. Ontheemden vallen niet automatisch binnen het werkterrein van de UNHCR en kunnen over het algemeen veel minder op internationale bescherming en hulp rekenen dan degenen die over landsgrenzen zijn gevlucht. Van de 20 miljoen mensen die de UNHCR in 2006 bescherming bood, waren 6,6 miljoen mensen binnenlands ontheemden. De VN heeft een speciale rapporteur voor ontheemden, een functie die o.m. is vervuld door Francis Deng. 2. In de Nederlandse asielprocedure, degenen die niet voor individueel gerichte politieke vervolging maar bijvoorbeeld voor een oorlog zijn gevlucht. Een beslissing over hun verblijfsstatus kan gedurende een jaar worden opgeschort; zij vallen dan onder het `besluitmoratorium`.

ontkenning
Ook als de bewijzen volop aanwezig zijn blijven mensen soms ernstige misdrijven ontkennen, zoals vormen van genocide. Groepen en individuen van holocaustontkenners zijn vooral actief in Noord-Amerika en West-Europa; ze ontkennen o.m. het gebruik van gaskamers. In Nederland is ontkenning van de holocaust verboden op grond van het Verbeke-arrest (1997). Holocaustontkenning is ook verboden in o.m. België, Duitsland, Frankrijk, Canada en Zuid-Afrika. In het Westen worden holocaustontkenners zelden serieus genomen. De rechter moet de afweging maken of het betwijfelen van aspecten van de holocaust haatzaai is (bijv. een uitdrukking van antisemitisme) of legitiem (bijv. wetenschappelijke onzekerheid over het aantal slachtoffers). In Turkije ontkent de overheid nog altijd de Armeense genocide, die in de periode tussen 1895 en 1923 meer dan een miljoen slachtoffers maakte. Turkije zegt dat er misdrijven zijn gepleegd, ook door militairen, maar dat van een vooropgezet plan tot uitroeiing geen sprake was. Veel juristen menen dat het een verbod op ontkenning, zoals het verbod op holocaustontkenning dat inmiddels in 14 landen wettelijk is vastgelegd, een vorm van slechte wetgeving is. Het is vaak erg moeilijk het misdadige karakter ervan precies aan te duiden en er is een aanzienlijk risico dat de ontkenners die juridisch vervolgd worden tot martelaren worden verheven. Degelijke kritiek en het belachelijk maken van onhoudbare beweringen zijn volgens deze juristen meer probate middelen. Voorstanders zeggen dat een rechtsstaat een grens moet trekken bij `meningsuiting` of `wetenschappelijke twijfel` die duidelijk bedoeld is om kwetsend, haatdragend of bedreigend te zijn tegenover bepaalde bevolkingsgroepen.

ontwapening
Een verzamelnaam voor verschillende begrippen: 1) De gedwongen vernietiging van wapens na een nederlaag, zoals door het Verdrag van Versailles (1919) opgelegd aan Duitsland. 2) Bilaterale overeenkomsten tussen landen, zoals tussen de VS en de Sovjet-Unie, om tot wederzijdse vermindering van wapens te komen. 3) De volledige afschaffing van alle wapens, zoals bepleit door sommige aanhangers van het pacifisme en de vredesbeweging. 4) De beperking van nationale bewapening door internationale afspraken en verdragen, m.n. onder toezicht van de VN. In 1959 begon een ontwapeningscomité van tien landen uit Oost en West besprekingen, maar er werd nauwelijks overeenstemming bereikt. Het Westen wilde een geleidelijke, gecontroleerde afschaffing, de Sovjet-Unie streefde naar algehele ontwapening binnen enkele jaren. Sinds 1962 vonden besprekingen plaats in Genève, vooral over nucleaire wapens en over biologische en chemische wapens. Voorbeelden van maatregelen voor wapenbeheersing zijn de SALT-I (1972) en SALT-II (1979) Akkoorden en het INF-akkoord (1987). In 1997 werd in Ottawa een verdrag tegen landmijnen aanvaard. De VS zegde in 2001 het ABM-verdrag op - het was getekend in 1972 om de inzet van `defensieve` raketten aan banden te leggen. Het `VN-wapenverdrag` is een verdrag uit 1980 over het verbod en de beperking van het gebruik van bepaalde conventionele wapens die geacht kunnen worden uitzonderlijk schadelijke of onnauwkeurige effecten te hebben (niet-onderscheidende wapens). In protocollen bij dit verdrag worden o.

