Kopie van `Samenvattingen - Bedrijfseconomie`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


Samenvattingen - Bedrijfseconomie
Categorie: Economie en financiën > Bedrijfseconomie
Datum & Land: 27/01/2014, NL
Woorden: 72


Accountantsverklaring
Hierin wordt vermeld of de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de grootte en de samenstelling van het vermogen en het resultaat. Ook wordt aangegeven aan welke voorschriften niet voldaan is.

Accounting
Ruimer dan boekhouden. Het betreft hier een verantwoordingsfunctie (ex-post), maar vooral het aanmaken van informatie voor planning en beheersing (control) van bedrijfsprocessen. Administreren en accounting zijn ruimer dan boekhouden. Administreren is ruimer dan accounting.

accural accounting
De omrekening van uitgaven en ontvangsten tot kosten en opbrengsten van bepaalde perioden.

Administratieve organisatie
Stemt de gegevensverwerking af op de besluitvorming in de organisatie.

Administreren
Het systematisch verzamelen, vastleggen en verwerken van gegevens tot voordeel van het besturen en doen functioneren en beheersen van een huishouding en tot voordeel van de verantwoordingen die daarover moeten worden afgelegd.

Agency costs
Kosten van coördinatie van de doelstellingen van de principaal en de handelingen van de agenten.

Agency-theorie
De organisatie wordt gezien als een netwerk van principaal_agent-relaties. Er wordt verondersteld dat zij een belangenconflict hebben. Iedere partij wil haar eigen belang zoveel mogelijk behartigen. De agency-theorie kan worden gezien als een vorm van behavioral accounting.

Annuïteitenlening
Een annuïteit is een periodiek gelijkblijvend bedrag, bestaande uit een aflossingscomponent en een rentecomponent. Doordat periodiek wordt afgelost, daalt de verschuldigde rente.

Aspiratieniveau
Minimaal wenselijk dan wel maximaal aanvaardbaar geachte niveaus van variabelen als rentabiliteit, omzet of kosten.

Balans
Geeft de door een bedrijf opgebouwde kapitaalspositie weer. Debet staat het kapitaal of de activa, credit staat hoeveel van welk vermogen voor de financiering is aangetrokken. Op een balans staan tijdstipgrootheden en op een resultatenrekening staan tijdvakgrootheden.

Bedrijf
Of bedrijfshuishouding, is een financieel-economisch zelfstandige productie organisatie.

Bedrijfseconomie
Een afsplitsing van de micro-economie waarbij de economische verschijnselen die zich in en rondom bedrijven voordoen, worden bestudeerd. De bedrijfseconomie maakt deel uit van de micro-economie. In de micro-economie staan de individuele producenten, consumenten en goederen centraal.

Behavioral accounting
De gedragswetenschappelijke aspecten van de bedrijfseconomie.

Behavioral concept of the firm
De visie waarbij een organisatie wordt gezien als een geheel dat opgebouwd is uit participantengroeperingen die elk hun handelen richten op realisatie van individuele belangen. Het gedrag van het geheel kan anders zijn dan het gedrag van de som der delen.

Bonusplan
Beoogt een convergentie van belangen te bewerkstelligen. Maak bijvoorbeeld het salaris voor een deel afhankelijk van de winst.

brutowinstmarge-methode
Men rekent met de kosten van de ingekochte goederen. Vervolgens probeert men een brutowinstmarge te realiseren die de indirecte kosten dekt en een winstopslag veilig stelt. Brutowinst is het verschil tussen de omzet en de inkoopprijzen.

budget/master budget
Een budget is een taakstellende begroting. Budgetteren is omzetting van operationele plannen in financiële gevolgen.

Commercial paper
kortlopende obligaties.

continuïteitsveronderstelling
Bij de waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat moet worden uitgegaan van de veronderstelling dat de activiteiten waarvoor deze dienen worden voortgezet.

Deductief onderzoek
De wetenschapper probeert uitgaande van bepaalde veronderstellingen tot een logisch onvermijdelijke conclusie te komen.

Economisch principe
Dwingt een productie organisatie ertoe voor een bepaalde hoeveelheid output zo weinig mogelijk productiemiddelen in te zetten.

