Kopie van `islamitischebegrippen.nl`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


islamitischebegrippen.nl
Categorie: Religie en filosofie > Islam
Datum & Land: 15/02/2007, NL
Woorden: 82


Aboe Bakr
Abdallah Aboe Bakr (ca. 572 - 634) was een vriend en trouw bondgenoot van Profeet Mohammed. Hij was een welgesteld handelaar en één van de eersten die zich tot de islam bekeerde. Na de emigratie naar Medina - Mohammeds eerste vrouw Chadiedja was een jaar tevoren overleden - bood Aboe Bakr Mohammed zijn dochter aan als vrouw.
Na Mohammeds dood in 632 werd Aboe Bakr vrijwel unaniem, maar in haast, gekozen tot eerste kalief van de moslimgemeenschap. Mohammeds neef en schoonzoon Ali was hierbij niet aanwezig, want hij was bij de dode. Aanhangers van Ali waren het niet met de aanwijzing van Aboe Bakr tot kalief eens. Deze onvrede groeide onder de opvolgers van Aboe Bakr en leidde na de dood van Ali tot de eerste afscheiding in de islam, namelijk van de partij van Ali (sji`at `Ali) of het Sjiisme. Het Soennisme bleef qua aantal volgelingen verreweg de grootste stroming.
Aboe Bakr overwon tijdens zijn korte maar krachtige leiderschap alle tegenstand van rebellerende bedoeïenenstammen in Arabië en voegde daarmee het hele Arabische schiereiland bij het kalifaat. Onder zijn leiding werden ook de eerste grote gebieden door de moslims veroverd: Syrië en Mesopotamië.
In 634, twee jaar na Mohammeds dood, gaf Aboe Bakr de opdracht alle koranverzen die door Mohammed geopenbaard waren te verzamelen. Veel volgelingen van Mohammed kenden grote delen van de koran uit hun hoofd en veel was ook op perkament, boomschors en kamelenbot opgeschreven, maar er bestond nog geen geschreven standaardversie.

Al Qaida
Al Qaida (القاعدة in het Arabisch (al-Qā‘idah), ook wel getranslitereerd als al-Qaeda, wat letterlijk de basis of het fundament betekent) is een islamistische paramilitaire beweging die door velen wordt beschouwd als een terroristische organisatie, vooral in Westerse landen. Over deze organisatie (of netwerk) is behalve de naam Al Qaida en enige leden nagenoeg niets bekend.

Alevieten
Alevieten (niet te verwarren met Alawieten in Syrie en Libanon) beschouwen zichzelf als een religieuze stroming binnen de islam. Soennieten beschouwen de Alevieten niet altijd behorend tot de gemeenschap van gelovigen. De meeste Alevieten wonen in Turkije.

Allah
Allah (Arabisch:الله, al-llāh, de god) is het Arabische woord voor God. In westerse talen zoals het Nederlands wordt de term gebruikt om specifiek de God van de islam aan te geven. In landen van het Midden-Oosten zoals Libanon en Egypte maar ook in andere landen waar veel moslims wonen zoals Indonesië wordt God echter ook door anderen, bijvoorbeeld christenen, Allah genoemd.
Een moslim zal vaak Allah laten volgen door ta`ala, wat de verhevene betekent, en hem doorgaans uitgebreider Allah soebhanoehoe wata`ala noemen, veelal afgekort tot: Allah (swt), wat iets betekent als: Allah, geprezen en verheven is hij .
De naam verschijnt voor het eerst in geschreven vorm in graffiti uit de zesde eeuw voor de jaartelling rond de stad Dedan (nu el Ula) in de Noord-Arabische woestijn, naast een godheid die Salm genoemd wordt. De opschriften gebruiken een alfabet dat afgeleid is van het Sinaïnitische (oer-)alfabet. Volgens Herodotus was er een godheid Orotalt en een godin Alilat. In de laatste naam is de vrouwelijke vorm van het woord Allah te herkennen, omdat -t een vrouwelijke uitgang is in Semitische talen.
Volgens de meeste moslims is Allah de persoonlijke naam van God. `el` of `il` is een gangbare uitdrukking in Semitische talen voor het Opperwezen oftewel `de God`. Het Hebreeuws gebruikt b.v. `elohiem` voor God. De afgeleide daarvan in het Arabisch `Allah` kan dan volgens vele linguïsten beter opgevat worden als de titel `God` dan een naam. Er werden ook vele `ilaha` (goden) vereerd in het Mekka van voor Mohammeds optreden.

An-Nur an-Na im moskee
De An-Nur an-Na`im moskee is een moskee in de stad Phnom-Penh in Cambodja. De moskee werd gebouwd in 1901. Later heeft de Rode Khmer de moskee totaal vernietigd. De moskee is nu met bakstenen herbouwd en ligt ongeveer 1 kilometer ten noorden van de Nur ul-Ihsaan moskee.

Ayatollah
Ayatollah (Arabisch: íÉ Çááå; Perzisch: یÊ?Çááå) is een hoge titel die gegeven wordt aan sjiitische geestelijken. Het woord betekent `teken van God` en zij die de titel dragen zijn kenners van de islam. Daaronder vallen ook rechtspraak, ethiek, filosofie. Meestal geven ze les aan religieuze scholen. Enkele ayatollahs dragen de titel Grootayatollah.
Bekende ayatollahs:
Ruhollah Khomeini, die de Iraanse revolutie leidde
Hoessein-Ali Montazeri, één van de grondleggers van de Iraanse revolutie
Ali Khamenei, de huidige geestelijk leider van Iran
Ali al-Sistani, de hoogste sjiitsche geestelijke in Irak
Mohammed Hussein Fadlallah, uit Libanon

Azan
De azan (Arabisch: أَذَان, ook weergegeven als azaan, adzan, athan of adhan) is de oproep tot het gebed door de muezzin. Vijf keer per dag worden moslims opgeroepen tot het gebed door middel van de azan.
In Nederland ligt het in het openbaar oproepen tot het gebed gevoelig. Enkele moskeeën maken van dit recht gebruik voor de oproep tot het vrijdaggebed. Gemeenten verbinden vaak voorwaarden aan de duur en de geluidssterkte, net als bij klokgelui.
Tijdens de azan richt de muezzin zich naar Mekka en heft de handen tot oorhoogte. De tekst (van de Soenni-azan) is als volgt:...

Besnijdenis
Een besnijdenis is een lichamelijke ingreep, die per sekse verschilt.

Burka
De boerka is een kledingstuk dat met name door (streng) islamitische vrouwen gedragen wordt. De boerka bedekt het gehele lichaam.
De boerka is de Afghaanse variant van de chador. Bij de boerka zijn de ogen echter niet zichtbaar, in tegenstelling tot de chador. De vrouw kijkt door een soort gaas, waardoor zij zelf wel kan kijken, maar niet bekeken kan worden.
Onder het bewind van de Taliban was het dragen van een boerka voor vrouwen in Afghanistan verplicht.
Enkele islamitische studentes in Nederland wilden ook een boerka dragen naar school, maar dit werd door de schoolleiding verboden, omdat zo communicatie niet goed mogelijk zou zijn.

Chador
De chador (in het Perzisch: ?ÇÏÑ Châdor) is een Perzisch gewaad dat het hele lichaam behalve het gezicht bedekt. Het wordt met name gedragen door Islamitische vrouwen.
De chador maakt vrouwelijke vormen onzichtbaar.

Contact Groep Islam
De Contact Groep Islam (CGI) is een Nederlandse islamitische koepelorganisatie, die namens een aantal moslimgroeperingen contact onderhoudt met de overheid. Uit een door de overheid geïnitieerd representativiteitsonderzoek bleek dat de CGI in Nederland een achterban van circa 115.000 moslims vertegenwoordigt. In januari 2005 heeft minister Verdonk, minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie het CGI als gesprekspartner erkend.
Er bestond reeds een andere erkende islamitische koepelorganisatie, het Contactorgaan Moslims en Overheid (CMO). Het CGI is ontstaan nadat de Nederlandse Moslim Raad (NMR), uit het CMO was gestapt, omdat het CMO volgens de NMR bepaalde islamitische stromingen uitsluit. Zo had één lid van de CMO, de Surinaamse organisatie World Islamic Mission (WIM), laten weten dat wat haar betreft de ahmadiyya moslims niet welkom waren in het CMO.
De ahmadiyya werd in Pakistan gesticht door Mirza Ghoelam Ahmad (1835-1908) als een hervormingsbeweging. Over het algemeen wordt Ahmad door de ahmadiyya als een profeet beschouwd, terwijl voor veel andere moslims Mohammed absoluut de laatste profeet is geweest.
De NMR wil met de nieuwe Contact Groep Islam een koepel vormen voor moslimgroeperingen als de ahmadiyya-moslims, de alevieten en de sjiieten.

Dag des oordeels
In de Bijbel is op verschillende plaatsen, zowel in het Oude als in het Nieuwe Testament, sprake van een eindtijd, waarin levenden en doden geoordeeld zullen worden. In de christelijke eschatologie neemt de dag des oordeels een belangrijke plaats in, getuige het aantal vermeldingen in de Bijbel, zoals hieronder genoemd. De dag des oordeels vindt volgens openbaring plaats na het duizendjarige rijk. Dan zullen alle doden van de mensheid herrijzen en samen met de dan levenden het loon voor hun levenswandel ontvangen. De zondaars zullen verwijderd worden uit Gods aangezicht en verbannen worden naar de `buitenste duisternis` waar het `geween en knarsen der tanden` is. De gelovigen en gerechtvaardigden zullen voor eeuwig in Gods aangezicht mogen wandelen op een hernieuwde hemel en aarde.
Ook in de Koran is sprake van een eindtijd.

