Zoek op

afbreuk

de afbreuk zelfst.naamw. (m./v.) Uitspraak:   [ˈɑvbrøk] afbreuk doen aan  (minder aantrekkelijk maken) `De regen deed afbreuk aan het openluchtconcert.` Synoniem: benadelen © Kernerman Dictionaries. SpellingCorrect gespeld: 'afbreuk' komt voor in de Woord...
Gevonden op http://www.woorden.org/woord/afbreuk

AFBREUK

1) Belediging 2) Benadeling 3) Derogatie 4) Krenking 5) Kwaad 6) Nadeel 7) Neep 8) Ontluistering 9) Schade 10) Verlies
Gevonden op http://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/AFBREUK/1

afbreuk

nadeel, schade (toon de herkomst via de etymologiebank)
Gevonden op http://www.etymologiebank.nl/trefwoord/afbreuk

afbreuk

het minder goed of minder mooi worden vb: die schoenen doen afbreuk aan zijn kostuum
Gevonden op http://www.muiswerk.nl/mowb/?word=afbreuk
Geen exacte overeenkomst gevonden.