ontwikkeling, recht op
De VN-verdragen van 1966 noemen in het eerste artikel het recht op economische, sociale en culturele ontwikkeling. Het VN-verdrag (EcSoCu) noemt het recht te genieten van de voordelen van wetenschappelijke vooruitgang en de toepassingen daarvan. Het recht op ontwikkeling, als een van de collectieve rechten, is voor het eerst expliciet geformuleerd begin jaren zeventig en werd in 1986 aanvaard door de lidstaten van de VN, met alleen de VS tegen. Het recht op ontwikkeling betekent in de praktijk vooral: bescherming tegen kolonisering en andere vormen van internationale afhankelijkheid die nationale vooruitgang tegenhouden. Er is ook kritiek op de formulering van dit recht: het zou regeringen de gelegenheid bieden om in het kader van de gewenste `ontwikkeling` bepaalde grondrechten op te schorten. Bovendien is erg onduidelijk welke volken of andere groepen als collectief het recht op ontwikkeling zouden moeten genieten. Belangrijke denkers over het recht op ontwikkeling zijn o.m. Willy Brandt, Gro Brundtland, Johan Galtung en Danilo Türk.

ontwikkelingslanden
Landen die relatief arm en onderontwikkeld zijn; ze werden (en worden) samen ook vaak aangeduid als de `derde wereld`. Er zijn bij de Wereldhandelsorganisatie (WTO) geen definities van `ontwikkelde` en `onderontwikkelde` landen. Landen kunnen zelf aangeven in welke categorie ze willen vallen. Daarmee krijgen ze bepaalde voordelen, zoals voorlopige vrijstelling van maatregelen of technische hulp. Op een lijst van de VN stonden, in 2003, 49 landen als ontwikkelingsland aangemerkt. De Index van Menselijke Ontwikkeling heeft een maatstaf ontwikkeld voor landen met een hoge, middelmatige of lage ontwikkelingen. Zie ook armoede; ontwikkeling

onverdraagzaamheid
De onwil om het bestaan van afwijkende ideeën of gewoonten te aanvaarden, vaak gekoppeld aan een afkeer van bepaalde kenmerken. Onverdraagzaamheid uit zich in vormen als racisme, fundamentalisme, discriminatie van vrouwen, blasfemie en dogmatisme. Onverdraagzaamheid wordt vaak gesteld tegenover tolerantie, maar auteurs als Thomas Paine (1737-1809) hebben aangevoerd dat tolerantie eerder een blijk van onverschilligheid is dan een respectvolle behandeling van andere meningen. Daarom is solidariteit waarschijnlijk meer de tegenpool van onverdraagzaamheid.

onvervreemdbare rechten
De preambules van de VN-verdragen van 1966 noemen de onvervreemdbare rechten van alle leden van de mensheid als de basis van vrijheid, rechtvaardigheid en vrede. Onvervreemdbaar zijn o.m. de menselijke waardigheid en het bestaan als persoon. In diezelfde verdragen zijn echter allerlei mogelijkheden tot beperking opgenomen. Alleen de niet-opschortbare rechten kunnen in internationaal-rechtelijke zin als onvervreemdbaar worden beschouwd.

oorlog
Sinds de oudheid is de rechtvaardigheid van oorlog zowel bepleit als betwist. De theoloog Thomas van Aquino (1224-25-1274) ontwikkelde het principe van de rechtvaardige oorlog. Oorlogen eisten in de loop van de 20e eeuw naar verhouding steeds meer burgerslachtoffers, vooral als gevolg van massavernietigingswapens. Daarom worden ontwapening en beperking van de wapenwedloop steeds belangrijker. Tamelijk recent zijn de acties die tegen de verbreiding van kleine wapens worden gevoerd. Het humanitair oorlogsrecht van de Geneefse verdragen is nog altijd in ontwikkeling, hetgeen leidt tot nieuwe protocollen. Daarin ligt de nadruk op bescherming van de burgerbevolking tegen massaal geweld, willekeurige executie en detentie, en represailles. Volgens het internationaal recht moet een oorlogsverklaring officieel worden aangemeld bij VN Veiligheidsraad. Oorlog is alleen toegestaan als vorm van verdediging, niet als daad van agressie – de misdaad van agressie kan worden berecht door het Internationaal Strafhof. Een groot aantal niet-gouvernementele organisaties (ngo`s) heeft het voorkómen van oorlog en gewapend conflict als uitdrukkelijke doelstelling, zoals Hague Appeal for Peace, International Alert, Justitia et Pax, Pax Christi en Quakers. Mensenrechtenorganisaties nemen veelal geen standpunt in over de rechtvaardiging van oorlog, wél over de te nemen maatregelen om in gewapend conflict schendingen van mensenrechten en oorlogsmisdrijven te voorkomen. Voor een lijst van gewapende conflicten in de wereld, zie de website waarnaar wordt verwezen bij militarisering.

