Kopie van `Amnestie International - Encyclopedie van de mensenrechten`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


Amnestie International - Encyclopedie van de mensenrechten
Categorie: Mens en samenleving > Mensenrechten
Datum & Land: 15/02/2007, NL
Woorden: 852


politieke rechten
Deze behoren tot de fundamentele rechten; ze worden in het VN-verdrag (BuPo) samen met de burgerrechten behandeld. Ertoe gerekend worden o.m. het kiesrecht, het recht op deelname aan bestuur en het recht op het vormen van politieke partijen.

politkovskaja, anna (1958-2006)
Russische journaliste die gold als een van de belangrijkste critici van het bewind van president Poetin en een van de weinigen die de officiële censuur stelselmatig trotseerden. Vooral door haar rapportages over de Tsjetsjenen kreeg ze grote bekendheid. In de Nowaja Gazeta beschreef ze hoe Russische soldaten geld verdienden met de verkoop van wapens, ontvoeringen voor losgeld en de handel in lijken. In 2001 werd ze door soldaten drie dagen lang in een kuil vastgehouden. Ze trad ook op als bemiddelaar tussen het Tsjetsjeens verzet en de Russische overheid. Er werd meerdere keren een aanslag op haar leven beraamd, in 2004 werd een poging gedaan haar te vergiftigen. Ze werd op 7 oktober 2006 doodgeschoten bij haar flat in Moskou.

polygamie
huwelijk

pornografie
Seksuele lust opwekkende lectuur, films e.d. In de meeste landen bestaat wetgeving tegen bescherming van de openbare eerbaarheid, maar is er een tolerant beleid ten aanzien van pornografie. Pornografie is eerder een kwestie van ethiek dan van mensenrechten. Vooral in landen van de islam is pornografie streng verboden. Pornografie waarbij minderjarigen zijn betrokken is in de meeste landen verboden. Pornografie is vaak vrouwonvriendelijk en kan een schending van de mensenrechten van vrouwen zijn. Anderzijds zijn maatregelen tegen pornografie m.n. in communistische en islamitische landen ook dekmantel geweest voor censuur en andere acties tegen dissidente literatuur en uitingen. Een belangrijk activiste tegen pornografie is de Amerikaanse wetenschapper Catherine McKinnon.

preventie
Schendingen van mensenrechten kunnen worden voorkomen door o.m. tijdig in te gaan op signalen (early warnings); rondetafelconferenties tussen de partijen; mensenrechteneducatie, m.n. van wetshandhavers en veiligheidsdiensten; rapportage; diplomatieke bemiddeling; actie in intergouvernementele organisaties; en in het algemeen, door politieke en economische hulp of druk die de oorzaken van conflicten en onderdrukking wegneemt. Preventie is volgens de VN een van de middelen van herstel, na een periode van ernstige schendingen van mensenrechten. In Nederland (Utrecht) is een Europees Centrum voor Conflictpreventie gevestigd.

prijzen voor mensenrechten
Tot de onderscheidingen die voor mensenrechten worden gegeven of die veelal aan mensenrechtenverdedigers toekomen behoren de Nobelprijs voor de Vrede; de Right Livelihood Award (ook `alternatieve Nobelprijs` genoemd; de Erasmusprijs; de VN-mensenrechtenprijs; de Nederlands-Amerikaanse Four Freedom Awards (vernoemd naar een speech van de Amerikaanse president F. D. Roosevelt die vier vrijheden formuleerde); de Europese Mensenrechtenprijs; de Sacharovprijs van het Europees Parlement; de Reebok Mensenrechtenprijs voor jonge mensenrechtenverdedigers; de Nederlandse Geuzenpenning; de mensenrechtenprijs genoemd naar Martin Ennals; de prijs van het Amerikaanse Carter-instituut; de Carnegie Wateler Vredesprijs; en het `eregeld` dat door Poetry International in Rotterdam werd uitgekeerd aan vervolgde schrijvers (censuur). De universiteit van Tilburg stelde in 1995 een prijs in voor wetenschappelijk onderzoek naar mensenrechten, in 2003 gedoopt tot de Max van der Stoel Mensenrechtenprijs. Daarnaast hebben diverse ngo`s voor mensenrechten prijzen ingesteld, waaronder Human Rights Watch en nationale afdelingen van Amnesty International. De jaarlijkse prijs van Oxfam Novib en Pen gaat naar vervolgde journalisten en schrijvers die slachtoffer worden van o.m. censuur.

privacy
De persoonlijke levenssfeer. De VN Verklaring over massamedia en de rechten van de mens formuleert het recht op privacy als het recht zijn eigen leven te leiden met zo weinig mogelijk inmenging van buitenaf. Het omvat ook het vermijden in een vals daglicht te worden gesteld, bescherming tegen publicatie van privé-foto`s en brieven zonder toestemming, en bescherming tegen onthulling van vertrouwelijk verstrekte of ontvangen gegevens. Het VN-verdrag (BuPo) verbiedt onwettige inmenging in iemands privacy, gezin, huis of briefwisseling (correspondentierecht). Het stelt ook het recht op bescherming door de wet tegen dergelijke inmenging. Schendingen van het recht op privacy zijn bijv. onwettige huisvredebreuk en huiszoeking, onwettige persoonsregistratie en het onwettig afluisteren van iemands telefoongesprekken. Het openbaar maken van iemands persoonlijke gegevens, bijv. in sensatiejournalistiek, kan een schending zijn van iemands privacy en eer. Tegenstanders van de identificatieplicht wijzen op de risico`s voor privacy. In Nederland werd in december 1988 een Wet persoonsregistraties afgekondigd. Bepaalde registraties zijn van de werking van de wet uitgesloten, zoals die voor persoonlijk gebruik, openbare registers, inlichtingen- en veiligheidsdiensten, en politie. De Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp, 2001) is uitgebreider. De persoon van wie gegevens verwerkt worden, heeft o.m. het recht om te weten waar zijn of haar gegevens voor worden gebruikt. `Bijzondere` persoonsgegevens zijn gegevens over iemands ras, politieke gezindheid, godsdienst of levensovertuiging, gezondheid, seksuele leven en lidmaatschap van een vakvereniging.

privatisering
Het overhevelen van productie van de collectieve sector (van de overheid) naar de marktsector. In principe kunnen alle individuele goederen geprivatiseerd worden. In Nederland zijn bijv. de Staatsuitgeverij, de PTT, het chemieconcern DSM, de spoorwegen en delen van de sociale verzekering geprivatiseerd. De neiging om te privatiseren is vooral door de globalisering, vanaf de jaren tachtig, sterk gegroeid. Voormalig communistische landen in Midden- en Oost-Europa hebben op grote schaal hun staatsbedrijven geprivatiseerd, en ook de Chinese overheid hevelt steeds meer staatsbedrijven over naar particulier eigendom. In veel landen zijn overheden ertoe overgegaan om ook fundamentele voorzieningen zoals water of uitkeringen aan commerciële ondernemingen te verkopen.

prostitutie
Seksueel verkeer op commerciële basis. In de oudheid was prostitutie echter behalve commercieel ook religieus, verbonden met de eredienst in de tempel. De vroeg christelijke kerk legde de nadruk op kuisheid maar toonde sympathie voor prostitutie. Pas met de Reformatie van de 16e eeuw en de verspreiding van geslachtsziekten werd prostitutie sterker onderdrukt. Prostituees, zowel vrouwen als mannen, in westerse landen hebben een belangrijke emancipatie doorgemaakt, maar in het algemeen is de situatie van de beroepsgroep slecht. Officieel is prostitutie bijna overal verboden. In het jaar 2000 was Nederland het eerste land ter wereld dat het bordeelverbod ophief. In enkele landen, vooral landen van de islam, staat op prostitutie de doodstraf. Door haar halflegale of illegale karakter heeft prostitutie in veel landen bijgedragen aan vormen van criminaliteit zoals drugshandel en mensensmokkel. Zie ook pornografie; seksuele rechten

protocol
In het internationaal recht, een toevoeging aan een bestaand verdrag. Bekende voorbeelden zijn de protocollen bij het Europees Verdrag, het Vluchtelingenverdrag en de VN-verdragen van 1966 (facultatief protocol). De term wordt ook gebruikt voor een gedragscode of een opsomming van voorschriften of richtlijnen, bijv. een protocol voor de behandeling van zaken van kindermishandeling of voor de medische opvang van vluchtelingen.

psychiatrische patiënten
krankzinnigheid

psychologie van de folteraar
marteling

quakers
(Ook: Genootschap van Vrienden). Groep gelovigen die zich rond 1644 afscheidden van de Engelse staatskerk, omdat zij wilden leven zonder geloofsbelijdenissen en kerkelijke hiërarchie. Door de inzet van George Fox (1624-1691) breidde de beweging zich snel uit ondanks heftige vervolging, vooral in Noord-Amerika. Quakers weigeren een eed af te leggen; zij nemen geen deel aan oorlogsgeweld en weigeren dienstplicht. In de 19e eeuw waren zij belangrijk in de beweging tegen slavernij. In de moderne tijd onderscheiden veel Quakers zich door hun sociale activiteiten en pacifisme. Als niet-gouvernementele organisatie (ngo`s) spelen de Quakers in veel landen een belangrijke rol in het werk voor vrede, mensenrechten en verzoening, binnen het christendom maar ook daarbuiten.

