Kopie van `AstroStart`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


AstroStart
Categorie: Meteorologie en Astronomie > Sterrenkunde
Datum & Land: 15/02/2007, NL
Woorden: 143


Albert Einstein
Hieronder volgt een korte beschrijving van het leven van Albert Einstein, een van de grootste fysici aller tijden. Albert Einstein is vooral beroemd geworden door de relativiteitstheorie. Met zijn nieuwe opvattingen over tijd en ruimte bracht hij een totale omwenteling teweeg in de fysica.
1879 - 1900
1879 - Albert Einstein wordt geboren in het Zuid-Duitse plaatsje Ulm.
1880 - Op eenjarige leeftijd verhuist hij naar M�nchen waar een jaar later zijn zus Maria wordt geboren.
1896 - Geslaagd voor de middelbare school in Z�rich met de vakken wis- en natuurkunde, zang en muziek.
1900 � 1910
1900 - Hij verlooft zich met de vier jaar oudere Milena Maric, een medestudente aan de ETH.
1900 - Opleiding tot leraar wis- en natuurkunde voltooid.
1901 - Hij krijgt een tijdelijke baan op een middelbare school in Winterhur (Zwitserland). Hij begint hier in mei te werken.
1901 - In Schaffhausen vind hij een baan als leraar op een priv�-school. Hier werkt hij van oktober 1901 tot januari 1902.
1902 - Hij begint in juli als ambtenaar bij het Octrooibureau in Bern.
1902 - Zijn dochter Lieserl wordt geboren.
1903 - Op 6 januari treedt hij in het huwelijk met Mileva Maric.
1904 - Geboorte van zijn eerste zoon Hans Albert.
1905 - Toen hij 26 jaar was, publiceerde Albert Einstein drie artikelen die elk van fundamenteel belang zouden blijken.
1.

Andromeda

Het sterrenbeeld Andromeda is een bekend sterrenbeeld. Het sterrenbeeld is
te zien vanaf Augustus tot en met December. Het sterrenbeeld staat pal naast Pegasus (het vliegende paard), ze worden samen ook wel eens opgemerkt als een ‘reuzenwagen’ aan de hemel.
→ De Andromeda en Pegasus bij elkaar
Natuurlijk hoort er bij Andromeda weer een mooie mythe. Andromeda was de dochter van Cassiopeia en Cepheus, de koning van Ethiopië. Ze waren altijd aan het pronken met hun dochter, vooral Cassiopeia. Ze pronkte ermee dat haar dochter veel mooier was dan de Nereïden, de zeenimfen zijn. Op een gegeven moment maakte Cassiopeia en Cepheus de zeegod Poseidon (bij de romeinen Neptunus) zo boos, dat hij er genoeg van had en de vooral ijdele moeder wel eens een lesje zou leren. De god Poseidon liet weten dat het zeemonster Cetus het land zou laten overstromen, en dat dat alleen voorkomen kon worden als Andromeda opgeofferd zou worden. Andromeda werd vastgeketend aan een rots vlak voor de afgrond, waar beneden Cetus wachtte.
← Andromeda vastgeketend voor de afgrond
Vlak voordat Cetus Andromeda ook echt kon verslinden kwam Perseus eraan. Deze had een oogje op Andromeda dus dat kwam goed uit, hij bevrijdde haar op één voorwaarde: dat hij met haar mocht trouwen. Cassiopeia en Cepheus waren daar blij mee want ze vonden het niet een geschikte schoonzoon maar het kon niet anders.

Apollo 1
Een gewone `test` op de grond loopt uit in een fataal ongeluk. Een ongeluk dat de Apollo-missie bijna doet beëindigen. Virgil Grissom, Edward White en Roger Chaffee komen bij het ongeluk om het leven. Hoe het precies is gegaan lees je in dit artikel.
Apollo 1 zou de eerste Apollo-missie worden van de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA. Maar voordat de NASA Apollo-capsules kon lanceren, moest het ontwerp getest worden. Zo ook op 27 januari 1967. Het leek een doodnormale test te worden. Er werd al steeds lakser gedaan over de testen op aarde, want daar kon toch niets mis gaan. Wetenschappers deelden het idee dat het pas echt moeilijk ging worden in de ruimte.
Het interieur werd nauwelijks gecontroleerd en ook aan andere zaken werd weinig aandacht besteed door NASA, want het zou toch wel goed zijn. Op de foto`s na het fatale ongeluk was te zien dat er gewoon nog een dopsleutel in de capsule lag! Deze was `gewoon` door iemand laten liggen. Naderhand bleek dat deze dopsleutel niets te maken had met de brand.
Maar wat was nu de precieze oorzaak, als het de dopsleutel niet was? We gaan terug in de tijd naar het moment dat de test bezig was.
De drie astronauten liggen in de capsule. Er wordt grondig getest. Tijdens de communicatie tussen de astronauten en de vluchtleiding blijkt dat er nog veel ruis aanwezig is op de lijn. Telkens wordt de verbinding op een andere lijn gezet, om zo betere communicatie te krijgen.

Apollo 13
Op 11 april 1970 vond de lancering plaats van de Apollo 13. Misschien wel de bekendste vlucht uit het Apollo-programma. Aan boord waren James Lovell (commandant), John Swigert (piloot van de commando module) en Fred Haise (piloot van de maanlander). Eigenlijk zou astronaut Mattingly meegaan met deze vlucht. Omdat hij echter mogelijk besmet was met de mazelen, werd hij kort voor de lancering vervangen. Deze vlucht was een echte rampvlucht, gezien er van alles mis ging tijdens de missie en de bemanningsleden ternauwernood aan de dood ontsnapt zijn.
Tijdens een test op Cape Canaveral al bleek een heliumtank in de daaltrap niet goed geïsoleerd te zijn. Er werd toen besloten dat de astronauten drie uur eerder zouden overstappen naar de maanlander. Later bleek dit hun redding, want hierdoor waren de vluchtleiders van de maanlander aanwezig toen zij dringend nodig waren.
Toch werd de Apollo op 11 april gelanceerd. Vijf en een halve minuut na de lancering voelden de astronauten opeens een schok. Na alle metertjes gecontroleerd te hebben bleek dat de belangrijkste motor was uitgevallen. Dit was nog geen reden tot echte paniek omdat de andere motoren het werk konden overnemen.
Even later begon er een live tv-uitzending waarin de astronauten lieten zien hoe ze in de ruimte werkten. Ze waren toen 56 uur onderweg. Zo’n negen minuten na de uitzending waarin Jim Lovell iedereen nog een rustige nacht toewenste ontplofte de zuurstoftank en sloeg een gat in de capsule waardoor deze onbestuurbaar werd.

Apollo 14
Apollo 14 was de derde missie van het Apollo programma waarbij op de maan werd geland. De landingsplaats was Fra Mauro, een locatie die eerst gepland stond voor de Apollo 13 maanlanding. De bemanning van deze Apollo missie bestond uit Alan Shepard (gezagvoerder), Ed Mitchell (maanlander piloot) en Stu Roosa (commandomodule piloot).
De missie is beroemd geworden door Alan Shepard, die besloot om te golfen op het oppervlak van de maan. Hij sloeg het balletje 200 tot 400 meter ver weg.
De lancering vond plaats op 31 januari 1971, waarna de bemanning op 5 februari 1971 landde op het oppervlak van de maan. Op 9 februari 1971 landde de bemanningsleden weer op aarde.


Apollo 9 missie
Apollo 9 was de derde bemande missie van het Apollo programma. De missie begon op 3 maart 1969 en duurde tien dagen. Het was de tweede bemande vlucht met de Saturn V raket en de eerste bemande vlucht met de maanlander (Lunar Module of LM).
De bemanning van de Apollo 9 bestond uit McDivitt, Scott en Schweickart. In de ruimte werd de koppeling tussen de maanlander en de besturingsmodule (Command Service Module of CSM) geoefend. Ook voerden de astronauten nog ruimtewandelingen uit en testten ze een nieuw ruimtepak. De bemanningsleden van de Apollo 9 gingen dus niet (in)direct naar de maan toe, zoals de astronauten van de Apollo 8 en de latere Apollo-missies.
De Apollo 9 capsule landde 290 km ten oosten van de Bahama`s in de Stille Oceaan en de bemanning werd met een helikopter opgepikt en vervoerd naar de U.S.S. Guadalcanal.
Het bemanningcompartiment van de maanlander (descend stage) stortte op 23 oktober 1981 neer, het lanceerplatform van de maanlander (ascend stage) op 22 maart 1969.


Asteroïde 2002 NT7
De asteroïde 2002 NT7 zorgde in 2002 voor veel opschudding. Deze asteroïde heeft een doorsnee van twee kilometer en zou dus veel ravage aanrichten. Als de asteroïde de aarde raakt dan kunnen we rekenen op klimaatsveranderingen en waarschijnlijk zal een gebied ter grootte van een werelddeel verwoest worden. Wat is de kans dat de asteroïde de aarde raakt? Hoe berekenen ze het? En wat als het object ons raakt?
Op 9 juli 2002 kwam het LINEAR team met een verassende mededeling. In 2019 kan een asteroïde de aarde raken. De kans was toen 1 op 200.000, want je moet ervan uitgaan dat een asteroïde door veel andere objecten, zoals planeten, een afwijkende baan kan krijgen. Botsingen met andere asteroïden, zwaartekracht van hemellichamen en door kleine afwijkingen in de baan veranderd een baan van een asteroïde voortdurend. Toch is de kans van 1 op 200.000 nog groot, want de kans bestaat dat je geraakt wordt, ook al is het minimaal. Later die maand, eind juli, ging men zich meer wenden tot de asteroïde en werden er nieuwe baanberekeningen gemaakt. De kans daalde naar 1 op 200.000. Sommige wetenschappers hadden zelfs uitgerekend dat er geen kans tot inslaan meer was!
Hoe hebben deze mensen dat uitgerekend? Ze hebben eerst de baan van de asteroïde berekend en dat kan gemakkelijk door verschillende meetapparatuur. Daarna is in dit bestandje de baan van de aarde gebracht. Ze hebben het bestandje geopend en laten draaien.

Atacama Large Millimeter Array
De Atacama Large Millimeter-submillimeter Array (ALMA) is een internationaal astronomisch project dat bestaat uit een astronomische interferometer, gevormd door een netwerk van radiotelescopen. Deze radiotelescopen bevinden zich in de Atacama woestijn (noord Chili). Dankzij dit netwerk van radiotelescopen hopen wetenschappers meer inzicht te krijgen in het stervormingsproces in het jonge universum en in het planeetvormingsproces.
Het project kost nu al meer dan een miljard dollar. In 2011 is het volledige netwerk klaar.


Belangrijke Ontdekkingen
Ons beeld van het heelal is door de eeuwen heen sterk veranderd. Al vele eeuwen voor de jaartelling fascineerde het heelal de mensheid. Er werden dan ook vele pogingen gedaan om het heelal te verklaren. Hieronder volgt een beknopt overzicht van belangrijke ontdekkingen in de sterrenkunde.

De opbouw van ons zonnestelsel
In 340 v. Chr. schreef de Griekse filosoof Aristoteles het boek `Over de hemel`. In dat boek schreef hij twee theorieën waarom de aarde een ronde bol moest zijn in plaats van een platte schijf.
In het eerste argument beweerde hij dat maansverduisteringen veroorzaakt werden doordat de aarde tussen de zon en de maan kwam te staan. De schaduw van de aarde op de maan was altijd rond en dat zou dus betekenen dat de aarde rond was. Als tweede argument schreef hij dat de Grieken van hun reizen wisten dat de Poolster in het zuiden lager aan de hemel leek te staan dan in het noorden.
Aristoteles geloofde dat de aarde stil stond en het middelpunt van het heelal vormde. De zon, maan, planeten en sterren zouden in cirkelvormige banen om de aarde draaien.
Het stelsel van Ptolemaues werd algemeen aanvaard. Ook de katholieke kerk aanvaarde dit, omdat het stelsel genoeg ruimte overliet voor hemel en hel.
In 1514 kwam een Poolse priester, Nicolaus Copernicus, met een nieuw stelsel. Hij ging ervan uit dat de zon in het middelpunt stond en de aarde en planeten om de zon draaiden.

Bernard Lyot
Bernard Ferdinand Lyot (geboren op 27 februari 1897, gestorven op 2 april 1952) was een Franse astronoom.
Zijn interesse voor astronomie startte in 1914. Hij was een expert op het gebied van gepolariseerd en monochromatisch licht. Daarnaast werkte hij aan de perfecte coronograaf. In 1938 toonde hij aan de International Astronomical Union een filmpje met de corona in beweging.
Hij stierf in 1952 aan een hartstilstand. In Frankrijk is een twee meter telescoop naar hem vernoemd. De Bernard Lyot telescoop bevindt zich in de Franse Pyreneeën (zie onder).


Botsing met het Andromeda-stelsel
Ooit in de verre toekomst zal er iets spectaculairs gebeuren met ons melkwegstelsel. Ons melkwegstelsel lijkt een bron van rust en warmte, maar dat zal flink verstoord worden als onze buur Andromeda-stelsel zich er mee gaat bemoeien. Over 3 miljard tot 5 miljard jaar zal dit stelsel zich in ons stelsel boren als een geweldadige asteroide die zich in de atmosfeer stort van een Joviaanse gasplaneet. Het geweld zorgt voor een opzienbarend tafareel. Stervorming zal de overhand hebben en ons melkwegstelsel zal nooit meer hetzelfde zijn en zal zich samen met het Andromeda-stelsel tranformeren in een elliptisch sterrenstelsel. Het is echter de vraag of wij dit tafareel ooit te zien krijgen.
Wees niet getreurd. 10% van alle sterrenstelsels zijn elliptisch. Astronomen vermoeden dat deze elliptische sterrenstelsels het verminkte slachtoffer moet voorstellen van wat ooit een prachtig spiraalstelsel was. Doordat twee sterrenstelsels met elkaar botsen, onstaat na verloop van tijd een grote lompe kern met daarom heen dikke schillen met miljoenen sterren. Je kunt deze sterrenstelsels het beste vergelijken met enorm grote sterrenhopen die we vaak tegen komen in ons eigen sterrenstelsel.
Het is niet opvallend dat elliptische sterrenstelsels oud en groot zijn. Vroeger was het heelal veel kleiner dan nu en was de kans op een botsing met een ander sterrenstelsel 10 tot 100 keer groter dan nu het geval is.

Bruce McCandless
Kapitein Bruce McCandless II (geboren op 8 juni 1937 in Boston) vloog twee keer meer met een spaceshuttle. Hij werd in 1984 beroemd, omdat hij voor het eerst een ruimtewandeling uitvoerde zonder verbinding met een moederschip.
Dit deed hij door gebruik te maken van een Manned Maneuvering Unit. Met dit pak kon hij gewoon in de ruimte manoeuvreren zonder dat daarbij een snoer aan te pas kwam.
Van deze actie is een beroemde foto gemaakt, die hieronder te zien is.


Buitenaardse beschavingen
Neem je alle zandkorreltjes bij elkaar over de hele wereld en je hebt nog lang niet alle sterren in ons heelal. Dit aantal is zo groot, dat wij het niet kunnen bevatten. Zelfs ons melkwegstelsel bevat tweehonderd miljard sterren! Zijn wij dan de enige intelligente beschaving tussen al die zandkorreltjes? Zijn wij hier alleen?
Na het lezen van enkele boeken en artikelen ben ik meer te weten te komen over buitenaards leven en ik heb zelf ook een mening over buitenaards leven. Hopelijk kan jij na het lezen van dit artikel ook zelf een mening vormen over deze discussie.
Al in de 17e eeuw werd er nagedacht over leven elders in het heelal. Toen Galileo zijn telescoop richtte op Jupiter zag hij kleine werelden om deze gasreus, die we nu kennen als Europa, Io, Ganymedes en Callisto. Tevens richtte hij zijn telescoop op de maan en daar zag hij vele bergen, dalen en vlakten. De vlakten noemde hij `zeeën.` Het leek heel erg op een tweede aarde, ondanks dat het één grijze vlakte was.
Maar gaan we nog verder terug in de tijd, dan zien we dat er toen al mensen dachten dat er meer moest zijn. In de vierde eeuw zei de Griek Metrodoros van Chios: `De opvatting dat de aarde de enige planeet is, is net zo onzinnig als de bewering dat in een uitgestrekt veld slechts een zaadje kan kiemen.` Giordano Bruno, een Italiaan uit de 16e eeuw die uiteindelijk op de brandstapel belandde, dacht dat er meerdere zonnen waren en dat er rond iedere zon planeten draaien die allemaal leven kennen.

