Kopie van `Aegon - ABC van beleggen`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


Aegon - ABC van beleggen
Categorie: Economie en financiën > Beleggen
Datum & Land: 03/12/2008, NL
Woorden: 335


AAA
Classificatie van het laagste kredietrisico ofwel de hoogste kredietwaardigheid van ondernemingen. Deze classificatie (rating) met een lettercodering is afkomstig van rating agencies zoals Standard & Poor's en Moody's Investor Service.

Aandeel
Bewijs van deelneming in het kapitaal van een onderneming. Bezit van een aandeel geeft het recht om te delen in de winst en stemrecht uit te oefenen in een aandeelhoudersvergadering.

Aandeelhouder
Bezitter van een bewijs van deelneming in het kapitaal van een onderneming.

Aandelenemissie
Uitgifte van nieuwe aandelen. Een emissie wordt meestal begeleid door een bank, die bemiddelt bij het plaatsen van de nieuwe aandelen bij het publiek.

Aandelenfonds
Een beleggingsfonds dat alleen belegt in aandelen.

Actief beheer
Beheer van effecten waarbij door het innemen van afwijkende posities t.o.v. een benchmark getracht wordt waarde toe te voegen ten opzichte van deze benchmark. Het tegenovergestelde is passief beheer waarbij de benchmark zo nauwkeurig mogelijk wordt gevolgd.

Actieve fondsen
Fondsen waarin tijdens de beursdag veel handel wordt gedreven.

Advieskoers
Een voor de opening van de beurs afgegeven indicatie van de verwachte openingskoers.

AEX-index
Amsterdam Exchanges indeX (voorheen Amsterdam EOE Index). Index van Euronext Amsterdam; deze is gebaseerd op het gewogen gemiddelde van 25 grote fondsen. Sinds 1994 is het de meest gehanteerde graadmeter van de Nederlandse beurs.

Affaire
Effectentransactie. Met een 'foute affaire' wordt meestal een verliesgevende effectentransactie bedoeld.

Afstempelen
Verlagen van de nominale waarde van een aandeel om dit in overeenstemming te brengen met het werkelijke vermogen van de vennootschap.

Aftermarkt
Koersvorming van en handel in een aandeel in de periode na (after) beursintroductie.

Agio
Positief koersverschil ten opzichte van de nominale waarde bij de uitgifte van een aandeel of obligatie.

Agiobonus
Bonusaandelen uit als agioreserve opgebouwd vermogen. Voor de particuliere belegger zijn deze belastingvrij.

Agioreserve
Fiscale reserve die ontstaat door storting van contanten op de aandelen die boven de nominale waarde zijn uitgegeven. Uit de agioreserve kunnen belastingvrij bonusaandelen en stockdividenden worden uitgekeerd.

All Ordinaries-index
Australische beursgraadmeter.

All time high
Hoogste notering op een bepaalde beurs tot op heden.

All time low
Laagste notering op een bepaalde beurs tot op heden.

Allocatie-effect
Het gevolg van het tactische allocatiebeleid waarbij een bepaalde beleggingscategorie wordt over- of onderwogen ten opzichte van de strategische allocatie.

Arbitrage
Tegelijkertijd aankopen en verkopen van effecten of valuta op verschillende markten om zo gebruik te maken van de prijsverschillen op deze markten.

As, if and when issued
De handel in nog niet uitgegeven effecten.

Asset mix
Verdeling van het vermogen over aandelen, obligaties, onroerend goed en liquide middelen.

Asset stripper
Iemand die door aankoop van aandelen voor een ongewenste overname van een bedrijf zorgt.

Assignment
Verplichting om de onderliggende waarde te leveren (call) dan wel af te nemen (put) tegen de uitoefenprijs.

At-the-money
Optie waarvan de uitoefenprijs (ongeveer) gelijk is aan de beurskoers van de onderliggende waarde.



Attribute-analyse
Geeft aan in welke mate bepaalde factoren hebben bijgedragen aan de excesperformance van een portefeuille of fonds ten opzichte van een benchmark. Deze factoren zijn bijvoorbeeld het allocatie-, selectie- en interactie-effect.

Autoriteit-FM
Autoriteit Financiële Markten. Organisatie die belast is met het toezicht op het functioneren van de Nederlandse effectenmarkten.

AVA
Algemene Vergadering van Aandeelhouders.

Baisse
Effecten verkopen zonder ze te bezitten in de hoop deze later tegen een lagere koers te kunnen terugkopen. Dergelijke transacties kunnen alleen door de beroepshandel worden aangegaan. Baisse wordt ook gebruikt voor het aanduiden van een negatieve beursstemming of koersdaling.