Dhimmi
Met het woord dhimmi (Arabisch Ðãøí ), worden inwoners van een islamitisch land aangeduid die geen moslim zijn. Zij hebben een bijzondere status. Aanvankelijk verstond men onder dhimmi`s de zogeheten `Mensen van het Boek` (joden en christenen) maar later werden ook andere niet-moslims ertoe gerekend, zoals Zoroastristen, Mandeanen en zelfs hindoes.
In ruil voor een speciale belasting (de jizyah) verleent het islamitisch gezag deze groepen bescherming en is de uitoefening van hun religie onder voorwaarden gegarandeerd. Dhimmi`s hebben echter beperkte burgerrrechten. Zo kunnen zij doorgaans niet tegen moslims getuigen of in het leger dienen. Dhimmi`s zijn vrijgesteld van zakat. Gedurende sommige perioden van het islamitisch kalifaat moesten dhimmi`s zich door hun kleding van moslims onderscheiden en woonden zij in aparte wijken. Beperkingen in de vrije godsdienstuitoefening kunnen erin bestaan dat niet geëvangeliseerd mag worden, dat religieuze bijeenkomsten in beslotenheid plaatsvinden, dat religieuze symbolen niet op voor moslims zichtbare wijze worden gebruikt en dat geen nieuwe kerken, kloosters en synagogen worden gebouwd en bestaande gebouwen niet mogen worden hersteld bij ernstige schade. Meestal wordt niet aangedrongen op bekering tot de islam.
Toen de troepen van Mohammed in 628 bij de oase van Khaybar een joodse stam overwonnen, sloot Mohammed met hen een verdrag dat bekend staat als de `dhimma`. Dit stond de joden toe hun land te behouden en te gebruiken in ruil voor de helft van de opbrengst.

Druzen
De Druzen (Arabisch: darazi درزي, mv. droez دروز; Hebreeuws: דרוזי - droezi, mv. דרוזים - droeziem) zijn een kleine religieuze gemeenschap, met leden in Syrië, Libanon, Israël en Jordanië. Zij gebruiken de Arabische taal en volgen een sociaal patroon dat sterk lijkt op dat van de Arabieren in de regio, maar beschouwen zich vaak niet als Arabieren. Libanese Druzen zeggen dat ze Arabieren zijn, terwijl veel Israëlische Druzen zeggen dat niet te zijn. Sommigen zijn van mening dat zij een sekte van het sjiisme vormen, anderen zijn van mening dat zij geen moslim zijn. Vandaag de dag leven er ongeveer 600.000 Druzen in het Midden-Oosten.

Feminisme
Het feminisme is een maatschappelijke en politieke stroming die de emancipatie van vrouwen nastreeft.
Ook binnen de Arabische-islamitische wereld ontstonden in de loop vande twintigste eeuw feministische bewegingen, veelal binnen het kader van de islam. Dit wordt wel moslimfeminisme genoemd (in tegenstelling tot seculier feminisme), hoewel veel van de actoren zelf bezwaar tegen deze term hebben. Schrijfsters als de Marokkaanse Fatima Mernissi en de Egyptische arts Nawal El Saadawi verzetten zich in hun werk tegen de `onderdrukking van de Arabische vrouw`. In sommige moslimlanden worden als concessie enkele oude wetten en tradities voorzichtig losgelaten. In Marokko bijvoorbeeld werd eind 2003 een wet aangenomen die vrouwen meer rechten geeft bij echtscheiding en erfeniskwesties.

Gabriel
De naam Gabriël komt tweemaal voor in het boek Daniël (onderdeel van de Tenach) en ook tweemaal in het Evangelie naar Lucas (onderdeel van het Nieuwe Testament). In het laatste geval wordt deze verschijning een `engel` genoemd, in het eerste geval een `man`, die optreedt in een visioen van Daniël.
Gabriël wordt een aartsengel genoemd. De naam betekent `man van God`.
Volgens de Bijbel kondigde Gabriël de geboorten van Johannes de Doper en Jezus aan.
Volgens de Islam openbaarde God (Arabisch: Allah) via de engel Gabriël (Arabisch Djibriel) aan Mohammed het geloof en de Koran.

Geschiedenis van de islam
De islam is de op een na grootste wereldgodsdienst met ruim 1 miljard aanhangers. De islam is ontstaan in de 7e eeuw in Arabië, vanwaar het zich over de wereld verspreidde.

Hadith
De ahadith, meervoud van hadith (`dat wat verteld wordt`) zijn de islamitische overleveringen over het doen en laten en de uitspraken van de profeet Mohammed. Via deze overleveringen kent men de soenna, de manier van de profeet. Voor de overgrote meerderheid van de moslims vormen de ahadith een aanvulling op de koran, maar er zijn er ook die de ahadith als onbetrouwbaar verwerpen.
De ahadith zijn opgenomen in talloze verzamelingen, waarvan er in de soennitische islam zes als betrouwbaar worden aangemerkt. Deze zijn rond 800-850 opgetekend. De auteurs zijn: Al-Boechârie, Muslim, Abôe Dâwoed, Tirmidzi, An-Nas`ie en Ibn Mâdja. Toch bestonden er al voor die tijd ahadithverzamelingen, al waren deze minder systematisch van opzet en voldeden ze niet aan de strenge selectiecriteria die vooral Al-Boechârie en Muslim formuleerden. In de loop der tijd waren er namelijk veel verhalen over Mohammed verzonnen, omdat het een verhaal kracht kon bijzetten als men beweerde dat Mohammed het ook had gezegd. De 6 onderzoekers hebben nauwkeurig het kaf van het koren onderscheiden.
De meest bekendste hadithverzamelingen zijn de ahadith van Al-Boechârie en Muslim. Als een hadith in die van Al-Boechârie evenals in die van Muslim voorkomt, gaan moslims ervan uit dat het een authentiek verhaal betreft. Beiden legden namelijk zeer kritische maatstaven aan voor het optekenen van een hadith. Er waren circa 600.000 overleveringen over Mohammed in omloop, maar Al-Boechârie nam er slechts 7.

Hadj (bedevaart naar Mekka)
De hadj (Arabisch: ÇáÍÌø) is de bedevaart naar Mekka, een van de vijf zuilen van de islam. De hadj is verplicht voor alle gezonde, volwassen moslims die over voldoende geld beschikken. Voor mensen die om gezondheidsredenen niet kunnen gaan, of niet genoeg geld hebben, is het dus geen verplichting. Wel kan iemand die zelf de hadj al verricht heeft in naam van iemand gaan die daartoe niet in staat is, ook namens een overledene.

Halal
Halal (Arabisch: ÍóáÇóáú, rein, toegestaan) is een islamitische term waarmee wordt aangegeven wat voor moslims toegestaan is. Het tegenovergestelde is haram (ÍóÑóÇãú, onrein, verboden). Het gaat hierbij zowel om handelingen als producten.
Onder meer voor voedsel gelden speciale richtlijnen waar een moslim zich aan dient te houden. Deze regels zijn afgeleid uit de koran, soenna en hadith.

Hamas
Hamas (ÍãÇÓ) is een religieus-nationalistische beweging van Palestijnen, die als doel heeft een islamitische staat te vestigen in heel `het historische Palestina`. Hamas ontplooit zowel politieke als maatschappelijke taken, maar is vooral bekend vanwege haar militaire en terroristische aanslagen tegen Israël en Israëlische burgers. Ze wordt door de Europese Unie, de Verenigde Staten en Israël beschouwd als een terroristische organisatie. En weigert Israël te erkennen.
Hamas streeft naar vernietiging van de staat Israël om in hetzelfde gebied een Palestijnse staat te vestigen, gebaseerd op een islamitische wetgeving (sharia). `Hamas` is het Arabische acroniem voor Islamitische Verzetsbeweging.
Hamas is opgericht in 1987. Oprichter en leider van Hamas was sjeik Ahmad Yassin, die op 22 maart 2004 door een Israëlische raketaanval is geliquideerd.
Hamas heeft meegedaan aan de gemeenteraadsverkiezingen in het najaar van 2004-begin 2005. Recentelijk heeft Hamas deelgenomen aan de Palestijnse parlementsverkiezingen van 25 januari 2006. Daarbij behaalde Hamas een absolute meerderheid van 76 zetels van de 132 in het Palestijns parlement. De Europese Unie overweegt geen samenwerking met de Hamas meer, tenzij de Hamas terreuraanslagen afzweert.

Hazrat Inayat Khan
Hazrat Inayat Khan (5 juli 1882 in Baroda, nu Varodada - 5 februari 1927 in New Delhi) is de oprichter van het Universele soefisme. Hij groeide op in de Moghul-cultuur met haar gecombineerde hindoe- en moslimkarakter en werd sterk beïnvloed door zijn grootvader Maula Bakhsh (1833-1876), die als moslim was opgevoed. Hij kwam naar het westen als een vertegenwoordiger van diverse muzikale tradities van zijn geboorteland India. Als soefi-leraar was zijn boodschap er een van liefde, harmonie en schoonheid, ontwikkeld uit verschillende leerregels van het soefisme, en een innovatieve benadering van het harmoniseren van westerse en oosterse geestelijke tradities. Zijn eerste levensjaren wijdde hij aan het onder de knie krijgen van de fijnere details van de klassieke Indiase muziek, waarmee hij de titel van Tansen won van de Nizam van Haiderabad, een heerser en beschermheer van de muziekkunst. Hij ontving in zijn huis filosofen, dichters en musici.
Hij bezocht een Maharathi hindoeschool. Mystieke en muzikale aanleg, trok zich vaak terug, zocht de stilte op. Zijn muziek tilde hem en zijn toehoorders op boven aardse sferen, en bracht hen in een vorm van extase. Een ziener zei: `Jij gaat naar het Westen...`
Ter tegemoetkoming aan zijn zoektocht naar een spiritueel leider, onderging Inayat Khan zijn Soefi-initiatie van Sjeik Al-Masjeich Moehammad Aboe Hasjim Madani. Hoewel hij de initiator van de vier voornaamste Soefi-takken in India was, was Madani`s voornamelijk verbonden met de Chrisjti-orde.