quotumbeleid
1) In het Nederlands vluchtelingenbeleid, een regeling waarbij elk jaar een aantal (sinds 1988: 500) vluchtelingen wordt `uitgenodigd` naar Nederland te komen. De selectie komt tot stand in samenwerking met UNHCR. Er zijn speciale subquota voor gezinshereniging en gehandicapte vluchtelingen. Het quotum kwam lange tijd vooral (ongeveer 80%) ten goede aan bootvluchtelingen uit Vietnam die in kampen in Oost-Azië verbleven. Andere uitgenodigde vluchtelingen kwamen vooral uit Cambodja, Iran (via Turkije), Chili, en in recente jaren uit Kosovo. Uitgenodigde vluchtelingen krijgen automatisch een vluchtelingenstatus. 2) Een quotumbeleid wordt door sommige landen, zoals de VS, ook gevoerd voor de toelating van immigranten. Herhaaldelijk is in Nederland en België zo`n quotumbeleid voorgesteld. Het voordeel zou zijn dat de instroom van buitenlanders veel meer controleerbaar en voorspelbaar wordt. Maar de toelating van buitenlanders in West-Europa is voor een groot deel bepaald door familierecht (het recht op gezinshereniging) en asielrecht (het verbod op het terugzenden van >asielzoekers met een gegronde vrees voor vervolging). Op die wettelijke verplichtingen mag een quotumbeleid geen inbreuk maken.

raad van europa
Europa

raad van kerken
Wereldraad van Kerken

raadgevende bevoegdheid
(Eng: consultative status) Een bevoegdheid die intergouvernementele organen (IGO`s) zoals de VN verlenen aan organisaties, waaronder niet-gouvernementele (ngo`s), om ongevraagd en gevraagd advies te verlenen. De bevoegdheid verleent die organisaties bijv. spreektijd tijdens vergaderingen. Amnesty International heeft raadgevende bevoegdheid bij veel internationale organisaties, o.m. de VN.

racisme
rassendiscriminatie

ramos horta, josé (1949)
Politicus uit Oost-Timor (nu: Timor-Leste) die van doorslaggevende betekenis was in de voorbereiding van de vrije verkiezingen en onafhankelijkheid die eind jaren negentig verwezenlijkt werden. Hij studeerde in de VS, Den Haag en Frankrijk, werkte als journalist en was vanaf de jaren tachtig de permanente vertegenwoordiger bij de VN van de Timorese verzetsbeweging FRETILIN. In 1996 kreeg hij samen met Carlos Belo de Nobelprijs voor de Vrede. In 2006 werd hij minister-president van Timor-Leste.

rampen
Het effect van natuurrampen, zoals droogte en aardbevingen, is zeer ongelijk verdeeld. In 1989 doodde een aardschok van 7.0 op de schaal van Richter slechts enkele mensen in San Francisco, maar een even sterke schok doodde 25.000 mensen in Armenië. Een schok van 7,8 doodde 250.000 mensen in Tangshan, China, in 1976. Volgens internationale mensenrechtenverdragen mag een staat ingeval van een ramp zijn burgers tot diensten verplichten; dit wordt dan niet als dwangarbeid beschouwd. Vele internationale en nationale organisaties houden zich met rampenhulp (of noodhulp) bezig. In Nederland worden jaarlijks door overheid en particulieren honderden miljoenen guldens aan rampenhulp uitgegeven. Rampenhulp kan bijdragen aan versterking van mensenrechten, zowel door sociaal-economische ontwikkeling als door bescherming tegen willekeur van de overheid (bijv. bij hongersnoden die het gevolg zijn van oorlog). Anderzijds kan rampenhulp mensenrechten schaden door bijv. steun aan repressieve regimes, ongelijke verdeling van geld en goederen of grotere afhankelijkheid van het buitenland. Ngo`s dringen aan op sterkere internationaal-politieke middelen, zoals humanitaire interventie, om uitzichtloze situaties te helpen oplossen. In 1991 aanvaardden de VN een `Verklaring over humanitaire noodhulp` volgens welke de VN, met goedkeuring van de betrokken overheid, tot interventie kan overgaan. Steeds meer noodhulporganisaties, zoals Artsen zonder Grenzen, hebben de bescherming van mensenrechten in hun missie opgenomen.

rampenhulp
noodhulp

rapportage
Het verslag uitbrengen over situaties betreffende de mensenrechten. In verscheidene internationale verdragen, zoals de VN-verdragen van 1966 is de verplichting van staten opgenomen om regelmatig over de situatie van de mensenrechten verslag uit te brengen aan het VN-comité voor de mensenrechten en het VN-comité voor economische, sociale en culturele rechten. De VN kunnen de secretaris-generaal opdragen rapporten op te stellen over bepaalde landen, bijv. landen die gebruik hebben gemaakt van adviserende diensten. De VN kennen ook speciale rapporteurs, aangesteld om over bepaalde thema`s of landen rapport uit te brengen aan een van de VN-commissies. Enkele regeringen rapporteren jaarlijks over de naleving van mensenrechten in landen waarmee zij handel drijven, zoals het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken (State Department Human Rights Reports). Voorgesteld is om de punten voor rapportage beperkt te houden, zoals in het Canadese voorstel voor monitors Mensenrechtenorganisaties rapporteren o.m. in jaarlijkse overzichten, zoals Amnesty International (Annual Report) en Human Rights Watch (Human Rights World Report). Alleen Amnesty International rapporteert stelselmatig over álle landen van de wereld waar mensenrechten worden geschonden. Andere belangrijke internationale ngo`s die over veel situaties rapporteren zijn Article 19, Derechos, Human Rights Internet en de Internationale Commissie van Juristen. De onderzoeksorganisatie PIOOM bracht jaarlijks een wereldwijd overzicht uit van gewapende conflicten en de slachtoffers daarvan.

rassendiscriminatie
Racisme is: een groep om raciale redenen minderwaardig behandelen of daarover vernederende uitspraken doen. In de oude geschiedenis was er veel etnocentrisme (het idee dat andere volken barbaars of in elk geval minder beschaafd zijn), maar meer op meer op culturele dan op raciale gronden. In het antisemitisme zoals dat in de 15e eeuw in Spanje opleefde werden religieuze en culturele elementen vermengd met raciale. Vanaf de 17e eeuw onderscheidden theologen een hiërarchie waarin de blanke mens het dichtst bij God stond, dan de neger, dan de aap enz. `Natuurwetenschappelijke` rassentheorieën ontstonden in de 19e eeuw. Men meende dat bepaalde rassen een natuurlijk recht hadden op een hogere positie en dat het superieure blanke ras door vermenging met andere rassen ten onder dreigde te gaan. In de wetten van Neurenberg, door de nazi`s aangenomen in 1935, werd elk seksueel contact tussen Duitsers (ariërs) en joden verboden. Na 1945 ontstonden sterke antiracistische tendensen. Tot de bekendste activisten tegen rassendiscriminatie behoren Jaribu Hill en Martin Luther King (VS), John Lutuli, Nelson Mandela en Desmond Tutu (Zuid-Afrika) en Rigoberta Menchú (Guatemala). Er bestaat een netwerk van Europese organisaties tegen racisme (ENAR). Het Europees Monitorcentrum voor Racisme en Xenofobie (EUMC), gevestigd in Wenen, dient vooral de Europese Unie van advies.

ratificatie
Het bekrachtigen van een internationaal verdrag of overeenkomst. In het algemeen wordt over de tekst van verdragen onderhandeld door regeringsvertegenwoordigers (diplomaten), waarna de regering het verdrag ondertekent. Vervolgens wordt het voor ratificatie overgelegd aan het parlement. Ook een niet-geratificeerd verdrag heeft betekenis, omdat een regering door andere staten kan worden gehouden aan wat zij in goed vertrouwen heeft ondertekend. Vaak geldt zo`n verdrag in landen die het niet hebben bekrachtigd als gewoonterecht. Nederland heeft alle grote verdragen inzake de mensenrechten geratificeerd; in 2001 ratificeerde Nederland het Statuut van het Internationaal Strafhof. Een verklaring kan niet worden ondertekend of geratificeerd, maar slechts worden aanvaard of onderschreven. Begin 2004 was de stand van ratificatie van enkele belangrijke verdragen: 151 staten bij het VN-verdrag (BuPo); 148 bij het VN-verdrag (EcSoCu); 134 bij het VN-verdrag tegen marteling; 140 bij het Vluchtelingenverdrag; 92 bij het statuut van het Internationaal Strafhof. Sommige staten hebben verdragen wel ondertekend maar nog niet geratificeerd. Zo hebben de VS het verdrag van het Internationaal Strafhof alleen ondertekend.

ratoesjinskaja, irina (1955)
Russische dichters, In 1983 werd ze vanwege vijf van haar gedichten veroordeeld tot zeven jaar kamp plus vijf jaar verbanning. In het kamp bleef ze gedichten schrijven; als ze geen papier mocht gebruiken, kraste ze die op zeep, leerde ze uit het hoofd en waste ze daarna weg. In 1986 werd ze vrijgelaten. Eerder dat jaar was haar het Poetry International Eregeld voor vervolgde schrijvers toegekend (Rotterdam). Zie ook censuur



rawls, john (1921-2002)
Deze Amerikaanse filosoof, misschien wel de invloedrijkste denker van laatste deel van de 20ste eeuw, ontwierp in A Theory of Justice (1971) een politieke theorie voor een rechtvaardige democratische samenleving. De betekenis daarvan wordt besproken bij gelijkheid (Discussie) en inkomensongelijkheid.

