Zoek op

Zweed

de Zweed zelfst.naamw. (m.) Uitspraak:   [zwet] Verbuigingen:   Zweden (meerv.) de Zweed|se zelfst.naamw. (v.) Uitspraak:   [zwet|sə] Verbuigingen:   Zweedse|n, Zweedse|s (meerv.) iemand met de Zweedse nationaliteit ...
Gevonden op http://www.woorden.org/woord/Zweed

ZWEED

1) Bewoner van zweden 2) Europeaan 3) Inwoner van europa 4) Noord-europeaan 5) Scandinaviër
Gevonden op http://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/ZWEED/1

Zweed

iemand met de Zweedse nationaliteit; iemand die behoort tot het Zweedse volk; iemand die afkomstig is uit Zweden; inwoner van Zweden In het meervoud ook in toepassing op het volk.
Gevonden op http://anw.inl.nl/article/Zweed

Zweed

• [demoniem] een inwoner van Zweden, of iemand afkomstig uit Zweden.
Gevonden op http://nl.wiktionary.org/wiki/Zweed
Geen exacte overeenkomst gevonden.