Hezbollah
Hezbollah (Arabisch: ‮ÍÒÈ Çááå‬ - Partij van Allah) is een politieke partij in het Libanese parlement en een militante beweging van sjiitische moslims met antiwesterse sentimenten.
De beweging had oorspronkelijk drie doelstellingen: de islamitische staat vestigen in Libanon, het zuiden van Libanon bevrijden van de Israelische bezetting en Jeruzalem bevrijden van de `Israëlische bezetting`. Inmiddels heeft men de eerste doelstelling laten varen. Hezbollah staat op de VS-lijst van terreurbewegingen en ook de VN waarschuwt tegen terreur van de organisatie. Volgens het Amerikaanse ministerie van buitenlandse zaken heeft de beweging al meer dan 300 Amerikaanse staatsburgers gedood, met name tijdens de Libanese Burgeroorlog.
Hezbollah is de grootste Libanese moslimbeweging en vervult ook veel publieke en civiele taken in de Libanese maatschappij, met name voor geloofsgenoten. De beweging voert bijvoorbeeld het bewind over banken, scholen en ziekenhuizen. Daarnaast beheert het een eigen televisie-station, Al Manar, dat onder andere in Europa en Amerika verboden is, omdat het zou aanzetten tot haat.
De beweging is opgericht in 1982 ten tijde van de Libanese Burgeroorlog. Ook Israël mengde zich destijds in dat conflict en de oprichting van Hezbollah wordt gezien als een reactie hierop. De Sjiitische beweging heeft nauwe banden met het eveneens sjiitische Iran. Ook Syrië beschouwt de Hezbollah als een bondgenoot, maar ook als een concurrent in de strijd om de macht in Libanon.

Hidjra
De Hidjra (åöÌúÑóÉ) is de migratie van Mohammed en zijn volgelingen van Mekka naar Medina in 622.
Mohammeds openbaringen vonden in Mekka niet veel waardering. Zijn stam, de Qoeraish, die de Ka`aba beheerde, een bedevaartsplaats voor de diverse Arabische polytheïsten, was bang die positie, die voor hen een belangrijke bron van inkomsten betekende, te moeten opgeven, en kon de nieuwe religie ook om andere redenen niet waarderen.
Op 26 Safar AH 1 (9 september 622) vertrok Mohammed uit Mekka, en op 22 Rabi`I (1 oktober) vestigde hij zich met zijn volgelingen in Yathrib, een stad 320 km noordelijker. Yathrib werd korte tijd later omgedoopt tot Madinat un-Nabi (de stad van de profeet), waarvan de Nederlandse naam Medina is afgeleid.
Het jaar waarin de hidjra plaatsvond werd in 638 AD (17 AH) door kalief Omar ibn al-Chattab uitgeroepen tot het eerste jaar van de islamitische jaartelling. De hidjra wordt meestal herdacht op 8 Rabi` I, de dag dat Mohammed aankwam in Quba`, een plaats nabij Medina (20 september 622 AD).

Hoessein
Hoessein (soms ook gespeld als Hussein) is de naam van:
Saddam Hoessein (*1937), Iraaks president van 1979 tot 2003.
Koesai Hoessein, zoon van Saddam Hoessein.
Oedai Saddam Hoessein (1964-2003), zoon van Saddam Hoessein.
Hoessein ibn Ali, Sjarif van de Hedjaz en Emir van Mekka
Koning Hoessein (1935-1999) van Jordanië.
Prins Hoessein, kroonprins van Jordanië
Imam Hoessein, de derde Imam van de sjiieten

Hoofddoek
Een hoofddoek is een doek die, als kledingstuk, door vrouwen om het hoofd gedragen wordt. Met name moslima`s dragen in het openbaar hoofddoeken (hijab of hidjaab). De hoofddoek was tot in de jaren 70 ook in Nederland en België een veel voorkomend - zij het niet religieus getint - kledingstuk bij autochtone vrouwen en was een normaal onderdeel van het straatbeeld.
De hoofddoek kan op verschillende manieren gedragen worden. Sommige hoofddoeken bedekken alleen de haren, andere hoofddoeken omsluiten het gezicht of laten alleen de ogen vrij. Verschillende types door moslima`s gedragen hoofddoek zijn de burka, de chador en de nikaab.

Jahiliyya
Jahiliyyah is een islamitisch concept dat refereert aan de conditie van de pre-islamitische Arabische samenleving. Het wordt van oorsprong omschreven als `periode of toestand van onwetendheid` in de betekenis van `de periode voorafgaand aan de islam`.

Jeruzalem
Jeruzalem (Hebreeuws: ירושלים Jeroesjalajim; Arabisch: القدس al-Qoeds), een stad met een gemengde Joodse en Arabische bevolking, is sinds 1949 de hoofdstad van Israël en wordt eveneens geclaimd door de Palestijnse Autoriteit als haar hoofdstad. De stad was de oude hoofdstad van de koninkrijken Israël, Judea en van het Latijnse Koninkrijk Jeruzalem. Het is een van de meest omstreden gebieden ter wereld. Als een duizenden jaren oude stad is het een bakermat van het jodendom en het christendom, en worden de stad of plaatsen erin door volgelingen van deze twee religies en door de islam als heilig beschouwd. Ondanks de aanslagen die er vrij geregeld plaatsvinden, trekt de uit natuursteen opgetrokken stad jaarlijks honderdduizenden pelgrims en andere toeristen. De stad telde eind december 2003 692.000 inwoners.
Israël verklaarde Jeruzalem tot hoofdstad in 1950; het is de locatie van het presidentsgebouw, het parlement, het oppergerechtshof en de meeste ministeries. De status als hoofdstad is niet internationaal erkend en de meeste ambassades zijn gevestigd in de Israëlische kuststreek. De Palestijnse Autoriteit beschouwt Jeruzalem als hoofdstad van een toekomstige Palestijnse staat en onderhoudt een betwist kantoor in het Orient House. De Verenigde Naties houden nog vast aan het `corpus separatum` uit het Verdelingsplan (zie Geschiedenis), en hebben e.e.a. in 1980 nog eens bevestigd (resoluties 476 en 478). De Oslo-overeenkomst tussen de PLO en Israël maakt onderscheid tussen de Westelijke Jordaanoever en Jeruzalem.

Jihad
Jihad (Arabisch: جهاد, djihād) is een begrip uit de islam. Het betekent zoveel als `inzet voor je geloof` en het houdt een taak in voor moslims om hun geloof te beschermen en te verdiepen. Het concept `jihad` vindt zijn oorsprong in de Koran. Er worden zowel in islamitische als niet-islamitische kringen verhitte discussies gevoerd over de precieze betekenis van het begrip.

Ka aba
De ka`aba (kaäba, ka`bah) is een gebouw van ca. 12 × 10 × 15 meter in de grote moskee in Mekka. Het is het centrale heiligdom van de islam, en staat wel bekend als Beit Allah (`Huis van Allah`). Als onderdeel van de hadj, de bedevaart naar Mekka, loopt men zeven keer rond de ka`aba. Ook legt de ka`aba de islamitische gebedsrichting vast - men bidt altijd in de richting van de ka`aba, dus in de richting van Mekka.

Kalief
Een kalief (Arabisch: ÎáíÝÉ chalifa = opvolger) staat aan het hoofd van een kalifaat en in het bijzonder van het Islamitische Rijk. De kalief wordt beschouwd als de opvolger van de profeet Mohammed.
De twee hoofdstromingen binnen de islam, het soennisme en het sjiisme verschillen van mening wie de eerste kalief was. Volgens de soennieten was Aboe Bakr de eerste kalief. De sjiieten betwistten dit omdat zij van mening waren dat de titel van kalief alleen geërfd kan worden en zien Mohammeds neef Ali als eerste kalief, terwijl de soennieten Ali beschouwen als de vierde kalief.
De kalief was weliswaar leider van de gelovigen, maar liet de interpretatie van de Koran en de Hadieth over aan de oelema of schriftgeleerden. De belangrijkste taak van de kalief was om het rijk te besturen en het geloof te vertegenwoordigen en te beschermen.
`Kalief` is ook een begrip uit de koran dat ongeveer gelijk is aan het christelijke begrip `rentmeesterschap`. Het betekent verzorger en onderhouder van de aarde. Volgens de koran werd Adam door God op aarde als kalief aangesteld.

Kalifaat
Een kalief (Arabisch: ÎáíÝÉ chalifa = opvolger) staat aan het hoofd van een kalifaat en in het bijzonder van het Islamitische Rijk. De kalief wordt beschouwd als de opvolger van de profeet Mohammed.
De twee hoofdstromingen binnen de islam, het soennisme en het sjiisme verschillen van mening wie de eerste kalief was. Volgens de soennieten was Aboe Bakr de eerste kalief. De sjiieten betwistten dit omdat zij van mening waren dat de titel van kalief alleen geërfd kan worden en zien Mohammeds neef Ali als eerste kalief, terwijl de soennieten Ali beschouwen als de vierde kalief.
De kalief was weliswaar leider van de gelovigen, maar liet de interpretatie van de Koran en de Hadieth over aan de oelema of schriftgeleerden. De belangrijkste taak van de kalief was om het rijk te besturen en het geloof te vertegenwoordigen en te beschermen.
`Kalief` is ook een begrip uit de koran dat ongeveer gelijk is aan het christelijke begrip `rentmeesterschap`. Het betekent verzorger en onderhouder van de aarde. Volgens de koran werd Adam door God op aarde als kalief aangesteld.

