Kopie van `Regieraad`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


Regieraad
Categorie: Arbeid gerelateerd > Kwaliteit van Zorg
Datum & Land: 06/06/2013, NL
Woorden: 69


Ambulancezorg Nederland
Branche-organisatie die zich primair richt op de Regionale Ambulance Voorzieningen (RAV) in Nederland. Voor deze RAV’en voert Ambulancezorg Nederland verschillende taken uit, zoals belangenbehartiging, informatie- en serviceverlening en beleidsontwikkeling. Daarbij gaat het om thema’s zoals sociale zaken en werkgelegenheid, kwaliteitsbeleid, financiering en sturing.

Ambulante begeleiding
Begeleiding die vanuit een instelling thuis, op school of op het werk wordt gegeven, waarbij de cliënt niet bij de instelling, die deze begeleiding geeft, woont of de dagbesteding heeft. Te denken valt onder andere aan: ADL-hulp (hulp bij algemene dagelijkse levensverrichtingen), begeleiding binnen regulier onderwijs, begeleiding bij vrijetijdsbesteding, financiële-administratieve ondersteuning-begeleiding, gezinsondersteuning, huishoudelijke ondersteuning, hulp bij bezoeken instanties, hulp bij netwerkontwikkeling en integrale vroeghulp. Het betreft dus niet-medische en niet-paramedische begeleiding.

Ambulante instelling voor de verslavingszorg
Regionale voorziening voor opvang, verzorging en-of behandeling van verslaafden, voornamelijk gelokaliseerd in de grote steden. Het betreft enerzijds voorzieningen die verslaving min of meer als gegeven accepteren en proberen te voorkomen dat de verslaafde verder achteruitgaat in lichamelijk en sociaal opzicht. Daarnaast betreft het hulpverleningsinstellingen die meer op behandeling gericht zijn. Hiertoe behoren de Consultatiebureaus voor Alcohol en Drugs (CAD’s). De vestigingen kunnen onderling verschillen in het type verslavingshulp dat geboden wordt, de doelgroep, soorten opvang en-of werkgebied.

Ambulantisering
Streven om mensen met een beperking zo ‘normaal’ mogelijk te laten participeren en de benodigde hulp aan huis te bieden. De geboden hulp aan huis kan variëren van een of twee contacten per week tot elke dag intensieve thuishulp, crisisopvang aan huis of intensieve gedragskundige begeleiding.

APZ
Algemeen psychiatrisch ziekenhuis.

Appraisal & assessment
Letterlijk ‘waarderen en vaststellen’; systeem waarmee het functioneren van de medisch specialisten wordt beoordeeld. Volgens het reglement gaat de ene medisch specialist in gesprek met een andere specialist. Tijdens de gesprekken wordt vastgelegd wat goed gaat en wat verbeterpunten zijn, en afgesproken hoe de verbeterpunten daadwerkelijk tot verbetering leiden. De medisch specialist draagt deze punten niet alleen zelf aan, ook de medewerkers met wie hij dagelijks samenwerkt doen dat. Dit systeem stimuleert tot continue verbetering van de medisch specialisten.

Aselecte steekproef
Steekproef waarbij elk element uit een populatie op basis van toeval dezelfde kans heeft om in de steekproef te worden opgenomen.

Assessment
Het systematisch verzamelen, ordenen en interpreteren van informatie over een persoon en diens situatie met het oog op een eventuele behandeling. Vast onderdeel van een assessment is het verzamelen van ziektesymptomen.

At risk
Een populatie ‘at risk voor een bepaalde aandoening’ loopt het risico een bepaalde aandoening te krijgen.

B-segment
Deel van de zorg waarover zorgverzekeraars en ziekenhuizen geen contracteerplicht meer met elkaar hebben. Dit betekent dat zij over de Diagnose-behandelingcombinaties (DBC’s) die hieronder vallen, vrij onderhandelen wat betreft prijs, volume én te leveren kwaliteit.

CCKL
Stichting voor de bevordering van de kwaliteit van het laboratoriumonderzoek en voor de accreditatie van laboratoria in de gezondheidszorg. Zij stimuleert laboratoria om een kwaliteitszorgsysteem te implementeren. Leidraad daarbij is de CCKL Praktijkrichtlijn. Deze richtlijn heeft aan de basis gestaan van de wereldwijde norm voor medische laboratoria: ISO 15189.

