Kopie van `Aquo-lex - het waterwoordenboek`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


Aquo-lex - het waterwoordenboek
Categorie: Milieu > water
Datum & Land: 20/02/2012, NL
Woorden: 7818


behandelingsinstallatie
Def.: een installatie die gebruikt wordt om afvalwater te behandelen voordat het in het milieu wordt geloosd.

beheer
Def.: het verantwoordelijk zijn en zorgdragen voor het handhaven of bereiken van een vooraf vastgesteld kwaliteitsniveau van het beheerde object of de beheerde functie

behandelen geur
Def.: het nemen van maatregelen met als doel de geurbelasting te verlagen

begrotingsartikel
Def.: onderdeel van de Rijksbegroting. Vroeger op basis van hoofdbeleidsterreinen en het onderscheid tussen apparaat- en programma-uitgaven. Nu op basis van werksoorten en het onderscheid tussen productuitgaven en directe uitvoeringsuitgaven enerzijds en indirecte uitvoeringsuitgaven anderzijds. Toelichting: Onderhoud waterhuishouding - beheer en onderhoud rijkswaterkeringen etc

beginvoorwaarden
Def.: verzameling gegevens die de hydrologische gesteldheid van een modelgebied aan het begin van een simulatieperiode beschrijven.

begemann-sampler
Def.: continu boorsysteem om zonder te boren in één keer vanaf het maaiveld een monster van tien à twintig meter lengte te steken. Toelichting: Dit is mogelijk doordat een zich afwikkelende kous en een boorspoeling wrijving tussen grondmonster en steekapparaat vrijwel geheel voorkomen.

begeleid natuurlijke eenheid
Def.: een aaneengesloten natuur- en bosgebied met een oppervlakte van ten minste 1.000 hectaren, waarin grootschalige landschapsvormende processen †“ zowel fysische als biologische †“ met ondersteuning van een beperkt aantal beheersmaatregelen door terreinbeheerders zorgen voor variaties in het landschap.

beekleem
Def.: natuurlijk, fijn materiaal, afgezet in riviertjes of stroompjes - met meer of minder plastisch-cohesieve eigenschappen, die afhankelijk zijn van het vochtgehalte. Het is minder fijn dan klei - het lutumgehalte is geringer

beeker-sampler
Def.: bestaat uit een snijkop met daaraan bevestigd een doorzichtige polyvinylchloride (PVC)-steekbuis die met verlengstangen de bodem in wordt gedreven. Toelichting: Een zuiger in de steekbuis zorgt voor een onderdruk waardoor het monster gemakkelijker de steekbuis (monsterbuis) inschuift.

beek
Def.: een natuurlijke smalle waterloop zonder getij. Toelichting: Voor deze term zijn vele streekbenamingen in omloop.

bedvormende afvoer
Def.: gefingeerde stationaire afvoer die eenzelfde gemiddelde bodemligging bewerkstelligt als het geval zou zijn bij het werkelijk afvoerverloop.

bedrijfswaterruimte
Def.: deel van een gebouw waar zich de bedrijfswaterkelder en-of -pompen bevinden

bedrijfswateraanvoerleiding
Def.: buis of samenstel van buizen waardoor bedrijfswater toegevoerd wordt aan de bedrijfswaterkelder

bedrijfswater
Syn.: terreinrioleringwater ; straatwater ; terreinwater ; reinwater Def.: gebruikswater op een rwzi , is GEEN drinkwater maar (gefilterd) effluent

bedrijfsvoering
Def.: de wijze waarop financiële en personele middelen worden ingezet teneinde zo effectief en efficiënt mogelijk afgesproken producten te leveren c.q. taken te vervullen.

bedrijfstakindeling wvow
Def.: bedrijfstak, zoals onderscheiden in de WVOW of uitvoeringsbesluiten ten aanzien van de WVOW Toelichting: Opgemerkt dient te worden dat deze tabel op grond van uitvoeringsbesluiten ten aanzien van de WVOW (Uitvoeringsbesluit Verontreiniging Rijkswateren, bijlage II, tabel afvalwatercoëfficiënten) aan wijziging onderhevig zal zijn.

