
periode van één jaar waarin de ansjovisvisserij beoefend is. Meestal in meervoudsvorm gebruikt. Voorbeeld: Er waren goede en slechte ansjovisjaren . Peter Dorleijn , Van gaand en staand want, deel 4. Harderwijk, Uitg. Van Kampen & zn, 1982.
Gevonden op
https://www.binnenvaarttaal.nl/zoek.php?woord=ansjovisjaar
Geen exacte overeenkomst gevonden.