Dwangtoepassing
Toepassen van dwangmaatregelen bij een psychiatrische patiënt die gevaar oplevert voor zichzelf, voor anderen of voor de algemene veiligheid van personen of goederen, waarbij dat gevaar niet op een andere manier kan worden afgewend. Bij de besluitvorming tot dwangtoepassing zijn drie samenhangende principes belangrijk: subsidiariteit, proportionaliteit en doelmatigheid. Subsidiariteit betekent dat een dergelijke ingrijpende maatregel alleen toelaatbaar is als met een lichtere niet kan worden volstaan. Proportionaliteit wil zeggen dat de ingreep of maatregel in verhouding staat tot het te voorkomen gevaar. De argumentatie voor een inbreuk op de zelfbeschikking moet sterker zijn naarmate die inbreuk meer de intieme sfeer en de lichamelijke en geestelijke integriteit raakt. Ook moeten de veiligheid van de eventueel op te leggen maatregel en de zwaarte van de ingreep in aanmerking worden genomen. De maatregel mag niet verder gaan dan strikt noodzakelijk. Waar mogelijk moet de zelfbeschikking worden gehandhaafd en dient het toestemmingsvereiste te worden toegepast. Ten slotte doelmatigheid: hiermee wordt bedoeld dat de behandeling of maatregel effectief moet zijn in het afwenden van het gevaar.

Dwarsdoorsnedeonderzoek
Onderzoek waarbij binnen een bepaalde groep bij mensen de aanwezigheid van de determinanten en gezondheidsuitkomst tegelijkertijd worden vastgesteld.

E-learning
Leervorm die gebruikmaakt van digitale platformen waarbij men kan inloggen op het moment dat men dat zelf wil en via het internet en bijbehorende technologie gebruik kan maken van diverse leer- en nascholingsmodules.

E-health
Gebruik van moderne informatie- en communicatietechnologie (in het bijzonder internet), ter ondersteuning van de gezondheidszorg; bijvoorbeeld fora voor lotgenotencontact op websites van patiëntenorganisaties, gereguleerde geneesmiddelverkoop via internet door apothekers, consult via een ‘cyberpoli’ (onder andere m.b.t. soa-symptomatologie, psychologische klachten als angststoornis, depressieve stoornis, verslaving); E-healthinterventies worden steeds belangrijker voor patiënten die zich in tijd en-of mobiliteit beperkt voelen.

Eerstelijns(gezondheids)zorg
(Gezondheids)zorg waarbij de hulp rechtstreeks toegankelijk is voor de patiënt, zonder verwijzing, zoals huisarts, wijkverpleegkundige, fysiotherapeut of eerstelijnspsycholoog.

Eerstelijnspsychiatrie
1. Aandachtsgebied binnen de psychiatrie dat zich vooral richt op herkenning, diagnostiek en behandeling van psychiatrische morbiditeit in de eerste lijn, en op adequate ondersteuning van de huisarts daarin. 2. Alle psychiatrische verrichtingen die in de eerstelijnssetting plaatsvinden.

Effectevaluatie
Evaluatie die betrekking heeft op de verhouding tussen doelstellingen en resultaten.

Effectiviteit
Mate waarin een doel wordt bereikt, bijvoorbeeld van diagnostiek, therapie en preventie. Deze wordt bepaald door respectievelijk de sensitiviteit, de specificiteit en de voorspellende waarde van de test, het bij dierproeven en in gerandomiseerde gecontroleerde trials gebleken effect en de primaire en secundaire preventie zoals uit bevolkingsonderzoek gebleken.

Embase
Elektronische database met medische en aanverwante artikelen, vergelijkbaar met Medline, maar met een eigen thesaurus. Embase bevat meer artikelen uit Europese tijdschriften en is meer op farmacotherapie en verpleging gericht en is daarom complementair aan Medline. Embase is niet publiek toegankelijk en alleen tegen kosten te raadplegen.

Empirisch onderzoek
Onderzoek dat gebaseerd is op ervaring of proefneming en niet op berekening of redenering.

Empowerment
Proces waarbij mensen of groepen meer invloed krijgen over gebeurtenissen en situaties die belangrijk voor hen zijn. Binnen de gezondheidszorg: het versterken van de positie van de patiënt-patiëntenorganisaties zodat deze in staat is-zijn een gelijkwaardige rol te vervullen op micro-, meso- en macroniveau.

Epidemiologie
Wetenschappelijke discipline van het voorkomen en de verspreiding van ziekten onder de bevolking en de relatie met risicofactoren, diagnostische factoren, interventies en prognostische factoren.

