
onfortuinlijk bijv.naamw. Uitspraak: [ ɔnfɔr'tœynlək ] Afbreekpatroon: on·for·tuin·lijk
als je pech hebt Voorbeeld: 'Twee onfortuinlijke ballonvaarders hadden op het water moeten landen.' Synoniem: ongelukkig (2) Synoniemen: noodlottig ongelukkig ...
Gevonden op
https://woorden.org/woord/onfortuinlijk

1) Ongelukkig 2) Niet erg door het geluk begunstigd 3) Noodlottig 4) Rampspoedig 5) Met tegenslagen
Gevonden op
https://mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/Onfortuinlijk/1
Geen exacte overeenkomst gevonden.