Cassini-Huygens missie
De Cassini-Huygens-verkennermissie naar Saturnus is de meest ambitieuze missie ooit op het gebied van planetaire- en ruimteverkenning (Galileo, Voyagers, etc), maar helaas zal dat ook de laatste zijn, want het kost veel tijd, inspanning en ook veel geld. Daarom is de Cassini-Huygens zo verfijnd mogelijk gemaakt. NASA gaat daarom daarna alleen kleinere en doeltreffendere sondes bouwen.
Op initiatief van NASA doen vele honderden wetenschappers en ingenieurs van 16 Europese landen en 33 staten van de Verenigde Staten mee met het team dat verantwoordelijk is voor het ontwerp, het gebouw, de vlucht en gegevens van de Cassini-sonde en Huygens-sonde. Het Cassini-programma is een poging van 18 jaren; het programma ontving een nieuwe start van het Congres van de V.S. in 1990 en de voornaamste missie is verlengt tot juli 2008. De Cassini-sonde en zijn instrumenten kosten samen $1.422. Andere bijdragen omvatten $54 miljoen voor bijkomende kosten van de NASA en ongeveer $144 miljoen van het Amerikaanse Departement van Energie in steun van de radio-isotoop thermo-elektrische generatoren en meerdere radio-isotoop hitte-eenheden voor de missie. Het lanceervoertuig, dat door de Amerikaanse Luchtmacht is gelanceerd, kost $422 miljoen. De bijdrage van het Europese Ruimtevaartagentschap aan het Cassini-programma bedraagt ongeveer $500 miljoen voor de Huygens sonde, zijn instrumenten en sondewetenschap en techniekoperaties.

Cassiopeia

Cassiopeia is een sterrenbeeld dat in de donkere uren erg opvalt, dit komt onder andere doordat de belangrijkste 5 sterren een W vormen, waardoor het sterrenbeeld het gemakkelijkste sterrenbeeld wordt om op te zoeken. Ook komt dat doordat het een circumpolair sterrenbeeld is. Een cicumpolair sterrenbeeld is een sterrenbeeld wat nooit onder de horizon verdwijnt. Je ziet Cassiopeia dus altijd, of het nou winter of zomer is.

↑ Hier zie je Cassiopeia, de W is goed zichtbaar
Cassiopeia was de koningin van Ethiopië en getrouwd met Cepheus, de koning. Ze hadden samen één dochter Andromeda. Cassiopeia vond zichzelf heel mooi, ze pronkte altijd met zichzelf en wilde dat iedereen haar mooi zou vinden. Op een dag beweerde ze zelfs dat ze mooier was dan de Nereïden de zeenimfen. Op een gegeven moment maakte Cassiopeia de zeegod Poseidon, bij de romeinen Neptunus, zo boos, dat hij er genoeg van had en de ijdele moeder is een lesje zou leren. De god Poseidon liet weten dat het zeemonster Cetus het land zou laten overstromen en dat dat alleen voorkomen kon worden als Andromeda opgeofferd zou worden. Andromeda werd vastgeketend aan een rots vlak voor de afgrond waar beneden Cetus wachtte.
Vlak voordat Cetus Andromeda ook echt kon verslinden kwam Perseus eraan, die had een oogje op Andromeda dus dat kwam goed uit, hij bevrijdde haar op een voorwaarde, dat hij met haar mocht trouwen.

Ceres
Op de eerste dag van januari 1801 ontdekte Giuseppe Piazzi een object, waarvan hij in eerste instantie dacht dat het een nieuwe komeet was. Nadat hij de baan beter had bekeken, was het duidelijk dat het geen komeet was, maar een kleine planeet. Piazzi ontdekte de dwergplaneet Ceres, vernoemd naar de Siciliaanse godin van het graan. In eerste instantie werd het object als een planeet beschouwd, maar in de jaren daarna werden andere asteroïden gevonden, zoals Pallas, Vesta en Juno. Aan het eind van de 19e eeuw waren er al enkele honderden ontdekt. Momenteel zijn er al honderdduizenden asteroïden gevonden en ieder jaar komen er een paar duizenden bij.
Er zijn 26 bekende asteroïden die een grotere diameter dan 200 kilometer hebben. Ceres hoort daarbij, maar is net weer iets groter dan de andere 25 objecten. Daarentegen is Ceres ook rond en hierdoor vertoont het object gelijkenissen met een planeet. Toch maakte Ceres altijd deel uit van de asteroïdengordel en werd het nooit gezien als een planeet. In 2006 kwam daar bijna verandering in. Tijdens de ledenvergadering van de Internationale Astronomische Unie beslisten wetenschappers over de toekomst van de asteroïde. Het leek er even op dat Ceres een planeet ging worden, maar uiteindelijk kreeg het object het predikaat `dwergplaneet.` Toch is Ceres geen asteroïde meer en is het wel degelijk anders dan de andere objecten in de asteroïdengordel.

Clusters
De aarde zorgt ervoor dat wij met onze benen op het oppervlak blijven staan. Dit komt door de zwaartekracht. De maan blijft ook netjes om de aarde draaien en maakt geen rare afwijking naar Mars. Ook besluit hij er niet vandoor te gaan naar Venus. Net zoals onze planeten ten opzichte van onze zon. Hebben we als planeet ooit de ster Proxima Centauri van dichtbij gezien? Het antwoord is nee, want dat kan niet. Je kunt het zonnestelsel en het melkwegstelsel goed vergelijken met een paar sporen naast elkaar. Op beide sporen rijden twee treinen in dezelfde richting. Natuurlijk zijn er onderlinge verschillen, want een trein zal vast iets sneller zijn dan de ander, maar over het algemeen blijft de afstand redelijk gelijk.
Zo zit dat ook met clusters: groepen melkwegstelsels bij elkaar. Door de zwaartekracht blijven ze bij elkaar. Zo zijn wij ook lid van een kleine cluster dat bestaat uit dertig melkwegstelsels. Ons cluster heet toepasselijk de `Lokale Groep`. Hieronder een voorbeeld van de nabije leefomgeving.
Je ziet hier links onze cluster. Rechts zie je een ander cluster. Je ziet dat een cluster een groep is. Zulke groepen komen niet dicht bij elkaar en gebeurt dat wel, dan vormen ze samen een groter cluster. Meestal blijven de clusters stabiel. Binnen clusters kan er wel sprake zijn van aantrekkingskracht. Ons melkwegstelsel en het Andromedastelsel kruisen elkaar in de verre toekomst hoogstwaarschijnlijk.

Cosmos 110
Cosmos 110 was een ruimtesonde van de Sovjet-Unie. Het werd op 22 februari 1966 gelanceerd. Aan boord bevonden zich de honden Veterok en Ugolyok. In de ruimte werden proeven met de honden gedaan om te kijken wat voor effecten gewichteloosheid heeft op dieren. Na 22 dagen keerde de capsule weer terug op aarde. De twee honden kwamen met de schrik vrij.

De Grote Beer

Ursa Major is beter bekend bij veel mensen als de Grote Beer, of ook wel het steelpannetje. Ursa Major is één van de grotere sterrenbeelden. De meeste mensen denken dat Ursa Major en het steelpannetje één en hetzelfde zijn. Dat is maar gedeeltelijk waar, het steelpannetje is maar een deel (ongeveer de helft) van het sterrenbeeld. Het is wel het deel wat het helderst is en daarom weten veel mensen niet dat het sterrenbeeld eigenlijk nog groter is.
Het sterrenbeeld heeft zijn naam wellicht te danken omdat hij hoog boven de noordelijke sterrenhemel staat. Want, zo gaan de verhalen, alleen een beer kan op die noordelijke hoogte de kou overleven. Het sterrenbeeld heeft zijn naam gekregen in de oudheid, maar ook zagen veel Indiase stammen er een beer in.
→ De grote beer zoals de indianen hem zagen. Met dus de steel van het pannetje als de staart van de beer
Ook achter dit sterrenbeeld zit natuurlijk weer een oude mythe, daarvoor gaan we terug naar de Griekse mythologie. Callisto was de dochter van koning Lycaon. Als kind werd ze gekozen tot het gezelschap van Artemis, de zus van Apollo. Artemis was de patrones voor geboorte en beschermster van pasgeboren baby`s. Artemis stond bekend om haar kuisheid en ze verzocht Zeus haar voor eeuwig maagd te laten blijven. Zeus liet dit toe. Artemis omringde zich met een aantal nimfen en ze verlangde van die nimfen dezelfde kuisheid als van haarzelf.

De Kleine Beer

Ursa Minor (kleine beer) is een kleinere en zwakkere kopie van de grote beer. Ursa Major was behalve het steelpannetje echt een beer. Maar Ursa Minor heeft dat niet. Dit sterrenbeeld bestaat alleen maar uit het `steelpannetje`.
← De kleine beer is te vinden bij de grote beer. In het noorden dus. Hij staat er eigenlijk in spiegelbeeld tegenover. De kleine en de grote beer bij elkaar. Zoals ze ook in de lucht staan (in spiegelbeeld dus). De groene lijn gaat zoals je ziet naar het puntje van de staart van de kleine beer. Die ster is de poolster.
De kleine beer heeft natuurlijk ook een mythe. Dit is dezelfde als van de grote beer (zie artikel grote beer). De kleine beer is de zoon van de grote beer Callisto. In dit sterrenbeeld is nog slechter een beer te herkennen. Dit sterrenbeeld bestaat namelijk echt alleen maar uit het steelpannetje. Toch deden de Grieken en de Indianen dat.
→ De kleine beer zoals de grieken en de indianen hem waarschijnlijk zagen
Vergeleken met de grote beer heeft deze een veel langere staart die rechtop staat. Dat komt omdat de steel van het steelpannetje, de staart van de beer, iets rechter op staat dan bij Ursa Major. Het sterrenbeeld Ursa Minor wordt wel eens gebruikt door amateur- astronomen. Ze kunnen door middel van Ursa Minor de helderheid van de hemel schatten. De sterren van Ursa Minor zijn qua helderheid namelijk allemaal tussen Magnitude 2 en 6.

De manen van Jupiter
Jupiter is een grote gasreus met prachtige wolkenbanden, de grote rode vlek en natuurlijk ontelbaar veel satellieten. Je kent vast de vier hoofdmanen van Jupiter, maar ken je ook de andere? Dan wordt het nu tijd dat je ze allemaal leert kennen. Welkom bij de manen van Jupiter!
Gejatte zwavelzuur
Amalthea is het vijfde maantje van Jupiter. Het maantje is ongeveer even groot als Himalia. Het maantje is niet regelmatig, maar 270 bij 166 bij 150 kilometer, gemiddeld dus een doorsnee van 189 kilometer. Het maantje bevind zich 181.300 kilometer van Jupiter af. Dit is relatief dichtbij. Amalthea heeft een rode kleur. Dit komt omdat de planeet zwavelzuur pikt van Io. Er bestaan meer vergelijkingen met Io, want net zoals de pizzamaan straalt Amalteha meer hitte uit, dan hij ontvangt van de zon. Zou dit niet zo zijn, dan was Amalthea een simpele asteroide.
Herdersmaantjes
Adrastea en Metis bevinden zich respectievelijk op een afstand van 129.000 en 128.000 kilometer van de reuzenplaneet Jupiter. De zeer ijle ring van Jupiter bevind zich op een afstand van ongeveer 128.500 kilometer van Jupiter. Dit betekend dat Adrastea en Metis zorgen dat de ring van Jupiter op zijn plaats blijft, ook al stelt die ring weinig voor. Adrastea en Metis worden daarom ook de herdermaantjes genoemd van Jupiter (een begrip dat afkomstig is van de manen van Saturnus).
Pizzamaan
Langzaam reizen we verder naar buiten.

De manen van Mars
Mars is een prachtige rode planeet in ons zonnestelsel. Mars heeft ook twee kleine maantjes, Phobos en Deimos, maar deze vallen eigenlijk in het niets. De maantjes zijn klein en saai. Wat is er dan zo boeiend aan de maantjes van Mars? Wat is er boeiend aan Phobos en Deimos?
Historie
Op een zwoele augustus avond in 1877 ontdekt Asaph Hall de twee maantjes bij Mars. Hij maakte gebruik van de 26-inch `Great Equatorial` refractor telescoop. Een van de grootste in de wereld toen. Na deze ontdekking kreeg Asaph Hall veel onderscheidingen, want je ontdekt niet iedere dag een maantje bij de buurplaneet. Van de maantjes is tot de jaren `70 vrij weinig bekend. Het zijn meer doelloze stippen. Wat de ware aard van de maantjes is, werd pas na de tijd bekend.
Zoon van Ares
Phobos is de groter dan Deimos. Toch is Phobos een kleine maan in vergelijking met alle maantjes en manen in ons zonnestelsel. Phobos is 22.2 kilometer in doorsnee. Hij is niet precies rond, maar meer een kleine asteroide. Waarschijnlijk is het dus een verdwaalde asteroide uit de asteroidengordel. Deze kwam in een baan om Mars. In de Griekse mythologie wordt Phobos de zoon van Mars genoemd (Zoon van Ares), maar dit klopt dus eigenlijk niet. Phobos is eerder een stiefzoon van Mars.
Mars met ringen
Phobos draait erg dicht bij de planeet Mars. Zo dicht dat Phobos steeds dichter bij het oppervlak komt. Momenteel bevind Phobos zich op minder dan 6000 kilometer van Mars af.

De manen van Saturnus
Saturnus is een planeet met een aparte structuur. Niet de planeet zelf is een vreemde wereld, aangezien gasplaneten `normaal` zijn in ons zonnestelsel. Wat Saturnus uniek maakt is natuurlijk de kolossale ring. Een ring die er niet zou zijn zonder de vele maantjes die Saturnus bezit. De maantjes van Saturnus zorgen ervoor dat de ringen, want het zijn er meerdere, op de plaats blijven en dat ze niet ten prooi vallen voor de zwaartekracht van Saturnus. Zonder de manen was er geen ring. Zonder de manen was Saturnus haar pracht kwijt. Als een kip zonder veren, een tafel zonder poten en een stereo zonder geluid.
A-ring maantjes
Pan (zie plaatje hierboven) en Atlas zorgen ervoor dat de A-ring op zijn plaats blijft. Beide maantjes bevinden zich in de Enckescheiding. De maantjes zijn verder klein en niet gemakkelijk te vinden. Ze werden respectievelijk in 1990 en 1980 ontdekt. Het rare is dat Pan in 1990 werd ontdekt op Voyager foto`s van 10 jaar eerder! Dit kwam doordat er volgens berekeningen nog een maantje moest zitten op die positie. Na het controleren van de Voyager foto vonden ze Pan. Pan is 20 kilometer in doorsnee en Atlas is 30 kilometer in doorsnee. Ze bevinden zich ongeveer 135.000 kilometer van Saturnus af.
F-ring maantjes
Na de A-ring komt de F-ring. Dit is een heel ijl ringetje die toch enkele mooie manen kent. Wat dacht je van Prometheus en Pandora? Beiden ontdekt in 1980 op, jawel, Voyager foto`s.

De media en buitenaards leven
Het beeld over buitenaards leven bepaalt het grootste deel van Nederland niet zelf. Ze zien wat op televisie over buitenaards leven en vormen daardoor een mening. Toch wordt het soms te gevaarlijk om fictionele televisieprogramma’s en –films zo zwaar te laten meewegen in iemands mening over buitenaards leven. Hoe de media invloed uitoefend op de kijker met betrekking tot buitenaards leven kun je in dit artikel lezen.
Grijs met zwarte ogen
Een grijze huid, grote zwarte ogen, een vrij platte neus, kaal en lange dunne vingers. Dit wordt door velen nog gezien als een buitenaards wezen, oftewel een alien. Hoe komen de mensen erbij dat dit een buitenaards wezen is? Het moet door iemand opgelegd zijn. Iemand moet ermee begonnen zijn, bijvoorbeeld een belangrijke bron voor veel mensen.
Als we even verder zoeken komen we erachter dat deze creatie is verzonnen door het fictionele programma The X-Files. Dit programma was een kaskraker in de jaren ’90 en veel mensen over de hele wereld volgde de belevenissen van Mulder en Scully. Alles was intrigerend in beeld gebracht, waaronder ook de aliens. Deze kwamen in diverse vormen voor, namelijk als buitenaardse rebellen. Deze zagen er hetzelfde uit als mensen, alleen zonder ogen en mond om niet besmet te raken door de zwarte olie (buitenaards dna). Aangezien deze buitenaardse rebellen teveel op mensen leken, werden ze vrijwel nooit afgebeeld als buitenaards leven.