recht en rechten
Een term met een groot scala van betekenissen. Als juridisch concept, een voordeel dat iemand wordt toegekend binnen een bepaald rechtssysteem. Als morele term, datgene wat juist en rechtvaardig is. `Het recht` is ook de aanduiding van het wettelijk stelsel en de juridische instellingen. Sommige auteurs maken een onderscheid tussen primaire en secundaire rechten. Tot de eerste behoren rechten van goed vertrouwen, zoals die betreffende uitvoering van een contract, huwelijkse trouw, vrijwaring van letsel en bescherming van bezit. Secundaire rechten zijn rechten die verbonden zijn aan een rechtsmiddel voor gevallen dat de primaire rechten niet worden nageleefd, zoals het recht op schadevergoeding, op ontbinding van een huwelijk en op het herkrijgen van gestolen goed. Mensenrechten waren in oorsprong primaire rechten, maar door remedies opgenomen in internationale verdragen, bijv. het recht op compensatie voor slachtoffers van marteling, hebben ze steeds meer secondaire rechtskenmerken gekregen. Zie ook mensenrechten; normen; rechtsstelsels

rechtbank, rechters, rechtspraak
Rechtspraak is de toepassing van wetten door rechters. Het VN-verdrag (BuPo) vereist dat een gearresteerde onverwijld voor de rechter wordt gebracht, dat de rechter op korte termijn beslist over de wettigheid van zijn gevangenneming (habeas corpus), dat ieder die het slachtoffer is geweest van onwettige detentie recht heeft op compensatie en dat niemand tweemaal voor hetzelfde misdrijf mag worden veroordeeld. Een gerechtshof kan een reguliere juridische instelling zijn waartoe advocaten toegang hebben, maar ook een administratief of militair hof met veel minder waarborgen. Een verklaring van de VN uit 1985 gaat over de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht. Die bestaat uit rechtswaarborgen, de afwezigheid van intimidatie, training van rechters enz. Er zijn echter geen bepalingen voor de opleiding of benoeming van rechters of voor de procedure van de rechtspraak. In veel landen wordt de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht ook bedreigd door het feit dat militaire rechtbanken zich verregaande bevoegdheden toe-eigenen inzake berechting van terroristen, oppositieleden en anderen die een bedreiging van het regime vormen. Het VN-verdrag (BuPo) spreekt van `gelijkheid voor het hof` en van het `recht op berechting door een bevoegd hof`, maar noemt geen voorwaarden waaraan een hof moet voldoen. Wel staan in diverse VN-verdragen regels voor een eerlijk proces en voor de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht. De VN Subcommissie heeft een speciale rapporteur voor de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht, die jaarlijks in tientallen landen misstanden noemt.

rechtsbijstand
(Eng: legal aid) Hulp van een advocaat of juridisch deskundige. Het recht van een beklaagde op een advocaat naar eigen keuze en zonodig zonder betaling is vastgelegd in het VN-verdrag (BuPo). Hoewel in de meeste rechtsstelsels nu de bijstand van een advocaat is vastgelegd is die in de praktijk vaak gebrekkig. Particuliere groepen voor rechtshulp zijn dan ook in verscheidene landen belangrijke organen voor de naleving van mensenrechten. In Nederland bestaan de Bureaus voor Rechtshulp (België: Centra voor Rechtsbijstand), rechtswinkels, jongerenadviescentra e.d. die gratis bijstand verlenen aan minvermogenden. Die bijstand wordt ook verleend door de sociale advocatuur, dat zijn advocaten die zich speciaal hebben toegelegd op sociale en pro-Deozaken. Rechtshulp binnen de asielprocedure wordt in Nederland verleend door de Stichting Rechtsbijstand Asiel (SRA), in België door de Bureaus en Commissies voor Juridische Bijstand..

rechtshulpverzoek
(Ook: rogatoire commissie) Het verzoek van een land aan een ander land om hulp te bieden bij een juridische procedure, bijv. door bewijsmateriaal, getuigen of verdachten over te dragen. Een verzoek tot uitlevering moet door een rechter worden getoetst. Landen van de Europese Unie leveren geen verdachten uit aan landen, waaronder de VS, wanneer die daar de doodstraf zouden kunnen krijgen. Binnen de landen van de EU is het uitleveren van verdachten mogelijk met een `overleveringsverzoek`.

rechtsmiddelen
(Eng: remedies) De Engelse term geeft beter dan de Nederlandse aan dat binnen en buiten het internationaal recht een scala van mogelijkheden bestaat om zich tegen onrecht te verweren. Het recht op een effectief rechtsmiddel tegenover nationale autoriteiten is vastgelegd in het VN-verdrag (BuPo). Internationale verdragen stellen in de regel dat nationale rechtsmiddelen moeten zijn uitgeput wil men een beroep op een internationaal orgaan kunnen doen. Tot de rechtsmiddelen behoren bijv. berechting, habeas corpus en compensatie.

rechtsstaat
(Eng: rule of law) De Engelse term heeft ook de betekenis van rechtshandhaving, rechtsorde. De rechtsstaat vereist dat alle fundamentele rechten worden nageleefd. Daarbij wordt speciaal gelet op de integriteitsrechten, vrijheidsrechten (vrijheid) en participatierechten. Democratische besluitvorming is een voorwaarde voor de rechtsstaat.

rechtsstelsels
De huidige westerse rechtsstelsels ontstonden m.n. uit het Grieks, Romeins en Germaans recht, en zijn nu grotendeels conform internationale verdragen zoals de VN-verdragen van 1966. Deze stelsels zijn vooral in Europa en Noord- en Zuid-Amerika sterk ontwikkeld. Belangrijke alternatieve rechtsstelsels zijn het Chinees recht, het recht volgens de islam (sharia) en nationale rechtsexperimenten zoals de `gacaca` in Rwanda (ingesteld om de meer dan 100.000 verdachten van de genocide van 1994 te beoordelen). In sommige landen wordt minderheden, zoals de inheemse volken, toegestaan tot op zekere hoogte een eigen rechtspraak te plegen volgens traditionele regels. Het Afrikaans Handvest is volgens de preambule mede gebaseerd op Afrikaanse rechtstradities, maar de artikelen ervan zijn in feite nagenoeg geheel gebaseerd op internationale verdragen. Het Indonesisch recht gaat terug op traditionele, koloniale en nieuwe nationalistische beginselen. Elementen van het traditionele recht van het joodse geloof zijn opgenomen in de wetgeving van Israël.

rechtstreekse werking
(Ook: directe of interne werking) Het principe dat bepalingen van een internationaal recht rechtstreeks van toepassing zijn binnen een nationaal rechtsstelsel. De mogelijkheid van rechtstreekse werking is vastgelegd in de Nederlandse grondwet. De rechter kan zich op internationaal recht beroepen, ook als de desbetreffende bepaling nog niet in het Nederlands recht is opgenomen. Zie ook horizontale werking

rechtvaardige oorlog
Het begrip bellum iustum (rechtvaardige oorlog) werd ontwikkeld door Thomas van Aquino (1224-25-1275): een staat moet voldoende autoriteit hebben, er moet een rechtvaardige aanleiding (zaak) zijn en de oorlog moet uitsluitend worden gevoerd met het oog op het bewerkstelligen van vrede, steun aan het goede en onderdrukking van het kwade. Latere theologen stelden dat oorlog tegen de ongelovigen, zoals in de kruistochten, een voorbeeld van rechtvaardige oorlog was. In het Verdrag van Wenen (1815) werd het begrip in ere hersteld: nationaliteit en zelfbeschikking werden genoemd als gronden voor een rechtvaardige oorlog. In deze eeuw stelden de geallieerden in beide wereldoorlogen dat zij een rechtvaardige oorlog voerden, gericht op de bevrijding van onderdrukte volken en naties. Een rechtvaardige oorlog zou heden ten dage een oorlog zijn gevoerd onder auspiciën van de VN-veiligheidsraad. De gewapende interventie van Navo-troepen in Kosovo in 1999 was niet tevoren door de VN-veiligheidsraad goedgekeurd, maar VN-secretaris-generaal Kofi Annan verklaarde dat ze gerechtvaardigd was `omdat ze de wil van een grote meerderheid van de VN-lidstaten uitdrukte`. Zie ook oorlog

rechtvaardigheid
De begrippen gerechtigheid en rechtvaardigheid worden door elkaar gebruikt. Er kunnen sociale, politieke, economische, morele, juridische en andere vormen van rechtvaardigheid worden onderscheiden. Bij de Grieken bestond het begrip rechtvaardigheid als een bovenwerelds beginsel dat de elementen van het universum regelt. Voor Plato (427-347 v.C.) was rechtvaardigheid dat een ieder deugdzaam leeft volgens zijn plaats in de samenleving en zijn relaties met anderen. De kerkvader Augustinus (354-430) zag rechtvaardigheid als de onveranderlijke, door God gegeven natuurwet. Rechtvaardigheid is eigen aan de ziel, via welke God tot ons geweten spreekt. De denkers van het natuurrecht vanaf de 17e eeuw beschouwden rechtvaardigheid als een uitvloeisel van de rede. De huidige betekenis van rechtvaardigheid is die van een richtlijn bij de formulering en interpretatie van wetten. De wet zou bijv. vaststaande straffen voor bepaalde vergrijpen kunnen voorschrijven, maar dit zou onrechtvaardig zijn omdat dan geen rekening kan worden gehouden met omstandigheden, draagkracht, gedeelde schuld e.d. Rechtvaardigheid kan ook buiten de wet om worden bereikt. Zo pleit een kerkelijke organisatie als Justitia et Pax (Gerechtigheid en Vrede) voor een wereld waarin mensen worden beschermd tegen onderdrukking en ontbering, een doel dat niet alleen door de wet moet worden bereikt maar ook door sociale actie. In 1991 pleitte een waarheidscommissie die was ingesteld door de president van Chili voor justicia, in de specifieke betekenis van berechting van schenders van mensenrechten maar ook in de ruime betekenis van herstel van rechtsgevoel.

rectificatie
Het herstellen van een fout, m.n. een verkeerde berichtgeving. Rectificatie kan door de rechter worden opgelegd. Rectificatie wordt o.m. voorgeschreven door het VN-verdrag over het internationale recht op rectificatie uit 1952.

redelijke termijn
Berechting moet volgens het Europees verdrag binnen een redelijke termijn, plaatsvinden. Dat is een van de voorwaarden voor een eerlijk proces. Bij grote vertraging kan de rechter de zaak vervallen verklaren. In de praktijk toont de Nederlandse rechtspraak nogal wat variatie in de opvattingen over redelijkheid van de termijn; voor de ene zaak is het een kwestie van maanden, voor de andere van jaren. Zie ook verjaring

refoulement
Term voor het terugzenden van vluchtelingen naar hun land van herkomst indien zij vervolging te vrezen hebben. Refoulement is verboden volgens het internationaal Vluchtelingenverdrag (art. 33). In West-Europese rechtspraak wordt voor bescherming tegen refoulement vaak verwezen naar art. 3 van het Europees Verdrag voor de mensenrechten, dat bescherming biedt tegen marteling en wrede behandeling. Zie ook uitzetting

refugees in orbit
(Van Eng: vluchtelingen op drift). Asielzoekers die in successievelijke landen niet worden toegelaten en worden terug- of doorgestuurd, bijv. van de ene luchthaven naar de andere. O.m. het Verdrag van Dublin is bedoeld om aan het verschijnsel een einde te maken, door duidelijkheid te scheppen over de vraag welk land een asielaanvraag in behandeling moet nemen.

