bevoegd bijv.naamw. Uitspraak: [ bəˈvuxt ] Afbreekpatroon: be·voegd met het officieel erkende recht iets te doen Voorbeelden: 'bevoegd tot het verlenen van de vergunning' , 'bevoegd om onderwijs te geven' , 'bevoegd gezag' Synoniemen: competent erkend Gevonden op https://woorden.org/woord/bevoegd
ergens diploma's voor hebben vb: hij is bevoegd om les te geven het recht hebben om iets te doen vb: ik ben niet bevoegd om daarover te oordelen het bevoegd gezag [de instantie die mag zeggen wat er gebeurt] Gevonden op https://mowb.muiswerken.nl/
Uit `De lagere vaktalen: Taal van post-, telegraaf- en telefoonpersoneel` 1914 niemand is bevoegd een interlocale lijn gedurende meer dan zes minuten achtereen te gebruiken.
Gevonden op https://encyclo.nl/lokaal/10742