Economische productie
De productie waarbij de verkoopopbrengsten meer bedragen dan de productiekosten.

economische rentabiliteit
De mate waarin het management het totale vermogen rendabel heeft weten te ma-ken, kunnen we tot uitdrukking brengen in de rentabiliteit op het totale vermogen (economische rentabiliteit).

Effectiviteit
De mate waarin een organisatie in staat is haar doelstellingen te realiseren.

Efficiency
Verhouding tussen de output en de input; betreft de vraag of met de ingezette middelen niet meer output had kunnen worden gerealiseerd.

Empirisch onderzoek
Men probeert een zekere regelmaat te ontdekken in de waargenomen verschijnselen, om zo inzicht te krijgen en tot een algemeen geldende uitspraak te komen.

Financial accounting
De financieel-economische informatieverzorging voor externe belanghebbenden.

Financial lease
-Contract tussentijds niet opzegbaar -Duur contract is gelijk aan de economische levensduur van het object -Economisch risico is voor rekening van de lessee, net als de kosten van onderhoud en verzekeringen etc.

Floating rate notes
obligaties met een variabele rentevergoe-ding, die is gekoppeld aan de marktrente ontwikkeling.

hefboomfactor
De hefboomfactor is het vreemd vermogen gedeeld door het eigen vermogen. Wan-neer de hefboomfactor drie bedraagt, is er gemiddeld driemaal zoveel vreemd vermogen als eigen vermogen in de onderneming aanwezig. Een positieve rentemarge leidt dan tot een stijging van de rentabiliteit van het eigen vermogen.

Heterogene massaproductie
Er worden verschillende soorten producten in grote hoeveelheden geproduceerd. Er zijn directe en indirecte kosten. In 1 productieproces wordt 1 productsoort in diverse uitvoeringen gemaakt. Men maakt gebruik van dezelfde machines en dezelfde arbeidskrachten.

Holistic concept of the firm
Het gedrag van de organisatie wordt als een geheel gezien. Het gedrag van de organisatie is hierin gelijk aan de som der delen.

Homogene massaproductie
Er wordt 1 type product ontwikkeld. Er bestaan alleen maar directe kosten. Bij industriële ondernemingen met een homogene massaproductie is kostprijsberekening relatief eenvoudig. Er zijn immers geen directe kosten.

Hypothecaire lening
Dit zijn leningen met een onroerende zaak als onderpand.

irrationele overcapaciteit
Wanneer overcapaciteit aanwezig is doordat planningsfouten zijn gemaakt, is er sprake van irrationele overcapaciteit. Dit kan niet doorberekend worden in de kostprijs. Overcapaciteit is iets anders dan onderbezetting. Onderbezetting is tijdelijk ongebruikte capaciteit.

Jaarrekening
De combinatie van balans, resultatenrekening en de toelichting op beide stukken.

jaarrekening
Bestaat uit een balans, een W&V-rekening en een toelichting op beide overzichten. De jaarrekening geeft volgens normen die in het maatschappelijk verkeer als aanvaardbaar worden beschouwd een zodanig inzicht dat een verantwoord oordeel kan worden gevormd omtrent het vermogen en het resultaat, alsmede voor zover de aard van de jaarrekening dat toelaat, omtrent de solvabiliteit en de liquiditeit van de rechtspersoon.

jaarverslag
In het jaarverslag worden ook de niet-financiële gegevens naar de belanghebbenden gecommuniceerd. Ook moeten mededelingen worden gedaan over werkzaamheden over onderzoek en ontwikkeling.

kasstelsel
Het boekhoudkundig stelsel waarbij de winst wordt bepaald als zijnde het verschil tussen ontvangsten en uitgaven.

kasstroomoverzicht
Het doel is inzicht te verschaffen in de financiering van de activiteiten. Het kan inzicht geven in de liquiditeit en solvabiliteit en het vermogen om geldstromen te genereren. Het kasstroomoverzicht dient te bestaan uit drie onderdelen;

kostenallocatie
Onder kostenallocatie verstaan we het zo volledig en correct mogelijk toerekenen van de totale bedrijfskosten aan de kostendragers. Dit zijn de producten die het bedrijf vervaardigt. Het begrip geeft aan waar de kosten naartoe moeten. Kostenallocatie is dus een kostenverdelingsvraagstuk. Het kernprobleem van de kostenverbijzondering is de toerekening van de indirecte kosten.

