Zoek op

Gaten

Let op: Spelling (deels) uit 1864: [bedrijvend werkwoord] [gelijkvloeiend] (ik gaatte, heb gegaat), gaten maken, - boren.
~PLATTEEL, of GATEPETIEL, o. (-en), doorslag, vergiettest (keukengereedschap).
*...TIG, [bijvoegelijk naamwoord] (-er, -st), vol gaten, vol openingen.
Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/cali003nieu01/cali003nieu01_0010.htm

Gaten

de monden der pijpen van de holen der dassen, vossen en konijnen
Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/ginn001hand02_01/ginn001hand02_01_0007.php
Geen exacte overeenkomst gevonden.