réfugié sur place
(Van Fr: vluchteling ter plekke) Benaming voor iemand die, ook al stond hem aanvankelijk geen vervolging te wachten, gevaar loopt omdat hij zich in het buitenland (bijv. het land van asiel) heeft ingelaten met politieke activiteiten gericht op zijn herkomstland, of omdat de situatie in het herkomstland zich heeft gewijzigd. Zo`n vluchteling kan een beroep doen op het Vluchtelingenverdrag.

regeling opvang asielzoekers (roa)
asielzoekersopvang

regering
bestuur

religie
godsdienst

religieuze onverdraagzaamheid
Een speciale rapporteur over religieuze onverdraagzaamheid, door de VN aangesteld in 1986, deed verslag van talloze maatregelen en praktijken als het verbieden van erediensten, inbeslagname van religieuze voorwerpen en literatuur, verbod op religieus onderwijs tot en met het uitspreken van doodvonnissen over ketters. De rapporteur beval aan dat niet alleen de rechten van gelovigen, maar ook van niet-gelovigen zoals atheïsten en vrijdenkers beschermd moeten worden tegen discriminatie. Zie ook blasfemie; godsdienst

remedie
rechtsmiddel

renditions
(Eng: overdrachten). Sinds 2001, het begin van de `oorlog tegen het terrorisme`, duidt de term extraordinary renditions op het overdragen van gevangenen door de VS aan landen waar die gevangenen op geheime plaatsen werden vastgehouden en waar zij het risico liepen slachtoffer te worden van >marteling en wrede behandeling. Dergelijke geheime plaatsen van detentie waren er waarschijnlijk ook in Europa. De Raad van Europa en het Europees Parlement lieten onderzoek doen naar de overdrachten en het bestaan van geheime gevangenissen (`donkere plekken`). Organisaties als Amnesty International en Human Rights Watch documenteerden de vluchten en legden getuigenissen vast van degenen die waren vervoerd. In september 2006 gaf president Bush het bestaan van geheime gevangenkampen buiten de VS toe, echter zonder details te noemen. Eind 2006 herhaalde Amnesty dat zij van de Amerikaanse en Europese regeringen vroeg om de renditions onmiddellijk te stoppen en te onderzoeken of functionarissen zich aan schendingen van mensenrechten, waaronder marteling en onwettige gevangenenneming, schuldig hadden gemaakt. Zie ook Guantánamo Bay.

rensch, stanley
Surinaamse activist voor mensenrechten. Hij richtte in 1986 `Moiwana` op, een organisatie waarvan de naam herinnert aan de plaats waar in 1986 ten minste 35 burgers werden vermoord door militairen. Deze moorden, net als vele andere, zijn in Suriname nooit grondig onderzocht. Rensch deed veel onderzoek dat een voorbereiding was voor de waarheidscommissie die o.m. de moorden op vijftien oppositieleden in 1982 (de `decembermoorden`) moest ophelderen. In 2007 was het nog altijd niet tot de officiële oprichting van zo`n commissie gekomen. In 2005 veroordeelde de Inter-Amerikaanse Hof Suriname tot betaling van 3 miljoen dollar compensatie aan de nabestaanden en de oprichting van een steunfonds van 1,2 miljoen dollar. In 2006 heeft de Surinaamse regering officieel excuses aangeboden voor de moorden in Moiwana.

repatriëring
Het doen terugkeren van vreemdelingen naar hun vaderland (Lat: patria). Oorlogsvluchtelingen worden na de beëindiging van het conflict in de regel in grote getale gerepatrieerd. Een der eersten die zich, na de Eerste Wereldoorlog, voor systematische repatriëring inzette was Fridtjof Nansen. Asielzoekers zijn, soms tegen hun wil, gerepatrieerd wanneer het nieuwe land hen niet wilde opnemen en het herkomstland met wedertoelating instemde. Gedwongen repatriëring naar een land waar men vervolging te vrezen heeft heet refoulement. De Nederlandse overheid bevordert repatriëring van oudere `gastarbeiders`, o.m. door speciale voor pensioen en uitkeringen. Repatriëring van afgewezen asielzoekers, vluchtelingen en vreemdelingen wordt o.m. gecoördineerd door de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM). In Nederland werkt de Dienst Terugkeer & Vertrek voor de terugkeer van afgewezen immigranten en illegalen.

reproductieve rechten
Alle rechten die samenhangen met de voortplanting van de mens. De VN hebben nog geen overeenstemming bereikt over wat de reproductieve rechten precies inhouden, omdat sommige landen (vooral islamitische) zich daartegen verzetten. Deskundigen menen dat de reproductieve rechten in elk geval het volgende inhouden: Het leven van geen enkele vrouw mag in gevaar gebracht mag worden omwille van een zwangerschap. Iedereen moet vrij zijn om zijn of haar eigen seksuele en reproductieve leven te beleven en te controleren. Niemand mag onderworpen worden aan gedwongen zwangerschap, sterilisatie of abortus. Iedereen heeft het recht op autonome keuzes inzake voortplanting. Iedereen heeft het recht om te kiezen al dan niet te trouwen, een gezin te stichten en te plannen, en te beslissen of en wanneer men kinderen wil. Iedereen heeft recht op nieuwe reproductieve technologieën die veilig en aanvaardbaar zijn. De reproductieve rechten zijn het meest omstreden deel van de seksuele rechten. In het privé-leven (door de ongelijke machtsverhouding tussen mannen en vrouwen) en in het bevolkingsbeleid (dat bijv. in China sterke druk uitoefent tot beperking van het kindertal) worden reproductieve rechten vaak geschonden. Zie ook vrouwen

reputatie
eer

restitutie
herstel

right livelihood award
Een prijs die in 1980 werd ingesteld door de Zweed Jakob van Uexkull, voor mensen die een bijzondere bijdrage hebben geleverd aan respect voor de mens en de natuurlijke omgeving. De prijs wordt jaarlijks aan vier personen of organisaties uitgereikt in het Zweedse parlement, op 9 december – een dag voor de uitreiking van de Nobelprijs voor de Vrede. Onder de laureaten waren activisten voor milieu, gezondheidszorg, vrede, verzoening, economische ontwikkeling, duurzame energie, mensvriendelijke technologie en cultuur. Tot de mensenrechtenverdedigers die de prijs kregen behoren Wangari Maathai (1984), Theo van Boven (1985), Johan Galtung, Zweden (1987), Survival International (1989), Ken Saro-Wiwa, Nigeria (1994), Juan Garcés, Spanje (1999) en Leonardo Boff, Brazilië (2001), Bianca Jagger en de Russische mensenrechtenorganisatie Memorial (2004). Zie ook prijzen voor mensenrechten

rio, verklaring van
Handvest van de aarde

robinson, mary (1944)
Voormalig presidente van Ierland, van 1997 tot 2002 VN Hoge Commissaris voor Mensenrechten. Ze zat twintig jaar in het Ierse parlement en zette zich in voor vooral de rechten van vrouwen, in kwesties rondom anticonceptie, scheiding en abortus. Tijdens haar presidentschap (1990-97) had ze actieve bemoeienis met internationale noodhulp, zoals de humanitaire interventie in Somalië. Als Hoge Commissaris maakt ze zich sterk voor een brede naleving van mensenrechten, niet alleen de klassieke maar ook de sociaal-economische mensenrechten. Daarmee groeide ze uit tot de belangrijkste persoonlijkheid die de VN op het gebied van mensenrechten ooit heeft gehad. In 2001 wilde ze haar functie opgeven vanwege de geringe aandacht en fondsen die de VN haar werk gaf, maar ze kon ertoe worden bewogen vooralsnog aan te blijven. Ze werd in 2002 opgevolgd door Sergio Vieira de Mello. Ze kreeg o.m. de Europese mensenrechtenprijs.

rode kruis
Organisatie die in 1863 werd opgericht door Henri Dunant (1828-1910) ten bate van vrijwillige hulpverlening aan zieken en gewonden op het slagveld. Het Internationaal Comité van het Rode Kruis (ICRC) is een van de onderdelen van de Internationale Beweging van het Rode Kruis en de Rode Halve Maan (in islamitische landen). Doel is neutrale bemiddelaar te zijn bij gewapende conflicten, op basis van de Geneefse verdragen, ter bescherming van en bijstand aan slachtoffers van internationale en binnenlandse oorlogen. Het hoofdkwartier is in Genève. Het Rode Kruis is niet alleen actief in oorlogsgebied, maar bijv. ook in bezoeken aan (politieke) gevangenen en in de communicatie tussen gevangenen en familieleden. Krachtens haar eigen regels mag het Rode Kruis geen openbare mededelingen doen over haar bevindingen. Omdat het Rode Kruis sterk afhankelijk is van regeringen, werden later onafhankelijke niet-gouvernementele organisaties (ngo`s) zoals Artsen zonder Grenzen en Physicians for Human Rights opgericht. Als enige ontving het Rode Kruis tweemaal de Nobelprijs voor de Vrede, in 1901 en 1963; George Catlett Marshall, de voorzitter van het Amerikaanse Rode Kruis, kreeg die prijs in 1953.