Kalifaat van de Fatimiden
Het Kalifaat van de Fatimiden (of ook wel het Kalifaat van de Isma`ilieten) was een in Noord-Afrika regerende dynastie van de 10e eeuw tot de 12e eeuw.
De Fatimiden behoorden tot de sjiitische stroming van het isma`ilisme. Zij erkenden niet de (soennitische) kalief in Bagdad en vormden zo een soort `tegen-kalifaat`. De Fatimiden claimden af te stammen van Fatima Zahra, dochter van de profeet Mohammed en vrouw van de vierde kalief, Ali. Hun tegenstanders noemden hen echter geringschattend de Ubaydiyyun, de afstammelingen van Ubaydullah al-Mahdi.
De eerste Fatimide, bovengenoemde Ubaydullah, trok van Syrië naar wat nu Tunesië is. Daar versloeg hij in 909 met steun van Berbers de Tunesische Aghlabiden-dynastie en de Algerijnse Rustamiden-dynastie. Ook dwong hij de Marokkaanse Idrisiden tot het betalen van tribuut. In 910 liet hij zich in de plaats al-Raqqada (huidige Tunesië) tot kalief uitroepen. In 917 werd Sicilië door de Fatimiden veroverd.
In 969 versloeg de Fatimidische generaal Jawhar de Ikhshididen en trok hij de Egyptische hoofdstad Fustat binnen. In plaats van Fustat werd een nieuwe hoofdstad gesticht, al-Qahira of Caïro. Spoedig breidde de dynastie haar invloed uit over Palestina en Syrië. In 1059 werd zelfs Bagdad tijdelijk bezet.
Met de Byzantijnen onderhielden de Fatimiden meestal vreedzame relaties; met de komst van de Seldjoeken, die de Fatimiden hun Aziatische gebieden ontnamen en ook Byzantium bedreigden, werden deze zelfs hartelijk.
Geteisterd door de kruisvaarders en vooral door interne moeilijkheden verzwakte de dynastie zienderogen; de laatste Fatimide werd door Saladin in de 12e eeuw afgezet.

Karbala
Karbala (Arabisch:ßÑÈáÇÁ; ook getranslitereerd als Kerbala of Kerbela) is een stad in Irak, ongeveer 100 km zuidwestelijk van Bagdad op 32.61°N, 44.08°O. In 2003 bedroeg de bevolking naar schatting 572.300 personen. Het is de hoofdstad van de provincie Al Karbala. Sjiitische moslims beschouwen het als een zeer heilige stad.

Koran
De koran of Heilige Qoer`ān (Arabisch: القرآن al-qoer`ān) is het heilige boek van de moslims. Volgens de islamitische traditie zijn de woorden in de Arabische taal `neergezonden` aan Mohammed, die de islam (her)introduceerde op bevel van God (Arabisch: Allah). Het Arabische woord قرآن (qoer`ān) betekent oplezing, voordracht. Koran wordt gebruikt voor de Nederlandse vertaling. Een vertaling wordt door veel moslims niet als authentiek gezien, omdat vertalen automatisch interpreteren betekent. Iedere vertaling is dus `slechts` een interpretatie. Vertalingen kunnen, door de rijkdom van de Arabische taal, op essentiële punten grote verschillen laten zien.

Mahdi
De mahdi of mehdi is een persoon van wie in sommige islamitische stromingen verwacht wordt dat hij volgens profetieën aan het einde van de tijden komt. De komst van de mahdi is het belangrijkste dat er op de dag des oordeels zal gebeuren (eschatologisch symbool)
Binnen sjiitische stromingen wordt hier een andere invulling aan gegeven dan binnen soennitische.
In de koran wordt de mehdi niet genoemd, evenmin in betrouwbare ahadith. De mehdi wordt wel vergeleken met de messias uit het jodendom en christendom. Er wordt gedacht aan Jezus, Mohammed of een nieuwe profeet die de ongelovigen zal vernietigen en een (islamitisch) vrederijk op aarde zal oprichten.

Matsayit Klang
De Matsayit Klang is Thailands tweede grootste moskee. De moskee staat in de stad Pattani en is gebouwd in het begin van de jaren `60 van de 20e eeuw. Het is gebouwd in traditionele stijl en heeft een lichtgroene kleur.

Matsayit Kru Ze
De Matsayit Kru Ze is een moskee in de Thaise stad Pattani.
Het is de oudste moskee van de stad en hij bevindt zich op ongeveer zeven kilometer van het stadscentrum bij het plaatsje Baan Kru Ze. De moskee is gebouwd in 1578 door een Chinese immigrant genaamd Lim To Khieng die met een lokale vrouw getrouwd was en zich daarom tot de islam bekeerd had. De moskee is nooit voltooid (zie de legende onder) maar het uit bakstenen in Arabische stijl gebouwde bouwwerk is door de eeuwen heen blijven staan. De gelovigen komen wel bijeen op de omliggende grond.
Op 28 april 2004 wordt de moskee zwaar beschadigd nadat opstandelingen zich er verschanst hadden. Het Thaise leger gebruikte zware wapens bij de bestorming van de moskee. Hierbij vielen 32 doden.

Medina
Medina is een stad in het westen van Saoedi-Arabië, 320 kilometer ten noorden van Mekka. De profeet Mohammed is hier gestorven. In pre-islamitische tijden werd de stad Yathrib genoemd.
In 622 vertrok Mohammed uit Mekka (de hizjra, het begin van de Islamitische jaartelling) en vestigde hij zich met zijn volgelingen in Yathrib. Yathrib werd korte tijd later omgedoopt tot Madinat un-Nabi (de stad van de Profeet), waarvan de Nederlandse naam Medina is afgeleid.
`Medina` betekent ook stad in het Arabisch. Veel Arabische steden kennen vandaag de dag een oud stadsdeel, vaak omringd door muren, dat de `medina` genoemd wordt.
Het is de tweede heilige stad van de islam. De meest heilige stad is Mekka, waar de Ka`aba zich bevindt. Jeruzalem is de derde heilige stad van de islam, gevolgd door Damascus. In Medina bevindt zich de Moskee van de profeet, waar volgens de overlevering Mohammed begraven ligt.

Mekka
Mekka (ãßÉ of ãßÉ ÇáãßÑøãÉ Makka al-Mukarrama) (1.294.168 inwoners (2004)) is de hoofdstad van de provincie Mekka in Saoedi-Arabië in de historische regio Hidjaz. Het ligt 73 kilometer van Djedda, in de zanderige Abrahamvallei op 277 meter boven zeeniveau en 80km van de Rode Zee.
De stad is de heiligste stad binnen de islam en de hadj, de pelgrimage naar Mekka, is verplicht voor iedere moslim die het zich financieel en qua gezondheid kan veroorloven. Voor een moslim is de al-Masjid al-Haram, de moskee met de Ka`aba de heiligste plaats ter aarde. Zowel de stad als de moskee zijn streng verboden voor niet-moslims.

Mensen van het Boek
In de islam zijn de mensen van het Boek (ahl al Kitâb) mensen die volgens de koran de goddelijke teksten hebben ontvangen en deze toepassen. Een andere vertaling van dat begrip is `volgelingen van een eerdere openbaring`.

Minaret
De minaret is een typisch islamitisch architectonisch kenmerk, namelijk de toren van een moskee. Minaretten zijn meestal hoge elegante torens, soms vrijstaand van de moskee maar in ieder geval hoger dan de rest van het gebouw.
De minaret wordt voornamelijk gebruikt om op te roepen tot het gebed (deze oproep heet azan). Dat wordt door de muezzin gedaan. Hij roept vijf maal per dag op tot het gebed (al dan niet met behulp van luidsprekers).
Minaretten kennen een grote verscheidenheid in grootte, vorm, materiaal en detail. Toch kan men stellen dat de Turkse moskee-architectuur veelal ronde minaretten kent, de Marokkaanse veelal vierkante. De minaretten uit het oude Perzië, het huidige Iran, zijn vaak wat spitser van vorm. Naast bouwtradities zullen constructieve overwegingen zeker een rol hebben gespeeld.
Minaretten worden vaak bekroond door een versiersel in de vorm van één of meer bollen met daarboven een maansikkel. Op Marokkaanse minaretten staat deze maansikkel onder een hoek, op Turkse minaretten staat de maansikkel (`alem`) met de punten opwaarts gericht.
Er zijn aanwijzingen dat de minaret traditioneel een meer seculier onderdeel van de moskee vormde. Eén van de als oudst bekend staande minaretten (7e eeuw) is kegelvormig. Deze tapse vorm is echter sindsdien zelden toegepast.

Minbar
De minbar is een preekstoel in de moskee. Hier zit de imam op als hij zijn preek doet.

Mohammed
Mohammed (Arabisch:ãÍãÏ, Moehammad) wordt beschouwd als de grondlegger van de islam. Voor moslims is hij de laatste profeet. Mohammed werd in het Jaar van de Olifant, 570 of 571 in Mekka (in het huidige Saoedi-Arabië) geboren en stierf in 632 in Medina. Moslims zijn gewoon na het horen van de naam Mohammed sal-allaahoe aleihim wa salaam (`zegeningen en vrede met hem` of `vrede zij met hem`) uit te spreken, in geschreven tekst vaak afgekort als s(a)ws of (z)v(z)mh.

Monotheïsme
Het monotheïsme (van het Grieks monos: één en theos: god) is de religieuze leer of filosofie die gelooft in het bestaan van één God, in tegenstelling met het polytheïsme dat in het bestaan van vele goden gelooft. De eerste monotheïst was waarschijnlijk Akhenaten, een Egyptische farao uit de 18e dynastie. Hij schafte alle goden af behalve de zonnegod Aton, waarvan hij geloofde dat het zijn herrezen vader (Amenothep III was).
Het jodendom, het christendom en de islam worden wel aangeduid als `de drie monotheïstische religies`. Om deze drie apart aan te duiden worden ze ook wel `Abrahamitisch religies` genoemd. De god van het christendom wordt met de naam God aangeduid; die van het jodendom en de islam soms ook.

Moskee
Een moskee (Turks: cami (spreek uit dzjámi); Arabisch: مسجد, masdjid vaak ook gespeld als masjid) is een gebedshuis binnen de islam. Het huis van Mohammed in Medina wordt als eerste moskee beschouwd.
Omdat het gebed centraal staat, kunnen moskeeën sober van opzet zijn, maar vaak zijn het zeer indrukwekkende gebouwen met zeer uiteenlopende architecturen.
Bij de moskee staan een of meer lange, smalle torens: de minaretten. Vanaf een minaret roept de muezzin vijf keer per dag op tot het gebed: de salat of salah, en herhaalt hierbij de shahadah. Deze oproep wordt azan (ook wel adzan, athan) genoemd.
Men richt zich bij het bidden in de richting van Mekka. Een muur in de moskee staat loodrecht op deze gebedsrichting, die qibla genoemd wordt. De mihrab is een nis in deze muur die de qibla aangeeft. Aan de kant van de mihrab kan ook een minbar, een soort preekstoel, zijn. Vanaf de minbar wordt de vrijdagse preek (khotbah of khutbah) gehouden.
Op vrijdag is het voor mannelijke moslims verplicht om naar de moskee te gaan voor het gezamenlijke middaggebed.
Traditioneel hebben mannen en vrouwen gescheiden gebieden. Dit komt waarschijnlijk voort uit de gedachte dat deze maatregel zou helpen in het uitbannen van `onreine` gedachten, die de aandacht van het gebed kunnen afleiden. Ook de rituele reiniging voorafgaand aan het gebed vindt hierin zijn oorsprong. In de Koran wordt echter niet dwingend voorgeschreven dat vrouwen en mannen gescheiden moeten bidden.

