Kopie van `Terra - De Nederlandse landschappen - Begrippenlijst`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


Terra - De Nederlandse landschappen - Begrippenlijst
Categorie: Aardrijkskunde
Datum & Land: 15/02/2007, NL
Woorden: 21


cultuurlandschap
Een landschap dat is ontstaan door de activiteiten van mensen. Een cultuurlandschap bestaat uit inrichtingselementen als wegen, akkers en weilanden, parken en vijvers, huizen en fabrieken, dorpen en steden. Een cultuurlandschap wordt wel beschouwd als het tegenovergestelde van een natuurlandschap.

Eemien
Warmere periode tussen het Saalien en het Weichsel-glaciaal.

eolische afzetting
Een afzetting door de wind.

erosie
Het opnemen en verplaatsen van gronddeeltjes door wind, water of ijs. De kans op bodemerosie is het grootst op stukjes onbeschermd aardoppervlak, bijvoorbeeld een akker.

es
Met mest opgehoogde akkers die vroeger rondom dorpen in het zandlandschap te vinden waren. Ook wel enk genoemd.

esdorp
Dorpstype, ook bekend onder de naam brinkdorp, op de zandgronden. De kern van het dorp wordt gevormd door een dorpsplein (brink), omgeven door boerderijen en akkers (essen).

eutrofiëring
Voedselverrijking van water (en uiteindelijk ook van de bodem) waardoor algen en hogere waterplanten sterk kunnen groeien. Ontstaat onder andere door overbemesting in de landbouw waardoor veel nitraten en fosfaten aan de bodem worden toegevoegd.

jonge zeeklei
Zeeklei, afgezet ongeveer 1300 na Christus in West-Nederland. Ook wel afzetting van Duinkerken genoemd.

klei
Verweringsmateriaal, minerale deeltjes door chemische verwering ontstaan, met een korrelgrootte kleiner dan 0,002 mm. Heeft als eigenschappen onder andere een groot opnamevermogen van water en de adsorptie van voedingsstoffen voor planten.

nieuw land
Onderdeel van de Zeeuwse en Zuid-Hollandse eilanden dat is ontstaan door actieve dijkaanleg en landwinning en bestaat uit jonge zeeklei.

oeverwal
Brede lage rug langs de rivier, ontstaan door sedimentatie van zandig materiaal direct langs de rivier tijdens overstromingen.

oud land
Onderdeel van de Zeeuwse en Zuid-Hollandse eilanden dat bestaat uit oude kwelders of schorren. Vaak in later tijd weer weggeslagen.

oude zeeklei
Blauwgrijze zeeklei, zwaar, afgezet ongeveer 3000 voor Christus in West-Nederland. Ook wel afzetting van Calais genoemd.

overslaggrond
Tijdens een dijkdoorbraak rondom een wiel afgezet zand en grind.

uiterwaard
Strook land langs een rivier tussen de bedding en de rivierdijk. Loopt bij hoge waterstand onder. Watterbuffer langs de rivier.

wegdorp
Dorp met langgerekte bebouwing, ontstaan langs rivier, beek, dijk of kanaal. Ook wel lineaire bebouwing genoemd.

Weichselien
Koude periode in het pleistoceen, waarin dekzand en löss is afgezet.

zeereep
Direct aan de kust liggende zeewerende duinenrij.

zoetwaterlens
Zoet regenwater dat door een lagere soortelijke massa drijft op zout water in de duinen.

zomerdijk
Lage dijk of kade aan weerszijden van de rivier, die het gebied erachter beschermen tegen een overstroming in de zomer.

zure regen
Regen waarbij waterdruppels sporen van zwavelzuur en salpeterzuur bevatten.