oorlogsmisdrijven, oorlogsrecht
Er bestaat niet één geheel van oorlogsrecht. Militairen, onder wie krijgsgevangenen, en burgers worden beschermd door de Geneefse verdragen, die ook zekere bescherming bieden bij bevrijdingsoorlogen en binnenlandse gewapende conflicten. Militairen vallen ook in oorlogstijd onder het militair recht. Speciale VN-regelingen gelden voor internationale agressie en interventie – beide zijn onder bepaalde voorwaarden toegestaan. Er bestaat een juridische traditie, die al zeker vier eeuwen oud is, inzake de zogenaamde rechtvaardige oorlog, dat is een oorlog die gevoerd wordt om een groot gevaar af te wenden of om een bevolking van onderdrukking te bevrijden. Volgens VN-normen is ook in een oorlog lang niet alles toegestaan: bepaalde wapens zijn altijd verboden, zoals landmijnen. Oorlogsmisdrijven zijn schendingen van de Geneefse verdragen. In het gemeenschappelijk artikel 3 van de Geneefse verdragen inzake het humanitaire oorlogsrecht, uit 1949, staan daden opgesomd die altijd verboden zijn, ook als het om een niet-internationaal conflict gaat. Die daden zijn onder meer: marteling, verminking, lijfstraffen, het nemen van gijzelaars, daden van terrorisme, `schendingen van de menselijke waardigheid` waaronder verkrachting en gedwongen prostitutie, plundering en terechtstellingen zonder proces. Oorlogsmisdrijven worden onderscheiden van misdrijven tegen de menselijkheid, die ook buiten oorlogsgebieden kunnen worden begaan. Beide soorten misdaden vallen onder de rechtspraak van internationale tribunalen en het Internationaal Strafhof.

oorlogspropaganda
Deze propaganda is verboden volgens het VN-verdrag (BuPo). Nederland maakte echter een voorbehoud bij het desbetreffende artikel: Nederland werd wel partij bij het verdrag maar wilde niet met dit verbod instemmen, gezien de moeilijkheden die bij het formuleren van een dergelijk verbod verwacht werden.

open society institute
Een organisatie, in 1993 gesticht door George Soros, met hoofdkantoren in New York en Boedapest. Aryeh Neier was de eerste directeur. Deze ngo steunt in meer dan vijftig landen organisaties die zich inzetting voor democratisering, mensenrechten, vrouwenrechten, economische hervorming, onderwijs, gezondheidszorg en vrije media.

openbaarheid
Het principe van vrijheid in het verzamelen en verspreiden van ideeën en informatie ongeacht grenzen, zoals vastgelegd in het VN-verdrag (BuPo), houdt in dat informatie in principe openbaar is. Er kunnen echter uitzonderingen worden gesteld bij de wet, zoals bijv. t.a.v. persoonsregistratie. Zie ook censuur; media; meningsuiting; Wet openbaarheid bestuur

openbare orde
(Fr: ordre public, Eng: public order) De situatie van vreedzaam samenleven van alle leden van de samenleving, gekenmerkt door afwezigheid van vijandigheden, rebellie, opstanden, rellen of ander gedrag dat een ordelijk leven kan verstoren. Tot de inbreuken op openbare orde worden bijv. gerekend het dragen van wapens, optreden van paramilitaire eenheden, het dragen van uniformen die op een bepaalde groep of partij duiden, oproepen tot muiterij binnen de strijdkrachten of politie, oproepen tot opstand enz. In diverse verdragen, zoals het VN-verdrag (BuPo), worden bepaalde rechten (bijv. het recht om je vrijelijk binnen een staat te verplaatsen of het recht op een openbare rechtszitting) alleen gegarandeerd `zolang ze de openbare orde niet verstoren`. Zo`n bepaling stond ook lang in de Nederlandse grondwet. Bij de grondwetsherziening van 1983 werd het beperkter omschreven: de staat mag bepaalde bijzondere maatregelen nemen `ter voorkoming en bestrijding van wanordelijkheden`. Een beroep op de `openbare orde` kan voor de staat gemakkelijk een voorwendsel worden om bijv.ongewenste uitingen te verbieden. In Nederland krijgt de politie soms van de burgemeester opdracht de openbare orde te handhaven door bijv. een demonstratie tegen te houden. Het is niet zeker of voor dergelijk optreden altijd een basis in de grondwet is te vinden.

opstand
Opstand tegen een overheid met het doel de rechten van een volk te doen gelden kan worden beschouwd als een van de collectieve rechten. Opstandelingen die in enige mate met reguliere militaire eenheden opereren, zijn gehouden aan de bepalingen van de Geneefse verdragen over oorlogsrecht. Zie ook bevrijdingsoorlog; gewapende oppositiegroepen; rechtvaardige oorlog; verzet

optioneel protocol
facultatief protocol

organisaties voor mensenrechten
IGO`s; ngo`s; VN

ottawa, verdrag van
Verdrag aangaande het gebruik, opslaan, produceren en overdragen van antipersoonsmijnen en aangaande de vernietiging daarvan. Het werd in 1997 aanvaard in Ottawa, Canada. Het verdrag, dat bij aanvaarding door 127 landen werd getekend (niet door de VS), moet vooral de verbreiding van landmijnen tegengaan. Voor het verdrag was lang geijverd door een coalitie van organisaties waarvan Jody Williams (Nobelprijs voor de Vrede 1997) de voortrekker was.

