Kopie van `Xenotext - computerondersteund vertalen (CAT).`

De woordenlijst staat niet (meer) online. U ziet hieronder een kopie van de informatie. Het kan zijn dat de informatie niet meer up-to-date is. Wees dus kritisch bij het beoordelen van de waarde ervan.


Xenotext - computerondersteund vertalen (CAT).
Categorie: Taal en literatuur > Computervertalen
Datum & Land: 15/02/2007, NL
Woorden: 210


Abituriënt
Iemand die eindexamen van een middelbare school gedaan heeft.

Abolitionisme
Beweging die sinds het einde van de achttiende eeuw om humanitaire redenen ijverde voor de afschaffing van slavenhandel en slavernij.

Absolutisme
Een staatsvorm waar het `droit divin`-principe van de monarchie aan ten grondslag ligt. Praktisch gezien komt het erop neer dat de koning de bron is van alle wetten (lex rex); de bron is van alle bestuurlijk gezag en opperbevelhebber van het leger.

Adelsrepubliek
Nauwelijks afwijkend van de benaming `kiesrijk`; in het bijzonder gezegd van Polen, waar de talrijke edelen hun koning kozen, zodat dit gekozen koningschap evengoed als republiek aangeduid zou kunne worden.

Aetates-leer
(Latijn: aetas, leeftijd, tijdvak) Christelijke leer over structuur en zin van de wereldgeschiedenis die, in aansluiting op de zes scheppingsdagen en naar analogie met de zes leeftijden van de mens, uit zes tijdvakken bestaat, afgegrensd door grote gebeurtenissen uit de heilsgeschiedenis, en gevolgd door een zevende tijdvak van rust (wereldsabbat) en een eeuwig durende achtste dag.

Aflaat
In de rooms-katholieke kerk kwijtschelding van kerkelijke boete of van straffen die men na vergeving van de zonden nog in het vagevuur zou moeten ondergaan; aanvankelijk veelal door het verrichten van liefdadigheid of bedevaarten, later meer en meer door het schenken van geldsommen aan de kerk.

Agrarische revolutie
Ommekeer in de agrarische productie in Europa vanaf circa 1740. Vanaf die periode bleef de agrarische productie, globaal beschouwd, gestadig stijgen zonder terugval van betekenis.

Alltagsgeschichte
Geschiedenis van het alledaags- of dagelijks leven.

Altertumswissenschaft
Studie van de antieke, inzonderheid de Grieks-Latijnse beschaving.

Ambtsadel
Zie noblesse de robe.

Anachronisme
Een verkeerde beoordeling van een historische situatie onder invloed van de kennis van latere ontwikkelingen. Ook van toepassing op het gebruik van een begrip in de beschrijving van een tijd waarin dat begrip nog niet bestond.

Anachronisme
(Grieks: anachronizein, naa een andere tijd overbrengen, ana: tegenin, en chronos, tijd) Situering van een gebeurtenis of een toestand in een tijd waarin die niet kan voorkomen.

Anakuklôsis
[Grieks: kringloop) theorie van de geschiedenis als kringloop, inzonderheid bij Polybius.

Analogie
(Grieks: analogia) Overeenkomst, gelijkaardigheid, verwantschap.

Ancien régime
Begrip dat oorspronkelijk gebruikt werd ter aanduiding van het regeringsbestel in het prerevolutionaire Frankrijk. De meeste historici hanteren het begrip nu om het gehele maatschappelijke bestel in Europa in de eeuwen voor 1800 aan te duiden.

Annalen, Annales
(Latijn: annus, jaar) Een geheel van jaar voor jaar opgetekende gebeurtenissen, jaarboeken.

Annales-school
Franse historische school rond het tijdschrift Annales; de historici van die school worden soms annalisten genoemd.

Annalist
Annalen of jaarboekschrijver (niet te verwarren met analist, persoon die analyses verricht).

Annalistiek
Het historiografisch genre van de annalen.

Anno Domini
In het jaar des Heeren, d.w.z. vanaf het geboortejaar van Christus, volgens de christelijke jaartelling.

Anthologie
(Grieks: anthos, bloem) Bloemlezing.

