Zoek op

Gluip

Let op: Spelling (deels) uit 1864: v. (-en), vogelknip; de deur staat op een -, is een weinig geopend; ter -s, (B. ter -), ter sluik, ongezien, ongemerkt.
~EN, ow. [gelijkvloeiend] (ik gluipte, heb gegluipt), trachten [iemand] in het geheim en listig te benadeelen; bespieden, loeren, begluren; den hoed of pet diep op de oogen dragen; op e...
Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/cali003nieu01/cali003nieu01_0010.htm

gluip

reet, spleet (toon de herkomst via de etymologiebank)
Gevonden op http://www.etymologiebank.nl/trefwoord/gluip
Geen exacte overeenkomst gevonden.