Dieren in de ruimte
Vroeger was men ongerust over de grote lege zwarte ruimte. Zouden we er ooit naar toe kunnen vliegen of waren de omstandigheden daar te ongunstig voor ons? Langzaam maar zeker kwam het luchtverkeer tot stand en werden de eerste raketten gebouwd. Succesvol kwamen deze in de ruimte en we kwamen er steeds meer over te weten. Zo kwamen ook de eerste Sputnik-satellieten op gang. Hier kon een mens in verblijven, maar wat voor een invloed heeft gewichteloosheid en andere omgevingselementen van de ruimte op een mens? Kan hij of zij het wel overleven?
In de jaren `50 werd daarom door de toenmalige USSR oftewel de Sovjet-Unie een idee bedacht om te kijken of mensen het konden overleven. Dieren de ruimte in sturen! Dieren hebben geen bewustzijn als de mensen en ook een andere vorm van intelligentie en daarmee zijn ze de perfecte proefpersonen. Dieren zijn net als mensen organische wezens en als dieren niet kunnen overleven, dan wijst dat er op dat mensen misschien ook niet kunnen overleven in de ruimte.
Er kwam veel kritiek op deze ideeën van de USSR. De natie gebruikte namelijk de eerste ideeën en daarbij was het de bedoeling dat de dieren niet meer werden teruggehaald. Veel dierenorganisaties vonden dit een slecht idee en keurden de plannen af. Echter waren ze wel van mening dat een dier dat sterft in de ruimte altijd minder erg is dan een mens dat in de ruimte overlijdt.
Laika
Wetenschappers in de Sovjet-Unie waren er zeker van dat organismen zich konden redden in de ruimte.

Donkere Materie en Donkere Energie
Donkere materie en donkere energie vormen voorgestelde oplossingen voor nog onverklaarbare zwaartekrachtfenomenen. Als ze daadwerkelijk bestaan vormen ze het overgrote merendeel van het energiebudget van het universum. Waarom is hun bestaan noodzakelijk in de huidige kosmologie?
Bron: seds.org →
Donkere materie is uitgevonden doordat de waargenomen hoeveelheid gravitationele massa en lichtgevende massa in sterrenstelsels en clusters niet overeen komen. Er is veel meer massa aanwezig dan dat er bronnen zijn die elektromagnetische golven (bijv. licht) afgeven.
De gravitationele massa wordt berekend door de snelheid en grootte van de satellietstelsels te meten, op dezelfde manier dat we de massa van de zon kunnen berekenen aan de hand van de snelheid en afstand van de planeten. De lichtgevende of lumineuze massa is het resultaat van het optellen van de totale hoeveelheid licht, en dat omzetten naar een getal dat gebaseerd is op ons begrip van het proces dat sterren laat schijnen. Als we vervolgens kijken naar de massa-tot-licht verhouding blijkt dat lumineuze materie op zijn minst slechts 1% uitmaakt van de totale massa in het universum.
Overige onderzoeken hebben bewijs geleverd voor het bestaan van een bovenlimiet voor de totale hoeveelheid normale materie in het heelal. Met normale materie bedoelt men materiaal dat gemaakt is van atomen. Met behulp van NASA’s WMAP satelliet heeft men in de kosmische microgolfachtergrond de indruk van geluidsgolven gevonden, die ongeveer 400.

Donkere nevels
Er zijn vele lichtgevende nevels in ons melkwegstelsel. Een aantal daarvan kunnen we `s nachts zien en worden samen met melkwegstelsels en sterrenhopen ingedeeld in de categorieën Messier-objecten en NGC-objecten. Donkere nevels maken hier ook deel van uit. Er zijn verscheidene donkere nevels in ons melkwegstelsel, denk bijvoorbeeld aan de Paardenkopnevel. Dit artikel gaat dieper op deze nevels in en behandeld de vraag: hoe kun je wel licht achter een donkere wolk zien?
Waar bestaat een donkere nevel eigenlijk uit? Want wat maakt iets donker? Een donkere nevel bestaat uit gas, net als een gewone nevel. Het verschil is dat bij een lichtgevende nevel het gas gloeit door een hittebron (denk daarbij aan een eerdere supernova-explosie of de vorming van sterren). Bij een donkere nevel is er geen sprake van een hittebron. Hierbij is er sprake van donker gas. Dit gas zit vaak ook nog heel dicht op elkaar gedrukt. Af en toe komt het ook nog eens voor dat een donkere nevel een groot gebied bestrijkt. Zit er dus een donkere nevel tussen 2 sterren, dan kunnen beide sterren elkaar dus niet zien.
De Paardenkopnevel is haast niet te zien. We hebben geluk dat er een lichtgevende nevel achter zit, want het licht van die nevel wordt door de Paardenkopnevel geblokkeerd. We zien dan dus een donkere paardenkop in de lichtgevende nevel. Donkere nevels geven dus zelf geen licht, maar zijn te zien door het licht van anderen.

Doppler-effect
Het Doppler-effect heeft te maken met het licht, maar is uitgevonden dankzij het geluid. Christian Doppler, een jonge man uit Wenen, stond te wachten op de trein. Wat hem opviel was dat de trein steeds hoger begon te klinken wanneer de trein naderde, ook werd het geluid steeds sterker. Toen de trein wegreed leken de tonen te vervagen en klonken ze erg laag. Dit moest toch een gevolg hebben?
Christian Doppler wist dat geluid een afstand moest overbruggen om het menselijk oor te bereiken. Als het geluid van een naderende trein het oor moest naderen, dan zou het een afstand moeten afleggen. Maar als dat geluid het oor heeft bereikt, dan is er ondertussen al een ander geluid op weg. Hoe dichter de trein nadert, hoe meer geluid er op weg is. Hierdoor worden de tonen op elkaar gedrukt, en krijg je een hoge frequentie. Als de trein weggaat, dan moet het geluid een afstand overbruggen. Als het geluid er is, dan komt er weer geluid, maar dat moet een nog langere afstand overbruggen! De tonen worden dan juist uit elkaar getrokken, oftewel langgerekt. Hierdoor lijkt de toon snel te vervagen en is de toon laag.
Hier moest een reden achter zitten, de heer Doppler zocht het eerst bij licht. Hoe kun je zien of een object, bijvoorbeeld een sterrenstelsel, bij ons vandaan gaat of naar ons toe snelt? Hij dacht ook aan een ander probleem. Het licht gaat zo snel, dat het object op een grote afstand moest bevinden en het moest zich snel voortbewegen, anders kun je de verschuiving niet zien, althans dat dacht hij.

Draak

Het sterrenbeeld de draak is een vrij groot sterrenbeeld. Het valt niet zo heel erg op en zal dan ook niet gevonden worden door iemand die niet weet waar hij zoeken moet.
Het sterrenbeeld is circumpolair, dat betekent dat hij in onze streken het hele jaar te zien is. Hij staat dan ook vlakbij de noordelijke hemelpool. Als je het sterrenbeeld het hele jaar in de gaten zou houden, zou het opvallen dat de Draak eigenlijk om de Kleine Beer (Ursa Minor) heen kronkelt.
In de Griekse mythologie had de draak ook nog vleugels. Aan de hemel heeft hij die niet meer, maar zijn de buitenste 2 sterren van de kleine beer eigenlijk een van de vleugels van de draak geworden.
De Griekse mythologie over de Draak gaat over de gouden appels en de elfde opdracht van Heracles (Hercules). De appelboom met gouden appels heeft Hera (de koningin van de hemel) van Gaia (moeder aarde) gehad als geschenk ter gelegenheid van het huwelijk tussen Hera en Zeus.
Heracles had 12 onmogelijk lijkende taken gehad voor een onvergeeflijke daad. Dit verhaal gaat over de elfde opdracht: gouden appels stelen van de boom van Hera (zijn moeder). Maar Hera had er natuurlijk wel voor gezorgd dat haar boom goed beveiligd werd. Daarvoor had ze niemand minder dan Ladon, een monsterlijke draak met 100 koppen.

De draak kronkelde zich helemaal rond de boom en zo dachten ze dat de boom veilig was.

Dutch Space
Wel eens een straaljager gezien die in gevecht is met zichzelf? Of een parachute die precies neerkomt op de plek waar hij moet zijn? Studenten van de Technische Hogeschool in Rijswijk zagen dit tijdens een excursie naar een van Nederlands grootste ruimtevaartbedrijven.
Geschiedenis
Anthony Fokker raakte vroeg in zijn jeugd al geïnteresseerd in vliegen. In het toenmalige Nederlands-Indië experimenteerde hij met modelvliegtuigen. In 1900 besloot hij naar Europa te verhuizen waarna hij met de bouw van zijn eerste vliegtuig begon die hij de naam ‘Fokker Spin’ gaf. Door middel van demonstraties verdiende hij zijn geld.
In het begin van de eerste wereldoorlog besloot hij in Duitsland te gaan wonen. Samen met Hugo Junkers produceerde Fokker het eerste echt bekende en succesvolle vliegtuig, de Fokker Eindecker. Dit was het eerste vliegtuig dat tussen de ronddraaiende bladen van de propeller door kon schieten zonder deze te beschadigen. Er volgden meer successen zoals de Fokker Dr.1. Manfred von Richthofen haalde met dit toestel meer dan 200 vliegtuigen neer. Hij was een ware nachtmerrie voor de geallieerde piloten. Door zijn rood geschilderde vliegtuig kreeg hij de bijnaam `Rode Baron`.
In 1919 volgde de terugkeer van Anthony Fokker naar Nederland waar hij eind jaren `20 `s werelds grootse vliegtuigenfabriek oprichtte. 1936 was het jaar dat Fokker 40% van de markt bezat. Het werd tijd om de fabriek te verhuizen, wat in 1951 gebeurde en wel naar de nieuwe locatie te Schiphol.

European Space Agency
ESA is een samenwerkingsverband tussen 17 landen in Europa. Deze landen zijn Nederland, België, Frankrijk, Spanje, Portugal, Duitsland, Zwitserland, Oostenrijk, Denemarken, Noorwegen, Zweden, Finland, het Verenigd Koninkrijk, Ierland, Italië, Griekenland en Luxemburg.
ESA’s projecten richten zich op onderzoek naar de aarde, de omliggende ruimte, het zonnestelsel en het heelal. Maar ook op de ontwikkeling van op satellietsystemen gebaseerde technologieën en de bevordering van de economie in Europa. Bovendien werkt ESA wereldwijd samen met internationale ruimtevaartorganisaties.
Ariane 5
Vestigingen
Het hoofdkwartier van ESA ligt in Parijs. De belangrijkste beslissingen over toekomstige projecten worden hier genomen. Verder heeft ESA vestigingen die over heel Europa verspreid zijn. Iedere vestiging heeft haar eigen verantwoordelijkheden.
Hieronder volgt een overzicht van de vestigingen van ESA.
ESTEC (European Space Research and Technology Centre) is gevestigd in Noordwijk (Nederland). Zij vormt de designafdeling voor de meeste ruimtevaartuigen van ESA.
ESOC (European Space Operations Centre) ligt in Darmstadt (Duitsland). Dit is het vluchtleidingcentrum voor de satellieten van ESA.
EAC (European Astronauts Centre) is gevestigd in Keulen (Duitsland). Hier wordt de training van astronauten voor toekomstige missies verzorgt.
ESRIN (European Space Research Institute) ligt in Frascati (Italië).

Exoplaneten
Tot enkele tientallen jaren geleden waren er negen planeten bekend. Tegenwoordig zijn dat er honderdtwintig. De afgelopen jaren zijn er in totaal honderdtien exoplaneten gevonden. Exoplaneten, oftewel andere planeten om een andere ster of zon. Wij hebben niet als enigste een ster. En om iedere ster in ons melkwegstelsel zitten wel een paar planeten. Alleen het moeilijkste blijft nog, ze moeten ook gevonden worden.
Historie
We zijn in het jaar 1984. Twee astronomen maken een infraroodfoto van een wolk stof rond Beta Pictoris. Later blijkt dat het gaat om het prille begin van een buitenaards zonnestelsel. Op de foto`s is slechts een stofschijf te zien, maar ooit zal die stofschijf omgebouwd worden tot planeten. We zijn dus niet uniek met ons zonnestelsel. Beta Pictoris word ook geboren met planeten en wie weet wel elke planeet! Dit was het moment dat het onderzoek op gang kwam naar exoplaneten.
Ruim tien jaar later werd de eerste exoplaneet pas gevonden. Het was 3 juli 1995 en de twee wetenschappers Michel Mayor en Didier Queloz tuurdden richting het sterrenstelsel Pegasus. Wat hen opviel was het sterretje 51 Pegasi. Deze ster toonde hele kleine bewegingen (tien tot twintig meter per seconde). De ster bewoog van de aarde af, naar de aarde toe, af, toe, etc. Dit kende een patroon van vier dagen. Zou het dan toch een planeet kunnen zijn? En ja hoor. Ze hadden het bij het juiste eind.

Explorer 1
Explorer 1, officeel had het de naam satelliet 1958 alfa, was de eerste aardse satelliet van de Verenigde Staten. Explorer 1 werd op 31 januari gelanceerd om 22:48 uur lokale tijd. In Nederland was het toen al 1 februari om 3:48 uur. De satelliet werd met een Juno I raket gelanceerd vanaf Cape Canaveral in Florida.
Enkele maanden voor deze lancering lanceerde de voormalige Sovjet-Unie de eerste satelliet, namelijk Spoetnik 1.


Explorer 2 satelliet
De Explorer 2 missie was een herhaling van de Explorer 1 missie. Het doel was het detecteren van kosmische straling. De satelliet werd op 5 maart 1958 gelanceerd met een Jupiter-C raket. Helaas bereikte de raket niet de juiste baan om de aarde, waardoor de missie faalde. De oorzaak? De vierede trap van de Jupiter-C raket werd niet afgevuurd.


Feitjes van planeten
De titel van dit `artikel` zegt het al wel. Hieronder zie je de delen van deze pagina. Klik op een onderdeel om er naartoe te gaan.
- Uitleg
- Mercurius
- Venus
- Aarde
- Mars
- Jupiter
- Saturnus
- Uranus
- Neptunus
- Pluto

Uitleg
Aantal manen:
Het officiële aantal manen
Afstand tot de zon:
Het gemiddelde van het Aphelium en het Perihelium.
Aphelium:
Afstand waarop de planeet zich het verst van de zon heeft verwijderd.
Daglengte:
De tijd tussen de hoogste stand van de zon op een dag en de volgende hoogste stand, gezien vanaf de evenaar.
Diameter:
De diameter is de afstand van punt a op de evenaar van de planeet, dwars door de de planeet naar punt b, precies aan de andere kant
Dichtheid:
De gemiddelde dichtheid (Gewicht van een kubieke meter) van een planeet, de atmosfeer niet meegeteld voor normale planeten.
Gemiddelde temperatuur:
Gemiddelde temperatuur over de gehele planeet.
Globaal magnetisch veld?
Of de planeet een meetbaar globaal magnetisch veld heeft.
Massa:
Hier hetzelfde als gewicht. Technisch gesproken is gewicht en massa niet hetzelfde, maar we hebben het maar zo gehouden.
Omloopsexcentriciteit:
`Uitgerektheid` van de omloopsbaan. De excentriciteit van een perfecte circel is 0.
Omloopsinclinatie:
`Scheefheid` van de omloopsbaan van de planeet ten opzichte van de baan van de aarde.

