
goeddoen werkw. Uitspraak: [ 'xudu(n) ] Afbreekpatroon: goed·doen Vervoegingen: deed goed (verl.tijd enkelv.) Vervoegingen: heeft goedgedaan (volt.deelw.)
1) een gunstig werking hebben op (iets of iemand) Voorbeelden: 'Ik heb vannacht bijna niet geslapen, maar deze koffie doet me goed.' , 'Wat meer samenwerking zou onze organisati...
Gevonden op
https://woorden.org/woord/goeddoen

1) Baten 2) Helpen 3) Weldoen 4) Verlichten
Gevonden op
https://mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/Goeddoen/1
Geen exacte overeenkomst gevonden.