rodley, nigel (1941)
Deskundige in het internationaal recht van de mensenrechten, van 1993-2001 speciale rapporteur voor de VN inzake marteling (in die functie werd hij opgevolgd door Theo van Boven). Na een studie in Engeland en de VS werd hij in 1972 de eerste internationaal-rechtelijke stafmedewerker van het Internationaal Secretariaat van Amnesty International in Londen. In 1990 werd hij hoogleraar bij het mensenrechteninstituut van de universiteit van Essex. In 1999 werd hem de titel `Sir` verleend, de eerste keer in de Britse geschiedenis dat iemand speciaal voor het werk voor mensenrechten met die titel werd geëerd. Hij is ook benoemd tot lid van het comité dat toezicht houdt op naleving van het VN-Verdrag voor Burgerrechten en Politieke Rechten.

rome, verdrag van
1) Benaming voor het Europees verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, aanvaard in 1950. 2) Oprichtingsverdrag van de Europese Gemeenschap (later Europese Unie), ondertekend in 1957. 3) Het Statuut van het Internationaal Strafhof, aanvaard in Rome in 1998.

romero, oscar arnulfo (1917-1980)
Bisschop in El Salvador. Met zijn preken en activisme tegen politieke onderdrukking, doodseskaders, armoede, onderontwikkeling en de rol van de VS daarin, groeide hij na zijn bisschopswijding in 1970 uit tot een symbool voor heel Midden-Amerika. Hij had grote invloed op de Latijns-Amerikaanse bisschoppenconferentie in Puebla, 1979, waarin de betekenis van de bevrijdingstheologie werd benadrukt. Hij werd tijdens een mis aan het altaar doodgeschoten.

rorty, richard (1931)
Amerikaans filosoof, vertegenwoordiger van het `pragmatisme` dat geen natuurrecht veronderstelt maar uitgaat van historisch gegroeide wetten en regels. In zijn sociale filosofie benadrukt hij objectiviteit en solidariteit als de grondslagen van de democratische samenleving. De democratie kan zich niet beroepen op bijv. een opvatting van mensenrechten als inherent goed of eigen aan de mens, maar slechts op de historische verworvenheden. Er bestaan geen middelen om aanhangers van geheel andere inzichten, bijv. fundamentalisten of communisten, te overtuigen van het `gelijk` van de democratie, anders dan door te laten zien dat democratie `werkt` als tot dusver de meest rechtvaardige maatschappelijke ordening die door mensen is aangebracht. Rorty onderscheidt zich van Jürgen Habermas doordat hij minder geloof heeft in de kracht van het rationele denken als grondslag van de goede samenleving. Rorty had belangrijke invloed op het politieke denken van de regering van de Amerikaanse president Clinton (1992-2000). Zie ook filosofie van de mensenrechten; gelijkheid; Taylor, Charles

ruíz garcía, samuel
Bisschop van Chiapas in Mexico, 1959-1999. Hij heeft zich in het bijzonder ingezet voor de leden van inheemse volken die het gebied bewonen. Ten tijde van de gewapende conflicten tussen regering en oppositiegroeperingen, eind jaren negentig, speelde hij een belangrijke rol in de verzoening. Hij is geëerd met o.m. de mensenrechtenprijs van UNESCO en met de mensenrechtenprijs vernoemd naar Martin Ennals.

rummel, rudolph (1932)
Amerikaanse onderzoeker op het gebied van de massamoorden op etnische groepen (genocide) en andere vormen van massamoord die hij `democide` noemt. Hij stelde aan de hand van duizenden rapporten het totaal aantal slachtoffers van massamoorden in de 20ste eeuw op 168 miljoen; binnenlandse conflicten en onderdrukking maakten veel grotere aantallen slachtoffers dan internationale oorlogen. Hij schat het aantal slachtoffers in de Sovjet-Unie tussen 1918 en 1953 op 35,5 miljoen, in China tussen 1949 en 1976 op 45 miljoen. Rummels statistieken worden vaak geciteerd maar kunnen de wetenschappelijke toets der kritiek niet altijd doorstaan. Voor de meeste landen komende verschillende onderzoekers op basis van gebrekkige gegevens tot zeer uiteenlopende schattingen, waarvan Rummel in veel gevallen eenvoudig het gemiddelde neemt. Ook heeft Rummel weinig oog voor het feit dat hoge sterftecijfers (bijv. 16 tot 25 miljoen doden tijdens de ` Grote Sprong Voorwaarts` in China, 1959-1962) vaak een gevolg zijn van niet alleen doelbewust overheidsbeleid maar ook van andere factoren, zoals slechte weersomstandigheden die voor misoogsten zorgden.

rushdie, salman (1947)
Indiaas-Engelse schrijver. Hij werd geboren in Bombay en vestigde zich vanaf 1961 in Engeland. Zijn roman De duivelsverzen, verschenen in 1988, werd aan het eind van dat jaar verboden in India omdat boek het godslasterlijk zou zijn jegens de islam. Op 14 februari 1989 volgde een `fatwa` (vonnis) van de Iraanse ayatollah Khomeini, waarin deze Rushdie ter dood veroordeelde en elke moslim toestemming gaf het vonnis te voltrekken. Na Khomeini`s dood werd de fatwa door andere Iraanse leiders herhaald. Het vonnis leidde tot verbreking van de diplomatieke betrekkingen tussen Iran en het Verenigd Koninkrijk. Rushdie, die onderdook, bekeerde zich tot de islam, maar dit leidde niet tot intrekking van het vonnis. Vanaf eind jaren negentig vertoonde Rushdie zich, voorzichtig, weer in het openbaar.

russell, bertrand (1872-1970)
Britse wiskundige, filosoof, schrijver, vredesactivist en voorstander van geweldloze weerbaarheid. In de Eerste Wereldoorlog werd hij gevangen gezet vanwege zijn verzet tegen de oorlogvoering. Dat standpunt nam hij ook in tijdens de Tweede Wereldoorlog, maar later erkende hij dat het oorlogsgeweld in dit geval noodzakelijk was geweest. Hij maakte vele reizen naar communistische landen en verdedigde dat systeem, maar werd toenemend kritisch over de uitwassen van onderdrukking. Vooral in de laatste periode van zijn leven zette hij zich persoonlijk in voor talloze mensenrechtenkwesties. Hij gaf samen met Jean Paul Sartre de aanzet tot de `Russell`-tribunalen, waarin op symbolische wijze recht werd gesproken over o.m de Vietnam-oorlog, het gewelddadig overheidsoptreden tegen vermeende terroristen in Europa (isolatiefolter) en de verwaarlozing van de rechten van inheemse volken. O.m. voor zijn autobiografie, waaraan hij tot op hoge leeftijd nieuwe delen toevoegde, kreeg hij in 1950 de Nobelprijs voor de Literatuur. Zie ook vrede

saadawi, nawal el- (1931)
Egyptische arts, feministe en schrijfster. In haar autobiografie beschrijft ze haar eigen vrouwenbesnijdenis, als zesjarig meisje, en later ontwikkelde zich als de `s werelds prominente activiste tegen dat gebruik. Ze schreef ook studies over de onderdrukking van vrouwen in landen van de islam en over het geweld tegen mensenrechtenverdedigers in de Arabische wereld. In 1981 zat ze vanwege haar opvattingen twee maanden gevangen.

sacharovprijs
Mensenrechtenprijs van het Europees Parlement die 1988 werd ingesteld en is uitgereikt aan o.m. Aung San Suu Kyi, Birma (1990), Dwaze Moeders, Argentinië (1992), Taslima Nasrin, Bangladesh (1994), Leyla Zana, Turkije (1995), Wei Jingsheng, China (1996), Salima Ghezali, Algerije (1997), Andrej Babitski, Rusland (2000), de Baskische burgerrechtenbeweging Basta Ya (2000), Nurit Peled-Elhanan uit Israël, Izzat Ghazzawi uit Palestina en bisschop Zacharias Kamhenwo uit Angola (allen in 2001), Oswaldo José Payá Sardiñas, Cuba (2002), Kofi Annan en de Verenigde Naties (2003), de onafhankelijke organisatie van journalisten in Wit-Rusland (2004), Verslaggevers zonder Grenzen en Hauwa Ibrahim uit Nigeria (2005), Aljaksandar >Milinkevitsj, Wit-Rusland (2006). Sihem Ben Sedrine, Tunesië, was in 2001 voorgedragen.

sancties
1) Alle maatregelen, zoals juridische straffen en disciplinaire straffen, waarmee op negatief wordt gereageerd op ongewenst gedrag. Sancties maken soms deel uit van de gedragscodes van beroepscodes; overtreding van de regels kan dan leiden tot een boete of het verval van lidmaatschap van een beroepsorganisatie. Sancties moeten zonder discriminatie worden toegepast en in het algemeen aansluiten bij de regels van een eerlijk proces. 2) In de internationale verhoudingen, een maatregel waarmee ongenoegen over de praktijk van een ander land tot uiting wordt gebracht. Een land kan bijv. op een zwarte lijst worden geplaatst. Het wordt als een van de zwakke punten van internationaal recht gezien dat veel bepalingen niet zijn gekoppeld aan sancties bij overtreding. Internationale sancties kunnen worden getroffen door een hof (bijv. het Europese Hof voor Mensenrechten of het hof van het Amerikaans Verdrag), een internationale organisatie zoals de VN-veiligheidsraad of door regeringen. Sancties die de Europese Gemeenschap tegen Zuid-Afrika had ingesteld, zoals een verbod op nieuwe investeringen en een sportboycot, werden vanaf 1990 verminderd naarmate de afschaffing van de apartheid dichterbij kwam. In 1991 werden VN-sancties ingesteld tegen Irak, waarvan alleen humanitaire hulp, medicijnen e.d. waren uitgesloten. Tot de meest verregaande sancties behoren boycot en embargo. Amnesty International spreekt zich in het algemeen niet uit over de rechtvaardigheid van sancties, maar zal die verwerpen als ze een directe en onmiskenbare bedreiging voor de naleving van de mensenrechten zijn.