Galactische stormen [deel 1]
Als we naar Mars willen, wat is dan het grootste probleem? Juist! De stofstormen die levensgevaarlijk kunnen zijn. Hoe moet je je daarop voorbereiden? Of hoe kan je de gevolgen meten? Ga naar een woestijn en maak een tornado machine; je hangt 4 gigantische ventilatoren 10 meter boven de grond waardoor er een zandtornado ontstaat. Je zet er een man in astronautenpak onder en neemt de gegevens op. Toen Mariner 9 Mars bereikte duurde het een maand voor de storm ging liggen en een levenloze wereld onthulde.
Hier een voorbeeld van hoe Mars eruit ziet met een storm.
’s Zomers is het vaak op Mars onder nul, met stofstormen daalt het kwik nog eens 10 graden. Hoe ontstaan deze stormen? De lucht op Mars is honderd keer zo ijl dan op aarde, door deze ijlheid komt er met een windsnelheid van 90km-h nog geen stofje van de grond. Maar zand verplaatst zich en erodeert zo de grond en het maakt stofdeeltjes los. De zandkorrels maken met hun gestuiter stof en materialen los. Toen de Pathfinder de eerste foto’s stuurde waren er gekke vage plekken te zien. Uiteindelijk bleken deze plekken zandhozen van soms wel 3 kilometer hoog te zijn.
Je denkt dat stofstormen niet gevaarlijk kunnen zijn maar schijn bedriegt. In 1991 werd Zuid-Californie overvallen door een wolk stof van 4300 meter hoog, na 6 jaar extreme droogte kwam de stof in beweging.
[img]http://www.kshs.org-cool3-graphics-loganlg.

Galactische stormen [deel 2]
Om te begrijpen wat de mens moet doen om in de ruimte te reizen wordt de aarde door wetenschappers gebruikt als een groot lab. Hoe komt het dat stormen op aarde maar een paar dagen duren terwijl ze op Jupiter eeuwen door blijven gaan?
Volgens Peter Rhines ligt het antwoord in een simpele schaal met water. Jupiter en andere verre planeten hebben een gasvormige atmosfeer, ze doen hetzelfde als een schaal vol water dat ronddraait. De grootste stormen op aarde zijn orkanen, die lijken het meeste op de Grote Rode Vlek van Jupiter. Orkanen halen de warmte uit de oceanen, Peter denkt dat orkanen altijd van warme naar koudere regio’s trekken net als wat de wind doet. Hij denkt dat stormen op Jupiter en de aarde dezelfde functie hebben. Ze regelen de temperatuur op de planeet, als je naar een planeet kijkt, moet er een energiebron zijn voor alle bewegingen die je ziet, die bron is warmte. De warmte van de zon of de warmte uit de kern van de planeet. De stormen vervoeren de warmte van warme zones naar koudere zones. Je kan het vergelijken met een airconditioningsysteem dat warmte van de tropen vervoert naar de polen en van daaruit de ruimte in.
Door de schaal met water rond te laten draaien en er kleurstoffen aan toevoegen kan je zien hoe “stormen” zich op een planeet gedragen. De uitkomsten van de testen waren niet wat Peter bedacht had. Met de gedachte dat stormen warmte vervoeren naar koudere zones liet hij een bak met ijs drijven in de bak met water.

Galileo Galileï
Het levensverhaal
Op 15 februari 1564 werd Galileo Galileï in Padua geboren. Toen Galileï tien jaar was, verhuisde hij terug naar de geborteplaats van zijn vader Vicenzio, namelijk de prachtige stad Florence. Hij ging daar naar school en uiteindelijk, in 1581, ging Galileï studeren aan de medische faculteit van de universiteit van Pisa. Maar helaas kon de studie niet volbracht worden. Vier jaar na zijn komst op de universiteit, kwam de universiteit in geldnood. Galile� werd er dus afgestuurd. Terug in Florence ging hij wiskunde studeren en in 1589 kreeg hij een aanstelling bij zijn oude universiteit in Pisa.
Galile� is nooit getrouwd geweest. Wel had hij ooit een relatie met Marina Gamba en hij kreeg drie kinderen. In 1610 verliet hij Marina en later kwamen ook de kinderen van Galileï hem achterna. Later (toen hij al ouder was) huurde hij een huis in Arcetri, dat was vlak bij het klooser van dochter Virginia. Hij kreeg levenslang huisarrest voor zijn openlijke kritiek op de katholieke kerk. Zijn dochter stierf in 1634, Galileï werd in 1637 blind, in 1642 stierf hij.
Het heelal volgens Galileï
In Galile�`s tijd dacht iedere katholiek dat de aarde het middelpunt was van het heelal. De zon, de planeten en de `sterren` draaiden eromheen. Dit wordt ook wel de gedachte van Aristoteles genoemd. De katholieke kerk was het hiermee eens. God maakte de aarde en dus stond die in het middelpunt.

Galileo-sonde
Een van de beste ruimtesondes in de jaren `90 was natuurlijk de Galileo-ruimtesonde. De Galileo-sonde was van 1989 tot 2003 in dienst en heeft veel belangrijke ontdekking gedaan. Laten we beginnen bij het begin: de ontwikkeling.
Zoals je vast wel weet zijn er wel meer sondes naar Jupiter gereisd. Wat dacht je van de Pioneers en de Voyagers? Ze passeerden Jupiter in respectievelijk 1973-1974 en in 1979. Daarbij werden veel foto`s gemaakt en voor het eerst zag de wereld gedetailleerde foto`s van Jupiter. Maar ook kwam men meer te weten over de vier maantjes van Jupiter. Toch was de informatie hierover heel gering. Er moest gewoon nog een sonde naar toe. Niet eentje die er weer langs reisde, maar eentje die jaren bij de planeet zou blijven. Zo`n sonde kwam er ook.
Op 18 oktober 1989 steeg de shuttle Atlantis op vanaf Cape Canaveral. Een sonde genaamd Galileo was toen aan boord van dat ruimteveer. De sonde was vernoemd naar Galileo Galileï, die veel ontdekkingen heeft gedaan in het verleden. Hij heeft onder andere de vier manen bij Jupiter ontdekt toen hij als eerste een telescoop op de hemel richtte. De sonde is vernoemd naar hem door zijn wetenschappelijke prestaties.
De lancering verliep zonder problemen. Eenmaal boven liet Shannon Lucid de sonde vrij. Deze zat in het laadruim van Atlantis. Toen de sonde los was gelaten, begon de tocht naar Jupiter echt.
Onderweg naar Jupiter moest de sonde door de asteroïdengordel heen.

Gammaflitsen
Gammaflitsen is een vrij nieuw begrip in de astronomie. Nog niemand weet precies wat gammaflitsen zijn, maar wel ongeveer. Wat wel vast staat is dat gammaflitsen voor de buurtbewoners rampzalig is. Gammaflitsen behoren dan ook tot de heftigste explosies in het heelal...
Een tijd terug in de tijd, zo`n 14 miljard jaar geleden, begonnen de eerste sterren te stralen. Vaak enorm grote sterren met lichte metalen. Na enkele miljoenen jaren waren de sterren door hun voorraad heen. Binnen de ster ontstonden zwaardere metalen en op een gegeven moment was de druk zo groot dat er in de kern een bikkelharde bal werd gevormd, bestaande uit opgekropte neutronen. De grote gasreus stortte door de zwaartekracht in elkaar en weerkaatste tegen het oppervlak van de bikkelharde kern. Er ontstond een supernova. Ook kan het zo zijn dat de druk te groot wordt en dat de ster in elkaar klapt. Zelfs de neutronenkern is niet hard genoeg en er ontstaat een zwart gat.
Er kunnen dus supernova`s ontstaan, maar ook hypernova`s. Hypernova`s hebben een bepaalde relatie met gammastraling. Zoals ik zonet al aangaf is zelfs de neutronenkern niet sterk genoeg om de invallende materie terug te kaatsen. Zie het als een strak gespannen vel papier. Gooi je er rijst op, dan gebeurt er niets. Gooi je een emmer water op het vel, dan scheurt het. De druk is te hoog en stukjes papier worden meegevoerd naar beneden, in de richting waar het water stroomt.

Gemini 9A
Gemini 9A was de zevende bemande Geminivlucht van de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA. Het was de dertiende bemande Amerikaanse ruimtevlucht en de 23ste bemande ruimtevlucht sinds de vlucht van Joeri Gagarin (inclusief X-15 vluchten).
Vier maanden voor de start van de missie kwamen Elliott See en Charles Bassett van Gemini 9A te overlijden. Ze stortten neer met een vliegtuig in een loods op 28 februari 1996. Toevallig was het dezelfde loods waar de Gemini 9 capsule werd ontwikkeld, namelijk op het McDonnell vliegveld.
Op 3 juni 1966 steeg de Gemini 9A op met twee nieuwe bemanningsleden: Thomas Stafford en Eugene Cernan. Tijdens de ruimtevlucht voerde Cernan een twee uur durende ruimtewandeling uit en werd er gepoogd te koppelen met de Agena Target Vehicle als voorbereiding op de bemande maanlandingen.

Gemini-project
Met het Gemini-project werd al in de herfst van 1961 begonnen, want de NASA zag al gauw dat het Mercury-project niet ver genoeg ging om meteen daarna aan het Apollo-Project te beginnen. De VS was immers al koortsachtig bezig om de belofte van Kennedy, om een mens op de maan te landen, waar te maken.
De naam Gemini komt uit het Latijn en dat betekent “Tweeling”; de astronauten zaten met z’n tweeën in één capsule. De belangrijkste doelen van het Gemini-project waren: koppelingen tussen twee ruimteschepen, meer dan een week in de ruimte blijven en Extra Vehicular Activities (EVA`s; ruimtewandelingen) uitvoeren.
De Gemini-capsule was 5,8 meter lang en had een diameter van 3 meter en woog tussen de 3800 en 4000 kilo. De capsule werd gelanceerd met een Titan II raket, die oorspronkelijk ontworpen was voor het leger als middellangeafstandsraket. Het was een tweetrapsraket en was veel krachtiger dan de raketten uit het Mercury-Project.
Na twee onbemande tests die succesvol verlopen waren, werd op 23 maart 1965 de Gemini-Titan III gelanceerd met aan boord Virgil Grissom en John Young. Dit was een korte vlucht van bijna vijf uur om de capsule te testen. Gemini III was de enige Gemini met een naam (Molly Brown). Daarmee werd verwezen naar het bijna-ongeluk van Virgil Grissom tijdens de Mercury-Redstone 4 (Liberty Bell 7), toen de capsule zonk en Grissom dreigde te verdrinken.
Op 3 Juni 1965 werd Gemini-Titan IV gelanceerd.

Gezicht van Mars
Soms worden er vreemde oppervlaktekenmerken ontdekt op Mars. Neem nu de onderstaande foto. Dit gezicht stond op een foto die Viking I in 1976 naar de aarde verzond. Er heerste natuurlijk direct opwindig om deze planeet.
Men dacht dat een primitieve vorm van een mens vroeger op Mars dit kunstwerk heeft geboetseerd. Meer dan 22 jaar werd dit verhaal gelooft, want er waren genoeg wetenschappers die beweerden dat Mars vroeger leven kende. Dit plaatje kon geen toeval zijn.
In 1998 werd het Gezicht van Mars opnieuw gefotografeerd. Was dat er nog steeds? Was het 22 jaar oude plaatje bedrog of bestaat er echt een gezicht op Mars? De Mars Global Surveyor maakte een paar nieuwe foto`s van het oppervlak van Mars in de buurt van de Vlakten van Cydonia, al richtend op het `gezicht`.
En het gezicht was verdwenen. Net of het een spookgedaante was. Bij aankomst op het oppervlak zagen ze het. Het `gezicht` bleek gevormd te zijn door schaduw-werking op natuurlijke rotsformaties.
Auteur: Tim Kraayvanger

Global Positioning System
Sinds de lancering van de eerste GPS-satelliet in 1978 weten we overal ter wereld waar wij ons bevinden. Het Global Positioning System maakt gebruik van minimaal 24 satellieten (maar er bevinden zich altijd meer in de ruimte, aangezien er wel eens eentje uitvalt). Vanaf ieder punt ter wereld zijn er minimaal vier satellieten bereikbaar. Deze kunnen exact bepalen waar jij je bevindt op aarde.

Grote Hond
De sterrenbeelden van de twee honden van Orion (Canis Major en Canis Minor) beheersen het deel van de hemel waarom zij staan door de grote sterren Sirius (CMa) en Procyon (CMi). Voor beide geldt dat de legende van het sterrenbeeld veelal een uitbreiding is van de verhalen die bij deze twee sterren horen. Canis Major ligt ten zuiden van de evenaar en is goed te zien vanaf de keerkringen en vanaf het zuidelijk halfrond. Op hoge of gematigde breedtegraden in het noorden gaat het visuele effect van Sirius verloren als deze laag aan de horizon staat
De sterrenbeeld legende
Dat Canis Major (Grote hond) en zijn heldere Sirius een hond verbeelden, gaat minstens terug tot de 3e eeuw v.Chr. Gedurende deze eeuw, waarin Sirius ook Sothis werd genoemd, was Sirius de basis voor de Egyptische Sothische kalender. Zijn heliakische opkomst ( de eerste kortstondige verschijning net voor zonsopkomst, na een periode van enkele maanden onzichtbaar te zijn geweest) vond midden julie plaats en viel samen met de jaarlijkse overstroming van de Nijl; deze overstroming was van groot belang voor de vruchtbaarheid van het land en was daarom de basis van het leven en de welvaart in Egypte.
Gedurende de lange tijdspanne van de Egyptische geschiedenis kreeg Sirius-Sothis verschillende langen van interpretatie, waaronder de indentiteit van de godin Isis, de zuster en metgezel van de grote god Osiris, verbonden met orion.

Grote rode vlek
Jupiter`s Grote Rode Vlek is een atmosferische wervelstorm, ook wel een anti-cycloon genoemd. De vlek steekt 8 kilometer boven het wolkendek uit en er passen precies 2 aarde`s in, want de vlek is 25.000 kilometer in doorsnee. 300 jaar geleden werd hij voor het eerst gezien, en geschetst. Vandaag de dag wordt hij gefotografeerd. De Grote Rode Vlek is niet voor niets een fenomeen in de astronomie.
Galileo keek meer dan 300 jaar geleden door zijn eigen gemaakte telescoop naar Jupiter. Hij zag 4 maantjes die om de planeet draaide, enkele wolkenbanden en een verdacht heldere vlek. De vlek was ovaal en bedekte een redelijk stukje van deze planeet. De echte ontdekking werd gedaan door Cassini. Deze keek dag na dag na de vlek. De vlek roteerde met de planeet mee. Het moest dus bij de planeet horen. Het steekt door het wolkendek heen. Alleen hoge bergen kunnen dat. Cassini trok dus de conclusie die menig astronoom tot 1970 dacht. De vlek was gewoon een hele grote berg die door het wolkendek stak. Hier kwam verandering in toen de Pioneer 10 bij Jupiter kwam kijken.
Het was een dag in 1973. De Pioneer 10 kwam makkelijk door de planetoidengordel heen. Het Pioneer 10 team was er blij om. Nu zouden ze beelden krijgen van de `koning der werelden.` Maar toen ging het mis. Zo`n 20 miljoen kilometer van de planeet af werd er een hoge dosis straling geconstateerd. Dit werd telkens meer. Op 131.

Helderste sterren
Als we het over heldere sterren hebben, ga ik het niet hebben over Sirius, Rigel, Antares en dat soort sterren die allemaal erg helder zijn. Nee, ik ga over echte heldere sterren hebben. Want zeg nou zelf. Op 100 lichtjaren afstand van Sirius is deze ster ook nog maar een klein stipje. Er zijn genoeg andere sterren in de hemel die rond de 3de magnitude liggen, maar die absoluut tegen de -8 aan zitten! Ter vergelijking, onze Zon heeft op een afstand van 32 lichtjaren een magnitude van 4,26! Deze `heldere sterren` liggen ook nog eens op een heuse afstand van onze Zon. Meestal rond de 7000(!!) lichtjaren bij ons vandaan. Ook toevallig is dat je deze sterren het meeste tegenkomt in het `buitengebied` van de melkweg en in de tussenruimte tussen de spiraalarmen en de kern. Op zich dus leuk om de feitjes van deze sterren op een rij te zetten. Ik heb drie sterren geselecteerd, maar er zijn er wel duizenden, wat zeg ik, tienduizenden, in onze hele melkweg.
Alf Cam
Als we naar de sterrenbeelden gaan kijken, dan kijken we vooral naar bijzondere sterrenbeelden, waaronder Orion en Grote Beer. Weinig onder ons richten de telescoop op Camelopardalis. Dit is een typisch noordelijk sterrenbeeld. Je kunt dit sterrenbeeld het beste vinden door een rechte lijn te trekken van Capella (Auriga) naar Polaris (Kleine Beer). In het midden van deze lijn bevind zich Camelopardalis.
Je vraagt je natuurlijk af wat er nou bijzonder aan dit sterrenbeeld is.