Baissier
Belegger die op een koersdaling gokt door een baissepositie in te nemen. Hij verkoopt dan stukken die hij heeft geleend.

Bankbrief
Door een bank uitgegeven obligatie. De koers van een bankbrief is afhankelijk van de geldende rentestand.

Basispunt
Een basispunt is één honderdste procentpunt (= 0,01%).

Basket
Verzameling obligaties of aandelen, bij elkaar gevoegd om een index na te bootsen of het risico te spreiden.

Bear market
Pessimistische stemming over de ontwikkeling van de markt.

Bear rally
Langere periode waarin de koers van een aandeel of index blijft dalen.

Bear spread
Optiestrategie waarmee wordt geprofiteerd van een koersdaling. Een belegger legt een bear spread aan, wanneer hij een zodanige combinatie van calls en-of puts (ver)koopt dat hij bij koersdaling een gunstig resultaat behaalt.

Beeldschermhandel
Elektronische (beurs)vloer.

Beheerder
Iemand die het bezit van een ander beheert. De beheerder van een beleggingsfonds heeft de verantwoording over de spreiding van de beleggingen in het beleggingsfonds.

Beheerkosten
Kosten die periodiek door het beleggingsfonds aan de beheerder worden betaald ten laste van het fondsvermogen. Deze kosten komen indirect ten laste van de belegger.

Bel 20
Belgische beursgraadmeter.

Beleggingsfonds
Instelling die geld van derden belegt in aandelen en-of andere vermogenswaarden. De deelnemer kan hierbij al voor een gering bedrag profiteren van risicospreiding en deskundig beheer.

Beleggingshorizon
Periode dat het geld kan worden belegd.

Beleggingsmaatschappij
Beleggingsfonds dat wordt beheerd door professionele beheerders.

Benchmark
Vooraf vastgestelde, objectieve maatstaf voor de prestatie van een beleggingsportefeuille of beleggingsfonds.

Beschermingsconstructie
Juridische constructie om ongewenste invloeden buiten de onderneming te houden. Zo kan via bepalingen in de statuten de zeggenschap van aandeelhouders worden beperkt.

Besloten beleggingsfonds
Een beleggingsfonds waarvan de participaties niet vrij verhandelbaar zijn. Een besloten fonds biedt bepaalde fiscale voordelen: het fonds betaalt geen vennootschapsbelasting en kapitaalsbelasting.

Bestens order
Aankoop- of verkooporder op de beurs tegen de eerstvolgende prijs waarvoor wordt gehandeld.

Betaalbaarstelling
Aanwijzen van een dividendbewijs of coupon waarop bijvoorbeeld het dividend wordt uitgekeerd of de obligatie wordt uitgeloot.

Beurshausse
Lange periode van ononderbroken koersstijging.

Beursindex
Koersgemiddelde van een aantal aandelen die tezamen de beursindex vormen. Een beursindexcijfer wordt gewoonlijk gebruikt als graadmeter voor de stemming op de beurs. Voorbeelden zijn de Dow Jones Industrial Index en de AEX-index.

Beurskapitalisatie
Waarde die een bedrijf of onderneming vertegenwoordigt voor alle aandeelhouders. Deze waarde is te berekenen door het aantal uitstaande aandelen te vermenigvuldigen met de beurskoers van het aandeel. Dit wordt ook wel beurswaarde genoemd.

Beurskrach
Beurscrisis. Ineenstorting van de koersen.

Bewaarloon
Kosten die door de bank voor het bewaren van de effecten (custody) in rekening worden gebracht.

Bid/biedkoers
Koers waarop de beleggingsinstelling bereid is aandelen terug te kopen, als er op de beurs meer aanbod dan vraag is.

Bieden
Vermelding die aangeeft dat tegen de getoonde koers geen transacties kunnen worden gedaan. Het aantal verkopers is te klein of nihil.

Blow out
Succesvolle beursintroductie of uitgifte waarbij de stukken in een hoog tempo worden verkocht.

Blow-off
Korte en felle stijging voor een crash.

Blue chip
Kwalitatief hoogstaande aandelen. Oorspronkelijk was een blue chip het duurste fiche in een casino.

Boekjaar
Periode waarover verslag wordt uitgebracht in het (fiscaal) jaarverslag en de verlies- en winstrekening.

Bolsa-index
Mexicaanse beursgraadmeter.

Bonusaandelen
Uitkering in aandelen, meestal uit de belastingvrije agioreserve. Over bonussen uit de algemene reserve moet wel belasting worden betaald.

Boomen
Spectaculair groeien.

Bovespa-index
Braziliaanse beursgraadmeter.