bedrijfsruimte
Def.: een naar zijn aard en inrichting als afzonderlijk geheel te beschouwen ruimte of terrein, niet zijnde een woonruimte, een zuiveringtechnisch werk of een openbaar vuilwaterriool

bedrijfsproces
Def.: de specifieke wijze van technisch handelen (incl. zuivering) van een bedrijf dat leidt tot een bepaalde omvang van producten en afvalproducten.

bedrijfsgebouw
Syn.: bovenbouw ; bedieningsgebouw ; kantoor ; hoofdgebouw Def.: hoofdgebouw op een locatie waar meerdere activiteiten kunnen plaatsvinden

bedrijfshaven
Def.: haven bij een scheepswerf of bedrijf.

bedrijfsauto
Def.: auto ten dienste van en op naam van een bedrijf

bedrijfsafvalwaterrapportage
Afk.: BAWR Def.: de opgave door een lozend bedrijf (schriftelijk dan wel digitaal aangeleverd) van zijn bedrijfsafvalwater Toelichting: Deze heeft altijd betrekking op één bepaalde vergunning

bedrijfs rechtsvorm
Def.: type rechtsvorm waaronder de vestiging, vereniging of stichting aan het economische-maatschappelijke verkeer deelneemt

bedrijfsafvalwater
Def.: afvalwater dat vrijkomt bij door de mens bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, ondernomen bedrijvigheid, dat geen huishoudelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater of grondwater is

bedienings beheer
Def.: het vaststellen van het bedieningsplan op basis van geformuleerd beleid. Dit is een tactische functie benodigd voor de procesvoering

bedieningsruimte
Def.: ruimte van waaruit een (deel-)installatie kan worden bediend

bediening ter plaatse
Def.: bediening vanuit een centraal op het sluiscomplex of direct bij de brug gelegen bedieningsgebouw

bediening
Def.: werksoort waarbij het gaat om de verkeersbeheersing in de verkeerbeheersingcentrales, de bediening en controle van tunnels en bruggen in rijkswegen en de bediening van objecten (bruggen, stuwen, stormvloedkeringen en sluizen).

bedenking
Def.: de gemotiveerde bedenking die is ingebracht naar aanleiding van een gepubliceerde ontwerpbeschikking krachtens de vigerende wetgeving, zoals bedoeld in artikel 3.19, 3.24, 3.25 Algemene Wet Bestuursrecht.

bedenking
Def.: het schriftelijk dan wel mondeling kenbaar maken van een voorbehoud tegen een ontwerpbeschikking

bedekkingsgraad
Afk.: BEDKG Syn.: bedekking Def.: de loodrechte projectie op een proefvlak van alle zichtbare plantendelen van één soort, uitgedrukt ten opzichte van het totale oppervlak van het proefvlak

bebouwingslint
Def.: een lijnvormige verzameling van gebouwen langs een weg in het buitengebied, doorgaans dubbelzijdig aanwezig, met geringe afstanden tussen de bouwkavels

beddingconstante
Def.: coëfficiënt die de verhouding aangeeft tussen de door de grond geleverde tegendruk en de zakking van de grond ten gevolge van een bovenbelasting (een parameter die de stijfheid van de ondergrond uitdrukt)

bebouwingsconcentratie
Def.: een door een besluit van de gemeenteraad †“ bij voorkeur op grond van de Wet op de Ruimtelijke Ordening †“ aangegeven kernrandzone, bebouwingslint of bebouwingscluster met een historisch gegroeide menging van kleinschalige buitengebied- en niet-buitengebiedfuncties.

bebouwingscluster
Def.: een vlakvormige verzameling van gebouwen bij een kruispunt van wegen in het buitengebied

beaufortschaal
Afk.: WINDKT Syn.: windkracht Def.: schaal voor het meten van windsterktes van windkracht 0 tot 12 Toelichting: In 1808 ingevoerd door de Engelse admiraal Sir Francis Beaufort. 0 = windstil - 12 = orkaan

beachvolleybal
Syn.: strandvolleybal Def.: vorm van volleybal die wordt gespeeld op het strand Toelichting: Een ploeg bestaat uit twee personen en is sinds 1996 is het een olympische sport.

besliselement
Def.: de representatie van een beslisboom in tabelvorm, waarbij uitgegaan wordt van een steeds verder gaande verfijning, naarmate je verder naar rechts in de beslistabel komt.Het streven naar een steeds verdere verfijning houdt in dat de eer

besliskolom
Def.: kolom in de beslistabel. Een kolom representeert een bepaalde waardereeks.

beslisrij
Def.: bij elke rij in de beslistabel (ongeacht de kolom) hoort een scenario.

beslissing ondersteunend systeem
Afk.: BOS Def.: schema of handleiding dat behulpzaam is bij het nemen van beslissingen, vaak geautomatiseerd.

besluit
Def.: onder besluit wordt verstaan: een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling.