Equivalentiebeginsel
Grondbeginsel dat een verzekeraar een premie ontvangt die in overeenstemming is met het risico dat met de verzekering wordt gedekt.

Erfolijn
Infolijn die men kan raadplegen bij vragen over erfelijkheid, aangeboren aandoeningen, zwangerschap en medische biotechnologie en zich richt op algemeen publiek, direct betrokkenen en hulp- en dienstverleners.



Ervaringsdeskundige
Iemand die cliëntervaring heeft in de zorg, deze ervaring heeft omgezet in ervaringskennis en in staat is om deze kennis ook professioneel in te zetten en over te dragen op anderen. De inbreng van ervaringsdeskundigheid wordt gezien als een belangrijk instrument voor het realiseren van vraagsturing of vraaggerichtheid vanuit cliëntenperspectief. De inzet van ervaringsdeskundigheid is onderdeel van zorg die het herstelproces van cliënten ondersteunt.

Etiologie
De leer van de oorzaken van ziekten.

Functionele bekostiging
Honoreringswijze waarbij de zorgverzekeraar een prijs betaalt voor een welomschreven zorgprestatie, uitgevoerd door een multidisciplinaire groep zorgverleners.

Functionaris
Medewerker die een omschreven functie uitoefent waarvan de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden zijn afgesproken en (doorgaans) schriftelijk gedocumenteerd.

GGD Nederland
Koepelorganisatie van de GGD’en, waar kennis en informatie worden verzameld en uitgewisseld, met als resultaat een bron van informatie over de gezondheidssituatie in Nederland. Daarnaast voert GGD Nederland projecten uit, die vanuit efficiencyoogpunt centraal moeten worden uitgevoerd en die randvoorwaarden en producten opleveren waarmee de GGD’en hun werkzaamheden kunnen verrichten.

GGZ Nederland
Brancheorganisatie van instellingen in de geestelijke gezondheids- en verslavingszorg. Zij behartigt de belangen van ongeveer honderd lidinstellingen. GGZ Nederland bevordert goede geestelijke gezondheid en de zorg op dit gebied en komt op voor alle randvoorwaarden die noodzakelijk zijn om dit te bereiken. Zij zet zich in voor een betere profilering van de branche en maatschappelijke erkenning voor een sector die economisch en sociaal belangrijk is.

Gunstbetoon
Het in het vooruitzicht stellen, aanbieden of toekennen van geld of op geld waardeerbare diensten of goederen met het kennelijke doel het voorschrijven, ter hand stellen of gebruiken van een geneesmiddel te bevorderen. Dit is in Nederland alleen toegestaan als dit geschenk van geringe waarde (Ä 50 per keer, met een maximum van Ä 150 per jaar) is en van betekenis kan zijn voor de beroepsuitoefening. Deze bedragen gelden per beroepsbeoefenaar, per vergunninghouder en per therapeutische klasse. Ook het verlenen en genieten van gastvrijheid in het kader van samenkomsten valt onder deze regeling. Voor bijeenkomsten die plaatsvinden op een locatie buiten Nederland en die door een vergunninghouder worden georganiseerd dan wel financieel mede mogelijk gemaakt, geldt als aanvullende eis dat er een objectieve rechtvaardigheidsgrond is voor de keuze van deze buitenlandse locatie en dat de buitenlandse locatie een aantoonbaar toegevoegde waarde heeft.

HIS
Huisartsinformatiesysteem.

Hypothese
Een bewering of veronderstelling die zodanig is geformuleerd dat deze op haar juistheid kan worden getoetst via wetenschappelijk onderzoek.

Iatrogene schade
Schade aan de gezondheid die ontstaan is als gevolg van behandeling door zorgverleners (‘iatros’ = arts), al of niet door schuld. Dit geldt dus ook voor ernstige zeldzamer bijwerkingen van geneesmiddelen. Er kan sprake zijn van foutief handelen door zorgverleners, bijvoorbeeld een fout tijdens een verdoving of een verkeerde handeling die nieuwe problemen geeft. Het kan ook gaan om schade die een patiënt oploopt door de ziekenhuissetting, zoals een infectie met bacteriën die niet zou zijn opgetreden als hij of zij niet in dat ziekenhuis zou zijn opgenomen.

ICD
(International Classification of Diseases) Classificatiesysteem van de WHO dat wordt gebruikt in epidemiologisch onderzoek en evaluatie van de gezondheidszorg. De ICD-10 is de tiende revisie en vond in 2009 invoering in Nederland. ICD-11 is in voorbereiding.