Antichrist
In het Nieuwe Testament en later, benaming voor de tegen-Christus, d.w.z. de grote misleider en aartsbedrieger, de totaal verdorven mens.

Antiquaire
In de Nieuwe Tijd benaming voor een verzamelaar van geschiedkundige gegevens, onderscheiden van de historiograaf.

Antiquitates
Oudheden.

Apocalyps
(Grieks: apokalupsis) Openbaring, onthulling.

Apocalyptiek
Verzamelnaam voor joodse en christelijke literatuur met onthullingen over de verborgen dingen, d.w.z. over het einde van de wereld en het komende eeuwige rijk Gods.

Apocrief
(Grieks: apokrufos, geheim gehouden, verborgen) Niet authentiek, twijfelachtig.

Apologetiek
(Grieks: apologeisthai, zich verdedigen) Tak van de theologie die de waarachtigheid en redelijkheid van het (katholieke) geloof wil verdedigen en bewijzen.

Apologie
(Grieks: apologia) verdediging, verdedigingsschrift.

Arbitrage
Zie mediatie.

Archeologie
(Grieks: archè, begin, oorsprong) 1. Studie van de vroegste geschiedenis; 2. Studie van de stoffelijke overblijfselen uit het verleden.

Archief
(Grieks: archeion, bestuursgebouw, in dit gebouw bewaarde documenten) 1. Bewaarplaats van documenten; 2. Een geheel van nagelaten documenten met betrekking tot de bedrijvigheid van een instelling of een persoon.

Aristocratische of feodale reactie
Het in de latere achttiende eeuw opnieuw en in versterkte mate claimen van privileges, zoals heerlijke rechten en het monopolie op ambten en functies door de adel, ter verhoging van de maatschappelijk-juridische status en het inkomen.

Armada
De Onoverwinnelijke vloot (Spaans: Armada invencible) die in 1588 door Spanje werd uitgerust voor een invasie in Engeland, maar die, na tegen te zijn gehouden door een Engels-Hollandse scheepsmacht, uiteindelijk ten onder ging op de Noordzee.

Asiento
Monopolie op de slavenhandel naar Zuid-Amerika, toegekend door de Spaanse regering.

Atthidografen
Oudgriekse geschiedschrijvers over Atthis (Athene en omgeveing).

Atthis
Geschiedenis van Athene en omgeving.

Autobiografie
(Grieks: autos, zelf, persoonlijk + bios, leven + grafein, schrijven) Beschrijving van het eigen leven.

Autocratie
Regering gevormd door een allesbepalend heerser.

Autodidact
(Grieks: autos, zelf, op zichzelf + didaktos, geleerd, onderricht) Persoon die door zelfstudie kennis heeft verworven.

Autopsie
(Grieks: autos, zelf + opsis, zien) eigen waarneming van de feiten door de geschiedschrijver.

Avondmaal
Plechtigheid in de protestantse kerk, waarbij de gemeenteleden brood en wijn delen als herinnering aan het laatste avondmaal van Christus met zijn discipelen en als symbool van de eenheid van de gelovigen met Christus.

Balance of power-politiek
Politiek van machtsevenwicht tussen de Europese staten, die in de zeventiende en het grootste gedeelte van de achttiende eeuw werd gevoerd. Door een zorgvuldig sluiten en ontbinden van bondgenootschappen, via diplomatie en oorlogvoering, trachtte men het machtsevenwicht, wanneer dat werd verbroken, te herstellen.

Barok
Benaming voor de stijl in de Europese beeldende kunst en bouwkunst tussen de periode van het maniërisme en het rococo, die gekenmerkt wordt door een naturalisme in de weergave van de voorstelling en die ten doel heeft de beschouwer te bewegen en te overtuigen. Ruwweg valt de stijlperiode samen met de zeventiende eeuw, maar in verschillende landen, met name in Midden-Europa en Zuid-Amerika bloeide de barok nog tot ver in de achttiende eeuw.

Barrièresteden
De steden in de Zuidelijke Nederlanden langs de Franse grens waarin de Republiek na de Vrede van Rijswijk (1697) garnizoenen mocht leggen ter beveiliging van haar zuidgrens. In de praktijk van geen betekenis geweest.