sané, pierre (1948)
Senegalese activist voor mensenrechten, hoofd van de mensenrechtenafdeling van Unesco. Van 1993-2001 was hij secretaris-generaal van Amnesty International. In die functie ijverde hij voor een uitbreiding van Amnesty`s werkterrein, zodat niet alleen tegen nauw omschreven schendingen van klassieke mensenrechten actie werd gevoerd maar ook tegen vormen van discriminatie die sociaal-economische rechten (zoals vrije toegang tot onderwijs en de beschikbaarheid van voedsel) in gevaar brachten. Hij had een belangrijk aandeel in de versterking van Amnesty-afdelingen en mensenrechtennetwerken in landen van de derde wereld, vooral in Afrika.

saravanamuttu, dr (overleden 2001)
Activiste voor mensenrechten in Sri Lanka. Haar zoon, de bekende journalist Richard de Zoysa, werd ontvoerd en later dood teruggevonden. Dat bracht haar ertoe een organisatie van familieleden op te zetten voor degenen die naasten hadden verloren in de gewapende strijd, die tot midden jaren negentig tienduizenden slachtoffers eiste. Haar organisatie omvatte tienduizenden leden en sympathisanten en werd een van de grootste comités van familieleden ter wereld.

sari, dita indah (1972)
Indonesische activiste voor de vrijheid van de vakbeweging. Ze zette zich vanaf heel jonge leeftijd in voor verbetering van de arbeidsomstandigheden en verbetering van de beloning (vaak minder dan 1 dollar per dag) in de industrie. Bij een vreedzame demonstratie voor een minimumloon in 1996 werd ze opgepakt. Ze werd veroordeeld tot zes jaar gevangenschap, maar kwam in 1999 vrij en heeft vervolgens in vele landen opgetreden als pleitbezorgster van vakbondsrechten. Haar werd de Reebokprijs voor jonge mensenrechtenactivisten toegekend in 2002, maar ze weigerde de prijs omdat eerder door de politie stakingen waren neergeslagen van werknemers die voor Reebok schoenen produceerden.

saro-wiwa, ken (1941-1995)
Activist voor mensenrechten in Nigeria. Hij kreeg grote populariteit als schrijver, o.m. van televisieseries. In 1990 was hij medeoprichter van de politieke beweging van de Ogoni`s, bewoners van de Niger-delta die protesteerden tegen mensenrechtenschendingen en milieuvervuiling die het gevolg waren van de oliewinning door Shell. Na een demonstratie die tot de dood van vier Ogoni-leiders leidde, werd hij opgepakt, ter dood veroordeeld en samen met acht andere activisten op 10 november 1995 opgehangen; zijn schuld aan de moorden is nooit bewezen. Zijn executie bracht internationale beroering en bewoog Shell tot het aannemen van een nieuwe gedragscode, hetgeen ook andere bedrijven aanzette tot maatregelen om mensenrechten te beschermen. Zie ook milieu

sarraj, eyad el- (1946)
Palestijnse arts en een van de belangrijkste mensenrechtenverdedigers in het gebied van de Palestijnse Autoriteit. O.m. als directeur van et het Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg in Gaza behandelde hij duizenden slachtoffers van Israëlisch geweld. Hij is voorzitter van de nationale mensenrechtencommissie. Vanwege zijn kritiek op voorzitter Arafat werd hij enige malen door de politie van de Palestijnse Autoriteit gevangenen gezet en mishandeld. Hij is uitgesproken tegenstander van Amerikaanse interventie in de Arabische wereld.

sartre, jean paul (1905-1980)
Frans filosoof van het existentialisme. Na de Tweede Wereldoorlog werd Sartre een bewonderaar van de Sovjet-Unie, maar hij veroordeelde het stalinisme na de inval in Hongarije in 1956. Hij kreeg in 1964 de Nobelprijs voor Literatuur, maar weigerde deze. In Sartres filosofie was vrijheid een basisgegeven van het menselijk bewustzijn en was God slechts een wensdroom. Eerst benadrukte hij een extreem individualistisch vrijheids- en verantwoordelijkheidsbesef, later ontwikkelde hij een meer sociaal gekleurd vrijheidsbegrip. Hij sympathiseerde met het marxisme, maar waarschuwde voor het dogmatische wegdrukken van de menselijke vrijheid. Sartre was prominent in vele actuele debatten waarin hij o.m. het kolonialisme fel bestreed. Hij schreef ook een aanklacht tegen het martelen. In zijn politieke filosofie legde hij sterke nadruk op het engagement, de betrokkenheid bij een zaak die niet beperkt moest blijven tot woorden maar zich ook in acties (demonstraties e.d.) moest uiten. Hij was o.m. zeer uitgesproken in veroordelingen van de Algerijnse onafhankelijkheidsoorlog (1954-1962) en de Vietnam-oorlog. Hij organiseerde symbolische tribunalen samen met Bertrand Russell. Zie ook filosofie van de mensenrechten

satyarthi, kailash (1954)
Indiase activist voor de rechten van kinderen. Van zijn elfde tot zeventiende jaar werkte hij onder onmenselijke omstandigheden als tapijtknoper. Hij nam de leiding in acties voor de erkenning van het `Rugmark`, een label voor de tapijtindustrie om aan te geven dat geen kinderarbeid is gebruikt. Hij is voorzitter van de Zuid-Aziatische Coalitie tegen Kinderarbeid.die al meer dan 35.000 uit kindslavernij heeft bevrijd. Voor deze kinderen zette hij ook opvanghuizen en scholen op. Hij voert actie voor de juridische vervolging van werkgevers die de arbeid van kinderen uitbuiten, een praktijk die in India sinds 1986 wettelijk is verboden maar waarvoor nog hoegenaamd niemand is gestraft.

schengen, akkoord van
Akkoord genoemd naar een plaats in Luxemburg, in 1985 gesloten door de landen van de Benelux, Frankrijk en de Bondsrepubliek Duitsland met het oog op de opheffing van controle aan de binnengrenzen vanaf 1992. Inmiddels hebben ook Italië, Spanje en Portugal getekend. In 1990 tekende Nederland de Uitvoeringsovereenkomst bij het akkoord die o.m. betrekking heeft op personenverkeer. `Schengen` heeft verscheidene negatieve gevolgen voor asielzoekers. Zij mogen in beginsel nog maar in één van de verdragstaten asiel vragen en hun persoonsgegevens worden geregistreerd in een centrale databank. De Schengen-landen voeren een gemeenschappelijke lijst van landen waarvan de inwoners visumplichtig zijn en verbinden zich tot sancties tegen vervoersmaatschappijen die vreemdelingen zonder geldige papieren brengen. De betekenis van de Schengen-bepalingen werd geleidelijk achterhaald door de eenwording van de Europese Unie. Het `Schengen Informatie Systeem` is een benaming voor computerdatabestanden, ontwikkeld vanaf 1992. van personen die krachtens het Akkoord van Schengen onderworpen zijn aan belangstelling van de politie, daaronder vreemdelingen, drugshandelaars, enz. Het systeem bevat gegevens over honderdduizenden personen. Deelnemende landen moeten op de dag van inwerkingtreding wetgeving inzake privacy hebben. Inzage door betrokkenen is mogelijk, maar kan hun onthouden worden als dat voor rechtmatige signalering of ter bescherming van de rechten en vrijheden van derden noodzakelijk is. Inzage wordt altijd geweigerd als de persoon in kwestie gesignaleerd staat omdat hij `onopvallend` gecontroleerd moet worden.

schijnhuwelijk
Volgens een resolutie van de Europese Unie (1997) is een schijnhuwelijk `het huwelijk van een onderdaan van een lidstaat of een onderdaan van een derde land die legaal in een lidstaat verblijft, met een onderdaan van een derde land met als enig doel de regels betreffende de binnenkomst en het verblijf van onderdanen van derde landen te misbruiken en voor de onderdaan van het derde land een vergunning tot vestiging of tot verblijf in een lidstaat te verkrijgen.` Wanneer de autoriteiten vaststellen dat het huwelijk een schijnhuwelijk is, wordt de vergunning tot vestiging of tot verblijf van de onderdaan van het derde land in de regel ingetrokken, herroepen of niet verlengd. In 1991 besloten Nederlandse gemeenten de praktijk van schijnhuwelijken tegen te gaan, o.m. door huwelijkskandidaten scherper te ondervragen naar kennis van elkaars leven. Schijnhuwelijken worden vaak gesloten als onderdeel van mensensmokkel of mensenhandel.

schorsende werking
In de asielprocedure, de toestemming die een asielzoeker wordt verleend om gedurende de behandelingstijd van een verzoek tot herziening van de negatieve beslissing, in Nederland te mogen blijven. In de nieuwe Vreemdelingenwet (2000) wordt schorsende werking automatisch verleend aan elke asielzoeker die tijdig beroep instelt tegen de afwijzing van zijn aanvraag. Er wordt ook schorsende werking verleend aan degenen die aangifte doen van mensenhandel (mensensmokkel).

schrijvers
censuur; journalisten; PEN

schulden
Het niet kunnen nakomen van financiële schulden was lange tijd een van de meest gebruikelijke redenen om iemand gevangen te zetten als gijzelaar. In de 19e eeuw raakte dit in onbruik. Volgens het VN-verdrag (BuPo) is het nu verboden iemand vanwege schulden te detineren. Persoonlijke schulden kunnen leiden tot `schuldhorigheid`, een vorm van dwangarbeid, gedwongen prostitutie of slavernij die door de schuldeiser wordt afgedwongen. Deze praktijk is in o.m. Bangladesh, India en Pakistan nog wijd verbreid. Internationaal staat de schuldenproblematiek van ontwikkelingslanden hoog op de agenda. Zo was in 2001 de staatsschuld van Argentinië rond 125 miljard dollar; de aflossing van de rente legde beslag op 18% van de begroting. De Wereldbank ging, na de aanstelling van Robert McNamara als hoofd (in 1968), over tot enorme investeringen in de ontwikkelingslanden De regeringen uit het Zuiden aanvaardden de investeringen, hoewel deze niet aan de lokale noden aangepast waren, en verduisterden vaak gigantische sommen die door lokale banken witgewast werden. Vanaf de jaren negentig kregen steeds meer landen gedeeltelijke kwijtschelding van internationale organisaties als IMF. O.m. het Europees Parlement pleit voor een veel verdergaande kwijtschelding. In 2003 begonnen IMF en Wereldbank een programma voor de kwijtschelding van schulden in 26 landen, waarvan 22 in Afrika. Door in totaal 41 miljard dollar aan hulp zal de schuld van die landen met gemiddeld tweederde dalen.