Het Lot van het Universum
De toekomst is niet meer wat het ooit was. Ooit waren kosmologen er zeker van hoe het universum zou eindigen: het zou gewoon langzaam vervagen. Een steeds koudere en zwakkere kosmos zou langzaam vervliegen naar de vergetelheid, met koude assen op de plaats waar sterren ooit schenen.
De laatste onderzoeken suggereren echter meerdere mogelijke toekomstbeelden. Kosmische cycli van leven en dood kunnen op het menu staan, of een zeer merkwaardig einde waarin het vacuüm van het heelal ineens in iets compleet anders transformeert. Het universum zou ineen kunnen storten tot een Big Crunch, een soort anti-oerknal.
Maar zou ook compleet uiteen kunnen scheuren in een zogenaamde Big Rip. Het langzaam uiteendrijven tot duisternis is nog steeds een mogelijkheid, maar treur niet! Zelfs in dat geval is het einde wellicht interessanter dan je denkt. Stel jezelf een heelal voor gevuld met gigantische diamanten en je krijgt een idee.
Vanwaar ineens deze weelde aan mogelijkheden? Nu, het is nog niet zo lang geleden dat de zwaartekracht werd geacht de dominante kracht in het universum te zijn. Dat betekent dat er slechts twee mogelijkheden zijn. Het zou kunnen dat het universum dicht genoeg is om ervoor te zorgen dat de zwaartekracht de uitdijing zal stoppen en ineen zal laten storten in een Big Crunch. Als dat niet het geval is zal de uitdijing voor eeuwig en altijd doorgaan. De meeste wetenschappers gingen er vanuit dat de laatste mogelijkheid het meest waarschijnlijk was.

Hubble Space Telescope
Astronomen wilden én willen steeds meer van de ruimte zien en onderzoeken. Het vervelende van telescopen op de aarde is dat het licht vanuit de ruimte nog een hele weg moet afleggen om naar de betreffende telescoop te komen.
Zo moet het licht door de dampkring en onze vervuilde lucht heen om eenmaal de telescoop te bereiken. Het zicht vanaf de aarde is dus aardig beperkt door de dampkring. Daarom legde iemand het idee voor om een telescoop buiten de aarde te brengen die geen last had van alle atmosferische storingen.
De ontwikkeling duurde maarliefst twaalf jaar en de voorspelde kosten liepen op tot een miljard dollar. Zoals elk project liep dit uit de hand en kostte de telescoop uiteindelijk twee miljard dollar. In de telescoop moest een spiegel aanwezig zijn die het licht goed naar de apparatuur kon bundelen. Over deze spiegel hebben ze meer dan een jaar gedaan om die goed te slijpen. Micrometer voor micrometer gebeurde het klusje. Als er een stukje geslepen was, moest de spiegel getest worden of er geen afwijkingen zouden zijn.
Het testen gebeurde op een trillingsvrije tafel. Heel hoog boven de spiegel (in een toren) hing de apparatuur die de spiegel moet aftasten. En zo ging het constant, stukje slijpen, meten, weer terug naar de slijpmachine, weer meten, enzovoort enzovoort. Je kan wel nagaan wat voor rotklus dat was. De twee projectleiders van die spiegel maakten wel eens weken van 60 uur! Nadat de spiegel klaar was werd hij opgeborgen, omdat de telescoop nog lang niet klaar was.

International Space Station
Aan dit artikel wordt hard gewerkt om het weer helemaal up-to-date te krijgen! Over enkele dagen-weken kun je dit artikel weer lezen. Excuses voor het ongemak.
Het AstroStart-team.

James Webb Telescope
De Next Generation Space Telescope (NGST) is een observatorium die de Hubble Space Telescope aan het eind van dit decennium zal vervangen. Men hoopt dat deze telescoop meer inbreng zal hebben op bijvoorbeeld de ontdekking van exoplaneten. Maar ook willen we wel eens weten hoe het zit met de donkere materie. Ook zal de NGST de verste sterrenstelsels kunnen zien. Eigenlijk is de NGST dus belangrijk om vooruit te komen met onze huidige theorieën.
In 2010 zal de NGST worden gelanceerd. De missie zelf duurt waarschijnlijk 5 tot 10 jaar. De massa van de NGST is 5400 kilo. De diameter van de basis van de NGST is ongeveer 6,5 meter. De energie van de NGST zal opgewekt worden door een zonnepaneel ter grootte van een tennisveld. Andere bekende feiten voor dit moment zijn dat de NGST 1,5 miljoen kilometer van de Aarde af ligt en dat de NGST kan werken bij een temperatuur van 371 graden.
Volgens de NASA zal de NGST de grootte van het heelal beter kunnen bepalen. Ook zal hij misschien kunnen uitleggen wat er gebeurt bij de evolutie van sterrenstelsels. De geboorte van sterren begrijpen. Hoe planetaire nevels zich vormen en hoe ze uiteindelijk hun vorm krijgen. Ook moet de NGST ons meer te weten laten komen over donkere materie.
Welke instrumenten bezit de NGST dan? Een Near Infrared Camera, een Near Infrared Spectrograph, Mid Infrared Instrument en tenslotte Fine Guidance Sensors.

Japanse ruimtevaart
Eerste satelliet in de ruimte
Begin jaren `60 van de vorige eeuw keek Japan met veel interesse naar de ruimtewedloop tussen de Verenigde Staten en Rusland. Uiteindelijk besloot het land om ook een eigen satelliet te lanceren. Dit gebeurde op 11 februari 1970. Toen werd de OHSUMI satelliet gelanceerd. De satelliet werd gelanceerd met een L-4S-raket en droeg enkele versnellingsmeters en thermometers bij zich.
Oprichting JAXA
Op 1 oktober 2003 werden drie organisaties (ISAS, NAL & NASDA) samengevoegd tot een nieuwe ruimtevaartorganisatie, namelijk JAXA. Voor de samenvoeging hield ISAS zich bezig met sterrenkundig en planetair onderzoek, terwijl NAL zich meer richtte op luchtvaartonderzoek. NASDA richtte zich op het ontwikkelen en lanceren van raketten en satellieten.

Johan Dreyer
John Louis Emil Dreyer (geboren op 13 februari 1852, overleden op 14 september 1926) was een Deense-Ierse astronoom. Hij werd geboren in Kopenhagen. Toen hij 22 was, werd hij assistent van Lord Rosse (wiens vader de Leviathan of Parsontown telescoop heeft gebouwd). In 1878 ging hij naar het Dunsink observatorium en in 1882 naar het Armagh observatorium, waar hij tot 1916 directeur was.
Zijn grootste bijdrage was nog wel het opstellen van de New General Catalogue, een catalogus met heel veel astronomische objecten van nevels tot sterrenclusters.
Dreyer hield zich ook bezig met de geschiedenis van astronomie. Na zijn dood werd er een krater op de maan naar hem vernoemd.

John Herschel
Sir John Frederick William Herschel werd geboren op 7 maart 1792 en stierf kort na zijn 79ste verjaardag op 11 mei 1871. Hij was een Engelse wiskundige, astronoom en fotograaf. Hij was de zoon van de astronoom William Herschel en was de vader van 12 kinderen.
Herschel introduceerde het gebruik van het Juliaanse systeem in de astronomie. Het Juliaanse systeem is redelijk makkelijk in gebruik. Op woensdag 21 februari 2007 was het Juliaanse dagnummer 2454153. De dag erna was het JDN 2454154. JDN 0,1 staat gelijk aan een-tiende van een dag, oftewel 2,4 uur. 0,00001 staat gelijk aan een-honderdduizendste van een dag, oftewel 0,864 seconden.
Daarnaast benoemde Herschel zeven manen van Saturnus en vier manen van Uranus. Het gaat om de manen Mimas, Enceladus, Tethys, Dione, Rhea, Titan en Iapetus van Saturnus en om de manen Ariel, Umbriel, Titania en Oberon van Uranus.
Herschel in 1846.

Jules Verne
Jules Verne werd geboren op 8 februari 1828 en overleed op 24 maart 1905. Hij was een beroemde Franse schrijver. Velen zien hem als de pionier op het gebied van science-fiction.
Verne beschreef in zijn boeken wat pas veel later gebeurde. Zo schreef hij in 1865 het boek `De la terre à la lune` (`Van de aarde naar de maan`). Dit beroemde boek vertelt het verhaal van een bemande reis naar de maan. Dit gebeurd niet met een raket, maar met een kanon. Natuurlijk kan dit niet, maar voor die tijd was het een heel erg controversieel boek. Niemand kon voorspellen dat ruim honderd jaar later er echt een bemande maanreis werd uitgevoerd.


Jupiter
Algemene gegevens
De vijfde planeet van de zon die op zo’n 778,5 miljoen kilometer staat is Jupiter, de koning der goden in de romeinse mythologie. Jupiter is niet voor niets genoemd naar deze godenkoning, hij is de grootste der planeten van het zonnestelsel! Als je alle planeten bij elkaar zou nemen in één planeet zou Jupiter toch groter zijn! Om een nog sterker beeld te geven van de grootte van Jupiter, moet ik je vertellen dat als Jupiter 50x groter was geweest eerder een ster was geworden in plaats van een planeet. Jupiter is een gasreus zoals Saturnus, Neptunus en Uranus. Als je naar de planeet kijkt zie je veel strepen. Deze ‘strepen’ zijn eigenlijk donkere gordels en lichte zones die gemaakt zijn door sterke oost-west winden in Jupiter’s bovenste atmosfeer. Binnen deze gordels en zones zijn stormen die al jaren bestaan. Jupiter’s atmosfeer bestaat vooral uit waterstof en helium. De grote planeet wordt wel eens een mini-zonnestelsel genoemd, omdat er zoveel manen om de gigant heen zijn. Jupiter heeft ook ringen, maar deze zijn erg zwak. De meeste mensen weten dit niet, maar het is echt zo!
De galileïsche manen
Tot zover zijn er grofweg 60 manen bekend van Jupiter. De eerste vier waren ontdekt in 1610 door ene Galileo Galileï, die toen zijn nieuwe apparaat, de telescoop, uitprobeerde. Een andere, Duitse astronoom, genaamd Simon Marius, ontdekte deze manen ook en hij benoemde ze.

Jupiters donkere ring
Jupiters ring werd ontdekt door de Voyager 1 ruimtesonde op 4 maart 1979. De doel van de foto was ook het vinden van een ring. Voyager 2 maakte later nog meer foto`s van de ring van Jupiter.
De ring heeft een breedte van 7.000 kilometer en bevindt zich op een afstand van 125.000 kilometer bij Jupiter vandaan. In de ring bevinden zich twee kleine manen, namelijk Adrastea en Metis. Wetenschappers denken dat deze manen de ring bevoorraden met gas en stof.
Hoewel de buitenste rand van de ring abrupt eindigt, loopt de binnenste rand van de ring gradueel over in eenhalo. De halo heeft de vorm van een donut en is ongeveer 10.000 kilometer dik. De banen van de manen Amalthea en Thebe kruisen deze halo.


Kometen
Eens in de tien jaar is er wel een komeet met het blote oog te zien. Een komeet bestaat uit een witte bol met een lange staart. Het lijkt wel een object dat met een grote snelheid door het heelal zweeft of een vuurbal die verbrand in de warme atmosfeer van onze aarde. Toch is een komeet iets heel anders. Een komeet is iets unieks.
De komeet die in de geschiedenis in de belangstelling stond was Halley. Chinezen kende deze komeet al voor het jaar 0 en ook kom je de komeet tegen op diverse schilderingen, bijvoorbeeld op het tapijt: De slag van Normandië (1066). Dit komt vooral omdat Halley een zeer grote komeet is en de baan van deze komeet bevindt zich dicht bij de aarde. Daardoor is de komeet goed te zien. Helaas zien we de komeet slechts één keer in de 76 jaar. De laatste keer was in 1986.
Er zijn al bijna duizend kometen gecatalogiseerd, waarvan meer dan 200 periodieke kometen. Periodieke kometen zijn kometen die binnen nu en 200 jaar weer een keer terugkeren. Net zoals planeten dus eigenlijk. Onze planeet draait in 1 jaar om de zon. Kometen draaien ook om de zon, alleen wisselt de periode heel erg. Sommige kometen zie je ook nooit meer terug. Periodieke kometen zie je dus nog wel een keer terug en binnen 200 jaar.
Buiten het zonnestelsel neemt de komeet een andere vorm aan dan dicht bij de zon. Het object is dan zijn staart voor een groot gedeelte kwijt. Hoe dat komt? Een komeet is ruw gezegd een groot brok ijs.

Leeuw
Leeuw is echt een lentesterrenbeeld. Dan komt dit prachtige beest tevoorschijn vanaf de oostelijke horizon. In de late zomer daalt hij weer trouw af via de westelijke horizon. De leeuw staat voor macht. Regulus, de helderste ster, dankt zijn naam ook aan de leeuw. De ster heet koninkje, wat overeen komt met leeuw, koning van de dieren.
Leeuw kent diverse sterrenstelsels. Wat dacht je bijvoorbeeld van M66, M63, M95, M96 en M105. Zeggen al die getallen je niets? Geen nood, want we gaan er nu dieper op in.
Eerst Regulus. Die staat een beetje rechtsonder. Regulus heeft magnitude 1,3 en is de hoofdster van een uiterst nauw dubbelsysteem. De ster heeft 5 keer de diameter van de zon en is 150 keer sterker in lichtkracht. Dat was Regulus. Ga nu 10 graden oostwaarts naar 52 Leonis, een gelige ster van mag. 5,4. Zo`n 1.5 graad onder 52 Leonis vind je een driehoek van wazig licht. Deze is afkomstig van 3 sterrenstelsels (M105, NGC 3384 en 3389). M105 is met magnitude 9,2 de helderste. Helaas is hij door een goede telescoop nog wazig te zien.
M96 is een prachtig spiraalstelsel, 1 graad ten zuiden van M105. Deze is makkelijk te herkennen, omdat hij in een sterarm gebied staat. De kern is veel helderder dan de ijle armen.
M95 is een balkspiraalstelsel van magnitude 9,5. Zwakker dan 105, maar hij heeft toch een vrij heldere kern, omgeven door sliertige armen. Door een 100-mm-kijker is het sterrenstelsel nauwelijks te zien.

Leven van een ster
Net zoals ieder ander organisme (kun je het wel een organisme noemen?) kent een ster ook een periode ontstaan, leven & dood. Wellicht niet zo snel als bij ons, maar toch komt een ster een keer aan zijn einde.
Je hebt 2 verschillende soorten sterren. Te beginnen met een blauwe-witte ster. De ster is zo heet dat hij wit of blauw is. Daardoor is hij overigens ook heel helder. Op de oppervlakte van deze sterren kan het tot wel 25.000 graden Celsius worden. Kijk maar naar sterren als Rigel (Orion) en Spica (Maagd).
Zo`n ster wordt geboren in een normale nevel. Het gas wordt naar elkaar toegetrokken, waarna het een protoster wordt. Voor de blauw - witte sterren komt dan een energievol leventje. Ze verbruiken zoveel energie dat hun voorraad naar 100 miljoen jaar al op is. Dan worden het grote rode sterren, zoals Betelgeuze. Ze verbruiken nog maar weinig energie, en hun oppervlaktetemperatuur loopt beneden de 5000 graden.
Dan komt de dag van de beslissing. De ster gaat dood. Dan komt er een super nova, dat is zeker. De ster ontploft en zijn delen worden verspreid in de weide omtrek. Daarna blijft de kern van de ster alleen nog maar aanwezig. Dit wordt een neutronenster, of een zwart gat. Een neutronenster is een donkere ster, die maar een kleine vorm van energie af geeft. Een zwart gat is een punt, waaraan niets kan ontkomen. Zelfs licht niet. Dit komt door de te grote zwaartekracht.