Moslim
Een moslim (Arabisch: ãÓáã, moeslim) is letterlijk: iemand die zich overgeeft, waarbij gedoeld wordt op de overgave aan Allah. Moslim kan dus ook in een bredere context gebruikt worden. Meestal wordt met een moslim een aanhanger van de islam bedoeld, ook hier in dit artikel. Andere termen voor een moslim zijn islamiet of de verouderde benaming mohammedaan.
Moslims zelf gebruiken meestal het woord moslim, in tegenstelling tot de door hen fel afgewezen Europese aanduiding mohammedaan. Het synoniem muzelman komt van het Turkse musluman dat weer afgeleid is van het Perzische meervoud musliman. Moslims wijzen er vaak op dat de woorden islam en moslim verband houden met het Arabische woord voor vrede: salam. Ze zijn alledrie afkomstig van dezelfde drieletterige wortel S-L-M, die onder andere `zich overgeven, onderwerpen` betekent.

Moslimfeminisme
Een aparte tak van vernieuwing in het islamitisch denken is het moslimfeminisme. Vooral in het westerse feminisme bestaat de opvatting dat emancipatie van de vrouw slechts mogelijk is door religie aan de kant te schuiven. Voor veel moslimvrouwen is dit geen optie. Aan het eind van de negentiende eeuw ontstond er in Egypte een emancipatiebeweging die op basis van koranteksten over vrouwen gelijke rechten voor vrouwen claimde.

Muezzin
De muezzin (Arabisch: ãÄÐä, muadhdhin) is een moslim die traditioneel vanaf een minaret bij een moskee oproept tot het Islamitische gebed, de salat. In de praktijk komt de oproep van de muezzin vaak van luidsprekers uit de minaret. De oproep tot het gebed, de azan, vindt vijfmaal per dag plaats, en op vrijdag voor de vrijdagse gang naar de moskee.
De eerste muezzin was een vrijgekochte slaaf, Bilaal Ibn Rabaah`.

Nur ul-Ihsaan moskee
Nur ul-Ihsaan moskee is een moskee in de stad Phnom Penh in Cambodja. De moskee werd gebouwd in 1813 en ligt 7 kilometer ten noorden van het centrum van Phnom Penh aan de Nationale route nummer 5. Volgens de omwonenden werd de moskee door de Rode Khmer gebruikt als varkensstal. De moskee werd opnieuw ingewijd in 1979. De gelovigen die deze moskee bezoeken zijn voornamelijk van het Cham volk. Naast de moskee is er een madrasa (religieuze school).

Oemma
De oemma (Arabisch: ÇáÇãÉ ÇáÇÓáÇ Al-oemma al-islamiyya of kortweg: Al-oemma) is de wereldwijde islamitische gemeenschap. De gemeenschap heeft een lange geschiedenis van meer dan veertien eeuwen. Slechts in de eerste paar eeuwen van haar bestaan vormde het een politieke eenheid al vonden toen ook geregeld fitna`s of onderlinge oorlogen plaats.
Van de oemma wordt al gesproken in de koran en de profeet Mohammed was de eerste leider van de oemma. Mohammed beschouwde ook joden en christenen als deel uitmakend van de oemma, zoals vastgelegd in de Grondwet van Medina.
De oemma wordt gezien als een wereldwijde eenheid, waartoe die landen worden gerekend waar de islam de hoofdgodsdienst is, of algemener, die personen die moslim zijn.
Aan het hoofd van de oemma stond tot 1924 een kalief of opvolger. In dat jaar werd het kalifaat afgeschaft. Door sommige extremistische moslims wordt eenheid in de oemma gezien als een ideaal dat opnieuw gerealiseerd moet worden. Hun ideaal is de terugkeer van de kalief die zowel wereldlijke als religieuze macht heeft (volgens het principe van tawhid) en de bijbehorende herinvoering van de Sharia.

Oethman ibn Affan
Oethman ibn Affan (Arabisch: ÚËãÇä Èä ÚÝÇä) (574 – 656) was de derde kalief en wordt beschouwd als één van `Vier Rechtschapen Kaliefen`. Na de dood van Omar ibn al-Khattab regeerde hij over het Arabische Rijk van 644 tot 656.
Oethman werd geboren in de rijke clan van de Omajjaden van de Qoeraisj-stam in Mekka, een paar jaar na Mohammed. In tegenstelling tot het grootste deel van zijn bloedverwanten, bekeerde hij zich vroeg tot de islam, en was bekend door het gebruiken van zijn rijkdom voor liefdadigheid. Hij huwde twee dochters van Mohammed, die hem de bijnaam Dhoen Nurayn of `Bezitter van Twee Lichten` hebben gegeven. Tijdens het leven van Mohammed maakte hij ook deel uit van de eerste moslimemigratie naar de stad Axum in Ethiopië en de latere verhuizing van Mekka naar Medina.
Volgens de islamitische traditie was Oethman een van de tien mensen van wie werd getuigd dat zij voor het Paradijs bestemd waren.
Na zijn dood wordt Kalief Ali de vierde en laatste `rechtgeleide kalief`

Offerdier
Het Paaslam is een begrip uit zowel de joodse als de christelijke traditie. Het is de benaming voor het dier wat volgens de joodse wet geofferd werd bij de viering van Pesach. Voor de christenen heeft het een diepe, symbolische betekenis op historische gronden, wat wordt gevierd tijdens het Paasfeest.

Offerfeest
Het offerfeest (of `Id ul-Adha, Arabisch: عيد الأضحى, Indonesisch Idul Adha, Turks Kurban Bayramı) is het tweede `Id-feest in de islam. Het wordt gevierd ter nagedachtenis aan de profeet Abraham (Ibrahim), die volgens de islam bereid was zijn zoon Ismaïl (Ismaël) te offeren voor Allah. De Koran noemt echter geen naam bij de beschrijving van dit verhaal in Soera De in de Rangen Behorenden.
Op deze dag worden door moslims dieren die halal geslacht zijn geofferd. Het vlees wordt door hen gegeten en verdeeld onder armen , buren en familieleden. In plaats van een schaap kunnen meerdere mensen samen ook een koe of kameel offeren.
Het feest valt op de 10de dag van de Hadj-maand (Dhul-Hadj), na de pelgrimstocht naar Mekka in Saoedi-Arabië. Dit is 70 dagen na het einde van de ramadan. Terwijl Id ul-Fitr een feest van één dag is, wordt Id ul-Adha vier dagen gevierd. Op de eerste dag is er, net als met Id ul-Fitr, een extra gezamenlijk gebed, gevolgd door een preek. Iedereen wordt verwacht zich netjes en zo mogelijk in nieuwe kleren te kleden.
Het centrum van de wereldwijde viering van het offerfeest is het dorpje Mina, dichtbij Mekka. Dit is de plek waar de drie zuilen staan die de duivel (Iblis of Sjaitan) voorstellen en die worden gestenigd door moslims tijdens de hadj. Het dorp huisvest in deze tijd ook een groot aantal slachters die de halal-slachting van grote aantallen offerdieren voor de pelgrims verzorgen. De recente explosieve groei van pelgrims heeft geleid tot grote hoeveelheden dieren die geslacht worden, iets dat wel als verspilling wordt gezien.

Omajjaden
De Omajjaden (of Omayyaden, Oemayyaden, Umayyaden, enz.) waren een dynastie die de toenmalige islamitische wereld bestuurden, in de vorm van een Kalief (khalifa: opvolger, representant) van 661 tot 750. Nadat de Omajjaden in 750 verslagen waren, zette een gevluchte prins de dynastie in Spanje voort (750-1027).

Osama bin Laden
Sjeik Osama bin Muhammad bin Awad bin Laden (10 maart 1957), meer bekend als Osama bin Laden, is een telg van de omvangrijke miljonairs-familie Bin Laden. Zijn persoonlijk vermogen wordt geschat op 30 miljoen dollar.

Osman
Diverse heersers heetten Osman:
Osman I, stichter van het Ottomaanse Rijk
Osman II, sultan van het Ottomaanse Rijk van 1618 tot 1622
Osman III, sultan van het Ottomaanse Rijk van 1754 tot 1757

Palestina
Met de landsnaam Palestina (Arabisch: Falastina, فلسطين; Hebreeuws: Palestina [פלשתינה] of Erets Jisrael [ארץ־ישראל]) wordt de landstreek rond of tot de rivier de Jordaan bedoeld, in het westen begrensd door de Middellandse Zee.
De naam Palestina werd door de geschiedenis heen als volgt gebruikt:
De Oud-Grieken gebruikten oorspronkelijk de naam Palestina enkel om de kuststreek aan te duiden. De naam werd vermoedelijk afgeleid van Filistea, `land van de Filistijnen`. Later gebruikten de Grieken (en de Romeinen) de naam niet enkel voor de kuststreek, maar duidden ze er ook het `land van de joden` mee aan.
In 135 wilde de Romeinse Keizer Hadrianus elke verwijzing naar de joden verwijderen. De (herstichte) stad Jeruzalem werd Aelia Capitolina genoemd en de Romeinse (Byzantijnse) provincie `Syria-Palaestina`
In 1920 werd Palestina de naam voor het mandaatgebied dat de Britten toegewezen kregen door de Volkenbond. Oorspronkelijk bevatte het mandaatgebied Palestina eveneens een gebied ten oosten van de Jordaan maar in 1923 werd het mandaatgebied gesplitst en bedoelde men met het Brits mandaatgebied Palestina enkel het gebied tussen de Middellandse zee en de Jordaan.
In de actuele context wordt de naam `Palestina` gebruikt voor de onafhankelijke Palestijnse staat waarnaar de Palestijnse Autoriteit streeft. Zie hiervoor ook de Palestijnse Gebieden.