Brady bonds
Staatsobligaties van Latijns-Amerikaanse landen, uitgegeven in het kader van de door de VS ondersteunde schuldsanering. Vernoemd naar Nicholas Brady, in de jaren tachtig onderminister van financiën van de VS.

Broker
Engelse term voor commissionair in effecten.

Buba
Duitse Bundesbank.

Buck
Amerikaanse slang voor een dollar. In de Amerikaanse valutahandel wordt hiermee één miljoen dollar aangeduid.

Bull market
Optimistische stemming over de ontwikkeling van de markt.

Bull rally
Langere periode waarin de koers van een aandeel blijft stijgen.

Bulletlening
Lening waarbij de aflossing ineens moet worden betaald.

Bullion
Engelse aanduiding voor goud.

Buyer's market
Markt waarop het aanbod groter is dan de vraag waardoor de kopers tot op zekere hoogte de prijzen kunnen bepalen

CAC-40
Index van de Parijse effectenbeurs - Cotation Assisté Continue - gebaseerd op de veertig belangrijkste Franse aandelen.

Call-optie
Recht om gedurende een bepaalde periode een belegging te kopen tegen een van tevoren overeengekomen prijs (uitoefenprijs). Het recht kan worden uitgeoefend tot de afloopdatum (uitoefendatum). Voor dat recht betaalt de koper een premie.

Cashdividend
Winstuitkering aan aandeelhouders in contant geld (cash).

Cashflow
Nettowinst plus afschrijving van een onderneming. Deze kasstroom is beschikbaar voor investeringen, dividend en winstinhouding.

Certificaat
Een door een administratiekantoor uitgegeven bewijs van deelneming in het kapitaal van een onderneming, uitgezonderd het stemrecht.

CF-stukken
Effecten die qua vorm verschillen van de normaal in omloop zijnde stukken en die niet aan cliënten worden overhandigd. Het Centrum voor fondsenadministratie en de banken die de effecten beheren, keren het dividend aan de houder uit.

Chart
Engelse term voor (koers)grafiek.

Chartist
Beleggingsdeskundige die met behulp van grafieken (charts) voorspellingen doet over het verloop van koersen.

Churning
Uitvoering van overdreven veel transacties door een effectenmakelaar op rekening van één cliënt met als doel zoveel mogelijk commissie te genereren. In de financiële wereld wordt dit beschouwd als een hoofdzonde.

Claim
Voorkeursrecht van koop voor bestaande aandeelhouders bij de uitgifte van nieuwe aandelen door een onderneming. De claim zelf vertegenwoordigt ook een waarde die op de beurs kan worden verhandeld

Closed-end-fund
Type beleggingsfonds waarvan het aantal aandelen vaststaat. Bij groot aanbod op de beurs koopt het fonds geen eigen aandelen. Koersen kunnen daardoor heftig fluctueren.

Collar
Optieconstructie die beleggers beschermt tegen koersdaling.

Commissaris voor de Notering
Functionaris in dienst van de Amsterdamse effectenbeurs die erop toeziet dat de handel volgens de regels verloopt.

Commissionair
Effectenmakelaar. De commissionair adviseert, beheert en voert op de beurs opdrachten van cliënten uit. Hij mag dat ook voor eigen rekening doen. Voor zijn diensten berekent hij commissie.

Commodity
Bulkproduct waarvan de prijs geheel door vraag en aanbod wordt bepaald, zoals olie, graan en koffie.

Contrarian
Belegger die precies het tegenovergestelde van anderen doet.

Conversie
Omwisseling van een effect in een ander effect.

Conversiekoers
Vaste omwisselkoers van een converteerbare obligatie.

Converteerbare obligatie
Obligatie die de houder gedurende de looptijd om kan wisselen tegen een vast aantal effecten en een vaste koers.

Corneren
Trachten controle te krijgen over de prijsvorming door het aankopen van veel goederen of effecten.

Corpus
Aflossingswaarde van een obligatie zonder de rente.

Coupon
Deel van obligatie dat tegen inlevering recht geeft op rente.

Couponrendement
Jaarlijks ontvangen obligatierente over het nominale bedrag van de obligatie gedeeld door de beurswaarde.

Crash
Beurscrisis. Ineenstorting van de koersen.

Cum
Aandeel waar stock, claim, warrant, bonus of dividend nog aanzit.

Curb
Bijnaam voor de American Stock Exchange (Engels: stoeprand).

Custody
Engelse term voor bewaring van de effecten.

Cyclische waarden
Aandelen van bedrijven die gevoelig zijn voor conjunctuurbewegingen of werkzaam zijn in een cyclische bedrijfstak.