ICT-platform
Platform met vertegenwoordigers van koepelorganisaties in de zorg, ministerie van VWS en Nationaal ICT Instituut in de Zorg (Nictiz). Taakstelling: het maken van een zorgvuldige afweging over de vraag hoe en wanneer de zorgsector en de overheid onderwerpen op het gebied van ICT in de zorg oppakken, zoals het landelijk elektronisch patiëntendossier (EPD), de elektronische uitwisseling van medicatiegegevens en huisartswaarneemgegevens.

ICF
International Classification of Functioning, Disability and Health, Classificatie van de WHO. De ICF beschrijft hoe mensen omgaan met hun gezondheidstoestand. Iemands gezondheid is met behulp van de ICF te karakteriseren in lichaamsfuncties en anatomische eigenschappen, activiteiten en participatie. Gezondheid is aldus te beschrijven vanuit lichamelijk, individueel en maatschappelijk perspectief. Aangezien iemands functioneren – en problemen daarmee – plaatsvinden in een bepaalde context, bevat de ICF ook omgevingsfactoren. De ICF is van nut voor het begrijpen en meten van gezondheidsuitkomsten en kan worden gebruikt in klinische situaties, in allerlei zorginstellingen en in gezondheidsonderzoek op individueel en bevolkingsniveau. De ICF vult aldus de ICD-10 aan en kijkt daarmee verder dan mortaliteit en ziekte.

IGZ-loket
Centraal meldpunt waar mensen rechtstreeks terecht kunnen met meldingen, signalen en-of klachten over situaties van onverantwoorde zorg in de gezondheidszorg, waaronder alle beroepsbeoefenaren, fabrikanten en bedrijven vallen die ten behoeve van de gezondheidszorg producten leveren. Als de veiligheid en kwaliteit van zorg of product in gevaar dreigen te komen, kan de inspectie onderzoek laten doen en eventueel ingrijpen.

Implementatie
Procesmatige en planmatige invoering van vernieuwingen en-of verbeteringen (van bewezen waarde) met als doel dat deze een structurele plaats krijgen in het beroepsmatig handelen, in het functioneren van organisatie(s) of in de structuur van de gezondheidszorg.

IQ healthcare
Het Scientific Institute for Quality of Healthcare (IQ healthcare), UMC St Radboud Nijmegen, is een internationaal centrum voor onderzoek, onderwijs en ondersteuning van kwaliteit, veiligheid en innovatie in de gezondheidszorg. IQ draagt bij aan een effectieve, veilige, patiëntgerichte en ethisch verantwoorde patiëntenzorg en ondersteunt zorgaanbieders, beleidsmakers en patiëntenorganisaties bij het verwezenlijken van een goede patiëntenzorg en beleidsbeslissingen. Voorheen geheten: WOK-KWAZO.

ISO-certificatie
Vorm van kwaliteitsborgingssysteem, ontwikkeld door de International Standards Organization. ISO heeft een serie van normen, waarvan ISO 9004 een interne richtlijn is voor het opzetten van een kwaliteitssysteem en ISO 9004.2 de variant voor dienstverlenende organisaties. De Europese afdeling heet CEN en de Nederlandse standaardenorganisatie NEN. ISO 9001:2000 is een norm die eisen stelt aan het kwaliteitssysteem van een organisatie en de manier waarop de organisatie met het kwaliteitsbeleid omgaat. Deze norm bevat eisen voor een kwaliteitsmanagementsysteem. De norm wordt door in- en externe partijen gebruikt om te beoordelen of de organisatie kan voldoen aan eisen van klanten, wet- en regelgeving en de eigen eisen van de organisatie. Op basis van deze norm kan een certificaat worden behaald.

ISO-norm
Zie ook ISO-certificatie. Er is geen echte ISO-norm specifiek voor zorginstellingen ontwikkeld. Desondanks hebben al enkele zorginstellingen in de thuiszorg en een verpleeginstelling een ISO-certificaat behaald.

KiesBeter.nl
Openbare zorgportal (website), beheerd door het RIVM. Opdrachtgever en enige financier is het ministerie van VWS. Bevat betrouwbare (keuze)informatie bedoeld voor alle volwassen inwoners van Nederland die vragen hebben op het gebied van zorg, zorgverzekeringen en gezondheid.

Kiwa Prismant
Zakelijke dienstverlener voor de Nederlandse gezondheidszorg die zich bezighoudt met vormgeven, begeleiden en evalueren van ontwikkelingen en beleid in de gezondheidszorg voor zorginstellingen, overheid en brancheorganisaties. Dit alles is gericht op verbetering van doeltreffendheid, doelmatigheid en kwaliteit van de zorg.