Besluit aanwijzing gevaarlijke afvalstoffen
Afk.: BAGA Def.: besluit aanwijzingen gevaarlijke afvalstoffen Toelichting: Europese afvalstoffenlijst (Eural) vervangt Besluit aanwijzing gevaarlijke afvalstoffen (BAGA) op 1 januari 2002

Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer
Afk.: Barim Def.: BWBR0022762-Besluit van 19 oktober 2007, houdende algemene regels voor inrichtingen (Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer)

besluit hygiëne en veiligheid badinrichtingen en zwemgelegenheden
Afk.: WHVBZ Def.:

Besluit Kwaliteitseisen en Monitoring Water
Afk.: BKMW Def.:

Besluit Ontgrondingen in Rijkswateren
Afk.: BOR Def.: Toelichting: Wet van 27 oktober 1965, houdende regelen omtrent de ontgrondingen.

Besluit Risico Zware Ongevallen
Afk.: BRZO Def.: Toelichting: Het Brzo 1999 en het Rrzo 1999 stellen eisen aan de meest risicovolle bedrijven in Nederland ten aanzien van de preventie en de beheersing van de gevaren van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen betrokken zijn. Daarnaast wordt in het Brzo 1999 de wijze waarop de overheid daarop moet toezien geregeld. Provincies en gemeenten spelen hier als coördinerend bevoegd gezag Wet milieubeheer (bg Wm) een centrale rol.

besluit ruimtelijke ordening
Afk.: Bro Def.: BWBR0023798 Nederlandse regeling betreffende het besluit ruimtelijke ordening Toelichting: het besluit is een nadere uitwerking van de wet ruimtelijke ordening en bevat onder meer bepalingen over bestemmingsplannen, tegemoetkoming in schade, grondexploitatie.

besluitvorming
Def.: het komen tot een bepaald, gemotiveerd besluit

bessel ellipsoïde
Def.: ellipsoïde model zoals toegepast voor Nederland

best bestaande technieken
Afk.: BBT Def.: die (zuivering)technieken waarmee verontreiniging bij de huidige stand van de techniek maximaal kan worden beperkt en die tenminste één keer in de praktijk zijn toegepast

best uitvoerbare technieken
Afk.: BUT Def.: die (zuivering)technieken, die op grond van praktijkervaring en vanuit economisch oogpunt voor een normaal renderend bedrijf, redelijkerwijs kunnen worden geëist een zekere restverontreiniging wordt uit waterkwaliteitsoogpunt aanvaardbaar geacht

bestaand gebruik
Def.: een activiteit, die al dan niet jaarlijks vergunning behoeft. Toelichting: Hierbij moet worden gedacht aan maatregelen voor duurzaam behoud van de oppervlakte en-of kwaliteit van het leefgebied van een bepaalde soort plant of dier en-of van de ecologische randvoorwaarden voor een bepaald habitattype.

bestek
Def.: de uitkomst van de berekening van de geografische breedte en lengte waarop het schip zich bevindt.

bestek
Def.: een zo volledig mogelijk omschreven bouwplan Toelichting: technische beheersacties kunnen, indien het niet het bedienen van sluizen e.d., maar een infrastructurele ingreep betreft, worden uitbesteed in de vorm van een bestek

bestemming
Def.: bestemming van gronden zoals opgenomen in een bestemmingsplan. Onder grond valt ook (oppervlakte)- water.

bestemmingsplan
Def.: gemeentelijk plan voor de ruimtelijke ordening, waarin de bestemming, ofwel de toegestane wijze van gebruik (en inrichting), van land (en water) wettelijk bindend zijn of kunnen worden vastgelegd.

