uiteenvliegen, -gaan (ten gevolge van de wind) - Voorbeeld: ‘Wat is ze weer uwe godsverering, (...) als uwe godsvrucht uiteenwaait als kaf voor de wind, zo gauw de bradheid bovenkomt’ Gevonden op https://dbnl.org/tekst/leme001taal02_01/leme001taal02_01_0023.php