Kopie van `kcaf`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


kcaf
Categorie: Bouw en Constructie > Funderingsproblematiek
Datum & Land: 30/05/2013, nl
Woorden: 111


Aanwasboor
Holle boor, afkomstig uit de bosbouw, voor het nemen van monsters uit de kern vaneen houten paal.

Aanzetsteen
Eerste steen links en rechts in een gemetselde boog

Aantasting door bacteriën
. Deze aantasting kan ook aanwezig zijn als geen droogstand aanwezig is.

Absolute zetting
Zakking van een pand in zijn geheel. Dit kan gemeten worden ten opzichte van het

Actieve scheuren
Scheuren die nog steeds in beweging zijn.

Afschot
Schuin verloop van vloeren, daken, goten en leidingen om water snel af te kunnen voeren.

Afstandhouder
Een betonnen of kunststof blokje dat er voor zorgt dat de wapening in een constructie de juiste dikte krijgt

Amsterdamse fundering
Fundering bestaande uit paarsgewijs gelagen houten palen waarop een houten kesp rust (juk). De palenparen zijn onderling verbonden met langshout. Op het langshout zit nog een schuifhout om het metselwerk op zijn plaats te houden.

Bacteriële aantasting
= palenpest

Belending
Aangrenzend pand of terrein.

Bel-etage
Eerste verdieping boven de begane grond of het souterrain.

Bemaling
Installatie voor de (tijdelijke) verlaging van de grondwaterstand

Betonoplanger
Betonnen opzetstuk van 1 tot meer dan 3 meter op een houten paal, welke wordt gebruikt om de kop van een houten paal beneden het grondwater weg te heien.

Blinde muur
Een kopgevel waarin geen kozijnopeningen zijn aangebracht

Borstwering
Metselwerk onder een raam of kozijn.

Bouwmuur
Constructieve wand

Bovenkant funderingshout
Hoogste punt van het funderingshout meestal aangegeven ten opzichte van NAP.

Bovenste funderingshout
is bij de Amsterdamse en Rotterdamse fundering bovenkant schuifhout. Hoogste punt van het funderingshout bij houten palen waarop een betonbalk rust een aantal cm boven onderkant balk. De paal steekt namelijk een aantal centimeters in de beton. Normaal 30 tot 50 mm.

Capillaire werking
In poriën opgestegen grondwater. In klei is de capillaire werking vrij goed. In zand loopt het grondwater snel weg.

Console
Korte uitdragende (dwarsbalk) van staal of beton

Dagmaat
De maat van de vrije opening (doorgang) in een deur of raamkozijn.

Dagkant
De zijden, haaks of afgeschuind, van de opening in een wand, kozijn, poort of boog.

Definitief onderzoek
Een grootschalig opgezet en door de gemeente Dordrecht bekostigd onderzoek conform het VNG protocol.

Deurkalf
Tussendorpel in een kozijn boven een deur, onder het bovenlicht.

Dilatatie
Een constructieve naad in een bouwcomplex welke het mogelijk maakt dat de bouwdelen aan weerszijde van de dilatatie onafhankelijk van elkaar kunnen bewegen.

Dook
IJzeren of koperen kram of bout waarmee stukken gehouwen steen onderling verbonden worden en die met lood wordt aangegoten in de daarvoor gemaakte groeven of gaten.

Dordtse fundering
Als en Rotterdamse fundering, muur met vertanding, schuifhout, langshout en houten paal. In afwijking van de Rotterdamse fundering zit bij de Dordtse fundering tussen langshout en paal een kesp.

Droogstand
Situatie waarbij het grondwater (soms tijdelijk) beneden het niveau van het bovenste funderingshout staat.

Erosiebacterie
Bepaalde soort(en) bacteriën die een aantasting gelijkend op erosie van het hout veroorzaakt.

Freatisch grondwater
De waterspiegel in de bovenste bodemlagen.

Funderingsbalk
Een betonbalk boven de palen waarop het metselwerk rust. Gewoonlijk staat hieronder een enkele rij palen.

Fundering op staal
Fundering zonder palen die direct op de onderliggende grond rust.

Funderingshout
Het geheel van alle houten onderdelen van een fundering op houten palen dus palen, kespen, langshout en schuifhout.

Funderingsherstel
Methodiek om de fundering voor lange tijd voldoende draagkracht terug te geven.

Funderingstechnische handhavingstermijn
De periode waarop de fundering op de huidige wijze zal kunnen blijven functioneren zonder dat herstelmaatregelen nodig zijn.

grondwaterstand
De waterspiegel in de bovenste bodemlagen. Ander woord hiervoor is freatisch groundwater

Grondwateronttrekkingen
Onttrekkingen van grondwater door drinkwaterleidingbedrijf, industrie en op bouwlocaties, bij tunnels etc.