schweitzer, albert (1875-1965)
Duits theoloog, musicoloog en arts. Voor zijn inspanningen voor de `broederschap der naties` kreeg hij in 1952 de Nobelprijs voor de Vrede. In 1963 zette hij in Lambarene, Gabon, een ziekenhuis op. Onderwijl schreef hij theologische studies waarin hij stelde dat respect voor het leven noodzakelijk was voor het overleven van de beschaving. Zijn werk in Afrika inspireerde tallozen tot aandacht voor en solidariteit met zieken en armen in dat continent. Zie ook gezondheidsrechten; ziekten

sedrine, sihem ben
Tunesische journaliste, vice-voorzitter van de Tunesische Liga voor Mensenrechten, woordvoerder van de Nationale Raad voor Burgerrechten. Ze publiceerde over o.m. de achterstelling van vrouwen in haar land en de schrikbarende omstandigheden in de gevangenissen. Ze is geregeld bedreigd, lastiggevallen en door censuur van de autoriteiten getroffen. In 2001 werd ze 47 dagen gevangen gehouden en waren verdere strafrechtelijke onderzoeken tegen haar ingesteld. In 2001 werd ze genomineerd voor de Sacharovprijs van het Europees Parlement.

seksisme
Het discrimineren op grond van geslacht, meestal gericht tegen vrouwen. Het `VN-verdrag voor de uitbanning van discriminatie van vrouwen` roept op tot uitbanning van alle vooroordelen, gewoonten en praktijken gebaseerd op superioriteit van een van beide geslachten of stereotiepe rollen voor man en vrouw. Seksisme komt bijv. tot uiting in pornografie, reclame en programma`s van de media. Seksisme is ook een voedingsbodem voor seksueel geweld. In bijv. Noorwegen zijn advertenties die de ongelijkheid van de seksen benadrukken bij wet verboden, maar andere westerse landen baseren de strijd tegen seksisme meer op bewustwordingscampagnes en maatregelen dan op wetten. Zie ook pornografie

sekstoerisme
Toerisme met het oog op gemakkelijke en goedkope toegang tot prostituees, m.n. in Zuid-Oost Azië. De mannelijke en vrouwelijke prostituees zijn vaak minderjarig. Gezien de slechte economische situatie in deze landen is prostitutie veelal de enige uitweg en staat dan gelijk aan horigheid of slavernij. Verscheidene landen, waaronder Nederland, hebben in de jaren negentig sekstoerisme strafbaar gesteld.

seksueel geweld
Seksuele handelingen tegen de wil van betrokkene. Een moderne opvatting is dat niet alleen lichamelijk gewelddadige handelingen als verkrachting maar ook intimidatie e.d. tot seksueel geweld moeten worden gerekend. In gevangenschap is verkrachting een zeer verbreide vorm van marteling van vrouwen. De nadelen van een gevangenisregime kunnen ook een `seksegerichte` uitwerking hebben, bijv. het verhinderen van elke lichamelijke verzorging, geen voorzieningen bij menstruatie, geen bescherming van zwangere vrouwen. Alle vormen van seksueel en seksegericht geweld in gevangenschap kunnen worden beschouwd als marteling en wrede of vernederende behandeling. In 1993 aanvaardden VN een `Verklaring over de uitbanning van alle vormen van geweld tegen vrouwen`, waarin aan seksueel geweld veel aandacht wordt geschonken. De verklaring roept staten op geweld tegen vrouwen te veroordelen en met passende maatregelen beleid te voeren om geweld tegen vrouwen uit te bannen. Er is door de VN een speciale rapporteur aangesteld om te berichten over `geweld tegen vrouwen, de oorzaken en gevolgen ervan`. De VN-conferentie over de rechten van vrouwen in Beijing, 1995, deed een groot aantal aanbevelingen voor het uitbannen en voorkómen van seksueel geweld.

seksuele minderheden
Een studie van de VN uit 1988 stelt voor dat regeringen maatregelen nemen om discriminatie van homoseksuelen, lesbische vrouwen en transseksuelen (LGBT) te voorkomen door o.m. discriminatie strafbaar te maken; alle handelingen tussen toestemmende volwassenen te tolereren, mits die privé zijn en de openbare eerbaarheid niet schenden; transseksuelen die door operatie van geslacht zijn veranderd het recht op een nieuwe burgerlijke status te geven; seksuele minderheden toestemming te geven tot het vormen van groepen. De studie stelt verder dat pedofilie, mede in het licht van sekstoerisme, streng moet worden gestraft, ook als de minderjarige verklaart te hebben toegestemd. Er moet een standaardleeftijd voor seksuele meerderjarigheid worden vastgesteld.

seksuele oriëntatie
(Vroeger ook `seksuele geaardheid` genoemd) De seksuele gerichtheid van een persoon: hetero-, homo- of biseksueel, of transgender (LGBT; homoseksuelen). Op de VN-conferentie over vrouwen in Beijing, 1995, lukte het niet het recht op seksuele oriëntatie in het internationaal recht verankerd te krijgen. Wel geeft de nationale wetgeving van steeds meer landen het recht op vrije keuze van seksuele oriëntatie. Bovendien wordt de bepaling tegen discriminatie in de Universele verklaring tegenwoordig zó uitgelegd dat niet alleen discriminatie tussen man en vrouw verboden is, maar elke vorm van discriminatie op grond van identiteit volgens gender of geslacht, of op grond van seksuele oriëntatie.

seksuele rechten
Alle rechten die een persoon beschermen tegen dwang, discriminatie en geweld in het seksuele verkeer. De belangrijkste seksuele rechten zijn: de vrijheid om al dan niet seksueel actief te zijn; vrijheid in de keuze van partner; vrijwilligheid in seksuele relaties; huwelijk naar eigen keuze; vrijelijk kunnen besluiten of en wanneer je kinderen wilt krijgen; goede gezondheidszorg op het gebied van seksualiteit; goede voorlichting. Of ook het recht op seksuele oriëntatie, zoals van homoseksuelen, tot de seksuele rechten behoort is internationaal erg omstreden, vooral door weerstand van islamitische en Afrikaanse landen. De seksuele rechten zijn in het algemeen minder omstreden dan de reproductieve rechten (waaronder het recht op abortus), maar vooral islamitische landen proberen internationale standaards voor seksuele rechten tegen te houden. Belangrijk theoretisch werk op het gebied van seksuele rechten deed de Amerikaanse juriste Catherine MacKinnon. De strijd voor seksuele rechten is vooral gevoerd door en voor vrouwen, omdat zij bij uitstek kwetsbaar zijn voor de schendingen van die rechten; maar in beginsel kunnen bij beslissingen over bijv. kindertal en abortus ook de seksuele rechten van mannen opgeld doen. Zie ook pornografie

sen, amarthya (1933)
Indiase econoom die in 1998 de Nobelprijs voor Economie kreeg. In 1981 publiceerde hij een studie waarin hij aantoonde dat hongersnood niet wordt veroorzaakt door een tekort aan voedsel maar door de ongelijkheid die eigen is an het systeem van voedseldistributie. Hij legde de grondslag voor de Index van Menselijke Ontwikkeling. Hij ontwikkelde de theorie van `capabilities`: formele rechten zoals kiesrecht krijgen pas betekenis als mensen hun capaciteiten kunnen ontwikkelen, zoals door onderwijs en gezondheidszorg. Hij stelde dat niet economisch gewin of eigenbelang, maar het verlangen naar vrijheid en zelfverwezenlijking de motor is achter het menselijk handelen. Aldus wilde hij de `economische noodzaak` van democratie en vrijheid aantonen.

slavernij
Onvrije arbeid, waarvan het resultaat geheel of gedeeltelijk moet worden afgestaan en waarbij de werker lijfelijk eigendom is van de meester. Verwante, maar minder strikte vormen zijn horigheid, lijfeigenschap en schuldslavernij. In deze vormen is vaak een eerdere, soms voor de geboorte van de werker ontstane schuld of contractuele verplichting de grond voor de verplichting tot arbeid ten behoeve van een bepaalde meester. Slavernij komt ook voor als dwangarbeid bij (krijgs)gevangenen. Bij een verdrag dat de koloniale mogendheden in 1890 in Brussel sloten, werden slavernij en slavenhandel tot misdrijven tegen de mensheid verklaard. In 1920 werd door het internationaal Verdrag tegen slavernij elke vorm van slavernij verboden, zonder dat het begrip echter nauwkeurig werd omschreven. Het ILO-verdrag van 1930 verbiedt slavernij en dwangarbeid. ILO-verdrag 105 uit 1957 veroordeelt vijf omschreven vormen van dwangarbeid. In Afrika bestaan her en der nog geïsoleerde gevallen van `klassieke` slavernij, vooral onder de nomaden van de Sahara. Sommige auteurs menen dat er in de hedendaagse wereld zo`n 200 miljoen slaven zijn. Zij duiden daarmee op al degenen, vooral vrouwen en kinderen in de derde wereld, die door contracten en horigheid tot bepaald werk voor bepaalde werkgevers zijn gedwongen (sekstoerisme). Andere schattingen van slavernij, waarin alleen de werkelijk gedwongen vormen van werk zijn geteld, komen op ongeveer 28 miljoen. De VN-conferentie tegen racisme (2001) veroordeelde slavernij als een der misdrijven tegen de menselijkheid, maar legde staten geen juridische verplichting tot compensatie voor slavernij uit het verleden op.