ouderen
Voor de bescherming van ouderen bestaan, in tegenstelling tot voor bijv. de bescherming van kinderen, weinig normen (zie leeftijd). De Universele verklaring noemt de zorg voor sociale zekerheid bij ouderdom, maar dit recht keert niet uitdrukkelijk in een van de mensenrechtenverdragen terug. Volgens het beginsel van gelijkheid dat ook in de Universele verklaring is opgenomen, mogen mensen niet bij voorbaat ongeschikt tot werken worden verklaard alleen op grond van hun leeftijd. Het Amerikaans Verdrag vrijwaart personen ouder dan 70 jaar van oplegging van de doodstraf. De positie van ouderen in ontwikkelingslanden verslechtert: er komen steeds meer ouderen en het is minder vanzelfsprekend dat de familie voor hen zorgt. Door de aids-epidemie, die vooral mensen in de productieve leeftijd treft, zijn voorzieningen voor ouderen steeds moeilijker op te brengen. Ook schakelen de economieën steeds meer over van landbouw naar industrie en diensten, en juist in die sectoren kunnen ouderen nauwelijks betaald werk krijgen. De Nederlandse organisatie WorldGranny steunt ouderen in ontwikkelingslanden. Ze is aangesloten bij het HelpAge International netwerk, dat bestaat uit circa 70 organisaties in 53 landen. Het netwerk baseert zich op het Madrid Internationaal Actieplan over Vergrijzing (2002). Dat stelt o.m.: `Geweld tegen, verwaarlozing en mishandeling van ouderen neemt vele vormen aan -- lichamelijk, psychologisch, emotioneel, financieel -- en komt overal ter wereld voor. Het proces van ouder worden gaat gepaard met een afname van het herstelvermogen en dit kan tot gevolg hebben dat oudere slachtoffers van mishandeling nooit meer volledig lichamelijk of geestelijk herstellen van het opgelopen trauma.

ouderlijke macht
De bevoegdheid betreffende opvoeding, verzorging en vermogensbeheer van kinderen. In Nederland eindigt de ouderlijke macht in de regel bij 21 jaar, hoewel kinderen bij 18 jaar meerderjarig zijn. Ouders kunnen onder toezicht worden gesteld, waarbij de kinderrechter een gezinsvoogd benoemt. Bij ontheffing of ontzetting uit de ouderlijke macht worden de kinderen toevertrouwd aan de Raad voor de Kinderbescherming. Sinds 1982 bestaat hoorrecht voor minderjarigen van 12 jaar en ouder, in alle burgerlijke zaken. Tot de rechten van ouders behoren volgens de VN-verdragen van 1966 de vrijheid hun kinderen een religieuze en zedelijke opvoeding te geven die in overeenstemming is met hun eigen overtuiging en de keuze voor een andere dan de openbare school. In een zaak waar een Marokkaanse vader zich verzette tegen de uithuisplaatsing van zijn dochter bepaalde de Nederlandse Hoge Raad dat dat recht niet zodanig mocht worden uitgeoefend dat men de rechten en vrijheden van anderen dreigde aan te tasten. Zie ook kind

overbevolking
bevolkingsbeleid

overdrachten
(Eng: transfers) In veel gevallen zouden internationale overdrachten van goederen en diensten direct verband houden met schendingen van mensenrechten, maar het bewijs is vaak moeilijk te leveren. Daarbij kan het gaan om overdracht van militair en politioneel materieel of kennis die voor marteling en buitengerechtelijke executies wordt gebruikt, maar ook om financiële overdrachten die een onderdrukkend regime versterken. Amnesty International voert actie tegen overdrachten die direct tot schendingen van mensenrechten leiden, zoals martelwerktuigen en trainingen in marteltechnieken. Tegen overdrachten van vooral kleine wapens en landmijnen is actie gevoerd door vredesgroepen. Over het algemeen is echter alleen bij bepaalde incidenten, zoals rond de levering van korvetten aan Indonesië of van technologie aan Irak, sprake geweest van grote publieke verontrusting over de rol van overdrachten. Overdrachten die de mensenrechten kunnen bedreigen, worden ook aan de orde gesteld in het kader van bedrijven en mensenrechten en het maatschappelijk verantwoord ondernemen.

overheidsdienst
Personen in overheidsdienst zijn o.m. ambtenaren, rechters, militairen en politie. Met name voor wetshandhavers zijn gedragscodes ontwikkeld. Ambtenaren nemen soms een bijzondere arbeidspositie in, zoals in Nederland waar hun volgens de wet lange tijd het recht op staken was onthouden. Bijzondere verantwoordelijkheden berusten bij ambtenaren o.m. ten aanzien van persoonsregistratie, de uitvoering van voorzieningen, de uitvoering van het vreemdelingenbeleid en vluchtelingenbeleid, en het binnenlands veiligheidsbeleid. Het VN-verdrag (BuPo) stelt dat mensen recht hebben op een effectief rechtsmiddel bij schending van hun mensenrechten, zelfs als de schending is begaan door mensen in ambtelijke functie. Klachten over overheidsdiensten kunnen in verscheidene landen worden voorgelegd aan een ombudsman.