NHG-standaard
Medische, monodisciplinaire richtlijn voor huisartsen. Bevat aanbevelingen voor het handelen van huisartsen. Een volledige NHG-standaard bestaat uit drie delen: • de gepubliceerde richtlijn over een vast omschreven huisartsgeneeskundig probleem; • de wetenschappelijke verantwoording daarvan in de vorm van een notenapparaat; • en uittreksel van de gepubliceerde richtlijn op een geplastificeerd overzichtskaartje voor gebruik in de spreekkamer. Alle NHG-standaarden zijn op internet raadpleegbaar.

NSvG
(NSvG, Patiëntenvereniging NSvG) De Patiëntenvereniging NSvG wil mensen bij wie een laryngectomie is uitgevoerd, ondersteunen en begeleiden. Bij een laryngectomie wordt het strottenhoofd met daarin de stembanden operatief verwijderd, meestal als gevolg van een kwaadaardige tumor in het strottenhoofd of in de buurt ervan.

Nuldelijns(gezondheids)zorg
Zorg grotendeels verleend door niet-professionals. Het betreft onder andere zelfhulpgroepen, zelfzorg en mantelzorg (hulp uit naaste omgeving van vrienden en-of familieleden).

Numbers needed to harm
Klinisch epidemiologische maat die aangeeft hoeveel behandelde personen leiden tot één negatieve uitkomst (een schadelijke nevenwerking of dood) ten gevolge van een interventie.

Numbers needed to treat
Klinisch epidemiologische maat die aangeeft hoeveel personen moeten worden behandeld gedurende de bestudeerde termijn om één extra geval van een bepaalde ziekte te genezen of te voorkomen. Dit is afhankelijk van het achtergrondrisico: naarmate dit hoger is, zal de NNT van een gebleken effectieve interventie lager zijn.

Nurse practitioner
Verpleegkundige met de bevoegdheid enkele medische taken uit te voeren, gespecialiseerd in één of enkele patiëntengroepen van een specialisme, bijvoorbeeld diabetes mellitus, COPD of hartfalen. Nurse practitioners diagnosticeren en behandelen patiënten met enkelvoudige, veelvoorkomende gezondheidsproblemen of, binnen een beperkt gebied, gecompliceerde problemen.

NVA
Nederlandse vereniging voor allergologie of Nederlandse vereniging voor anesthesiologie

NVN
Nederlandse vereniging voor neurochirurgen of Nederlandse vereniging voor neurofysiologie of Nederlandse vereniging voor neurologie

Observationeel onderzoek
Onderzoek waarbij de onderzoeker zich beperkt tot het verrichten van waarnemingen. Hierbij vindt dus actieve interventie plaats door de onderzoeker (bijvoorbeeld behandeling). Vormen van observationeel onderzoek zijn: cohortonderzoek, dwarsdoorsnedeonderzoek, patiënt-controleonderzoek en ecologisch onderzoek.

Observer bias
Systematische vertekening van onderzoeksresultaten met als oorzaak meetvariatie door ontbrekende eenduidige definities van de onderzoeksparameters (‘waarnemersonbetrouwbaarheid’). Deze variatie kan bestaan tussen onderzoekers (‘inter-observer variation’) en tussen de verschillende waarnemingen van dezelfde onderzoeker (‘intra-observer variation’).

Oefentherapie
Oefentherapie gegeven door een oefentherapeut is een paramedische behandelmethode waarbij de oefentherapeut werkt vanuit de inzichten van Bess Mensendieck of Marie Cesar. Er wordt vooral gelet op houding en-of bewegingen en het verbeteren van deze door middel van oefeningen. Het beroep oefentherapeut is opgenomen in de Wet BIG onder artikel 34.

Off-label voorschrijven
Voorschrijven van een geneesmiddel buiten de indicatie(s) waarvoor het middel is geregistreerd, of – anders gezegd – voor een indicatie die niet staat vermeld in de officiële productinformatie. Dit geldt ook voor voorschriften met een andere dosering en voor andere patiëntencategorieën – bijvoorbeeld zwangeren of kinderen – dan genoemd in het registratiedossier. Off-label voorschrijven komt in de dagelijkse praktijk regelmatig voor, maar is gezien vanuit de professionele standaard kwestieus.