bestorting
Def.: op bodem en-of taluds aangebracht los materiaal (stortsteen, grind of betonpuin) ter voorkoming van erosie of het opdrijven van de eigenlijke verdediging

bestrijdingsmiddel
Syn.: pesticiden Def.: een chemisch middel gebruikt voor het controleren of uitroeien van ongedierte of onkruid, inclusief insecticiden, herbiciden, fungiciden en rodenticiden. Toelichting: Afhankelijk van het doel van deze middelen is het mogelijk een onderverdeling te maken in grondontsmetting- en desinfectiemiddelen en onkruid-, schimmel- en insectenbestrijdingsmiddelen. Pesticiden worden al eeuwen gebruikt. Ruim voor het begin van onze jaartelling pasten Chinezen zwavel toe bij de bestrijding van schimmels (ref 1). De grote groei in het gebruik van bestrijdingsmiddelen begon in de jaren dertig en veertig met de productie van synthetisch-organische bestrijdingsmiddelen als DDT, aldrin, quintozeen en pentachloorfenol. De wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden onder nummer BWBR0021670 beschrijft het verder gebruik en toelating op de nederlandse markt.

bestrijdingsteam
Def.: team dat de (rampen-incident)bestrijding uitvoert

besturingkanaal
Def.: onderdeel van de besturingsmodule dat b.v. een klep aanstuurt.

besturingsmodule
Def.: het systeem dat stuurberichten van Invoer en Verwerking ontvangt en omzet in signalen die bijvoorbeeld kleppen aanstuurt.

bestuurder
Def.: functionaris die sturing geeft aan het openbaar bestuur Toelichting: iemand die deel uitmaakt van een bestuur => moderateur, regent

bestuursverkiezing
Def.: het algemeen bestuur van een waterschap wordt eens in de vier jaar gekozen door de belastingbetalers (burgers en bedrijven).

betalingsvoorwaarden
Def.: voorwaarden geformuleerd in het contract waarbij de opdrachtgever de opdrachtnemer pas zal betalen voor zijn werkzaamheden. Toelichting: Deze moeten tijdens de aanbesteding van het contract worden opgesteld of volgen uit van toepassing verklaarde voorwaarden.

beteugeling
Def.: dichting van geulen en kreken bij bedijkingen.

beting
Def.: zware verticale balk, die aan de onderkant op de kiel of de voorsteven rust en boven op het voorschip door het dek heen steekt Toelichting: Dient voor het beleggen van een ankertros of sleeplijn.

beton
Def.: bouwmateriaal, bestaande uit een zeer hard mengsel van kalk of cement met zand, grind of steenstukken en water

beton (profielverdediging)
Def.: een object dat als vlak wordt weergegeven dat specifiek de waterkering verdedigt in de vorm van een betonlaag. Toelichting: Voorbeeld van gebruik: betonplaat

betonblok
Def.: blokvormig toplaagelement van beton.

betonning
Def.: een systeem van boeien en bakens, waarmee in open zee of in een vaarwater ondiepten of de aanwezigheid van gevaarlijke objecten worden aangegeven.

betonpuin
Def.: massa vergruizeld beton (restproduct) dat wordt gebruikt als granulair materiaal.

betonzuil
Def.: zuilvormig toplaagelement van beton.

betrekkingslijn
Def.: grafische voorstelling, die aangeeft welke peilen aan de verschillende peilschalen bij (quasi-)stationaire afvoertoestand met elkaar overeenkomen.

betrekkingslijn
Def.: de grafische voorstelling aangevende welke waterstanden bij verschillende meetstations langs een waterloop bij stationaire afvoertoestand met elkaar overeenkomen.

betrouwbaar
Def.: deugdelijk

betrouwbaar
Def.: geloofwaardig

betrouwbaarheid
Syn.: Indicatie idealisatie ; indicatie kwaliteit meetresultaat Def.: beschrijving van de betrouwbaarheid van het rekenmodel of van de schematisatie, dan wel van de waarde van een bepaald kenmerk.

betrouwbaarheid
Def.: de gevoeligheid van een meetontwerp voor modelfouten Toelichting: gevoeligheid - controleerbaarheid

betrouwbaarheid
Def.: het vermogen een functie te vervullen in een bepaalde omgeving gedurende een van tevoren bepaalde periode, belastingswisselingen of gebeurtenissen

betrouwbaarheid analyse
Def.: onderzoek waarbij de betrouwbaarheid en de onderlinge afhankelijkheid van de geoptimaliseerde parameters in een gekalibreerd model gekwantificeerd worden.

