Hekel definities

Zoek op

hekel

hekel logo #1000 de hekel zelfst.naamw. (m.) Uitspraak: [ ˈhekəl ] Afbreekpatroon: he·kel een hekel hebben aan ((iets of iemand) erg vervelend vinden) 'een gloeiende hekel hebben aan fietsen als het regent' Synoniem: weerzin hebben tegen (iets of iemand) Synoniemen: afkeer antipathie aversie pest ribbel smoor vlaskam weerzin Spreekwoorden en zegswijzen...
Gevonden op https://woorden.org/woord/hekel

Hekel

Hekel logo #10101) Valhek in kasteelpoort 2) Afkeer 3) Sterke afkeer van iets 4) Sterke tegenzin 5) Rancune 6) Kasteelpoort valhek 7) Pest 8) Smoor 9) Afschuw 10) Intense afkeer 11) Gruwel 12) Renonce 13) Grote afkeer 14) Ribbel 15) Wrok 16) Valhek 17) Landbouwwerktuig 18) Nijd 19) Walging 20) Werktuig om vlas te hekelen
Gevonden op https://mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/Hekel/1

hekel

hekel logo #11344afkeer - Jaar van herkomst: 1785 (WNT )
vlaskam - Jaar van herkomst: 1485 (MNW )
Gevonden op https://dbnl.org/tekst/sijs002chro01_01/colofon.php

hekel

hekel logo #11306vlaskam (toon de herkomst via de etymologiebank)
Gevonden op https://etymologiebank.nl/trefwoord/hekel

hekel

hekel logo #11331gevoel dat je iets erg afstotend, vies, vervelend vindt vb: hij heeft een hekel aan spruitjes Synoniemen: afkeer weerzin afgrijzen afschuw
Gevonden op https://mowb.muiswerken.nl/

hekel

hekel logo #11619[I] afkeer, weerzin [II] vlaskam
Gevonden op https://uitleenwoordenbank.ivdnt.org/index.php/uitleen/zoek_gecombineerd_ca

hekel

hekel logo #108191> een stads - of drijfboom voorzien van scherpe stalen uitsteeksels. Deze uitsteeksels noemt men wel scheurbroeken . 2> plank met daarop een groot aantal stalen pennen waarmee ondermeer hennepvezels gehekeld worden. Ook spijkerbed genoemd.
Gevonden op https://www.binnenvaarttaal.nl/zoek.php?woord=hekel

hekel

hekel logo #11698[Let op: mogelijk oud Nederlands van 1400-1800] vlaskam, ook stekel, heks
Gevonden op https://www.encyclo.nl/Media/11698-Dumont-André.doc

hekel

hekel logo #10778Spreekwoorden: (1914) Aan iemand (of iets) een hekel hebben
d.w.z. van iemand of iets een afkeer hebben, aan iemand het land hebben. De uitdr. schijnt vrij jong te zijn en eerst in de 18<sup>de<-sup> eeuw voor te komen; Ndl. Wdb. VI, 493; Harreb. I, 299. In het Oostfri. volgens Ten Doornkaat Koolman II, 8: s&e...
Gevonden op https://encyclo.nl/lokaal/10778
Geen exacte overeenkomst gevonden.