Lichthinder
Vroeger had men nooit last van lichthinder, maar in de loop van de jaren werd het probleem steeds erger. Bruggen werden flink verlicht, reclameborden begonnen te schijnen en mensen kochten felle lampen. Dit proces is doorgegaan en werd steeds erger. Vroeger vond je een keer per kilometer een lantaarnpaal, maar nu vind je om de meter zo`n ding! Wat houdt het probleem precies in, wat zijn de oorzaken, wat zijn de gevolgen en wat kun je er aan doen?
Door de verstedelijking en de 24-uurseconomie wordt eigenlijk alles meer verlicht. Dit gebeurt vaak op een slechte manier (strooilicht) en daar ondervinden vooral astronomen, maar ook anderen, veel hinder van. Waarom denk je dat mensen vroeger meer dingen ontdekten aan de hemel? In de tijd van Magelhaen kon je de naar hem genoemde Wolk zo zien, tegenwoordig is dat niet meer zo. In stedelijke gebieden wordt de visuele grens steeds lager. Normalider is de visuele grens magnitude 6, maar door lichthinder wordt het getal drastisch verlaagd. Dit tot ergenis van veel sterrenwachten in de Randstad. Het observeren van bijvoorbeeld Messier-objecten word steeds moeilijker, maar ook het bekijken van kleine sterretjes wordt een onmogelijke taak. Planeten en heldere sterren zijn nog zichtbaar en daar ondervind je weinig last van.
Enkele voorbeelden van lichthinder:
Hier zie je veel verlichting. Amsterdam omstreeks vier uur in de ochtend.

Luna 10
Luna 10 was een onbemande ruimtemissie dat deel uitmaakte van het Luna programma. De Luna 10 was een Russische ruimtecapsule en werd ook wel Lunik 10 genoemd.
De ruimtesonde werd op 31 maart 1966 gelanceerd en kwam op 3 april aan bij de maan. Die dag werd de ruimtesonde het eerste door de mens gemaakte object dat in een baan om de maan kon draaien. Op 30 mei 1966 hield de ruimtesonde ermee op.

Luna 20
Luna 20 was een onbemande ruimtemissie dat deel uitmaakte van het Luna programma. Luna 20 werd op 14 februari 1972 gelanceerd en kwam op 18 februari bij de maan aan. Op 21 februari landde de ruimtesonde in een bergachtig gebied genaamd de Apollonius hooglanden, nabij Mare Fecunditatis (Zee van de Vruchtbaarheid).
Op het oppervlak werden opnamen gemaakt met de panoramacamera. Ook verzamelde Luna 20 maandeeltjes. Op 22 februari 1972 steeg de capsule met 30 gram aan maandeeljes weer op, om op 25 februari 1972 te landden in de Sovjet-Unie.
Luna 20 was de achtste Sovjet-ruimtesonde die maandeeltjes terugbracht naar de aarde.
Luna 20 bij terugkomst op aarde.

Luna 9
De Russische Luna 9 ruimtesonde (ook bekend als Lunik 9) was een onbemande sonde met als hoofddoel een zachte landing maken op het oppervlak van de maan. Op 31 januari 1966 werd de sonde gelanceerd en enkele dagen later, op 3 februari 1966, landde Luna 9 succesvol op de maan. Dit was de eerste keer dat een ruimtevaartorganisatie daarin slaagde.
De missie leverde enkele prachtige panoramafoto`s op. Het belangrijkste dat werd ontdekt door Luna 9? Dat objecten niet zinken op het oppervlak van de maan. Hierdoor wisten wetenschappers met zekerheid dat astronauten op het oppervlak van de maan konden lopen.


Lunar Orbiter 3
De Lunar Orbiter 3 werd gelanceerd door NASA in 1967 met als doel het vinden van veilige landingsplaatsen voor toekomstige Surveyor- en Apollomissies. Daarnaast verzamelde de ruimtesonde informatie over de intensiteit van straling in de ruimte en over micrometeorieten.
Op 4 maart 1967 stopte de ruimtesonde met functioneren. NASA kreeg dit al op tijd door en dus werd er op 2 maart vervroegd begonnen met het verzenden van afbeeldingen. Op 4 maart waren er in totaal 149 normale en 477 hoge resolutiefoto`s binnen. De resolutie van de foto`s was geweldig, nameijk één meter per pixel.

Maan
De maan is een natuurlijke satelliet van de aarde en draait in 27,3 dagen eromheen. De maan draait ook in dezelfde tijd om zijn as. Hierdoor krijgen wij op aarde zijn achterkant nooit zien. Zijn afstand tot de aarde varieert van 356.410 tot 406.679 km. De maan straalt geen licht vanuit zichzelf. Het licht van de zon wordt weerkaatst naar de aarde. De fases van de maan veranderen naar gelang zijn positie in zijn omloopbaan. Wanneer hij precies tussen de zon en de aarde in staat, is hij onverlicht. Want er kan geen zonlicht naar de aarde worden weerkaatst. Dit noemen wij Nieuwe maan. Naarmate zijn baan veranderd verschijnt er een dunne sikkel van licht aan de rand die geleidelijk aan groter wordt. Het groter word van de maan wordt vaak ook wel wassende maan genoemd. Bij eerste en laatste kwartier is de maan voor de helft verlicht. Bij volle maan is de gehele maan verlicht dus staat de maan achter de aarde en de zon.
Observeren
De maan kan je met de blote oog observeren. Echter met een verrekijker of een telescoop zijn de details beter waartenemen. Zo kan je met telescoop de krater Copernicus heel mooi bekijken. Om de maan te observeren kun je het beste bij volle maan kijken.
Informatie
De maan heeft drie soorten oppervlakte, al zijn vanaf de aarde zichtbaar. De donkergrijze vlaktes bedekken ongeveer 15% van de maan. Het bergachtige hoogland beslaat ongeveer 85% en verder hebben we de kraters nog.

Maan Miranda
Om te beginnen hoort Miranda bij de planeet Uranus. Uranus heeft 15 manen, waarvan tien kleintjes en vijf grote. Miranda is de kleinste van de vijf grote en de 11de op rij. Het is een binnenmaan. De meeste manen van Uranus kregen namen uit de toneelstukken van William Shakespeare.
Hoe is de maan ontdekt?
Voyager 2 was onderweg naar Neptunus, maar om de nodige energie te krijgen vloog hij rakelings langs Uranus. Alleen het maantje Miranda bevond zich op dat moment in de buurt van waar de Voyager 2 vloog. Daardoor kon de maan van vlakbij worden waargenomen en weten we er nu ook aardig wat vanaf. Wetenschappers hadden echter liever de andere grote manen van dichtbij gezien, omdat men daar meer dacht te vinden.
Maar gelukkig gebeurde dat niet, want Miranda bleek uniek te zijn en het is dan ook een dankbaar object voor de studie van ons zonnestelsel. Voyager 2 is ongeveer tot 30.000 km afstand bij Miranda gekomen.
Miranda is in 1948 ontdekt door Gerard Kuiper een Nederlands – Amerikaanse astronoom. Miranda heeft een diameter van 472 kilometer. Ze staat 129.850 kilometer van Uranus vandaan.
Miranda heeft zonder twijfel één van de meest complexe oppervlakten van heel ons zonnestelsel. Het oppervlak van Miranda bestaat uit een erg bekraterd terrein met grote groeven, valleien en kloven. Er is er eentje bij van meer dan 15 kilometer diep!
Miranda bestaat voor de helft uit waterijs en voor de helft uit gesteente.

Mariner 10
De Mariner 10 was de zevende succesvolle lancering voor het Mariner-programma. Deze vond op 3 november 1973 plaats. De ruimtesonde vloog eerst langs Venus om uiteindelijk drie keer langs Mercurius te scheren. Tijdens de scheervluchten kwamen wetenschappers meer te weten over de atmosfeer, het oppervlak en de fysische eigenschappen van Mercurius en Venus.
Toen Mariner 10 op 13 maart 1975 voor de laatste keer langs Mercurius vloog, had de ruimtesonde 45% van het oppervlak in kaart gebracht. Hieronder een foto, gemaakt doro Mariner 10.


Mariner 6
De Mariner 6 was de zesde missie in het Mariner programma en de vierde die succesvol was. De onbemande ruimtesonde vloog in 1969 langs de evenaar en het zuidelijk halfrond van Mars.
Mariner 6 werd op 25 februari 1969 gelanceerd met een Atlas Centaur raket. Op 31 juli 1969 kwam de ruimtesonde aan bij Mars en nam - samen met de Mariner 7 - 198 foto`s. In totaal werd twintig procent van het oppervlak van de rode planeet vastgelegd.
Vreemd genoeg lukte het de Mariner 6 niet om de grote kloof en de grote vulkanen te fotograferen. Deze werden later pas ontdekt.


Mars
Algemene gegevens:
De meest bekende planeet van de negen is Mars. Vele fictieve verhalen zijn gebaseerd op deze rode planeet, vele boeken, strips en films zijn geschreven over strijdlustige Marsmannetjes of bezoek van Mars. De planeet die de vierde is uit de reeks is half zo groot als de aarde en wordt wel eens het broertje genoemd van de blauwe planeet. Mars wordt de rode planeet genoemd, door de rode kleur van het oppervlak. Dat rode komt doordat er ijzeroxide zit, meer bekend als roest. Mars is een van de ‘terrestriale planeten’, wat wil zeggen dat het oppervlak gevormd is door vulkanische activiteit, inslagen van meteorieten en dergelijke, platentektoniek en atmosferische effecten zoals stofstormen. Mercurius, Venus en de aarde zijn ook terrestriale planeten. Mars heeft twee maantjes, Phobos en Deimos. De naam Mars komt van de romeinse god Mars van de oorlog en Phobos en Deimos waren twee paarden die de strijdwagen trokken van deze God. Phobos staat voor angst, Deimos voor paniek. Mars heeft geen ringen.
Het mysterie:
Mars heeft iets mysterieus. Vele mensen denken dat deze planeet iets meer is dan ‘gewoon weer een andere planeet’. Als je aan mensen vraagt waar ze aan denken als je het woord Mars zegt, zul je vaak het antwoord krijgen van ‘water’! Er wordt gedacht dat 3.5 miljard jaar geleden deze planeet leed onder de grootste overstromingen bekend in het zonnestelsel en dat dit water meertjes en ondiepe oceanen vormden.

Mars 5 ruimtesonde
Het Mars programma van de Sovjet-Unie bestond uit verschillende ruimtesondes: van Mars 1 tot Mars 7.
Mars 5 werd gelanceerd op 25 juli 1973 en bereikte de rode planeet op 12 februari 1974. Daar ging de ruimtesonde in een elliptische baan om de planeet draaien. Na 22 banen stopte de ruimtesonde ermee. In totaal werden er in negen dagen tijd 60 foto`s gemaakt.

Mercurius
Algemene informatie
Mercurius is de planeet die het dichtst bij de zon staat. Doordat de omloopsbaan erg elliptisch is kan de afstand van Mercurius tot de zon variëren van 45 tot 70 miljoen kilometer. Mercurius is de snelste der planeten, hij vliegt door de ruimte met een snelheid van 50 kilometer per uur. Omdat Mercurius zo dicht bij de zon staat kunnen er temperaturen bereikt worden van wel 460 graden Celsius, en kunnen de temperaturen `s nachts ook dalen tot -180 graden Celsius. Door de combinatie van de snelheid en afstand tot de zon van Mercurius, duurt een dag langer dan een jaar. Mercurius draait om de zon in 88 dagen, terwijl hij maar in 176 dagen om zijn eigen as draait. Mercurius heeft bijna geen atmosfeer, dus de meteoren worden niet verbrandt en er ontstaan vele kraters. Verder is Mercurius de een-na-kleinste planeet, alleen Pluto is nog kleiner. Mercurius heeft geen manen noch ringen.
Omstandigheden op Mercurius
Stel je voor, je staat op Mercurius. Wat zie je dan? Ten eerste wil ik wel even duidelijk maken dat het erg lastig is om daar te staan. Je zou hitte en koudte-werende pakken aan moeten hebben die ook nog eens tegen de straling van de zon beschermd zijn. Met hedendaagse pakken zou je binnen een paar tellen morsdood zijn als je op Mercurius zou staan. Maar stel dat: De zon zou 3x zo groot zijn. Je ziet allemaal bergen, valleien en kliffen zoals je op aarde ook kunt vinden.

Mercury MA-6
John Glenn was de astronaut van de derde bemande ruimtevlucht van het Mercury-programma: de Mercury MA-6. Zijn Friendship 7 capsule werd op 20 februari 1972 voor het oog van honderd miljoen televisiekijkers met een Atlasraket gelanceerd.
Glenn was niet de eerste astronaut in de ruimte (die eer gaat naar Alan Shepard), maar hij was wel de eerste Amerikaan in een baan om de aarde. Zowel Alan Shepard als Virgil Grissom vlogen niet in een baan om de aarde, maar maakte een korte ballistische vlucht.
Glenn vloog drie keer om de aarde met een snelheid van 28.000 kilometer uur. Hij onderging vijf uur lang gewichteloosheid.


Mercury-project
In 1958, toen president Eisenhower de NASA (National Aeronautics and Space Aministration) oprichtte, begon hij ook met het Mercury-project, waarbij het belangrijkste doel was om een man in de ruimte te brengen, voordat de Sovjet-Unie dat deed. Toen volgde de zoektocht naar geschikte astronauten en al gauw kwam de NASA uit bij militaire testpiloten, die aan honderden criteria moesten voldoen.
De zeven Mercury astronauten.
Op 14 april 1961 viel de droom van Eisenhower en de NASA echter in duigen; de Sovjet-Unie lanceerde Vostok 1 met aan boord de kosmonaut Joeri Gagarin.
Het Mercury-progamma werd iets versneld zodat Alan Shepard op 5 mei 1961 in de Mercury-Redstone 3 (Freedom 7) een ruimtesprong maakte. De Mercury capsule werd tot 180 km hoogte geschoten. Het verschil tussen de vlucht van Gagarin en Shepard was de Gagarin een baan rond de aarde draaide en Shepard een sprongetje maakte (een ballistische vlucht). De Sovjet-Unie lag dus ver voor.
Een paar dagen nadat Shepard werd gelanceerd kondigde president Kennedy aan dat de VS een man op de maan zou laten landen voor 1970, waardoor het Mercury-project in een stroomversnelling kwam.
Op 21 juli 1961 maakte Virgil Grissom in de Mercury-Redstone 4 (Liberty Bell 7) een vlucht die vrijwel gelijk was aan die van Shepard. Grissom verdronk bijna toen het luik van de capsule opging na de landing op zee. De volgende stap was een man in een baan rond de aarde krijgen.

Meteoren
We beschrijven de datum 13 november 1833. Mensen staan versteld buiten te kijken naar de hemel en om de seconde valt er een vallende ster. Wat is dit voor verschijnsel? Al vrij snel komen wetenschappers erachter dat het iets `buitenaards` is.
Sindsdien zijn we steeds meer gaan weten van meteoren, maar hoe krijgen we ze eigenlijk te zien? Eens in de zoveel tijd komt er een komeet langs de zon en deze laat een flink spoor achter met stof deeltjes en kleine brokjes ijs-metaal. De aardbaan loopt nooit parallel met een kometenbaan, maar een keer in het jaar kan het zijn dat de aarde een kometenbaan kruist. De stofdeeltjes komen dan in contact met de atmosfeer. Met een gang van 15 tot wel 70 kilometer per uur komen de stofdeeltjes de atmosfeer binnen. De lucht om het stofdeeltje heen kan de energie niet mee vasthouden en straalt dus energie uit in de vorm van licht. De lucht `ioniseerd.` Om de meteoor heen zien we dus een cilinder van licht. De meteoor komt nooit op aarde. Een meteoriet overigens wel, daarover straks meer.
Kijk je dus naar een meteorenregen, dan kun je vele spectaculaire dingen zien. Sommige meteoren zijn traag, deze komen met slechts 15 km-u de atmosfeer binnen en zijn heel groot (vuurballen; grote brokken). Andere zijn snel, laten een lange spoor achter, maar zijn niet zo helder. Zo heeft iedere meteorenregen eigen kwaliteiten.
Een meteorenregen is zo`n moment waarbij de aarde een kometenbaan kruist.