Ombudsman
(Ombudsman, nationale) Instituut, ingesteld door de overheid, dat burgers de mogelijkheid geeft om klachten over de uitvoering van taken door of namens de overheid voor te leggen aan een onafhankelijke en deskundige instantie. De ombudsman behandelt klachten over de Zorgverzekeringswet (basisverzekering) of de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten. De ombudsman staat de financieel minder draagkrachtigen in de samenleving bij wanneer zij niet in staat zijn voor hun recht op te komen. Daarnaast onderzoeken en beoordelen de juristen van de ombudsman of wet- en regelgeving geen negatieve (onvoorziene of onbedoelde) gevolgen heeft voor burgers. Ook voert de ombudsman collectieve acties, waarbij het streven is gericht op het opheffen van rechtsongelijkheid. Dat gebeurt onder meer door het vragen van media-aandacht. Klachten over aanvullende verzekeringen behandelt de Ombudsman Zorgverzekeringen.

Ombudsman Zorgverzekeringen
Onafhankelijke instantie die bemiddelt tussen een verzekerde en zijn of haar zorgverzekeraar of verzekeringstussenpersoon bij klachten inzake een aanvullende zorgverzekering. De ombudsman probeert partijen bij elkaar te brengen door hen over en weer van de redelijkheid of de onredelijkheid van hun standpunt te overtuigen. Uitgangspunt is daarbij de onderlinge gelijkwaardigheid van partijen. Klachten over de basisverzekering worden behandeld door de Nationale Ombudsman.

Omgevingsanalyse
Gemeenschappelijke analyse van relevante thema’s, domeinen, aanwezige en te verwachten maatschap-pelijke trends, naar zowel de brede als de directe omgeving waarbinnen het beleid zich afspeelt. Daarbij worden ook betrokken: de verwachtingen, opinies, voorstellen omtrent het te voeren beleid bij de gebruikers en bij de doelgroep, de sterkten en zwakten van de eigen organisatie en de verschillende (mede)spelers.

Overbehandeling
Het geven van een behandeling in een situatie waarin dat niet nodig is.

Overdiagnostiek
Het verrichten van diagnostiek in een situatie waarin dat niet nodig is.

Overlevingskans
Het percentage patiënten dat een bepaalde ziekte of operatie overleeft of percentage patiënten dat na een bepaalde termijn na een diagnose of therapie nog in leven is.

Pygmalion-effect
Effect dat veroorzaakt wordt doordat een onderzoeker onbewust zoveel invloed uitoefent op de onder-zoekssituatie dat de gewenste resultaten nauwelijks uit kunnen blijven. Het effect is vernoemd naar Pygmalion, een koning uit de Griekse mythologie, die uit steen een vrouwenfiguur beeldhouwde, zo mooi, dat hij er wanhopig verliefd op werd. Het was uiteindelijk Venus die hem de helpende hand bood en het beeld tot leven wekte. Het pygmalion-effect is vooral bekend uit de gedragswetenschappen, maar heeft ongetwijfeld ook in de gezondheidswetenschappen zijn tegenhanger.

SMART-doelstellingen
Concrete doelstellingen die zoveel mogelijk SMART gedefinieerd zijn. SMART staat voor: • specifiek: in hoeverre is de doelstelling om te zetten in een concreet actieplan? • meetbaar: welke zaken zijn meetbaar in aantallen, geld, tijd en dergelijke? • appellerend: hoog ambitieniveau, uitdagend; • resultaatgericht: zijn er middelen om het doel te realiseren, is er budget, zijn er menskrachten, middelen, regels? • tijdsgebonden: wat is wanneer gereed?

Urgentieklasse
Medische behandelurgentie van bepaalde gewonden, zijnde het resultaat van triage. De classificatie geschiedt aan de hand van de toestand van ademhaling (A), bewustzijn (B) en circulatie (C). Er zijn vier urgentieklassen.

Utiliteit(smaat)
Waarde die wordt toegekend aan een bepaalde gezondheidstoestand. De utiliteitsmaat wordt gebruikt om de winst te berekenen die men als uitkomst van een bepaalde interventie kan bereiken.

Utiliteitsanalyse
Toekennen van een waarde aan een bepaalde gezondheidstoestand. Wordt vaak toegepast in kwali-teit-van-levenonderzoek.

VvOCM
De Vereniging van Oefentherapeuten Cesar en Mensendieck is de beroepsvereniging van oefentherapeuten. De VvOCM is in 2004 ontstaan uit een fusie van de Vereniging Bewegingsleer Cesar en de Nederlandse Vereniging van Oefentherapeuten Mensendieck.