
overweldiger, bezetter (in oorlogstijd) - Voorbeeld: ‘
De heel weinigen die (...) liever alle onaangenaamheden uitstonden dan maar een gunst van de beweldiger te aanvaerden, (...) zijn op 't eind neerslachtig geworden, zenuwziek’
Gevonden op
https://dbnl.org/tekst/leme001taal02_01/leme001taal02_01_0005.php
Geen exacte overeenkomst gevonden.