duimen werkw. Uitspraak: [ ˈdœymə(n) ] Afbreekpatroon: dui·men Vervoegingen: duimde (verl.tijd enkelv.) Vervoegingen: heeft geduimd (volt.deelw.) 1) op je duim zuigen Voorbeeld: 'Kinderen duimen.' Synoniem: duimzuigen 2) met je duimen en wijsvingers een speciale beweging maken om iemand succes te wensen Voorbeel... Gevonden op https://woorden.org/woord/duimen
op je duim zuigen vb: de baby lag in zijn wieg te duimen je duimen om elkaar heen draaien omdat je denkt dat dat geluk brengt vb: zul je voor me duimen als ik examen moet doen? Gevonden op https://mowb.muiswerken.nl/