Leasing
Dit is de huur van kapitaalgoederen. Hierbij kan men overgaan tot koop, wanneer men over de vereiste liquide middelen beschikt.

Lions
obligaties waarop in plaats van rente een aandeel of certi-ficaat van een aandeel ontvangen wordt.

Management
Onder te verdelen in operationeel (concrete zaken), tactisch (heden en nabije toekomst) en strategisch management (toekomstig beleid, lange termijn).

Management accounting
De financieel-economische informatieverzorging voor het management.

Marketing
Het productieproces wordt als een afgeleide van de huidige en toekomstige wensen van de afnemers beschouwd. Een bedrijf is levensvatbaar wanneer het op winstgevende wijze en continu kan voldoen aan de wensen van de afnemers.

matchingprincipe
Het beginsel in de verslaglegging op basis waarvan kosten zoveel mogelijk worden geboekt in de periode waarin de opbrengsten worden verantwoord waarvoor deze kosten hebben gediend.

materialiteitsprincipe
Een onderneming hoeft geen informatie te verstrekken die voor de oordeelsvorming en besluitvorming van de gebruikers niet van belang zijn.

Obligatielening
Dit is een lening waarvan de hoofdsom wordt opgesplitst in gelijke delen, waarop verschillende schuldeisers met één of meerdere delen kun-nen inschrijven. Van elk deel wordt een schuldbekentenis of obligatie gemaakt. Er bestaan diverse soorten obligaties:
Inkomstenobligatie: je ontvangt alleen rente als het bedrijf dat toelaat.
Winstdelende obligatie: geeft naast een lage vaste jaarlijkse ren-tevergoeding recht op een deel van de winst.
Premieobligatie: ontvangt een lage jaarlijkse rente, maar maakt bij de aflossing kans op een hoge premie.
Geïndexeerde obligatie: de rentevergoedingen en aflossingen zijn deels afhankelijk van het verloop van bepaalde indexcijfers.
Zero bonds: langlopende obligaties waarop geen rente wordt af-gelost omdat deze al in de aankoopprijs van de obligatie is verrekend.
Eurobonds: deze worden geplaatst via een internationale groep van tussenpersonen.
Vreemde-valutaobligaties: zijn in Nederland uitgegeven maar luiden in vreemde valuta.
Pandbrieven: gewone obligaties, uitgegeven door een hypo-theekbank.
Floating rate notes: obligaties met een variabele rentevergoe-ding, die is gekoppeld aan de marktrente ontwikkeling.
Perpetual notes: niet-aflosbare obligaties.
Commercial paper: kortlopende obligaties.
Lions: obligaties waarop in plaats van rente een aandeel of certi-ficaat van een aandeel ontvangen wordt.
Converteerbare obligatie: een obligatie die na verloop van tijd kan worden omgewisseld in aandelen.

Operational lease
-Contract is op korte termijn opzegbaar -Duur contract is korter dan de economische levensduur -In de leaseprijs is een bedrag voor onderhoud, reparatie en verzekering opgenomen -Economisch risico is voor rekening van de lessor, daar-om is dit duurder dan financiële leasing.

opslagmethode
Men onderscheidt directe en indirecte kosten. De geregistreerde indirecte kosten van een vorige periode drukt men uit in een percentage van de directe kosten in die periode. Van dit percentage maakt men gebruik bij de bepaling van de kostprijs in de komende periode.

Pandbrieven
gewone obligaties, uitgegeven door een hypo-theekbank.

Perpetual notes
niet-aflosbare obligaties.

pro-memorie-verplichting
Dit zijn verplichtingen die voortvloeien uit overeenkomsten waarvan zowel de prestatie van de ene partij als de tegenprestatie van de andere partij plaatsvinden na de balansdatum, bijvoorbeeld meerjarige huur- en pachtovereenkomsten en leasing. Het verschil tussen deze verplichting en schulden is het tijdstip waarop de betalingsverplichting ontstaat.

publicatieplicht
De wettelijke verplichting van rechtspersonen tot het voor iedereen ter inzage leggen van de jaarstukken.

realisatieprincipe
Winsten mogen worden genomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Het is niet toegestaan vooruit te lopen op toekomstige winsten.

rentemarge
Het totaal van winst vóór belasting en rentelasten op het vreemd vermogen wordt als bedrijfsresultaat aangeduid. Het verschil tussen de rentabiliteit van het totale vermogen en de gemiddelde kostenvoet van het vreemd vermogen duiden we aan als rentemarge.