Perzen
De Perzen waren een Indo-Europees volk, oorspronkelijk een Iraanse groep, die ten noorden van de Perzische Golf woonden in het gebied Persis (de Iraanse provincie van het huidige Fars). Tegenwoordig noemt met over het algemeen alle Perzischsprekende volkeren van Iraanse oorsprong Perzen.
De Perzen vormen een etnische groep die hoofdzakelijk in Iran, in Afghanistan, Tadzjikistan en Oezbekistan woont. In Centraal-Azië worden zij Tadzjiken genoemd. Hun taal, Perzisch (lokale naam: Farsi), behoort toch de Indo-Iraanse taalfamilie. De groep stamt af van de Ariërs, een Indo-Europees volk dat rond 1000 voor Christus naar Iran en Centraal-Azië migreerde. Het eerste verslag van Perzen is een Assyrische inscriptie uit ongeveer 800 voor Christus. Hierin wordt het volk Parsu en wordt ook een andere Arische groep vermeldt, Madai (Meden).
De Perzen werden de heersers van een groot imperium onder de dynastie der Achaemeniden in de zesde eeuw v. Chr. In de loop van de eeuwen werd Perzië geregeerd door diverse dynastieën; waaronder etnische Perzen (Parthian (Ashkanian), Sassaniden), Grieken(Seleuciden) voor de komst van islam en later, (Buwayhiden, Samaniden en anderen), en andere groepen ethnishe Turken zoals Seljuk, Mongolen, Safaviden en anderen). na de komst van islam.
In de Perzische beschaving waren drie belangrijke godsdiensten: mithraïsme, zoroastrianisme en manichaeanisme. Elk van deze godsdiensten wijzen op het extreme dualisme van de Perzische cultuur.
Volgens het CIA World Factbook van 2004, bestaat 51% van de huidige bevolking van Iran uit etnische Perzen.

Profeet
Het Nederlandse woord profeet is afgeleid van het Griekse woord prophètès. In die taal betekent het zoiets als `openlijk spreken`, maar ook `voorspellen`. Het gaat dan om mannen en vrouwen (profeten en profetessen) die in spreken en handelen een boodschap verkondigen waarvan de inhoud niet afkomstig is van henzelf, maar van een god of godin die zichzelf aan hen openbaar maakt. Dat kan een boodschap over verleden en heden, maar ook een boodschap met voorspellend karakter voor de toekomst zijn. Het woord wordt in de Griekse oudheid overigens ook gebruikt voor dichters en priesters, waarvan men geloofde dat ook zij op enigerlei wijze kennis konden verkrijgen door middel van wat wij inspiratie zouden noemen.

Qibla
De qibla is de gebedsrichting binnen de islam voor de salat.
Aanvankelijk werd richting Jeruzalem gebeden, op grond van een latere openbaring, in Soera De Koe, werd de gebedsrichting Mekka. In een moskee is de mihrab een nis in een muur die die qibla aangeeft. Deze wand wordt zelf ook wel aangeduid als qibla.

Qoeraisj
De Qoeraisj (ook gespeld Quraish, Koeraisj etc., Arabisch: ÞÑíÔ) was een stam in Mekka waartoe ook de profeet Mohammed behoorde. Deze stond bekend als een eervolle stam. De stam had een verheven positie en een roemrijke oorsprong.
In de tijd van Mohammed waren de Qoeraisj de beheerders van de heilige plaats in Mekka, de Ka`aba. Zij onderhielden het heiligdom, wat toen vermoedelijk 360 heidense beelden bevatte. Hiervoor vroegen zij een bijdrage van de pelgrims, wat hen tot een rijke en belangrijke stam maakte. Het feit dat Mekka voor zijn economie vrijwel volledig afhankelijk was van de Ka`aba, maakte dat de Qoeraisj in de loop der tijd een almachtige positie verkregen, iets dat door de andere stammen niet gewaardeerd werd.
Ironisch genoeg was het de eigen stam van de Qoeraisj, die een groot deel van Mohammeds leven zijn belangrijkste tegenstander vormde.
Qoeraisj is tevens een soera in de koran en de bijnaam van Fihr, de zoon van Maalik of An-nadhr, de zoon van Kinaanah.

Ramadan
De ramadan (Arabisch: ramadhan, رمضان) is een speciale maand van de islamitische kalender, en wel de negende, waarop tussen dageraad, dus vóór zonsopgang, en zonsondergang gevast wordt.
De maand Ramadan duurt 29 of 30 dagen. Zowel het begin als eind van de Ramadan worden bepaald door de maanstand (nieuwe maan). Voor het bepalen van de lengte van de maand zijn twee methoden toegestaan, namelijk berekening en waarneming.
Bij waarneming wordt naar de maanstand gekeken met het blote oog. Indien door bijvoorbeeld slechte weersomstandigheden de maanstand niet vastgesteld kan worden met het blote oog, wordt er vanuit gegaan dat het nog geen nieuwe maan is en dat de maand dus nog niet begonnen of voorbij is.
Bij de berekeningsmethode wordt van te voren berekend wat de maanstand zal zijn.
Het is echter al eens voorgekomen dat beide methodes verschillende data opleveren, waardoor de ene groep gelovigen een dag eerder begint met vasten of een dag eerder suikerfeest viert dan de andere.
Doordat de islamitische kalender een maankalender is met jaren van (circa) 354 dagen, valt de ramadan niet steeds op dezelfde data van de Gregoriaanse kalender. In de lijst hieronder staat een aantal data aangegeven, waarop de ramadan begint.
Het vasten wordt Sawm (Saum) of Siyam genoemd. Dit houdt in dat moslims op deze tijden niet eten, drinken, roken en dat ze zich onthouden van geslachtsgemeenschap. Voor zieken, zwangere vrouwen, soldaten in oorlogstijd, jonge kinderen en alle anderen voor wie het vasten een bedreiging vormt voor de gezondheid of vertragend werkt op herstel van een ziekte, wordt een uitzondering gemaakt.

Religie
Onder religie (Religare, Latijn voor verbinden) wordt meestal één van de vele vormen van zingeving, of het zoeken naar betekenisvolle verbindingen, verstaan. In bredere zin duidt het woord `religie` op een meer algemene vorm van spiritualiteit, gevoelens, gedachten met betrekking tot de zin van het leven in relatie tot óf een macht of manifestaties van een macht óf een (bewust) niet nader gedefinieerd beginsel of essentie. In monotheïstische religies wordt het begrip godsdienst vaak ook gebruikt.

Rustamiden
De Rustamiden waren een vanuit Tahert in Algerije regerende dynastie die behoorde tot de ibaditische strekking van de kharidjieten.
`Abd al-Rahman stichtte de dynastie na eerdere mislukte pogingen om een kharidjitisch rijk te stichten vanuit Kairouan. Hij onderhield betrekkingen met kharidjieten in de Aures en Tripolitanië. De dynastie wist de sjiitische Idrisiden uit Marokko en de soennitische Aghlabiden uit Tunesië te weerstaan, maar werd uiteindelijk op bloedige wijze verslagen door de Fatimiden.
Ibaditische kharidjieten zijn heden ten dage nog toonaangevend in de oasesteden van de M`zab en op Djerba.

Salah
De Salat of Salah (Arabisch: الصّلاة , as-Salah) is het rituele gebed binnen de islam. Het is een van de vijf zuilen van de islam en dus verplicht (fard). Vanaf de minaret bij de moskee roept de muezzin op tot het gebed met de woorden: haja ilal-salah, wat Arabisch is voor kom tot het gebed. Hij spreekt bij deze oproep (azan) ook de shahadah uit.
Moslims zijn verplicht vijf keer per dag de salat te verrichten. Hiervoor zijn vaste tijdvakken vastgesteld, gebaseerd op de positie van de zon (zonsopgang, hoogste punt en dergelijke). Hierdoor kunnen de gebedstijden variëren. Door de verschillen van interpretatie zijn er verschillen tussen o.a. de tijden van de verschillende madhhabs. Zo wijkt de tijd van asr van de hanafieten af van de andere drie madhhabs; de hanafieten verrichten deze bij de dubbele lengte van de schaduw, terwijl de andere drie asr verrichten bij een enkele lengte, bijv. een stok van 1 meter met een schaduw van 1 meter in tegenstelling tot de hanafitische 2 meter.
De namen van de vijf dagelijkse gebeden (en tevens van de tijdsstippen) zijn:
Fajr (zonsopgang, in Indonesië ook subuh genaamd)
Dhuhr (middag, hoogste punt van de zon)
Asr (namiddag)
Maghrib (zonsondergang)
Isha`a (avond of nacht)
Het gebed kan alleen of in een groep gedaan worden. Als men in een groep de salat verricht, treed één persoon op als imam, dat wil zeggen `hij (of zij) die leidt, voorgaat`. De groep volgt dan de handelingen van de imam.