slavernij, geschiedenis
Athene had rond 600 v.C. tienduizenden slaven, meestal krijgsgevangenen en slachtoffers van mensenroof in minder ontwikkelde gebieden. De meesten werkten in de landbouw en de mijnen. In Rome beschikten rijke burgers vaak over honderden huisslaven, zelfs in beroepen als arts en leraar. Aan het eind van de 1e eeuw zouden er in Italië twee keer zoveel slaven als vrijen zijn geweest. De strikte vorm van slavernij verdween met de val van het Romeinse Rijk. Ze keerde terug na de ontdekking van Amerika (1492), waar eerst de indianen als slaven werden gebruikt en later negerslaven uit Afrika werden geïmporteerd. Naar schatting zijn 1,5 miljoen Afrikanen in de 19e eeuw als slaaf naar Spaans-Amerika overgebracht, 1,5 miljoen naar het Caraïbisch gebied, 3,5 miljoen naar Brazilië en 400.000 naar Noord-Amerika. Met de opkomst van het industrieel kapitalisme werd de economische betekenis van slaven geringer. Het abolitionisme (beweging tot afschaffing van de slavernij) ontstond toen de Quakers in de Amerikaanse staat Pennsylvania de slavernij afschaften. William Lloyd Garrison stichtte in 1833 de American Anti-Slavery Society op, die o.m. ontsnapte slaven uit het zuiden hulp bood. Harriet Beecher-Stowe`s boek Uncle Tom`s Cabin (1852) maakte veel sentimenten los. De strijd tussen voorstanders van afschaffing (in het noorden) en tegenstanders (in het zuiden) werd een hoofdelement van de Amerikaanse burgeroorlog (1861-65). Een groot deel van het verzet tegen slavernij kwam overigens minder voort uit morele overtuiging, dan uit de conclusie dat slavernij economisch onwenselijk was.

slavernij, hedendaagse
In nazi-Duitsland en in de Sovjet-Unie onder Stalin bestond slavernij op grote schaal. Grootschalige dwangarbeid kwam later o.m. voor in Indonesië (politieke gevangenen), Democratisch Kampuchea (1975-1978), China en Vietnam (heropvoedingskampen), Myanmar en andere communistische staten. Het leed veroorzaakt door slavernij kan een leven lang duren, net zoals trouwens de strijd om herstel. Naar schatting 200.000 vrouwen uit heel Azië werden tijdens de Tweede Wereldoorlog door het Japanse Keizerlijk Leger gedwongen te werken in militaire bordelen. Deze `troostmeisjes` begonnen pas vanaf eind jaren tachtig erkenning op te eisen voor de gewelddadigheden die zij hadden ondergaan. Slavernij komt ook nu voor. De niet-gouvernementele Anti-Slavery Society noemt een aantal van ten minste twintig miljoen mensen die in een vorm van horigheid leven. In zijn boek Disposable People (1999) beschrijft de Britse deskundige Kevin Bales de slavernij in de moderne wereld, waar er wellicht meer slaven zijn dan ooit tevoren – volgens hem 28 miljoen. Bales omschrijft twee algemene vormen van slavernij. De `oude` slavernij was gebaseerd op bezit dat wettelijk werd erkend en op het onderscheid naar etnische en raciale kenmerken. Slaven waren duur en de relaties tussen slaven en slavenbezitters waren vaak voor lange tijd, soms van generatie op generatie. De `nieuwe` slavernij daarentegen is niet gebaseerd op officieel bezit, maar op andere wettige documenten, zoals contracten en schulden. Deze hedendaagse slaven zijn goedkoop, er is snel van hen af te komen, en ze worden eerder bij de armen, kwetsbaren en ontheemden vandaan gehaald dan bij mensen met een bepaalde huidskleur of uit een bepaalde etnische groepering.

snow, clyde (1928)
Amerikaanse arts die vanaf de jaren zeventig belangrijk bijdroeg aan de technieken van forensisch onderzoek ten behoeve van slachtoffers van schendingen van mensenrechten. Hij leidde dergelijk onderzoek in o.m. Argentinië, Guatemala en El Salvador en onderwees daarbij tal van plaatselijke artsen en antropologen in forensische technieken. Zijn methodiek is o.m. overgenomen door de organisatie Physicians for Human Rights.

sociaal-democratie
Politieke ideologie die streeft naar democratische verwezenlijking van een samenleving, met meer of minder uitgesproken socialistische trekken. Sociaal-democraten kwamen midden 19e eeuw op als een gematigde stroming van het marxisme. In Duitsland werd de sociaal-democratische partij SPD opgericht in 1875. Na de Eerste Wereldoorlog werd het marxistisch element steeds zwakker. Ruim zestig sociaal-democratische partijen zijn nu lid van de Socialistische Internationale, die zowel de fundamentele rechten en vrijheden als de sociaal-economische rechten benadrukt. Sociaal-democraten hebben veel bijgedragen aan de ontwikkeling van de mensenrechtenidee. Tot de vooraanstaande sociaal-democratische politici die zich als mensenrechtenverdedigers bewezen, behoren Willy Brandt (Duitsland), Franklin en EleanorRoosevelt, John Kennedy en Jimmy Carter (VS), Gerrit Jan van Heuven Goedhart, Hilda Verwey-Jonker en Max van der Stoel (Nederland), Kim Dae-jung (Zuid-Korea) en David Owen (Verenigd Koninkrijk). Zie ook filosofie van de mensenrechten

sociaal-economische rechten
Ook genoemd sociale grondrechten: rechten op de minimumvoorwaarden voor welvaart en welzijn, als genoemd in artikelen 22-26 van de Universele verklaring. Ze omvatten de rechten op basic needs, waaronder voedsel, inkomen, sociale zekerheid, onderwijs, huisvesting, rechtshulp en medische verzorging. Ze zijn uitgewerkt in het VN-verdrag (EcSoCu) van 1966. Het VN Comité voor Economische, Sociale en Culturele Rechten streeft ernaar deze rechten steeds duidelijker te formuleren, zodat ze in rechtszaken gebruikt kunnen worden. Sinds 1996 wordt door de VN het ontwerp van een protocol bij het VN-verdrag (EcSoCu) besproken dat individuen het recht geeft een klacht in te dienen bij het VN Comité als hun sociaal-economische rechten worden geschonden. Meestal gaat het bij deze grondrechten om formuleringen van wat geleidelijk zou moeten worden verwezenlijkt. Bepaalde sociale grondrechten zijn echter direct afdwingbaar, bijv. de rechten op collectieve onderhandeling en vrije keuze van huwelijk, werk en school. De Index van Menselijke Ontwikkeling geeft een weerslag van de naleving van sociaal-economische rechten. De sociaal-economische grondrechten zijn ook, voor het eerst in 1983, opgenomen in de Nederlandse grondwet. De grote mensenrechtenorganisaties zijn zich toenemend ook met de `niet-klassieke`, d.w.z. sociaal-economische rechten gaan bezighouden. Human Rights Watch heeft daarvoor verscheidene onderzoeksprogramma`s; Amnesty International besloot in 2001 om vormen van discriminatie die leiden tot een ernstige inbreuk op sociaal-economische rechten, zoals het recht op onderwijs voor vrouwen of het recht op voedsel voor minderheden, in haar werk op te nemen.

sociale verdediging
geweldloze weerbaarheid

sociale zekerheid
voorzieningen

socialisme
Basisprincipes zijn het gemeenschappelijk bezit van productiemiddelen, de opheffing van klassentegenstellingen en de nadruk op de gemeenschap. Er is grote ideologische variatie binnen het socialisme, van communisme tot sociaal-democratie. Het socialisme in de landen die niet door een communistische partij werden overheerst heeft zich vooral verbonden met de vakbeweging en is een belangrijke bron geworden voor activisme ten behoeve van mensenrechten. In westerse landen is de socialistische stroming overwegend opgegaan in de sociaal-democratische partijen.

soevereiniteit
Het idee dat binnen een staat een bepaalde persoon of groep in laatste instantie haar wil kan opleggen aan de maatschappij. Soevereiniteit is nodig om geschillen te kunnen beschikken. Absolute soevereiniteit is bepleit door filosofen als Thomas Hobbes (1588-1679), die stelde dat burgers automatisch al hun rechten overdragen aan de staat. In de moderne democratische staatsfilosofie geldt dat burgers die soevereiniteit slechts overdragen in zoverre dat nodig is voor de rechtsstaat. Staten gelden als soeverein in het internationaal recht, maar in de groeiende praktijk van humanitaire interventie geldt dat dit recht beperkt kan worden als staten zich schuldig maken aan agressie of misdrijven tegen de menselijkheid. Of ook volken en groepen die geen staat vormen recht kunnen doen gelden op soevereiniteit, als een van de collectieve rechten, is omstreden.

solidariteit
1) Het idee van saamhorigheid, betrokkenheid bij de strijd of het lijden van anderen. Het begrip kwam in de jaren zestig in zwang bij groepen in het Westen die betrokken waren bij sociale strijd in derdewereldlanden. Veel landencomités zijn solidariteitsgroepen die zich verbonden voelen met de democratische oppositie in landen met een onderdrukkend regime. De pragmatische filosoof Richard Rorty beschouwt solidariteit, naast objectiviteit, als basiselement van een democratische samenleving. 2) Solidariteit was de naam van de Poolse vakbondsorganisatie die in de jaren tachtig opkwam, de eerste vrije vakbond in Oost-Europa. Ze stond onder leiding van Lech Walesa.

solzjenitsyn, alexandr (1918)
Russisch schrijver die in 1970 de Nobelprijs voor Literatuur kreeg en een van de bekendste dissidenten van zijn land was. In zijn boeken die vanaf 1962 verschenen deed hij als een der eersten gedetailleerd verslag van de Goelag-archipel, het stelsel van strafkampen onder Stalin, waarin hij ook zelf gevangen had gezeten. In 1974 werd hij, na jarenlange druk en bedreigingen, gearresteerd en het land uitgezet. Hij vestigde zich later in de VS, waar hij zich manifesteerde als scherp criticus van zowel de Sovjet-Unie (en daarna Rusland) als van de `verwekelijking` van de westerse samenlevingen.