overtuiging
godsdienst

ovse
Vanaf begin jaren zeventig werden zittingen van de Conferentie over Veiligheid en Samenwerking in Europa (CVSE) bijgewoond door alle Europese (ook de Oost-Europese) landen minus Albanië, en door de VS en Canada. In 1975 werd die zitting afgesloten met de Slotakte van Helsinki. De CVSE werkte met besprekingen over verschillende onderwerpen, `manden` genoemd. De derde mand was gewijd aan mensenrechten. Als gevolg van de Helsinki-akte ontstonden in verscheidene landen Helsinki-groepen. In drie CVSE-conferenties over de menselijke dimensie, de laatste in Moskou in 1991, werd overeengekomen dat mensenrechten niet slechts de `binnenlandse aangelegenheden` van staten zijn. Er werd een mechanisme in het leven geroepen waarbij deskundigen schendingen van mensenrechten kunnen onderzoeken, zo nodig zonder toestemming van de betrokken staat als zes andere staten daarom vragen. Tien staten kunnen zelfs besluiten tot een spoedmissie. De CVSE werd later omgedoopt tot Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) en had in 2004 55 lidstaten in Europa en Noord-Amerika (inclusief de VS). De OVSE onderhield tientallen `veldmissies` uit om plaatselijk mensenrechten te helpen beschermen, in Midden- en Oost-Europa, de Balkan, de Kaukasus en Midden-Azië. De OVSE kent een Hoge Commissaris voor Minderheden, een functie die tot 2001 werd vervuld door Max van der Stoel en daarna door de Zweedse diplomaat Rolf Ekéus.

owen, david (1938)
Britse politicus. Als parlementslid voor de Labour Party en als kabinetslid was hij uitgesproken voorstander van Britse toetreding tot de Europese Gemeenschap. Medio jaren negentig was hij een belangrijk onderhandelaar, samen met de Amerikaan Cyrus Vance, in de oorlog in voormalig Joegoslavië. Hun plan voor een etnische opdeling van de regio werd verworpen, maar werd werkelijkheid in de jaren daarna. Hij geldt als een `realist` in internationale kwesties van mensenrechten en bepleit politieke oplossingen van gewelddadige conflicten.

pakket van grondbeginselen
gevangenen

pakpahan, muchtar (1953)
Indonesische vakbondsactivist. Van 1995-98 zat hij gevangen omdat hij arbeiders in voorafgaande jaren meermalen had opgeroepen te staken, als onderdeel van wijdverbreide politieke protesten tegen de regering-Soeharto. Activiteiten van de vakbeweging hebben een doorslaggevende rol gespeeld in het herstel van de democratie in Indonesië, eind jaren negentig.

palme, olaf (1922-1986)
Zweedse politicus, premier, leider van de Socialistische Internationale. Hij was een uitgesproken criticus van het Amerikaans optreden in de Vietnamoorlog in de jaren zestig en zeventig en van de inval van de Sovjet-Unie in Tsjecho-Slowakije in 1968. Hij gaf leiding aan verscheidene internationale initiatieven ter verbreiding van de sociaal-democratie. Hij werd slachtoffer van een moordaanslag.

paramilitairen
Aanduiding voor groepen die zich hebben bewapend en gewapende acties uitvoeren, maar niet tot het reguliere leger horen. Het belang van paramilitaire eenheden is in de loop der jaren toegenomen ten opzichte van dat van het leger. Ertoe behoren o.m. doodseskaders, `vigilantes` (burgerwachten) en milities. Ook een reguliere instelling zoals de politie kan paramilitaire taken op zich nemen. Zie ook militarisering

pardon
gratie

parijs, beginselen van
ombudsman

parlement
Een parlement is een gekozen volksvertegenwoordiging. Een parlement is een noodzakelijk onderdeel van de democratie, maar het bestaan van een parlement garandeert lang niet altijd dat die democratie ook echt functioneert. Deels is dat het gevolg van de heel verschillende vormen van kiesrecht die in verschillende landen bestaat. Ook de mate waarin een overheid een parlement serieus neemt verschilt sterk. Er zijn parlementen die geheel worden gedomineerd door een enkele partij of die, zoals in Rusland, nauwelijks een tegenwicht kunnen bieden aan de macht van de president. Er bestaan ook parlementen die alleen maar in naam een volksvertegenwoordiging zijn, maar die in het feite het verlengstuk zijn van de overheid, zoals het Nationaal Volkscongres in China. Sommige Arabische landen, zoals Koeweit en Saudi-Arabië, kennen een raad die de regering moet bijstaan; de leden daarvan zijn niet in openbare stemming gekozen, maar aangewezen of voorgedragen door de regering. Parlementariërs uit veel landen zijn verenigd in de Inter-Parlementaire Unie, die o.m. opkomt voor vervolgde collega`s.

participatierechten
Rechten op deelname, zoals aan bestuur van een land, openbare functies, verkiezingen, cultureel leven en nationaliteit. Deze behoren tot de fundamentele rechten en zijn opgenomen in het VN-verdrag (BuPo).

