Zoek op

Aggreëren

Let op: Spelling (deels) uit 1864: [bedrijvend werkwoord] ow. [gelijkvloeiend] (ik aggreëerde, heb geaggreëerd), gunstig aan- of opnemen; believen; aangenaam zijn; een geaggreëerde, [iemand] die zonder diploma toegelaten is [bijvoorbeeld] als prokureur bij eene regtbank).
Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/cali003nieu01/cali003nieu01_0004.htm

Aggreëren

Let op: Spelling van 1858 zie Agreabel
Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/weil004kuns01_01/
Geen exacte overeenkomst gevonden.