Salat (gebed)
De Salat of Salah (Arabisch: الصّلاة , as-Salah) is het rituele gebed binnen de islam. Het is een van de vijf zuilen van de islam en dus verplicht (fard). Vanaf de minaret bij de moskee roept de muezzin op tot het gebed met de woorden: haja ilal-salah, wat Arabisch is voor kom tot het gebed. Hij spreekt bij deze oproep (azan) ook de shahadah uit.
Moslims zijn verplicht vijf keer per dag de salat te verrichten. Hiervoor zijn vaste tijdvakken vastgesteld, gebaseerd op de positie van de zon (zonsopgang, hoogste punt en dergelijke). Hierdoor kunnen de gebedstijden variëren. Door de verschillen van interpretatie zijn er verschillen tussen o.a. de tijden van de verschillende madhhabs. Zo wijkt de tijd van asr van de hanafieten af van de andere drie madhhabs; de hanafieten verrichten deze bij de dubbele lengte van de schaduw, terwijl de andere drie asr verrichten bij een enkele lengte, bijv. een stok van 1 meter met een schaduw van 1 meter in tegenstelling tot de hanafitische 2 meter.
De namen van de vijf dagelijkse gebeden (en tevens van de tijdsstippen) zijn:
Fajr (zonsopgang, in Indonesië ook subuh genaamd)
Dhuhr (middag, hoogste punt van de zon)
Asr (namiddag)
Maghrib (zonsondergang)
Isha`a (avond of nacht)
Het gebed kan alleen of in een groep gedaan worden. Als men in een groep de salat verricht, treed één persoon op als imam, dat wil zeggen `hij (of zij) die leidt, voorgaat`. De groep volgt dan de handelingen van de imam.

Saum
De ramadan (Arabisch: ramadhan, رمضان) is een speciale maand van de islamitische kalender, en wel de negende, waarop tussen dageraad, dus vóór zonsopgang, en zonsondergang gevast wordt.
De maand Ramadan duurt 29 of 30 dagen. Zowel het begin als eind van de Ramadan worden bepaald door de maanstand (nieuwe maan). Voor het bepalen van de lengte van de maand zijn twee methoden toegestaan, namelijk berekening en waarneming.
Bij waarneming wordt naar de maanstand gekeken met het blote oog. Indien door bijvoorbeeld slechte weersomstandigheden de maanstand niet vastgesteld kan worden met het blote oog, wordt er vanuit gegaan dat het nog geen nieuwe maan is en dat de maand dus nog niet begonnen of voorbij is.
Bij de berekeningsmethode wordt van te voren berekend wat de maanstand zal zijn.
Het is echter al eens voorgekomen dat beide methodes verschillende data opleveren, waardoor de ene groep gelovigen een dag eerder begint met vasten of een dag eerder suikerfeest viert dan de andere.
Doordat de islamitische kalender een maankalender is met jaren van (circa) 354 dagen, valt de ramadan niet steeds op dezelfde data van de Gregoriaanse kalender. In de lijst hieronder staat een aantal data aangegeven, waarop de ramadan begint.
Het vasten wordt Sawm (Saum) of Siyam genoemd. Dit houdt in dat moslims op deze tijden niet eten, drinken, roken en dat ze zich onthouden van geslachtsgemeenschap. Voor zieken, zwangere vrouwen, soldaten in oorlogstijd, jonge kinderen en alle anderen voor wie het vasten een bedreiging vormt voor de gezondheid of vertragend werkt op herstel van een ziekte, wordt een uitzondering gemaakt.

Shahadah
De shahadah is de islamitische geloofsbelijdenis, een van de vijf zuilen van de islam.
De Arabische tekst is als volgt: اشهد ان لا اله الا الله, اشهد انّ محمّدا رسول الله

Siyam
De ramadan (Arabisch: ramadhan, رمضان) is een speciale maand van de islamitische kalender, en wel de negende, waarop tussen dageraad, dus vóór zonsopgang, en zonsondergang gevast wordt.
De maand Ramadan duurt 29 of 30 dagen. Zowel het begin als eind van de Ramadan worden bepaald door de maanstand (nieuwe maan). Voor het bepalen van de lengte van de maand zijn twee methoden toegestaan, namelijk berekening en waarneming.
Bij waarneming wordt naar de maanstand gekeken met het blote oog. Indien door bijvoorbeeld slechte weersomstandigheden de maanstand niet vastgesteld kan worden met het blote oog, wordt er vanuit gegaan dat het nog geen nieuwe maan is en dat de maand dus nog niet begonnen of voorbij is.
Bij de berekeningsmethode wordt van te voren berekend wat de maanstand zal zijn.
Het is echter al eens voorgekomen dat beide methodes verschillende data opleveren, waardoor de ene groep gelovigen een dag eerder begint met vasten of een dag eerder suikerfeest viert dan de andere.
Doordat de islamitische kalender een maankalender is met jaren van (circa) 354 dagen, valt de ramadan niet steeds op dezelfde data van de Gregoriaanse kalender. In de lijst hieronder staat een aantal data aangegeven, waarop de ramadan begint.
Het vasten wordt Sawm (Saum) of Siyam genoemd. Dit houdt in dat moslims op deze tijden niet eten, drinken, roken en dat ze zich onthouden van geslachtsgemeenschap. Voor zieken, zwangere vrouwen, soldaten in oorlogstijd, jonge kinderen en alle anderen voor wie het vasten een bedreiging vormt voor de gezondheid of vertragend werkt op herstel van een ziekte, wordt een uitzondering gemaakt.

Sjaria
Sharia (ook: shari`a(h), sjari`a(h) of sjaria(h), Arabisch: شريعة sjarī`a) is het Arabische woord voor de islamitische wet of de wet van Allah en betekent letterlijk `weg naar de bron`, ook: `gebaande weg`, `wet` en `rite`.
Het islamitische recht is in de eerste plaats een religieuze plichtenleer die het menselijk handelen in alle wereldse en religieuze zaken bepaalt, zowel in de relatie van mensen onderling als van mens tot God. Hoewel het eindoordeel over het menselijk handelen door de koran bij God gelegd wordt, omvat de sharia ook sancties om het juiste handelen af te dwingen. Ondanks diverse pogingen is de sharia nooit gecodificeerd, waardoor details steeds opnieuw - en soms met tegenstrijdige uitkomst - beredeneerd werden. In plaats van wetboeken geldt oudere jurisprudentie (فقه fiqh) als basis voor rechterlijke uitspraken.

Sjiisme
Het sjiisme (الشيعة) of Shiá`te Ali (شیعته علی) is qua aantal aanhangers de op één na grootste stroming binnen de islam. Het aantal aanhangers bedraagt ongeveer 10-15% van de moslims. Het soennisme is de grootste stroming binnen de Islam
Het sjiisme komt vooral voor in Iran en het zuiden van Irak, maar ook in Pakistan, India, Libanon, Azerbeidzjan en diverse Golfstaten.
Sjiieten zijn de volgelingen van de Profeet Mohammed en geloven dat zijn directe opvolger Ali ibn Aboe Talib ook wel Kalief Ali of Imam Ali genoemd is, de neef (zoon van zijn oom Aboe Talib) en tevens schoonzoon van Mohammed (hij was getrouwd met Mohammeds dochter Fatima) zijn rechtmatige opvolger als leider van de gelovigen is. Sjiieten baseren het volgen van Ali op de overleveringen (Hadiths) over de profeet Mohammed en zijn uitleg van bepaalde verzen van de Koran. De titel `Sjiiet` is kort voor `Shiá`te Ali` wat letterlijk `De volgers van Ali` (als Imam en directe Kalief na de Profeet) betekent. De andere partij volgde de kaliefen, waarvan de eerste Aboe Bakr was.
De sjiieten geloven in de koran als het woord van Allah en de sunnah als de overleveringen van de profeet Mohammed. Dit zijn de twee pilaren waarop de Sjiieten hun wetten en plichten baseren. De imams die hen opvolgen zijn de uitvoerders en uitleggers van deze twee pilaren.
Een belangrijk kenmerk van deze stroming is dus de plaats van de imam. Deze islamitische geestelijke is binnen het soennisme min of meer de voorganger van de vrijdagse gebedsdienst in de moskee, maar binnen het sjiisme is zijn rol en zijn geestelijke gezag veel groter.

Soefisme
Het soefisme (ook wel tasawwoef) is een mystieke traditie die zijn oorsprong heeft in de islam. Een aanhanger van het soefisme heet een soefi. De soefi`s vormen mystieke broederschappen of zusterschappen.
Soefi komt vermoedelijk van soef, wat wol betekent in het Arabisch. De eerste soefi`s droegen grove wollen kleding als blijk van hun soberheid en armoede. Als beschrijvende term verschilt het weinig van derwisj (`bedelaar`) en fakir (`arme`). Hoewel het woord sterk lijkt op het Griekse woord sophia (`wijsheid`), is er vermoedelijk geen linguïstisch verband. Een andere veronderstelling is dat de naam afkomstig is van het Arabische woord soefa, dat bank betekent, en is afgeleid van het feit dat naast de ingang van de moskee van de profeet in Medina altijd wel een groepje arme gelovigen op een bank zat. Vanwege het feit dat deze mensen voortdurend in de nabijheid van de profeet verkeerden, hadden enkele van hen een uitgebreide kennis van de islamitische leer.
Vermoedelijk in de 8e eeuw waren er al soefi`s. Zij trokken rond door verschillende delen van het Midden-Oosten. Rond de 11e eeuw waren er diverse scholen of ordes gevestigd.
Als religieuze beweging kenmerkt het soefisme zich als een mengelmoes van religieuze en filosofische invloeden. De soefi`s geloofden dat zij niet alleen hun kennis uit de koran en de hadieth hoefden te halen, maar gebruikten in meer of mindere mate ook de klassieke Griekse filosofie, hindoeïsme, christendom, boeddhisme en sjamanisme. Eén precieze definitie van het soefisme is dan ook niet te geven.

Soenna
Het Arabische woord soenna betekent `manier`. De Soenna in de islam is de manier van de profeet Mohammed zoals die gekend is via overleveringen over diens leven, de ahadith. Uit al wat Mohammed zei en deed tijdens zijn leven als profeet wordt de Soenna afgeleid.
Mohammed wordt in de Islam beschouwd als een gewoon mens, zonder Goddelijke of bovennatuurlijke eigenschappen zoals bijvoorbeeld toegeschreven aan Jezus, in het christendom. Hij wordt echter wel gezien als de perfecte mens, en zijn leven en daden als een leven dat perfect is in de ogen van Allah. Moslims hechten dan ook grote waarde aan het handelen van Mohammed zoals in de Soenna beschreven en trachten hun leven op een even perfecte manier te leven.
De soenna is gebaseerd op zes verzamelingen van hadith over de levenswandel van Mohammed en zijn metgezellen, waarvan aan de hadithverzamelingen van Boechari en in mindere mate die van Moeslim de meeste autoriteit wordt toegekend. Minder aanzien genieten de verzamelingen van Ibn Majah, Tirmidhi, de Muwatta van Malik en de Soenan van Aboe Dawoed.
Deze verzamelingen hebben pas twee tot drie eeuwen na de dood van Mohammed hun definitieve vorm gekregen. Onder meer om deze reden hecht een groep moslims alleen waarde aan de Koran en stelt grote vraagtekens bij de validiteit van de soenna. Zij noemen zichzelf koranische moslims.