Grout
meestal: een mengsel van cement, water en hulpstoffen; constructieve lijm, waarin geen cement verwerkt is, wordt soms ook aangeduid als grout

Handhavingstermijn
(fundering)De termijn waarbinnen de vervormingen van de fundering (bij gelijkblijvende omstandigheden) zodanig beperkt blijven dat geen verlies van gebruikswaarde van het bouwwerk zal optreden

Hardheidshamer
-prikker-prikapparaat, pylodon-slaghamer-specht Apparaat waarmee op gestandaardiseerde wijze de indringingswaarde van houten palen wordt gemeten.

h.o.h afstand
Hart op hart afstand = afstand tussen twee middens van twee elementen zoals bv palen.

Indicatief onderzoek
Een globaal en indicatief onderzoek naar de fundering. Hier moet niet al te veel waarde aan worden gehecht.

Indringingswaarde
De afstand in mm waarover de pen van de standaard prikker (hardheidshamer) hetfunderingshout binnendringt bij beproeving. Deze afstand is een maat voor dekwaliteit en aantasting van het funderingshout

Infiltratiesysteem
Een systeem om grondwater toe te voegen tot een gewenst niveau

Inklinking
De grond wordt door druk en uitdroging in elkaar gedrukt. Hierdoor zakt hetmaaiveld.

Instorting
Het aantal mm dat een houten paal is ingestort in een betonbalk.

Kesp
Verbindingshout tussen twee naast elkaar staande houten palen bij een Amsterdamse fundering, welke samen met de palen een zogenaamd juk vormt. Opde kespen wordt het langshout met het schuifhout aangebracht. Kespen kunnen ookvoorkomen bij de Rotterdamse fundering, in dat geval staat er slechts één paal onderde kesp.

Kilgoot
Een goot tussen twee dakvlakken.

Kleefpaal
Korte funderingspaal, niet geslagen tot het diepe funderingszand, welke draagkracht genereert uit de wrijving (kleef) welke de paalschacht in omringende slappegrondlagen ondervindt.

Klickmelding
melding aan het Kabels en Leidingen Informatie Centrum, waarmee informatie wordt verkregen van de aanwezige kabels en leidingen op het (bouw)terrein ofwelopenbare ruimte

Kruipluik
Luik in de beganegrondvloer om in de kruipruimte te komen.

Kruipruimte
Ruimte onder de beganegrondvloer

Langshout
Houten balk, veelal gelegen onder een draagmuur welke het gewicht van deconstructie (het bouwwerk) overbrengt op de palen of paaljukken. Langshout komtvoor bij de Amsterdamse en Rotterdamse fundering.

Latei
Horizontale overspanning boven een metselwerkopening.

Lintvoeg
Bij de bouw was dit altijd een horizontale voeg in het metselwerk in een bouweenheid. De metselaar spande een horizontale draad waarlangs hij de stenenneerlag. Door oude lintvoegen opnieuw te meten kan gezien worden of plaatselijkzakkingen zijn ontstaan.

Maaiveld
Het vlak gevormd door de bovenkant van de grond of bestrating, met name rondom een gebouw of woning

Maaiveldhoogte
De hoogte van het maaiveld t.o.v NAP

Mandeligheid
Een vorm van gebonden mede-eigendom van bijvoorbeeld een bouwmuur. Meestal een woningscheidende muur.

Meetboutje
Een in een gevel vastgedraaid boutje voor het uitvoeren van een lintvoegwaterpasmeting. Ook wel nauwkeurigheidswaterpasmeting genoemd.

Metselverband
Patroon waarin stenen in het muurwerk worden gezet. Een hecht verband wordt bereikt door de verticale voegen in de lagen boven elkaar steeds te latenverspringen. zie figuur voor de benamingen in het metselwerk.

mm
Millimeter

Monitoring
Het gedurende 3 jaar of langer in de gaten houden van het bouwblok. Het kan hierbij gaan om1. maandelijkse metingen grondwaterstand bij de fundering2. metingen van zettingsverschillen middels meetboutjes in de gevel3. Scheurwijdtemeters4. DraagkrachtonderzoekN.A.P.

Negatieve kleef
Door inklinking en onder andere uitdroging van grondlagen gaan deze aan de paalhangen. Hierdoor worden palen extra belast. Als de paal niet voldoende weerstandheeft bij de punt dan kan de paal naar beneden worden getrokken. Er zijn situatiesaangetroffen waarbij de paal los van de funderingsbalk kwam te staan.

Neut
Blokje van steen of hout, waarop een deur- of raamkozijn rust. De stenen neut dient om verrotting van het kozijnhout door intrekkend vocht van regen- of schrobwater tevoorkomen.

