Zoek op

nullijn

de nullijn zelfst.naamw. (m./v.) Uitspraak:   ['nʏlɛin] Verbuigingen:   nullijn|en (meerv.) op de nullijn zitten  (geen ontwikkeling doormaken, noch groei, noch afname) `De topinkomens blijven stijgen, terwijl gewone werkenden al jaren op de nullijn zitten.`...
Gevonden op http://www.woorden.org/woord/nullijn
Geen exacte overeenkomst gevonden.