Beeldenstorm (Nederlanden 1566)
Vernieling van beelden en kostbaarheden in de katholieke kerken, om deze te zuiveren en geschikt te maken voor de protestantse eredienst.

Begriffsgeschichte
Studie van de geschiedenis van begrippen.

Bibliografie
(Grieks: biblion, boek + grafein, schrijven) Lijst van boeken of artikels (literatuur) over een bepaald onderwerp.

Bill of Rights (VS)
Beginselverklaring, voorafgaand aan de Amerikaanse grondwet van 1787, de moeder der constituties, en waarin de natuurlijke rechten van de burgers werden vastgelegd: het recht op eigendom, vrijheid van meningsuiting, van eredienst en van vergadering, garanties voor een eerlijke rechtspraak, vrije verkiezingen, stemrecht voor ieder met een belang in de staat, recht op verzet tegen een ondeugdelijke overheid.

Biobibliografie
Overzicht van leven en publicaties van een bepaald auteur.

Biografie
(Grieks: bios, leven) Levensbeschrijving, levensverhaal.

Blokboek
Boek waarvan een bladzijde wordt bedrukt door letters en afbeeldingen die samen één blok vormen (en dus niet door losse letters, zoals in de typografie).

Boston Tea Party
Actie waarbij als Indianen vermomde tegenstanders van invoerrechten, de lading thee uit een Brits schip in de haven van Boston wierpen (1773).

Bulkgoederen
Goederen, in grote hoeveelheden gekweekt en onverpakt vervoerd, meestal grondstoffen (ruwe koffie, ruwe suiker en ruwe katoen). Bulkgoederen werden vaak verscheept van de koloniën naar het moederland.

Bureaucratisering
Proces, dat gedurende het ancien régime aan betekenis wint, waarbij het bestuur steeds meer wordt georganiseerd op basis van formele voorschriften, een veronderstelde rationele deskundigheid en een hiërarchische gezagsstructuur, en waarbij rekrutering en promotie op grond van persoonlijke capaciteiten en geschiktheid plaatsvindt.

Burgerlijke revolutie
Revolutie waarbij de burgerij, die vanaf het begin van de nieuwe tijd gestadig aan welstand, opleidingsniveau en zelfbewustzijn had gewonnen, een grotere politieke invloed nastreefde.

Checks and balances
Hier gebruikt ter aanduiding van een systeem van wederzijdse controle en evenwicht tussen de drie staatsmachten onderling en, meer in het bijzonder, tussen de federatie van Amerikaanse staten en die staten afzonderlijk, ingebouwd in de Amerikaanse grondwet van 1787.

Coalitieoorlogen
De oorlogen die door een coalitie of aaneensluiting van verschillende landen werden gevoerd tegen een gezamenlijke tegenstander.

Codificatie
Het eenmaken, gelijktrekken en systematisch optekenen van verspreide traditionele, lokale of regionale rechtsregels, hetzij geschreven, hetzij ongeschreven, zodat er eenheid van recht ontstaat in een land of gebied.

Commissaire - officier
Een commissaire was een koninklijk functionaris die afzetbaar was; een officier daarentegen een ambtenaar van vergelijkbare rang die echter zijn functie gekocht of gepacht had en niet afgezet kon worden.

Comprehension - toleration
Het streven om andersdenkenden, in het bijzonder puriteinen, in de anglicaanse kerk op te nemen, respectievelijk verdraagzaamheid jegens andere geloofsovertuigingen, waarvan de anglicaanse kerk zonder tot vervolging over te gaan niet wilde weten.

Compromis der edelen
Verbond van de lagere adel in de Nederlanden, gesloten in 1565 om te strijden voor de opheffing van de inquisitie en voor de afschaffing van de plakkaten die de vrijheid van geweten aantastten.

Concilie
In de rooms-katholieke kerk een algemene kerkvergadering van bisschoppen en andere kerkelijke hoogwaardigheidsbekleders over vragen met betrekking tot geloof, kerkorganisatie, kerkelijke tucht, enzovoorts.

