Kopie van `Noord-Brabant - Verklaring begrippen`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


Noord-Brabant - Verklaring begrippen
Categorie: Aardrijkskunde
Datum & Land: 15/05/2007, NL
Woorden: 22


Agrarisch natuurbeheer
Natuurbeheer op landbouwgronden uitgevoerd door boeren gecombineerd met de agrarische bedrijfsvoering.

Agrarische hoofdstructuur (AHS)
Het gebied buiten de GHS en de bebouwde kernen en infrastructuur waar de instandhouding en de versterking van de landbouw voorop staan (aangeduid in het Streekplan Noord-Brabant 2002).

Agribusiness
Bedrijven die goederen en diensten leveren aan land- en tuinbouwbedrijven of zorgen voor verwerking, afzet en transport van agrarische producten van de primaire land- en tuinbouwbedrijven.

Agrotoerisme
Alle vormen van recreatie en toerisme op agrarische bedrijven.

Akkoord van Cork
Akkoord tussen de reconstructiepartners in Noord-Brabant over het vervolg van de reconstructie/revitalisering, gesloten op 11 juli 2003.

Bufferzone
Beschermingszone rond kwetsbare gebieden, bijvoorbeeld ter voorkoming van vervuiling van het grondwater in waterwingebieden.

Cultuurhistorie
De overblijfselen van de geschiedenis van de door de mens gemaakte en beïnvloede leefomgeving.

Emissie
Het in de lucht brengen van stoffen (zoals ammoniak) vanuit een bepaalde bron.

Hydrologie
De leer van het voorkomen, het gedrag en de chemische en fysische eigenschappen van water in al zijn verschijningsvormen op en beneden het aardoppervlak.

Niet-grondgebonden teelten
Productiewijze waarin de teelt niet in overwegende mate afhankelijk is van het voortbrengend vermogen van onbebouwde grond.

Nieuw landgoed
Een functionele eenheid, bestaande uit bos of andere natuur al dan niet met agrarische gronden met een productiedoelstelling. Vormen van bos- en landbouw kunnen onderdeel uitmaken van de bedrijfsvoering. Het geheel omvat minimaal tien hectaren grond en is (voor tenminste 90 %) openbaar toegankelijk. Op het landgoed staat en woonhuis met tuin van allure en uitstraling. Als ruimtelijk kenmerk geldt dat er een raamwerk van wegen, waterlopen, lanen en singels is, waarbinnen de verschillende ruimtegebruikvormen zijn gerangschikt. Het geheel is een ecologische, economische en esthetische eenheid waarvan de invulling is geïnspireerd door het omringende landschap, de cultuurhistorie en de bodemgesteldheid.

Nulalternatief
Alternatief waarbij wordt uitgegaan van de bestaande situatie. Dit alternatief dient als referentiekader voor de effectbeschrijvingen van alle alternatieven in het MER.

Omgevingskwaliteit
Omgevingskwaliteit is het samenhangende systeem van water, milieu-, natuur- en landschapskwaliteit.

Overig landelijk gebied
(Legenda-eenheid van de themakaart recreatie) Gebieden die geen bijzondere aanduiding hebben omdat ze vanuit toeristisch-recreatieve optiek minder aantrekkelijk en kansrijk zijn.

Overstort
Punt waar het rioolstelsel op het oppervlaktewater loost.

Uitbreiding
Onder uitbreiding van een agrarisch bedrijf wordt verstaan een vergroting van het bestaande bouwblok.

Uitplaatsing
Het beëindigen van landbouwbedrijvigheid in het betreffende gebied en het voortzetten van het bedrijf elders.

Uitspoelingsgevoelige grond
Grond die zowel voedingsstoffen als vervuilingen moeilijk in de bodem kan vasthouden waardoor ze gemakkelijk uitspoelen naar het grondwater.

Uitwerkingsplan
Uitwerking van het reconstructieplan met inachtneming van de in het plan vervatte regels.

Zoekgebied projectlocatie recreatie
Zie Projectlocatiegebied recreatie.

Zoekgebied rivierverruiming
Gebieden waarbinnen gezocht kan worden naar geschikte plekken voor rivierverruiming in het kader van de rijksbeleidslijn Ruimte voor de Rivier.

Zorgboerderij
(Voormalig) agrarisch bedrijf dat zorg aanbiedt, zoals kinderopvang of gehandicaptenzorg.