Nulmeting
Bouwkundige vooropname waarbij foto’s van alle muren en detailfoto’s van scheuren etc worden gemaakt en vastgelegd.

N.A.P
(Nieuw Amsterdams Peil)

Onderkant metselwerk of fundering
Het laagste niveau van het metselwerk of de betonbalk. Dit is niet gelijk aanbovenkant funderingshout. Bij metselwerk zit het schuifhout boven dit niveau en bijbetonbalken zijn palen enkele cm ingestort (instorting).

Overstek
Gedeelte van een constructie die slechts aan één wordt ondersteund.

OZB
Onroerend Zaak Belasting, een gemeentelijke belasting.

Paaljuk
Het geheel van een kesp met daaronder twee palen bij een Amsterdamse fundering.

Paalkop
Bovenste gedeelte van een funderingspaal.

Paalrot
Schimmelaantasting

Paalschacht
Buitenkant van een funderingspaal, van paalkop tot paalvoet.

Paalvoet
Onderkant van een funderingspaal.

Palenpest
Bacteriële aantasting. Aantasting door bacteriën. Deze aantasting kan ook aanwezig zijn als geendroogstand aanwezig is. Zie voor diverse meningen over dit onderwerp

Palenplan
Plan waarop de plaats van de palen in bovenaanzicht staat aangegeven.

Peil
Meestal bovenkant begane grondvloer.

Peilbuis
Verticale meetbuis met filter, waarin de grondwaterspiegel met een peillood kan worden vastgesteld.

Peilgebied
Gebied, veelal afgebakend door een watergang of dijk (polder) waarbinnen het waterschap middels bemaling een stabiel open waterpeil gehandhaafd wordt.

Penant
Metselwerk naast of tussen raam of deurkozijnen.

Poer
Blokvormig deel van een fundering, meestal van beton, waarbij twee of meer palen staan.

Primaire net peilbuizen
Het grofmazig peilbuizenmeetnet dat vanaf 1994 maandelijks door de gemeentewordt gemeten.

PvE
Programma van Eisen

Retourbemaling
installatie waarmee het door de bemaling opgepompte water openige afstand weer in de grond wordt terug gebracht

Rollaag
Een in het verband van een muur gemetselde laag van op zijn kant gemetselde stenen. Meestal boven kozijnen.

Roosterhout
roosterwerk.Horizontaal roosterwerk van hout onder funderingen op staal; ookwel liggend roosterwerk genoemd

Rotterdamse fundering
Fundering bestaande uit een enkele rij houten palen, onderling verbonden door langshout. Op het langshout zit nog een schuifhout om het metselwerk op zijn plaatste houden. Soms zit tussen paal en langshout een kesp, in dit geval spreekt men ookwel van een Dordtse fundering.

Scheefstand
De scheefstand ten opzichte van het horizontale vlak.

Scheurvorming
Het geheel (en het patroon) van de scheuren in het pand.

Schimmelaantasting
paalrotTen gevolge van droogstand van de palen ontstaat schimmelvorming die de palen aantast. Eenmaal weer onder water, stopt dit proces. Als de paal nog voldoendedraagvermogen heeft en goed onder water staat is er niets aan de hand. Bij nieuwedroogstand gaat de cumulatieve droogstand werken en treedt verdere paalrot op.

Schuifhout
Houten balkje op het langshout bij een Amsterdamse of Rotterdamse houtenpaalfundering. Bedoeld om het metselwerk op zijn plaats te houden.

Secundaire net
peilbuizenHet fijnmazige meetnet van de gemeente. Dat in 1999 een aantal keren is gemeten en waarvan de metingen in 2002 zijn hervat. Vooralsnog is dit net niet representatiefvoor de beoordeling van de grondwaterstand.

Slaghamer
Meetinstrument wat middels een veer een stalen punt met vaste energie wegslaat.Uit de mate van indringing van de stalen punt kan de aantasting van de paal wordenbepaald alsmede de restdraagkracht.

Slangenwaterpas
Apparaat waarmee het hoogteverschil tussen twee punten kan worden gemeten.

Sondering
Reguliere onderzoekmethode voor geotechnische doeleinden, waarbij een conus van4-5 cm doorsnede vanuit een sondeerwagen de grond in wordt gedrukt. Uit de matevan weerstand tegen dit wegdrukken kan de vastheid van de grondlagen wordenafgeleid.

Spatkracht
Horizontaal gerichte kracht onder bogen en gewelven

Specht
Apparaat waarmee op gestandaardiseerde wijze de indringingswaarde van houtenpalen wordt gemeten

Stempel
Hulpconstructie voor tijdelijke ondersteuning

Trasraam
Onderste deel van de gevel, gemetseld in minder wateroptrekkende steen.

Trompverbinding
Verbinding van stalen buissegmenten door een van de segmenten over geringehoogte op te rekken