Concordaat
Verdrag dat gesloten wordt tussen een staat enerzijds en de paus anderzijds ten aanzien van rechten en vrijheden van de rooms-katholieke kerk in een bepaald land.

Conjunctuur
Tijdsomstandigheden die van invloed zijn op vraag en aanbod

Constitutieconventie
Zie Conventie.

Contra-Maniera
Stroming in de Italiaanse schilderkunst van de tweede helft van de zestiende eeuw, die geen wezenlijke nieuwe schilderstijl tot gevolg had, maar een vorm probeerde te vinden die paste bij de onder invloed van de Contrareformatie veranderde religieuze situatie. De principes van het maniërisme bleven gehandhaafd, maar de intellectuele en gekunstelde uitwerking werd vereenvoudigd om de religieuze boodschap duidelijker te laten spreken.

Contrareformatie
Hervormingsstreven in en binnen de rooms-katholieke kerk, ontstaan als reactie op en ter bestrijding van de protestantse Reformatie. Op het concilie van Trente (1546-1563) werden belangrijke aanzetten hiertoe gegeven.

Conventie (VS)
Vergadering in Philadelphia van afgevaardigden van de dertien koloniën, die tot taak had een grondwet te ontwerpen (1787).

Corruptie
Handelen, i.c. politiek bedrijven, onder invloed van omkoping.

Court - country
De gesuggereerde tegenstelling binnen de gentry tussen enerzijds degenen die zich aan het hof ophielden, en anderzijds degenen die op hun goederen op het land verbleven; de suggestie is gewekt dat de hovelingen door hofinkomsten zich beter hebben kunnen handhaven.

Covenant
Overeenkomst tussen twee partijen om elkaar wederzijds te steunen; in het bijzonder van toepassing op het Nationale Covenant (1683) in Schotland, waarbij de Schotse edelen en presbyterianen zich verenigden, en op de overeenkomst van 1643, waarbij de Schotten militaire steun zouden geven aan de Engelsen in hun strijd tegen Karel I, in ruil voor de invoering van een presbyteriaanse kerkorde in Engeland.

Crise de subsistance
Bestaanscrisis, in het bijzonder de hongersnood, die zich voordoet wanneer alle inkomsten voor de directe levensbehoeften nodig zijn en deze inkomsten verminderen ten gevolge van oorlog, misoogst of belastingverhoging.

Crisis
Periode van ernstige ontwrichting van het staatkundig, sociaal-economisch en-of cultureel leven, meestal gebruikt voor een periode van korte duur, daarnaast ook gebezigd voor een periode van stagnatie die zich over langere tijd uitstrekte.

Cuius regio, eius religio
(L: wiens gebied, diens geloof) Beginsel dat een machthebber in een gebied bepaalt welke godsdienst zijn onderdanen zullen belijden. Deze rechtsregel werd bij de godsdienstvrede van Augsburg (1555) ingevoerd voor de diverse staten en vorstendommen in het Duitse rijk.

Deductief
Zie inductief.

Deïsme
Geloof dat God de wereld heeft geschapen, en dat deze sindsdien zonder zijn ingrijpen, maar wel volgens door hem geschapen wetten, onafhankelijk functioneert. De opvatting over God als een ingenieur in ruste is hieraan verwant.

Demografie
(G: démos = volk, graphein = beschrijven) De wetenschap omtrent de omvang, de opbouw en dynamiek der bevolking in kwantitatieve zin.

Demografische revolutie
Ommekeer in het verloop van de bevolkingsgroei in Europa vanaf 1740. Vanaf die tijd groeide de bevolking gestadig.

Dertigjarige Oorlog
Benaming voor de oorlog die in 1618 begon met de Boheemse opstand en in 1648 met de vrede van Westfalen werd afgesloten. Hoewel de oorlog binnen de grenzen van het Duitse rijk werd uitgevochten, wordt hij door de inmenging van alle toenmalige grootmachten wel beschouwd als de eerste algemene Europese oorlog.

Despotisme
Alleenheerschappij, waarbij de alleenheerser geen rekening houdt of wenst te houden met de geldende wetten, gebruiken en traditionele instellingen.