partnerdodingen
huiselijk geweld

pasko, grigori (1962)
Russische marineofficier die in Oost-Rusland in 1993 video-opnamen maakte van een Russische onderzeeër die nucleair afval dumpte. In november 1997 werd hij gearresteerd; hij zat lange tijd in eenzame opsluiting. In juli 1999 werd hij voorlopig vrijgelaten, maar zijn zaak bleef in behandeling. Amnesty International adopteerde hem als een van de gewetensgevangenen in Rusland, net als eerder een andere activist voor het milieu, Aleksandr Nikitin. Eind 2001 werd hij veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf; hij weigerde de aangeboden amnestie, omdat hij die als bevestiging van zijn schuld zag. Begin 2003 kwam hij vrij.

pax christi
Van oorsprong kerkelijke niet-gouvernementele organisatie (ngo`s) voor vrede en mensenrechten, die d.m.v. rapportage bekendheid geeft aan schendingen van mensenrechten en die in diverse landen projecten heeft voor mensenrechteneducatie en verzoening, o.m. in Soedan, voormalig Joegoslavië en Tsjetsjenië. De organisatie speelde ook een belangrijke rol in het betrekken van bedrijven bij aandacht voor mensenrechten. De Nederlandse afdeling is gevestigd in Utrecht, de Belgische in Antwerpen en Brussel.

peace brigades international
Deze organisatie, opgericht in 1981, werkt met escorts die bedreigde mensenrechtenverdedigers fysiek begeleiden - de aanwezigheid van een buitenlander biedt enige bescherming tegen aanslagen. Het werk van PBI begon in Nicaragua. Later waren vrijwilligers actief in o.m. Guatemala, El Salvador, Sri Lanka, Colombia, Chiapas (Mexico), Haïti, Indonesië, Oost-Timor en Kosovo. In Nederland is een belangrijke afdeling van de organisatie gevestigd. De organisatie kreeg in 2001 de mensenrechtenprijs genoemd naar Martin Ennals.

pearson, noel (1965)
Activist voor inheemse volken, in het bijzonder de rechten van de Australische aboriginals. Hij behaalde successen in de strijd om landrechten aan de oorspronkelijke bewoners terug te geven, en in acties tegen de roofbouw op het milieu die grote mijnbouwcorporaties pleegde. Hij werd o.m. geëerd met de Nederlandse Geuzenpenning (1998).

pedofilie
seksuele minderheden

pen
Schrijversorganisatie van Poets, Essayists and Novelists, opgericht in 1921 door o.m. de Britse schrijver H.G. Wells (1866-1946). Wells werd vanaf 1939 een van de eerste ijveraars voor een modern, universeel begrip van de mensenrechten. Tientallen jaren was de PEN een van de weinige internationale fora waarin intellectuelen van Oost en West, links en rechts elkaar konden ontmoeten. Er zijn nu over de hele wereld afdelingen van PEN, niet naar land maar naar taalgebied. Het handvest van de PEN schrijft de onafhankelijkheid van de schrijver voor. Een Writers in Prison Committee is actief voor vervolgde schrijvers en gewetensgevangenen en voert acties tegen censuur. Tot de Nederlandse schrijvers die in het bijzonder actief zijn voor mensenrechten binnen de PEN behoort Jana Beranová.

pérez esquivel, adolfo (1931)
Argentijns beeldhouwer en architect, voorvechter van mensenrechten en geweldloze hervorming in Latijns Amerika. Hij sprak uit naam van de duizenden die slachtoffer waren geworden van verdwijning. Mede vanwege zijn werk voor de oecumenische beweging Paz y Justicia en zijn bescherming van de Dwaze Moeders kreeg hij in 1980 de Nobelprijs voor de Vrede.

persoon
De fundamentele en sociaal-economische mensenrechten zijn gericht op bescherming van de persoon, het individu, tegen de willekeur van machthebbers. In sommige opvattingen van mensenrechten wordt ook de ontplooiing van de persoon benadrukt, zoals in de Duitse grondwet (artikel 2.1): `Ieder heeft recht op de vrije ontplooiing van zijn persoonlijkheid...` Een verwante opvatting is dat de mensenrechten zijn gebaseerd op de menselijke waardigheid. In de Duitse grondwet zegt artikel 1.1: `De waarde van de mens is onaantastbaar.` Het VN-verdrag (BuPo) garandeert het recht op vrijheid en veiligheid van de persoon en het recht op erkenning als persoon voor de wet. Zie ook individu

