Bij een messingschaaf heeft de beitel heeft drie vouwen, twee in elkaars verlengde en ertussen één lets hoger. Hierdoor ontstaat een uitstekende messing aan de zijkant van een plank. Beitels waren verkrijgbaar van 1/4 tot 2, oplopend met 1/8. Gevonden op https://thesaurus.cultureelerfgoed.nl/concept/cht:f4d58d87-e5de-40b5-a96f-c
Schaven met een inkeping in het midden van de beitel, die worden gebruikt om een centrale richel achter te laten na het schaven Gevonden op https://www.encyclo.nl/lokaal/11605