Missie DELTA
DELTA staat voor Dutch Expedition for Life science, Technology and Atmospheric research.
Daarnaast refereert DELTA aan de Nederlandse Deltawerken die het land bij noodweer beschermen tegen de gevaren van de Noordzee, en natuurlijk verwijst DELTA naar de rivierendelta die Nederland een belangrijke positie geeft in de internationale scheepvaart.
Onze eigen Nederlandse André Kuipers vloog mee tijdens deze missie als boordingenieur in een zogenaamde ‘Sojoez-vlucht’, die uitgevoerd werd door de Russische ruimtevaartorganisatie. De lancering van deze vlucht vond op 19 april 2004 plaats en geschiedde vanaf lanceerbasis Bajkonoer in Kazachstan. De missie duurde in totaal tien dagen.
Het missielogo.
Wat is missie DELTA nou precies?
Missie DELTA had een aantal doelen. Het eerste doel was het vervangen van de Sojoez TMA-3 capsule, die als reddingssloep fungeerde voor de bemanningsleden van het ISS, door de TMA-4. Deze reddingsboot dient in verband met de veiligheid ieder half jaar vervangen te worden. Het tweede doel was het verwisselen van de vaste bemanning van het ISS. Alexander Kaleri en Michael Foale hadden er ondertussen een half jaar gewoond en werden vervangen door Gennady Padalka (Rusland) en Mike Fincke (Verenigde Staten). Met laatstgenoemden werd André Kuipers gelanceerd en hij ging samen met de eerstgenoemden terug naar aarde. Het derde doel was het uitvoeren van een vijftiental wetenschappelijke experimenten.

Missie naar Mars
Een missie naar de maan was relatief gezien makkelijk. Dat is immers maar 300.000 kilometer. Een ruimtesonde naar een planeet sturen was echter wel pittiger. De enige mogelijkheden om mee te beginnen waren Venus en Mars. Venus stond dichterbij de Aarde, dus daar werd het eerste naar gerezen. In 1962 vertrok de Mariner 2 van de USA voor een voorbijvlucht. Hieruit bleek dat Venus waarschijnlijk geen leven kende. Aan de andere kant echter lag Mars. Men wist dat het daar koud was en dat er weinig water was, maar hoe zag het oppervlak er nou werkelijk uit? Kende Mars leven?
Eind 1964 werd besloten een missie naar Mars op te zetten. Het moest er te koud zijn voor leven, maar op de kaarten van een Italiaanse sterrenkundige, Schiaparelli, bleek dat er kanalen waren. De kaarten stamden al uit 1877, maar toentertijd dachten wetenschappers: `wie weet`. Men wist ook dat er veel overeenkomsten waren met de Aarde. Een dag duurde immers 24 uur en 36 minuten en Mars kende ook witte poolkappen. De as van Mars is ook iets gekanteld en dus kent Mars ook seizoenen. Toch waren dit niet bewijzen die konden bevestigen dat er leven was, dus moest er een missie worden georganiseerd. Niet alleen hiervoor, maar men was ook benieuwd naar het oppervlak van deze rode planeet.
Op 15 juli 1965 was de Mariner 4 daadwerkelijk bij de planeet en deze sonde stuurde 21 foto`s terug. De snelheid van het verzenden was 5 bits per seconde (tegenwoordig zitten we al aan de 100.

Mobile Transporter
De Mobile Transporter is de langzaamste en de snelste trein in het universum op het zelfde moment. Hoe kan dit nu?? Wel, hier volgen de details en nog veel meer...
De Mobile Transporter of kortweg de (MT) rijd langs een railspoor aan de buitenkant van het ISS (Internationaal ruimtestation). Eenmaal compleet zal de baan een lengte hebben van ongeveer 278 voet (84,79 meter) aan de buitenkant van het ISS. Als de MT op het spoor rijd, dan haalt die een topsnelheid van ongeveer 1 inch (2,5 centimeter) per seconde wat toch een mooi resultaat is. Normaal zal de MT alleen bediend worden door vlucht bestuurders in het Mission Control centrum hier op Aarde dus, maar de astronauten die van dienst zijn op het ISS kunnen eveneens de MT bedienen.
De MT is geen passagierstrein, omdat het gebouwd is om alleen materiaal te vervoeren. De astronauten verplaatsen zich langs de baan tijdens ruimte wandelingen door gebruik te maken van de speciale handschoenen.
Als onderdeel van de Mobile Servicing Systems rond de MT beweegt er een robotarm zodat deze kan helpen met het bouwen van de zware onderdelen van het ISS. Origineel heet de robotarm Canadadarm 2 en die blijft op 1 plaats. De robotarm heeft een reikwijdte van 50 feet (15,25 meter) om te werken aan projecten zoals het verplaatsen van het zware materiaal.
Canada heeft eveneens een andere robotarm gebouwd en deze werd al in 1999 gelanceerd en in 2002 werd er trouwens nog een robothand gelanceerd.

NEAR ruimtesonde
Het doel van de Near Earth Asteroid Rendezvous ruimtesonde was het onderzoeken van de asteroïde Eros. De ruimtesonde werd op 17 februari 1996 gelanceerd vanaf Cape Canaveral.
Na een lange reis kwam de ruimtesonde op 14 februari 2000 aan bij de asteroïde Eros. NEAR ging steeds dichter om Eros draaien, tot de afstand tot het oppervlak op 13 juli 2000 slechts 35 kilometer betrof. Na tien dagen nam de ruimtesonde wat meer afstand (honderd kilometer).
Op 12 februari 2001 gebeurde er wat bijzonders. Tijdens een scheervlucht landde de ruimtesonde op het oppervlak van de asteroïde. De langzame afdaling zorgde ervoor dat NEAR de eerste ruimtesonde werd die zacht op een asteroïde is geland.


Nepmaanlanding
Wat een glorietijd was het. Juli 1969 landde de Apollo 11 op de maan. Prachtige foto`s werden er genomen en veel Amerikanen waren trots op de drie helden. Helden die op de maan liepen. Toch? Of liepen ze gewoon rond in een verborgen studio? Zijn de foto`s nep? Of is het echt waar? In het begin geloofde iedereen dat het waar was. In 1991 geloofde elf procent dat het niet waar was en na het uitzenden van een documentaire geloofde twintig procent van alle Amerikanen dat de Apollo`s nooit op de maan waren geweest.
Een vreemde leugen, denk je, maar is het wel zo? Onderzoekers hebben uit rare foto`s bewijzen gevonden om aan te nemen dat de maanlanding fake was. Ook zijn er nog vele andere rare aanwijzingen gevonden. Daarom komt hier een uitgebreid artikel over dit onderwerp.

Het eerste plaatje hierboven. Kijk eens naar de bovenkant van hun `rugzak.` Wat zie je? Juist. Het bovenste plaatje heeft bovenaan een punt op hun rugzak en het plaatje eronder heeft bovenaan gewoon een vierkant! Hoe kan dit?
Hierboven zie je het camerastandpunt. Vanaf de linkerbovenhoek is een foto gemaakt naar onderen. Maar dat kan niet! De fototoestellen zaten op hun pakken en ze konden het dus niet eraf halen. Is er hier sprake van een foutje? Ik weet het niet, maar de onderzoekers weten het wel zeker.

Hierboven zijn twee fouten te ontdekken. Kijk eerst naar `H`. Je ziet dat de lucht helder zwart is, maar waar zijn de sterren? Kijk dan eens naar `G`.

Neptunus
Algemene gegevens:
Neptunus is de 8e planeet vanaf de zon. Het is dé blauwe planeet. Het is de laatste in de reeks van de vier gasreuzen (Jupiter, Saturnus, Uranus, Neptunus) en ook de kleinste.De planeet werd ontdekt door 2 verschillende personen die onafhankelijk van elkaar werkten. Dit kwam zo omdat men zocht naar een verklaring voor de elliptische baan die Uranus beschreef en dit alleen verklaard kon worden door de invloed van een andere, grote planeet. Door middel van berekeningen is Neptunus ontdekt, dus niet door normale observaties. Neptunus is zoals ik al heb gezegd een gasreus en heeft dus geen vaste bodem. De atmosfeer is een mengsel van waterstof en helium. Er heersen grote stormen op Neptunus, wat je iets verder in dit artikel komt te lezen.
Neptunus is niet altijd de 8e planeet vanaf de zon. Doordat de baan van de 9e planeet, Pluto, zo elliptisch is, valt deze omloopsbaan soms binnen de baan van Neptunus. Gedurende 20 jaar is Neptunus dan de planeet die het verst vanaf de zon staat. Dit gebeurd 2 keer in een Pluto-jaar.
Neptunus heeft een aantal maantjes en ringen, deze zijn groter dan die van Jupiter, maar kleiner dan die van Uranus. Het maantje Triton is de bekendste maan van Neptunus, vooral omdat het in tegenovergestelde richting om de planeet draait dan alle andere manen. Ook is dit het koudste object in het zonnestelsel, met een record van wel –245 graden Celsius!

Omstandigheden op Neptunus:
Ja hoor, daar gaan we weer! Neptunus is niet veel anders van de andere gasreuzen, dus we zullen opnieuw het proces van duizelingwekkende stormen, gevaarlijke straling en alles-vernietigende druk ondergaan.

Neutronensterren
Er zijn sterren die even groot zijn als onze zon. Deze sterren stoten hun buitenlagen af en vormen witte dwergen. Ook heb je sterren die 30x zo groot zijn als onze zon. Deze klappen in elkaar tot een zwart gat en daar vind je weinig van over. Maar er zijn ook nog sterren met een ijzerkern die er tussenin zitten. Deze sterren krimpen nog extremer dan witte dwergen in de laatste fase van hun leven, maar niet zo ver dat het zwarte gaten worden. Dit zijn neutronensterren.
Een ster die in een neutronenster `veranderd` heeft slechts enkele miljoenen jaren geleefd. De kern daarvan stort na de supernova in tot een bal met een omvang van een kleine stad. De materie wordt daarbij dermate sterk samengeperst dat de deeltjes waaruit de atomen zijn opgebouwd - de positief geladen protonen, negatief geladen elektronen en ongeladen neutronen - in elkaar worden gedrukt tot een bal die uitsluitend uit neutronen bestaat. De dichtheid van deze bal bedraagt 100 miljard kilogram per vierkante centimeter! Om het even te vergelijken met een witte dwerg. Een neutronenster heeft een dichtheid die 100 miljoen maal zo dicht is als een witte dwerg! De temperatuur die op het oppervlak heerst is ongeveer
één miljoen graden Celsius. Het oppervlak is daar dus 170x warmer als het oppervlak van onze eigen zon! Je ziet wel dat een ster met deze dood, eigenlijk een metamorfose ondergaat. Een zeer vreemde overigens.

Nevels
De mooiste objecten aan de hemel. Dat worden ze ook wel genoemd. Nevels zijn vaak erg kleurrijk en hebben ieder een verschillende vorm. En er zijn er genoeg! Daardoor worden nevels vaak de mooiste objecten aan de hemel genoemd. En er zitten een heleboel mooie tussen die ook een amateur-astronoom kan vinden.
Daardoor gaan we nu aandacht besteden aan:
- Wat zijn nevels?
- Welke soorten zijn er?
- Hoe kun je ze vinden?
- Waar staan ze?
- Wat zijn nevels?
Nevels zijn grote wolken van gas en stof. In deze nevels worden sterren geboren, of gaan heeft een supernova plaatsgevonden. Ook heb je nevels die er gewoon zijn, als ware. Deze nevels kun je in soorten indelen. Daar later wat over.
Iedere ster is in een nevel geboren, net als de Zon. Sommige sterren in grote nevels zoals de gaszeulen in de Arendnevel of in de Orionnevel. Sommige in kleinere, die later verdwijnen. Daarin is de Zon ook geboren. Waarschijnlijk was er een Zonnenevel, die ondertussen zo verspreid is dat je hem niet meer kunt opsporen. Het leuke aan grote nevels is dat er sterrengroepen kunnen onstaan, zoals de Pleiaden. Alhoewel die niet in een grote nevel zijn geboren, maar in een eigen nevel. Kijk maar op foto`s. Je ziet dan duidelijk een ovaal-vormig gasgebied waar dit zevengesternte in ligt. Een grote nevel waarin veel sterren worden geboren wordt ook wel een kraamkamer genoemd.
Je hebt ook nog nevels die overblijfselen zijn van een supernova.

New Horizons missie
Toen Clyde Tombough zijn planeet ontdekte in 1929, wist hij niet dat deze planeet anders was dan de andere planeten. Later kwam men erachter dat de planeet te klein was om in het model van het zonnestelsel te passen. Op de plaats van Pluto zou eigenlijk de zogenaamde planeet X moeten zijn, maar van een planeet X was geen sprake. Pluto was een kleine planeet met een vreemde baan die totaal niet bij de andere gas- en rotsplaneten past.
Maar tijden veranderen. Pluto is geen enigskind in ons zonnestelsel. Pluto heeft juist de meeste broers en zussen, maar je kunt beter spreken van broertjes en zusjes. Pluto heeft er waarschijnlijk honderden, misschien wel duizenden of nog veel meer. Deze objecten bevinden zich allemaal buiten de baan van de laatste gasplaneet Neptunus.
De objecten bevinden zich in een gezamelijke gordel, net zoals de asteroiden tussen Mars en Jupiter. Echter werd de gordel buiten de baan van Neptunus de Kuipergordel genoemd, vernoemd naar de Nederlandse astronoom Gerard Kuiper. Hij vermoedde dat er buiten de baan van Neptunus een gordel bestond en in 1992 kwam het verlossende woord. Toen werd er namelijk voor het eerst een Kuipergordelobject ontdekt met een diameter van 240 kilometer. In een snel tempo kwamen er steeds meer detecties en de objecten werden steeds groter, zoals Quaoar die in 2003 werd ontdekt en Sedna die in 2004 werd ontdekt en half zo groot is als Pluto.

Nicolaus Copernicus
Copernicus was een zeer belangrijk astronoom. Hij is bekend geworden door zijn ideeën over de structuur van ons zonnestelsel. Hieronder volgt een korte beschrijving over het stelsel van Copernicus.
Aristoteles dacht dat de aarde stilstond en het middelpunt van het heelal vormde. De zon, maan, sterren en planeten zouden in cirkelvormige banen om de aarde draaien. Later werd dit het stelsel van Ptolemaeus. Dit stelsel werd algemeen aanvaard. Ook de katholieke kerk aanvaarde het stelsel omdat dit nog meer dan genoeg ruimte bood voor hemel en hel.
Copernicus kwam later met een nieuw stelsel. Hij dacht dat de zon het middelpunt van het heelal vormde en de planeten om de zon draaiden. Copernicus was zelf priester en twijfelde lange tijd over zijn eigen opvattingen, omdat hij Aristoteles als genie beschouwde. Later twijfelde hij niet meer, maar nu was hij bang geworden om zijn theorie bekend te maken. Dit kwam doordat het stelsel van Ptolemaeus ook door de kerk aanvaard was. In de opvattingen van Copernicus was geen plaats meer voor hemel en hel en dat zou in strijd zijn met de bijbel. Hij was bang dat de kerk hem als ketter zou zien. Men dacht ook dat dit onmogelijk was, omdat door een draaiende beweging van de aarde alles en iedereen weggeslingerd zou worden.
Hij deelde zijn theorie echter wel met goede vrienden die hem overigens ook niet geloofden. Maar in zijn laatste levensjaar werd dan toch zijn boek `De Revolutionibus orbium coelestium` gepubliceerd.

Oerknal
We leven nu in een heelal met veel sterrenstelsels en nog meer sterren. Deze zijn allemaal ontstaan, nog beter, ze zijn allemaal uit een punt gekomen! Het heelal dijt namelijk uit, dus als je terugberekend komt het heelal uit een punt. Uit dat punt is het heelal ontstaan. Dat punt noemen we ook wel de oerknal.
Laten we een stap terug in de tijd maken. Ongeveer 14 miljard jaar was er niets. Volgens deskundigen was er slecht een heel klein punt dat heel warm was en vol zat met energie. Dat puntje, dat microscopisch klein was, kon de druk niet meer aan en op een gegeven moment flitste het lichtje op en zette het punt enorm uit. Materie en energie vlogen niet de ruimte in, want er was geen ruimte voor de oerknal en er was tevens geen tijd. De tijd begon pas toen het heelal ging uitdijen. Daarbij kreeg ook de energie de kans om af te koelen. Eigenlijk kun je de oerknal dus niet zien als een knal. Het was gewoon de explosieve uitdijing van dat ene microscopische puntje.
Hoe verliep de oerknal? Wel, het begon met een explosieve uitdijing. Een fractie naar de oerknal was het heelal zo groot als een grapefruit en het bestond uit zuivere, hete energie. Hoe warm het toen was, daar kunnen we nu nog geen voorstelling van maken.
Wel kunnen we een voorstelling van de eerste seconde na de oerknal maken. Toen was ons heelal even groot als ons zonnestelsel, alleen was het een miljoen keer warmen dan de kern van de zon! De kleine deeltjes (protonen, elektronen en neutronen, waaruit atomen bestaan) worden gevormd.