persoonsregistratie
identificatieplicht; privacy; Schengen

persvrijheid
De Universele verklaring heeft geen bepaling aangaande de vrijheid van drukpers, omdat daarover in de voorbereidende vergaderingen geen overeenstemming kon worden bereikt. Internationaal is de vrijheid van informatie vastgelegd in het VN-verdrag (BuPo). Artikel 7.1 van de Nederlandse grondwet luidt: `Niemand heeft voorafgaand verlof nodig om door de drukpers gedachten of gevoelens te openbaren, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet`. De belangrijkste bedreiging van de persvrijheid is censuur. Blijkens de Nederlandse rechtspraak is wat niet mag o.m.: aanzetten tot geweld tegen minderheidsgroepen; ongegronde belediging; het openbaar maken van bepaalde bedrijfsgeheimen; verregaande openbaarmaking van privé-gegevens; pornografie met kinderen. Voor media als radio en tv en voor reclame gelden andere regels. Zie ook journalisten

petitie
klachtrecht

physicians for human rights
Internationale organisatie van medici en gezondheidswerkers, met hoofdkantoor in de VS, die zich vooral inzet voor de naleving van medische neutraliteit bij hulpverlening aan slachtoffers van oorlog en gewapend conflict, en die het forensisch onderzoek ten bate van slachtoffers van mensenrechten heeft helpen ontwikkelen. Er zijn diverse nationale afdelingen en geassocieerde organisaties, zoals de Nederlandse Johannes Wier Stichting, die ijveren voor medische opvang van asielzoekers, onderwijs in medische ethiek en de medische begeleiding bij hongerstaking. Zie ook gezondheidsrechten

pinochet, augusto (1915-2006)
Chileense generaal die aan de macht kwam door een staatsgreep tegen de gekozen president Salvador Allende in 1973. In 1990 werd de democratie hersteld. In 1996 werden de eerste strafklachten tegen Pinochet ingediend bij het Spaanse Nationale Hof. De Spaanse rechter Baltasar Garzón diende in oktober 1998 een officieel verzoek in bij de Britse autoriteiten voor het verhoren van Pinochet, die vervolgens in hechtenis werd genomen. Het Britse Hooggerechtshof was van oordeel dat Pinochet, als voormalig staatshoofd, immuniteit genoot (was gevrijwaard van uitlevering en rechtsvervolging). Daartegen werd beroep aangetekend bij het Hooggerechtshof. In november 1998 stelde de gerechtelijke commissie van het Hogerhuis (Law Lords) dat Pinochet niet was gevrijwaard van rechtsvervolging vanwege het feit dat hij voormalig staatshoofd was. In november 1999 vroeg het Britse ministerie van Binnenlandse Zaken om onafhankelijke medische onderzoeken voor Pinochet na een verzoek van de Chileense regering om hem om gezondheidsredenen vrij te laten. In maart 2000 werd Pinochet om medische redenen naar Chili teruggestuurd. Daar waren inmiddels tientallen zaken tegen hem aangespannen, maar de rechters bepaalden dat Pinochet medisch niet in staat was een proces te ondergaan.

pinter, harold (1930)
Een belangrijk vernieuwer van de Britse literatuur, vooral het toneel. Hij groeide op in een gewelddadig arbeidersmilieu. Na de oorlog was hij gewetensbezwaarde tegen de militaire dienst. Zijn eerste toneelstuk verscheen in 1957, sindsdien zijn veel van zijn stukken vertaald en verfilmd. Ze hebben vaak betrekking op politiek geweld. Zo gaat zijn stuk One for the Road, dat hij schreef voor Amnesty International en dat is gebaseerd is op Turkse gevallen, over een ondervraging die met dreiging van marteling gepaard gaat. Zie ook censuur

pioom
(Programma voor Interdisciplinair Onderzoek naar Oorzaken van Mensenrechtenschendingen) Academisch programma gestart aan het eind van de jaren tachtig, met een centrum in Leiden, opgezet met steun van Amnesty International. Het onderzoek richtte zich op thema`s als de rol van veiligheidsdiensten, militairen, politie en het juridisch apparaat, en op regionale studies, m.n. van Latijns-Amerika. Bijzondere aandachtsgebieden waren o.m. de psychologie van de folteraar (marteling), genocide en terrorisme. PIOOM publiceerde diverse rapporten en bracht jaarlijks een overzicht uit van militarisering en gewapende conflicten in de hele wereld (militarisering). Het programma is inmiddels stopgezet. Zie ook universiteiten

plichten
Een plicht is een wettelijk `nadeel`, datgene dat aan een ander toebehoort en moet worden vervuld. Plichten kunnen van juridische of niet-juridische aard zijn. Onder de eerste soort valt bijv. een contract, onder de tweede soort valt bijv. dankbaarheid, onder beide valt de plicht om de waarheid te spreken. Plicht omvat in feite verschillende juridische begrippen, waaronder aansprakelijkheid, verplichting en vermogen. Sommige auteurs menen dat plichten altijd de tegenhangers van rechten zijn. In mensenrechtenverdragen wordt van plichten veel minder gewag gemaakt dan van rechten. De plichten worden in de regel geacht bij de overheid te liggen. Omdat veel van deze plichten slechts summier zijn uitgewerkt, is ook de positie van de rechten zwak. Plichten die bij burgers berusten zijn volgens het VN-verdrag (BuPo) o.m. die tot eventuele openbare dienstverlening in tijden van nood; contractuele verplichtingen; en de verplichting, ook aan staten, tot bevordering en naleving van de mensenrechten. Van de internationale mensenrechtenverdragen kent alleen het Afrikaans Handvest een uitgebreider lijst van verplichtingen. Verscheidene keren zijn pogingen gedaan om in VN-verband tot een `verklaring van plichten` te komen, zoals ten tijde van de vijftigste verjaardag van de Universele verklaring in 1998. Die initiatieven hebben echter weinig aanhang gekregen: ze zouden er gemakkelijk toe kunnen leiden dat regeringen plichten benadrukken ten koste van rechten.

