ze pronoun Uitspraak: [ zɛ ] 1) <dit zeg je als je het over een vrouw hebt> Voorbeeld: 'Ze zag me niet.' Synoniem: zij 2) <dit zeg je als je het over twee of meer mensen of dingen hebt> Voorbeeld: 'Ze hebben geen fiets, ze komen altijd in een auto.' Synoniem: zij Synoniemen: zij Spreekwoorden en zegsw... Gevonden op https://woorden.org/woord/ze
1) Derde persoon meervoud 2) Zeer eerwaarde (Afk.) 3) Zijn edelheid (Afk.) 4) Zijne eerwaarde (Afk.) 5) Zijne Eerwaardigheid 6) Zijne Eminentie 7) Zijne Excellentie 8) Zijne Edelheid 9) De mensen 10) Zij 11) Kardinaalstitel 12) Men 13) Aanspreektitel 14) Voornaamwoord 15) Voorwerpsvorm van een persoonlijk voornaamwoord Gevonden op https://mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/Ze/1
•clitische vorm van zij; derde persoon vrouwelijk enkelvoud. •clitische vorm van zij; derde persoon meervoud (onderwerp). •clitische vorm van hen of hun; derde persoon meervoud (voorwerp). Gevonden op https://nl.wiktionary.org/wiki/ze
De grootste afdeling in elke instelling. Als `ze` de dingen aanpakken kan de rest verder werken. Helaas is deze afdeling in elke organisatie onvindbaar... Gevonden op https://encyclo.nl/lokaal/10278