Soennisme
Het soennisme (Óæäì) is de grootste hoofdstroming van de islam. Het woord soenna is Arabisch voor `traditie`. Soennitische moslims volgen de traditie die gebaseerd is op het leven van de profeet van de islam, Mohammed. De Hadith, een verzameling overleveringen van het spreken en handelen van de profeet, heeft naast het heilige boek van de moslims, de koran, groot gezag voor soennieten. Ook de instemming van de `Sahabe` (medestanders van de profeet Mohammed) `idjma-as-Sahaba` genaamd over bepaalde specifieke zaken, en de `Qiyaas` (analogie) met deze en andere voorvallen zijn bronnen binnen de soennitische stroming van de islam.
Bijna 80% van alle moslims, ook die in het Westen leven, zijn soennitisch.
Het soennisme is evenals het sjiisme ontstaan vanuit de strijd om de rechtmatige opvolging van Mohammed, die begon na zijn dood in het jaar 632. Die strijd ging tussen aanhangers van Mohammeds neef en schoonzoon Ali en die van de kaliefen. De soennieten zijn volgelingen van de laatsten. De eerste kalief was Mohammeds schoonvader Aboe Bakr.
Na de eerste vier gekozen kaliefen was het grote schisma binnen de islam een feit en kwam het kalifaat in handen van opeenvolgende soennitische dynastieën, de Omajjaden en de Abbassiden. Hun invloed strekte zich via veroveringsoorlogen binnen enkele generaties uit van Spanje (de Pyreneeën) tot aan de Punjab in oostelijk India.
Soenni theologie wijkt op bepaalde punten af van dat van de sjiieten: onder meer de `al Mahdi`. Wel geloven de soennieten dat de Mahdi zal verschijnen, echter hij is niet de kleinzoon van de profeet Mohammed.

Soera
Een Soera (Arabisch: ÓæÑÉ) is een hoofdstuk in de Koran, het heilige boek van de Islam, de Koran. Een soera bestaat uit meerdere verzen (ayat of ayah).
De Koran bevat 114 soera`s, ruwweg gerangschikt naar grootte en dus niet naar chronologische volgorde van openbaring. De langste soera in de Koran bestaat uit 286 verzen (Soera De Koe) en de kortste uit maar 3 verzen.
Teksten van de Koran worden aangeduid met de naam van de soera, gevolgd door het nummer van de aya. Onder invloed van de bijbelse aanduiding gebeurt het door westerlingen vaak met het nummer van de soera, maar feitelijk zijn deze niet genummerd.

Stromingen in de islam
Al tijdens het leven van de profeet Mohammed werd duidelijk dat niet alle metgezellen overal hetzelfde over dachten. Zolang Mohammed leefde kon hij vragen over de juiste interpretatie van koranverzen en de juiste manier van handelen direct beantwoorden. Vaak liet hij echter de waarheid in het midden en stelde beide partijen in het gelijk. Hij beschouwde verschil van mening als een zegen voor de gemeenschap.
Na zijn dood moest men het doen met de koran, de overlevering en het eigen oordeelsvermogen. Dat leidde meteen al tot ontevredenheid over zijn opvolging. Door de op dat moment aanwezigen werd zijn trouwe vriend en moslim van het eerste uur Aboe Bakr tot opvolger (kalief) gekozen, maar enkele afwezigen gaven de voorkeur aan Ali, die een neef van de profeet was. Dat leidde dertig jaar later (661) tot het eerste schisma binnen de moslimgemeenschap: de strijd tussen de Sjia (sjia betekent partij) en wat men later de Ahli Soenna (volk van de traditie (van de profeet)) is gaan noemen. De meningsverschillen lagen echter niet zozeer op het gebied van de orthopraxis, als wel op politiek, ideologisch en spiritueel vlak. In principe kan een moslim in iedere moskee aan het gebed deelnemen en vrijwel alle groeperingen houden zich aan de basispunten van de geloofsleer en geloofspraktijk zoals hierboven genoemd.
Binnen of uit de Sjia ontstonden de Zevener Sjiieten (Isma`ilisme), Twaalver Sjiieten (Ithna ashri), Jafari, de Alevieten en de Druzen.
Binnen de Ahli Soenna ontstonden zes leerscholen (madhahib, enk.

Suikerfeest
Het suikerfeest (Turks: Şeker Bayramı of Ramazan Bayramı, Arabisch: عيد الفطر, `id-oel-fitr, Indonesisch Idul Fitri of Lebaran) is een islamitisch feest waarop het einde van de ramadan gevierd wordt. Het Arabische id-oel-fitr betekent `feestdag ter gelegenheid van het breken (van het vasten)`. Ook het Marokkaanse feest wordt vaak suikerfeest genoemd. Hieronder wordt met Suikerfeest zowel het Turkse, als het Marokkaanse feest bedoeld.

Tasawwoef
Het soefisme (ook wel tasawwoef) is een mystieke traditie die zijn oorsprong heeft in de islam. Een aanhanger van het soefisme heet een soefi. De soefi`s vormen mystieke broederschappen of zusterschappen.
Soefi komt vermoedelijk van soef, wat wol betekent in het Arabisch. De eerste soefi`s droegen grove wollen kleding als blijk van hun soberheid en armoede. Als beschrijvende term verschilt het weinig van derwisj (`bedelaar`) en fakir (`arme`). Hoewel het woord sterk lijkt op het Griekse woord sophia (`wijsheid`), is er vermoedelijk geen linguïstisch verband. Een andere veronderstelling is dat de naam afkomstig is van het Arabische woord soefa, dat bank betekent, en is afgeleid van het feit dat naast de ingang van de moskee van de profeet in Medina altijd wel een groepje arme gelovigen op een bank zat. Vanwege het feit dat deze mensen voortdurend in de nabijheid van de profeet verkeerden, hadden enkele van hen een uitgebreide kennis van de islamitische leer.
Vermoedelijk in de 8e eeuw waren er al soefi`s. Zij trokken rond door verschillende delen van het Midden-Oosten. Rond de 11e eeuw waren er diverse scholen of ordes gevestigd.
Als religieuze beweging kenmerkt het soefisme zich als een mengelmoes van religieuze en filosofische invloeden. De soefi`s geloofden dat zij niet alleen hun kennis uit de koran en de hadieth hoefden te halen, maar gebruikten in meer of mindere mate ook de klassieke Griekse filosofie, hindoeïsme, christendom, boeddhisme en sjamanisme. Eén precieze definitie van het soefisme is dan ook niet te geven.

Vijf zuilen van de islam
De religie van de islam bestaat uit geloof (al iman) en praktijk (al din). De vijf zuilen van de islam is de verzamelterm die gebruikt wordt voor de vijf meest fundamentele religieuze verplichtingen van elke moslim onder de heilige wetten van de islam, de sjari`a (sharia). Elke vrome moslim onderhoudt voorzover mogelijk trouw deze verplichtingen, omdat ze essentieel worden geacht om Allah te behagen.
De vijf zuilen zijn de volgende:
De geloofsbelijdenis (Shahadah)
De rituele gebeden (Salat of Salah)
Het geven van aalmoezen (Zakat of Zakah)
Het vasten tijdens Ramadan (Saum of Siyam)
De pelgrimstocht naar Mekka (Hadj, Hajj of Haj)

Wahhabieten
Het wahabisme (ook wel gespeld als Wahabbisme of Wahhabisme) is een stroming binnen de islam die door Mohammed ibn Abd al-Wahhaab (1703 - 1792) gesticht is. Het is een fundamentele conservatieve stroming die door de wahabieten zelf binnen het soennisme wordt geplaatst. Het is de staatsgodsdienst in Saoedi-Arabië. De volgelingen heten wahabieten.
Net als in het christendom zijn er in de moslimwereld verschillende richtingen die aqidah`s worden genoemd. En net als vroeger in Europa verketteren sommige van die richtingen elkaar. De term wahabisme wordt daarbij door bepaalde groepen moslims in negatieve zin gebezigd en de wahabisten zelf spreken weer negatief over andere moslims.
Wahabisten zelf menen dat de naam niet komt van Mohammed ibn Abd al-Wahhaab, maar van Al-Wahhab, een van de namen van Allah (God) in de islam. Zij noemen zichzelf vaak al-Muwahhiddun, (`de monotheïsten`) of al-Ikhwan (`de broeders`). Anderen zeggen dat deze stroming uit India afkomstig is. De wahabieten noemen zichzelf ahl al-tawhid, wat zoveel betekent als mensen van de eenheid. Hiermee doelen de wahabieten ook op de éénheid van God.
Elke moslim die zich niet houdt aan de wahabitische doctrines wordt door de wahabieten gezien als een afvallige moslim, die zich niet aan de wetten van God (sjaria) houdt. Volgens de wahabitische doctrine mogen deze gedood worden.
Hoewel vrij veel overeenkomsten in de leer zijn met de salafisten, kunnen salafisten geen wahabieten genoemd worden. De uit Saoedi-Arabië afkomstige Osama bin Laden was van huis uit een volgeling van deze richting in de islam, maar deed in zijn studententijd radicalere ideeën van Said Qutb op.

Zakat
Zakat is de vierde van de vijfde zuil van de islam. Het woord zakat betekent `reiniging` in de vorm van verplichte aalmoezen aan de armen om een meer rechtvaardige verdeling van goederen te bereiken. Betaling ervan `reinigt` het overige bezit en vermogen en dient als boetedoening voor de zonden. Daarmee zal de gever verre gehouden worden van het hellevuur.