pogrom
(Russisch: relletje) Term voor geweld tegen joden, aanvankelijk vooral in Rusland (Odessa, 1921). Na het uitroepen van de Russische revolutie in 1917 vonden kant van de `Witten` op grote schaal pogroms plaats, die mogelijk 55.000 joden het leven kostten. Zie ook antisemitisme

politie en politiegeweld
Historisch gezien is de politie een tamelijk recent verschijnsel. Naar voorbeeld van de Franse gendarmerie verscheen het eerste moderne politieapparaat in Engeland rond 1830. De VN aanvaardden in 1979 een gedragscode voor wetshandhavers, die marteling verbiedt en het gebruik van vuurwapens alleen toestaat bij levensgevaar. De Parlementaire Vergadering van de Raad van Europa nam in dezelfde tijd een verklaring over politie aan. Die verklaring schrijft voor dat standrechtelijke executies en marteling onder alle omstandigheden verboden zijn, en dat een politieagent verplicht is elke opdracht daartoe te weigeren. De politie is sterk vertegenwoordigd onder de schenders van mensenrechten (in veel landen worden politieagenten ook slachtoffer van die schendingen). In westerse landen maken politieagenten zich schuldig politiegeweld, waaronder ongerechtvaardigd geweld tegen demonstranten en bij aanhouding, en mishandeling tijdens voorarrest. In de VS werden in 2003 12.000 klachten over politiegeweld ingediend. In Turkije zijn naar wordt aangenomen tussen 1980 en 1990 meer dan 300.000 gearresteerden in politiebureaus gemarteld of mishandeld. In ontwikkelingslanden is de politie, vaak niet duidelijk te onderscheiden van de veiligheidsdiensten, veelvuldig betrokken bij ernstige schendingen. Doodseskaders in Latijns Amerika en Azië bestaan vaak uit politieagenten die buiten dienstverband, maar soms ook in opdracht van hun superieuren, moorden plegen op criminelen en oppositieleden. Anderzijds zijn in verscheidene landen politieberoepsgroepen ontstaan die collega`s in eigen land en het buitenland wijzen op de noodzaak tot het volgen van gedragscodes en het zonodig weigeren van opdrachten die tot schendingen van mensenrechten leiden.

politiek misdrijven
Aanduiding van strafbare feiten van politieke aard, bijv. gericht tegen het bestaan van de staat en zijn organisaties, maar ook van gewone misdrijven als diefstal en ontvoering gepleegd om politieke redenen. Misdrijven begaan om politieke redenen worden in sommige verdragen onderscheiden van gewone misdrijven. Het Amerikaans Verdrag voor mensenrechten bepaalt dat voor politieke misdrijven niet de doodstraf mag worden opgelegd en dat ieder die voor zo`n misdaad wordt vervolgd het recht heeft in een ander land asiel te vragen en te krijgen. Veel landen hebben een bepaling in de wet dat zij plegers van politieke misdrijven niet uitleveren. België was het eerste land dat in uitleveringswet van 1833 zo`n bepaling opnam, maar later werd bepaald dat aanslagen op een staatshoofd of zijn familie wel tot uitlevering konden leiden. Tegenwoordig worden terrorisme, collaboratie, oorlogsmisdrijven en misdrijven tegen de menselijkheid in het algemeen niet onder politieke misdrijven gerekend; plegers daarvan kunnen dus worden uitgeleverd aan een andere staat, of overgedragen aan een internationale rechtsmacht zoals het Internationaal Strafhof.

politieke gevangenen
Mensen die om politiek gemotiveerde daden of om politieke redenen gevangen zijn genomen of in hun bewegingsvrijheid worden beperkt. Amnesty International onderscheidt binnen de categorie van politieke gevangenen de gewetensgevangenen, dat zijn mensen die geen geweld hebben gebruikt of gepropageerd. Voor gewetensgevangenen vraagt Amnesty onmiddellijke vrijlating, voor alle politieke gevangenen (ook degenen die wel geweld hebben gebruikt) een eerlijk proces binnen een redelijke termijn. Een bekend voorbeeld van een politieke gevangene was Nelson Mandela: hij kon niet gelden als gewetensgevangene, omdat hij had opgeroepen zonodig geweld te gebruiken tegen het Zuid-Afrikaanse apartheidsbewind.

politieke moorden
buitengerechtelijke executies