betrouwbaarheidsinterval
Def.: het numerieke bereik waarbinnen een onbekende geschat wordt met een zekere betrouwbaarheid Toelichting: Dit gebied wordt begrensd door de kritieke waarden en is een functie van de onbetrouwbaarheidsdrempel alfa

betrouwbaarheidslimieten
Def.: de extremen van het betrouwbaarheidsinterval

betrouwbaarheidsniveau
Def.: het percentage zekerheid waarmee kan worden aangegeven dat een zekere bewering juist is of het percentage zekerheid dat een gegeven interval een onbekende insluit

beug
Syn.: hoekwant Def.: vistuig, bestaande uit een lijn van ruim 70 meter, waaraan op bepaalde afstanden sneuen zijn vastgemaakt, voorzien van vishaken. Toelichting: De volgende kunnen onderscheiden worden: - nauwe beug: beug waarbij de sneuen 1,60 m uit elkaar staan (voor de schelvisvangst) ; - volledige beug: beug die 200 á 250 beuglijnen van 7 m lang telt (15 á 19 km lang) ; - wijde beug: beug waarbij de sneuen 3.2 m uit elkaar staan (voor de kabeljauwvangst)

beun
Syn.: bun Def.: een ruim van een schip dat bestaat uit een aparte bak (los van de huid van het schip), voor het vervoer van losgestorte materialen

beurtschip
Def.: binnenvaartschip dat wordt ingezet bij de beurtvaart.

beurtvaart
Def.: geregelde dienst van binnenvaartschepen tussen bepaalde plaatsen.

bevaarbaarheidklasse
Def.: klassenindeling welke de bevaarbaarheid aangeeft van een vaarweg Toelichting: De toegepaste klassenindeling komt, voor wat betreft de klasse 0 t-m VII, overeen met die welke sinds 1992 door de Conferentie van Europese Ministers van Verkeer (CEMT) wordt gevolgd en welke is gebaseerd op de afmetingen van standaardschepen en duwstellen. Terwille van enkele landen, waaronder Nederland, bleek het nodig hieraan een klasse 0 (vaarwegen kleiner dan die van klasse I) toe te voegen. De klasse VII is mede in de tabel opgenomen - duwvaart met negen bakken komt echter in Nederland thans niet voor.

bevaarbare breedte
Def.: aanwijzing voor de onder normale omstandigheden beschikbare vaarbreedte, vastgesteld met de voor die vaarweg geëigende meetmethode: betonning, geulen of gegarandeerde bevaarbare breedte.

bevloeiing
Def.: irrigatiemethode waarbij het water over het grondoppervlak naar het gewas stroomt.

bevoegd gezag
Def.: de instantie die officieel het gezag heeft Toelichting: al naar gelang de van toepassing zijnde wettelijke bepaling de burgemeester, de voorzitter van de regionale brandweer, de Commissaris der Koningin, de Minister van Binnenlandse Zaken

bevoegd gezag
Def.: overheidsorgaan dat bevoegd is tot het geven van een beschikking of het nemen van een ander besluit in relatie tot een wet Toelichting: Bijvoorbeeld de overheidsinstantie die bevoegd is het m.e.r.-plichtige besluit te nemen (bij dijkversterking de provincie)

bevoegd gezag
Def.: tot verlening van een watervergunning bevoegd bestuursorgaan

bevoegde autoriteit
Def.: een of meer autoriteiten, aangewezen overeenkomstig artikel 3, lid 2 of lid 3 (Europese Kaderrichtlijn Water) -

bevolking
Def.: zij die hun woonplaats hebben in het gebied (GBA ingeschrevenen en illegalen) Toelichting: de plaatselijke bevolking is aan het evacueren

bevolkingsdichtheid
Def.: aantal inwoners per oppervlakte-eenheid [gewoonlijk per km²]

bevoorradingsschip
Syn.: tender Def.: bevoorraadt onder andere boor- en productieplatforms en oorlogsschepen met materieel en proviand.

bevrachting
Def.: de overeenkomst waarbij de ene partij (de vervrachter) zich in ruil voor een bepaalde prijs jegens de andere partij (de bevrachter) verplicht een aangewezen schip geheel of gedeeltelijk beschikbaar te stellen voor het vervoeren van goederen en-of personen.