Resultatenrekening
Hierin wordt informatie inzake de opbouw van de eigen vermogensaanwas gegeven. Ook wel de winst- en verliesrekening genoemd. Op een balans staan tijdstipgrootheden en op een resultatenrekening staan tijdvakgrootheden.

Serie-massaproductie
Er worden verschillende soorten producten gemaakt in kleine of grotere series.

Serie-stukproductie
De kostprijs van elk product bestaat bij handelsondernemingen uit de som van de directe en de toegerekende indirecte kosten. De directe kosten zijn eenvoudig te bepalen. Voor de toerekening van de indirecte kosten bestaan twee methoden:

stelselmatigheidsprincipe
Een onderneming moet zoveel mogelijk van het ene op het andere jaar dezelfde grondslagen gebruiken. De indeling van de balans en de W&V-rekening moet zoveel mogelijk gelijk blijven.

Stukproductie
Er wordt rekening gehouden met de specifieke wensen van de klant. Er worden steeds verschillende producten gemaakt, waarvoor wel dezelfde productiemiddelen en mensen worden ingezet. Men werkt op bestelling. De kosten van producten worden per opdracht berekend.

technische levensduur
De technische levensduur of gebruiksperiode van een productiemiddel is de maximale periode waarover dat productiemiddel een bijdrage aan de productie kan leveren. De economische levensduur is de maximale periode waarover het economisch verantwoord is van een productiemiddel gebruik te maken. Bij het streven naar maximale winst wordt de levensduur voor een nieuw productiemiddel op grond van de minimale totale productiekosten per periode bepaald. Bij voortgezet gebruik nemen de afschrijvingskosten per eenheid af en nemen de complementaire kosten steeds verder toe.

terugverdientijd
Dit is het aantal perioden dat nodig is om de huidige investeringsuit-gaven terug te verdienen via positieve netto-ontvangsten die in de toe-komst uit de investering voortvloeien.

toerekeningsprincipe
Bij de waardering en bepaling van het resultaat is niet het moment van betaling of ontvangst bepalend, maar het moment dat de kosten- en opbrengstentoerekening moet plaatsvinden. Uitgaven en ontvangsten moeten worden toegerekend aan de periode waarop ze betrekking hebben.

vermogensmarkt
Onder de vermogensmarkt verstaan we het geheel van de vraag naar en het aanbod van vermogen, waarbij de beschikbare hoeveelheid door de marktprijs (de rentevoet) wordt afgestemd op de gevraagde hoeveelheid. De vermogensmarkt valt uiteen in een kapitaalmarkt voor lang en permanent vermogen en een geldmarkt voor kort krediet.

voorwaardelijke verplichting
Een verplichting is voorwaardelijk indien de verplichting afhankelijk is van het zich al dan niet voordoen van een of meerdere toekomstige gebeurtenissen, bijvoorbeeld garantieverplichtingen.als er een reële kans bestaat dat de voorwaarde die tot nakoming verplicht, wordt vervuld en bovendien het bedrag redelijk bepaald is, dan zal de onderneming een voorziening moeten vormen.

voorzichtigheidsprincipe
Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het boekjaar moeten in acht worden genomen als zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn.

Welvaart
De mate waarin iemand in staat is zijn behoeften te bevredigen bepaalt diens welvaart. Welvaart is de verhouding tussen behoeften en bevrediging van die behoeften. Welzijn is de toestand waarbij men in materieel en geestelijk opzicht voorspoedig, gelukkig is.

wettelijke reserve
De op basis van een wettelijk voorschrift te vormen niet-uitkeerbare reserve.

Winst
een overschot van de opbrengsten boven kosten. Wanneer winst wordt gemaakt is de financieel-economische zelfstandigheid per definitie aanwezig.

Zero bonds
langlopende obligaties waarop geen rente wordt af-gelost omdat deze al in de aankoopprijs van de obligatie is verrekend.