[Let op: Spelling en uitleg uit 1890] een afzichtelijke, sensueele godheid in de oude mythologie, de personificatie der vruchtbaarheid. Vondel gebruikte het als scheldwoord voor Cats; daar Priapus Bacchus en Venus tot ouders had, is de toespeling zeker niet vleiend, hoewel ook niet onverdiend. Gevonden op https://dbnl.org/tekst/beer004woor01_01/beer004woor01_01_0020.php
Let op: Spelling van 1858 Priapus, Heidensche tuingod; ontuchtig voorgesteld afgodsbeeld; ook het mannelijk lid. Priapismus, eene pijnlijke verstijving van dat lid. Priapolith, de lidsteen, versteening, welke met het mannelijk lid gelijkvormig is Gevonden op https://dbnl.org/tekst/weil004kuns01_01/