Devolutierecht
Het in Brabant en Vlaanderen geldende recht dat kinderen uit een tweede huwelijk niet meeërven met kinderen uit een eerste huwelijk in goederen die tijdens het eerste huwelijk verworven zijn. In het bijzonder door Lodewijk XIV gebruikt om aanspraak te maken op de Zuidelijke Nederlanden.

Dissenters (andersdenkenden)
Aanhangers van een geloof dat in een bepaald land in de minderheid is of niet tot de staatsgodsdienst behoort; in het achttiende-eeuwse Frankrijk bijvoorbeeld de calvinisten, in Engeland de puriteinen en andere afwijkende protestantse richtingen, in de Republiek de remonstranten, lutheranen, katholieken, enzovoorts.

Droit divin
Goddelijk recht waarop de koningen van de zeventiende eeuw zich beriepen om hun koningschap te rechtvaardigen; dit in tegenstelling tot de achttiende-eeuwse heersers, die zich als verlicht despoot zagen.

Edict van Nantes
Door Hendrik IV van Frankrijk in 1598 uitgevaardigd koninklijk besluit, waarbij de Franse protestanten (hugenoten) een belangrijke mate van godsdienstvrijheid werd verleend. Het edict werd bijna een eeuw later, in 1685, door Lodewijk XIV herroepen, waarna veel hugenoten Frakrijk ontvluchtten en zich elders in West-Europa vestigden.

Emancipatie
Het zelfbewuster worden en opeisen van gelijke of gelijkwaardige rechten door voorheen achtergestelde groepen in de bevolking.

Émigrés (Frankrijk)
Edelen en andere tegenstanders van de Franse revolutie, die vanaf juli 1789 Frankrijk verlieten.

Empirie
(Proefondervindelijke) ervaring, in het bijzonder als bron van kennis.

Enclosures
De omheining van braakliggende of gemeenschappelijke gronden, waarbij deze in particulier eigendom overgingen.

Encomienda-systeem
De toewijzing van land en inlandse bewoners in de Spaanse koloniën in de zestiende eeuw, waarbij de koning aan de veroveraars en hun afstammelingen dorpen of hele districten overdroeg om te exploiteren.

Encyclopédie
Samenvattend overzicht van verlichte kennis en ideeën die in de achttiende eeuw waren vergaard, gepubliceerd in de periode 1751-1772, in totaal 17 delen tekst en 11 plaatdelen omvattend. Door de kritische opstelling van haar auteurs werd de Encyclopédie in 1759 verboden, waarna zij clandestien werd voltooid.

Episcopale kerkorganisatie
Bestuursvorm van de kerk, waarbij een overwegende positie toekomst aan de bisschoppen (Grieks: episkopoi).

Erflandschap
Gebied of land dat aan een vorstengeslacht erfelijk toebehoort.

Expansie
Uitbreiding door een staat van zijn grondgebied (territoriale expansie) of van zijn politieke of economische macht door bijvoorbeeld handel of koloniale verovering (economische, commerciële, koloniale expansie).

Exterritoriale rechten
Soevereiniteitsrechten binnen het soevereiniteitsgebied van een andere mogendheid, bijvoorbeeld om handel te drijven of een ambassade te vestigen. Zo behoort het grondgebied van een ambassade tot het grondgebied van het land dat wordt vertegenwoordigd en niet van het land waarin de ambassade is gevestigd.

Factie
Informele, door gemeenschappelijke belangen, wederzijdse diensten en-of familiebanden bijeengehouden groep.

Factorij
Overzeese handelspost of stapelplaats, door Europese kooplieden of handelscompagnieën gevestigd langs de kust van vreemde werelddelen, zonder verovering of kolonisering van het achterland.

Federalisten (VS)
In de Conventie van 1787 (en later) de partij die voorstander was van een zo sterk mogelijk centraal gezag (de Federatie).

Feuillants (Frankrijk)
Groep afgevaardigden in de Constituante of Grondwetgevende Vergadering van 1789-1791, die ook na de vlucht van koning Lodewijk XIV naar Varennes gekant bleef tegen afzetting van de monarch.

Filologie
Wetenschappelijke tekstkritiek, door de humanisten ontwikkeld als hulpmiddel bij de bestudering van antieke teksten.