Olympus Mons
De Olympus Mons is waarschijnlijk de grootste vulkaan in ons zonnestelsel. Deze `dode` vulkaan laat alleen nog maar lavastromen over het rotsachtige oppervlakte van Mars stromen die honderden kilometers lang zijn, maar van uitbarstingen komt het niet meer.
De Olympus Mons ligt net iets boven de evenaar op het noordelijk halfrond van Mars. Met een professionele telescoop lijkt hij op een zwarte vlek die boven de roze wolken uitsteekt. Logisch dat hij er bovenuit steekt, want de Olympus Mons is 24 kilometer hoog. Dat is dus 3 Himalaya`s op elkaar, wat ongelooflijk hoog is. Verder is de Olympus Mons enorm breed. Hij zou bijna heel Nederland kunnen bedekken.
De Olympus Mons ligt samen met nog meer dode vulkanen in een bergachtig gebied rond de evenaar, genaamd het Tharsis en het Elysum. De andere vulkanen zijn een stuk kleiner is.
Het ziet ernaar uit dat de Olympus Mons altijd blijft bestaan. Het oppervlak van Mars evolueert niet zoveel, zodat het eeuwenlang hetzelfde kan blijven.
Auteur: Tim Kraayvanger

Oneindigheid
Niets is momenteel zeker in het heelal. Continu staan we voor nieuwe verrassingen die ervoor zorgen dat onze huidige inzichten grondig moeten worden herzien. We zien het heelal als een spiegel die steeds verder naar achteren schuift. Steeds reflecteren we ons beeld, maar het totaalbeeld is er nog lang niet. Het enige dat gebeurd is dat de spiegel verder naar achteren schuift, het beeld vertroebeld en dat we onszelf niet meer kunnen controleren. Sommige feiten zijn onbereikbaar.
We kunnen niet achter ons heelal kijken. De grens is niet direct waarneembaar en dus moeten we maar gissen door met gevoelige apparatuur de hemel te scannen. Achtergrondstraling geeft ons gedeeltelijke gescheurde feiten, maar niemand weet wat er achter die grens gebeurt. Het is alsof je vast zit in een kamer en je weet dat er nog iets buiten zit, maar wat? Er moet iets buiten zijn, want het kan geen eiland zijn in het niets. Aan de mensheid de onmogelijke taak om de uitgang te vinden. Sneller dan het licht gaat niets, maar als we dat ooit kunnen ontwikkelen in een toekomstige geavanceerde technologische maatschappij, dan komt de rand van het heelal een stuk dichterbij. Of we moeten via zwarte gaten een doorgang vinden naar iets anders unieks, maar is het wel veilig om zwarte gaten als transportmiddel te gebruiken? Nee, waarschijnlijk monden zwarte gaten toch nergens uit en mocht dit zo zijn, dan zijn de atomen van een mensenlichaam al uit elkaar gescheurd.

Ontdekking van de ruimte
We zitten in het begin van het ruimtetijdperk namelijk het jaar 1959. Op 2 januari lanceerde de Sovjet-Unie een kleine maan, oftewel “Loenik”. Ze stuurden Loenik naar de maan om daar de vlag te planten maar, binnen enkele uren was al duidelijk dat de Loenik zijn doel zou missen. De russen zagen hun sonde verloren gaan maar kregen een idee, ze doopten hun ruimtevaartuig om in droom, oftewel “Mechta”.
In 1926 dacht men te weten dat er acht planeten zijn, tot in 1929 er iemand bij de sterrenwacht in Flagstaff, Arizona kwam om een negende planeet te zoeken. We wisten eigenlijk niets over de planeten. Vlakbij de zon staat Mercurius die bestaat uit ijzer en steen en die we nauwelijks konden zien. Dan heb je Venus die misschien wel een tweede aarde kan zijn maar die was bedekt onder de wolken. Vervolgens komen we natuurlijk de aarde tegen om Mars de rode planeet tegen het lijf te lopen. Mars heeft poolkappen en Mars heeft seizoenen en leven zou heel goed mogelijk kunnen zijn. We komen aan bij Jupiter die ruim 1000 keer groter is dan de aarde, Saturnes met zijn opvallende ringen. Ze zijn groot maar zo ver weg dat het net op zwakke sterren lijken. Uranus, een blauwgroen geheim en als laatste Neptunus die zich met een gek patroon door de ruimte beweegt. Je gaat al snel denken dat door dit patroon er een andere planeet aanwezig zou zijn, Planet X.
Op 18 februari 1930 zat Clyde Tombaugh zijn nachtfoto’s te bestuderen die hij van de hemel had gemaakt.

Ontdekking van Deimos
Deimos, de een-na-grootste Martiaanse maan, werd in 1877 ontdekt door de Amerikaanse astronoom Asaph Hall.
Hall zocht regelmatig naar manen in de buurt van Mars. Ook de andere Martiaanse maan Phobos werd door hem ontdekt.


Ontdekking van Phobos
Phobos, de grootste Martiaanse maan, werd op 18 augustus 1877 ontdekt door de Amerikaanse astronoom Asaph Hall. Dit deed hij in het US Naval observatorium om 10:14 uur Nederlandse tijd.
Hall zocht regelmatig naar manen in de buurt van Mars. Ook de andere Martiaanse maan Deimos werd door hem ontdekt.


Ontdekking van Uranus en Neptunus
Nog geen 80 jaar geleden was het zonnestelsel incompleet. Men wist dat er een negende planeet was, maar men wist niet waar je moest kijken. Nog 100 jaar daarvoor werd de achtste planeet al gevonden, die simpelweg werd gevonden. De baanberekening was mogelijk doordat de zevende planeet 50 jaar eerder werd ontdekking.
Laten we beginnen bij het begin. William Herschel, geboren in Duitsland in 1738, had 2 grote hobby’s in zijn leven. Muziek en sterren kijken. Het laatste deed hij geregeld. Als het weer een heldere nacht was, dan ging hij met zijn eigengemaakte telescoop naar buiten, om waarnemingen vast te leggen.
Net zoals wel meer dagen in een jaar was 13 maart 1781 een heldere avond. William Herschel ging weer door zijn eigengemaakte telescoop kijken. Deze avond richtte hij de telescoop op tweelingen. Bekend van de sterren Castor, een klein sterrengroepje. Kijkend door de telescoop zie je een afgeplatte bol. En natuurlijk dacht William erover om Pollux te bekijken.
Maar deze avond viel hem wat anders op. Een mooie blauwe nevelige ster van magnitude 5,7. Hij vond het erg op een komeet lijken. Maar in de boeken stond dat de ‘komeet’ gewoon een ster was. William Herschel vertrouwde het zaakje niet en wilde nog een paar dagen wachten. Ondertussen schreef hij een waarneming, zoals hij vaker deed.
‘In het gebied bij de ster Zeta Tauri staat een merkwaardige blauwe nevelachtige ster of misschien een komeet.

Ontstaan van de maan
Onze maan is het dichtstbijzijnde hemellichaam waar we veel over weten, maar toch zijn er nog talloze vragen onbeantwoord over dit object. Een van deze vragen is hoe de maan ontstaan is.
De samenstelling van de aarde en de maan verschillen sterk met elkaar. Zo is de maan bijvoorbeeld extreem droog en de dichtheid van de maan is veel kleiner dan die van de aarde. Dit laatste komt doordat de maan weinig zware elementen bevat. Dit is opmerkelijk omdat je zou verwachten dat onze aarde en maan uit ruwweg hetzelfde materiaal ontstaan zou zijn, net als de andere planeten en manen in ons zonnestelsel. Ook is onze maan een relatief grote maan die je nergens anders in het zonnestelsel tegenkomt.
Hieronder volgt een drietal theorieën over het ontstaan van de maan. Op de laatste theorie wordt wat dieper ingegaan omdat de meeste astronomen menen dat dit de juiste theorie is.
Afsplitsing:
De aarde zou vroeger (zo’n 4 miljard jaar geleden) nog een vloeibare massa zijn. Omdat de aarde toen veel sneller om zijn as draaide, zou de aarde een uitstulping gekregen hebben die zich later in tweeën splitste. Het kleinste stuk zou nu onze maan zijn.
Deze theorie ontstond aan het eind van de 19e eeuw en is zeer onwaarschijnlijk omdat de aarde in het verleden onwaarschijnlijk snel om haar as gedraaid moet hebben.
Apart ontstaan:
De maan zou net als de aarde uit kosmisch stof zijn ontstaan.

Ontwikkeling van de raket
Meer dan honderd jaar vóór de Apollo-landingen op de maan had Jules Verne al ideeën over een reis door de ruimte naar de maan. Toen werd zoiets als onmogelijk geacht, maar negentig jaar later gingen we toch echt de ruimte in. Weliswaar niet met een enorm kanon, maar met een raket. Dit verhaal vertelt hoe de raket zich ontwikkelde, tot aan de lancering van Sputnik in 1957.
De eerste 900 jaar van de raket
De raket is ontstaan in China, waar rond het jaar duizend het buskruit werd uitgevonden. In eerste instantie werd het buskruit alleen gebruikt om vuurwerk te maken, maar al snel werd het ook gebruikt in oorlogen voor onder andere raketten om vijandelijke steden te verwoesten. De koersvastheid liet uiteraard nog veel te wensen over.
In 1791 kwamen de Britten in contact met raketten, toen zij daar op een veldtocht in India door werden aangevallen. Ze namen het wapen mee naar Europa en in 1806 werd in Groot-Brittannië de eerste Britse raket ontwikkeld voor gebruik tegen de troepen van Napoleon. In 1814 probeerden de Britten de raket te gebruiken voor een aanval op Fort McHenry in de Verenigde Staten. Die aanval mislukte, omdat de koersvastheid van de raket zeer slecht was. Artillerieaanvallen werden echter juist steeds nauwkeuriger, met als gevolg dat de raketten in het verdomhoekje werden gezet. Nog steeds bleven raketten echter bij sommigen tot de verbeelding spreken. Zij dachten serieus na over het gebruik van de raket om de ruimte in te komen, terwijl dat door de media wijd en zijd belachelijk werd gemaakt.

Orion
In de klassieke oudheid werd dit sterrenbeeld Orion genoemd, oftewel de Jager. Van Rigel naar Mintaka was het rechterbeen, van Saiph naar Alnitak was het linkerbeen. De 3 sterren Alnitak, Alnilam en Mintaka dienden als riem of als taille.
Orion is goed te zien op het zuidelijk halfrond en op het noordelijk halfrond, doordat Orion aan weerszijden uitgespreid is over de hemelequator. Zwaaiend met zijn machtige knots beheerst Orion de nachthemel als hij zich vroeg in het jaar opmaakt voor de strijd met Taurus. Achter zijn rug staat, Monoceros, de Eenhoorn, die gedeeltelijk verloren gaat in de band van de Melkweg.
Hieronder een kaart van Orion. Naderhand van deze kaart gaan we verschillende hoogtepunten uit Orion behandelen.
1. Betelgeuse
Betelgeuse is een grote rode superreus, magnitude 1. Deze ster heeft bijna al zijn waterstof opgebrand, en zal binnen enkele miljoenen jaren een supernova worden en dan (waarschijnlijk) een zwart gat. Nu zijn al enkele dingen aan Betelgeuse te herkennen, waaronder een betrekkelijk warme plek. Daar is de temperatuur iets warmer en daardoor is het oppervlak iets oranje-achtiger. Deze vlek is gemakkelijk te zien met de Hubble Space Telescope. Betelgeuse is ook de enige ster waarvan astronomen de oppervlakte kunnen bestuderen. Ook is Betelgeuse de helderste ster die schommelt in helderheid. Dit gebeurt in een periode van 6 jaar. Hij zwelt dan op van de omloopbaan van Mars tot de omloopbaan van Jupiter!
2.

Pegasus

↑ Het sterrenbeeld Pegasus
Het sterrenbeeld Pegasus is het mooie en grote herfst sterrenbeeld die heel goed te zien is van augustus tot en met januari. In de periode oktober en november is hij in de avond en vroeg in de nacht heel mooi boven ons hoofd te zien. Het sterrenbeeld is te herkennen aan het grote vierkant in het midden.
Er hoort ook weer een mythe bij het sterrenbeeld
Het paard Pegasus is volgens de verhalen een ‘kind’ van Medusa. Zij was eens een mooie jonge vrouw, maar op een dag beledigde ze godin Athene. Dit kwam ze te weten, want Athene was daardoor boos geworden en veranderde Medusa in een afzichtelijk monster. Op haar hoofd groeide in plaats van haar, slangen, en haar blik veranderde iedereen in steen. Perseus nam het tegen Medusa op en hoefde via zijn schild (die hij als spiegel gebruikte) niet in het gezicht van Medusa te kijken. Hierdoor veranderde Perseus niet in een steen en kon hij Medusa onthoofde. Toen dat gebeurde raakte het hoofd van Medusa de zee waardoor er ineens een gevleugeld paard uit haar hals kwam zetten. Dat was dus Pegasus. Er wordt ook daardoor beweerd dat Poseidon, de god van de zee, de vader is van Pegasus.
Pegasus vloog naar de berg Helicon in Boeotia waar leefde de negen muzen leefden. Dat zijn de dochters van Zeus, 9 godinnen van kunsten en wetenschappen. Toen hij zijn hoef daar op de berg zette was die plek gelijk heilig.

Phobos 1
Het Phobos-programma was een Russische onbemande ruimtemissie, bestaande uit twee ruimtesondes. Phobos 1 werd gelanceerd op 7 juli 1988 met een Proton-K raket. Op 2 september 1988 kregen wetenschappers geen contact meer met de ruimtesonde.
De oorzaak? Een softwarefout. Eind augustus werd de nieuwe software geupload naar de Phobos 1-sonde, waardoor de zonnepanelen niet meer gericht werden op de zon. De batterijen kregen zo geen stroom meer en uiteindelijk leidde dat tot de uitschakeling van Phobos 1.

Phobos 2
Het Phobos-programma was een Russische onbemande ruimtemissie, bestaande uit twee ruimtesondes. Phobos 2 werd gelanceerd op 12 juli 1988 met een Proton-K raket. Op 29 januari 1989 begon de ruimtesonde met het draaien in een baan om de planeet Mars. Alles verliep aardig, tot 27 maart 1989.
De ruimtesonde moest de maan Phobos naderen op een afstand van 50 meter en twee landers loslaten. Vreemd genoeg werd er daarna niets meer vernomen van de ruimtesonde en de twee landers. Wetenschappers denken dat de ruimtesonde op Phobos is gecrasht.
In totaal heeft de Phobos 2-sonde 38 foto`s gemaakt met een resolutie van 40 meter per pixel.

Pioneer 10
De Pioneer 10 werd op 3 maart 1972 gelanceerd vanaf Cape Canaveral. Deze onbemande ruimtesonde kwam op reisde begin 1973 als eerste door de asteroïdengordel heen.
Op 3 december 1973 scheerde Pioneer 10 langs de reuzenplaneet Jupiter. Het was de eerste ruimtesonde die bij deze planeet aankwam, dus wetenschappers zagen voor het eerst prachtige gedetailleerde opnamen van Jupiters manen en de Grote Rode Vlek.
Daarna bleef het een tijd stil. Pas op 13 juni 1983 bereikte de ruimtesonde zijn tweede doel: Neptunus, de planeet die het verst van de zon verwijderd is. Toentertijd was het de eerste ruimtesonde die het zonnestelsel verliet, dus zou je verwachten dat Pioneer 10 momenteel de verst verwijderde ruimtesonde is.
Dit is helaas niet waar. Op 17 februari 1998 evenaarde de veel snellere Voyager 1 de ruimtesonde en sindsdien heeft Voyager 1 ieder jaar zijn voorsprong uitgebouwd met ongeveer 1,016 AE (astronomische eenheid) per jaar.
Pioneer 10 is momenteel op weg naar de ster Aldebran (Stier), waar hij over twee miljoen jaar aankomt.


Pioneer 4
Pioneer 4 was een kegelvormige ruimtesonde met een hoogte van 51 centimeter en een diameter van 23 centimeter. De ruimtesonde moest langs de maan vliegen op een afstand van 30.000 kilometer.
De lancering van de Pioneer 4 op 3 maart 1959 verliep succesvol en de dag erna vloog de ruimtesonde inderdaad langs de maan. Helaas was de afstand te groot (60.000 kilometer), waardoor een experiment aan boord niet werkte.
De sonde verzond daarna nog 82 uur lang informatie over straling. Daarna hield de batterij ermee op.